In juni 1885 wordt station Enkhuizen als eindpunt van de staatslijn uit Zaandam in gebruik genomen. Het kopstation dient tevens als overstapstation naar de veerboot naar Stavoren. Het unieke ontwerp kent een T-vormige plattegrond. Het stationsgebouw bestaat uit een hoog vrijwel vierkant gebouw met drie vrijwel identieke gevels. Alleen de voorgevel is iets breder. Achter het gebouw staat een lage korte vleugel. Haaks op deze vleugel staat een lang laag gebouw. Terwijl de lange zijde van het gebouw naar het water is gekeerd, eindigen de sporen tegen de westelijke zijgevel. Langs de gehele westelijke gevel komt een luifel. Tussen de lange zijde en de aanlegsteiger van de veerboot komt een overkapping.
Na het beëindigen van de reguliere veerdienst is de kap langs de lange zijde ingekort. Later komt een overdekt terras aan deze zijde van het gebouw. De luifel aan de perronzijde verdwijnt begin jaren ’70 voor de elektrificatie van de sporen. Het stationsgebouw zelf blijft vrijwel ongewijzigd. Dit geldt ook voor het interieur. Het gebouw is in 1997 samen met de bijbehorende goederenloods benoemd tot Rijksmonument. Het gebouw is in de eerste jaren na de eeuwwisseling geheel opgeknapt.
In de stationshal zijn twee grote schilderijen te zien. Het werk aan de zuidwand toont het passagiersschip S.S. R. van Hasselt dat vanaf 1915 enkele decennia de dienst naar Stavoren onderhoudt. Het werk uit 1953 is van de hand van Frans Vingerhoed. Op de noordwand is voorstelling van vier Volendammer vissers te zien. Het werk is waarschijnlijk geschilderd door Jan Stavenuiter.
Op de foto boven dit artikel het stationsgebouw van Enkhuizen op 15 april 2017.