Museumspoorlijnen

In de jaren '80 van de 19e eeuw legt de GOLS in de Achterhoek en Twente een uitgebreid net van lokaalspoorlijnen aan. In de loop van de jaren '30 zijn de meeste lijnen voor het reizigersvervoer gesloten. Enkele trajecten blijven tot in de jaren '70 open voor het goederenvervoer. Hoewel vlak na de oorlog de eerste plannen ontstaan om het fenomeen lokaalspoorweg 'levend' te blijven herinneren, duurt het nog tot februari 1967 tot de De stichting Museum Buurtspoorweg wordt opgericht. Nadat NS in 1972 het goederenvervoer tussen Haaksbergen en Enschede opheft, start de MBS met de eerste toeristische ritten op het baanvak. Twee jaar later moet een deel van het baanvak Boekelo - Enschede wijken voor de aanleg van Rijksweg 35. Sindsdien pendelt de MBS op het geïsoleerde traject tussen Haaksbergen en Boekelo.

In de jaren twintig legt de Spoorweg-Maatschappij Zuid-Beveland vanuit Goes enkele tramlijnen door Zuid-Beveland aan. De exploitatie van de reizigerstreinen vindt plaats met motorrijtuigen en is al na enkele jaren weer gestaakt. De  lijnen naar Wemeldinge en Wolphaartsdijk zijn in 1942 opgeheven en opgebroken. De ringlijn ten zuiden van de Zeeuwse Lijn blijft langer in gebruik. Terwijl het westelijke deel van 's-Heer Arendskerke richting Borssele nog tot 2007 in gebruik is als goederenlijn naar het Sloegebied, staakt NS het goederenvoervoer op het oostelijke deel naar Hoedekenskerke en Borssele in 1972. Datzelfde jaar neemt de Stoomtram Goes - Borsele het traject over voor museale ritten.

In 1884 wordt de Locaalspoorwegmaatschappij Hollands Noorderkwartier opgericht. In de daaropvolgende jaren legt de HN  tussen Hoorn en Medemblik een twintig kilometer lange lokaalspoorweg aan. De spoorlijn is op 3 november 1887 in gebruik genomen. In 1929 opent NS in Hoorn een speciaal depot voor het onderhoud van de nieuwe Motorrijtuigen. Met de inzet van de rijtuigen kan de exploitatie op diverse baanvakken in de regio goedkoper worden uitgevoerd. Ondanks de goedkopere exploitatie staakt NS het reizigersvervoer tussen Hoorn en Medemblik per 31 december 1935. In de eerste maanden van de Tweede Wereldoorlog is de spoorlijn tijdelijk in gebruik voor het vervoer van reizigers. Hierna rijden alleen goederentreinen over de verbinding.

Twee jaar nadat NS in 1990 het laatste goederenvervoer tussen Veendam, Stadskanaal en Musselkanaal staakt, wordt de Stichting Stadskanaal Rail opgericht. De stichting start in 1994 met toeristische ritten op het 26 kilometer lange baanvak Veendam - Stadskanaal - Musselkanaal. In 2019 wordt het traject waarop de treinen rijden ingekort tot Veendam - Nieuw Buinen. Het is de bedoeling dat de laatste kilometers per railfiets afgelegd gaan worden. Datzelfde jaar wordt bekend dat Arriva vanaf 2025 met reizigerstreinen tussen Veendam en Stadskanaal gaat rijden, waardoor op de zondagen een gemengd bedrijf met de STAR ontstaat.

Al in 1853 krijgt Zuid-Limburg met de spoorlijn Maastricht - Aachen een eerste spoorwegverbinding. Na twee lijnen naar België volgt in 1865 de aansluiting op het Nederlandse spoorwegnet. De daaropvolgende decennia is het spoorwegnet in de regio met name voor de ontsluiting van de kolenmijnen steeds verder uitgebreid. Het sluitstuk is de dubbelsporige spoorlijn tussen Schaesberg en Simpelveld. De zogenaamde Miljoenenlijn is in 1934 in gebruik genomen. Wanneer eind jaren '60 de laatste mijnen sluiten, neemt het belang van het fijnmazige Zuid-Limburgse spoorwegnet snel af. Naast de sluiting van de speciale mijnspoorwegen, staakt NS in 1988 ook de treindienst tussen Kerkrade en Simpelveld. Vier jaar later rijden ook de laatste treinen tussen Schin op Geul, Simpelveld en Aachen.

De Veluwsche Stoomtrein Maatschappij start in 1975, 25 jaar na het beëindigen van het reizigersvervoer op het baanvak Apeldoorn - Dieren, met een stoomlocomotief en enkele rijtuigen toeristische ritten op het voormalige traject van de KNLS. Inmiddels beschikt de VSM over een grote collectie rollend materieel en is bij station Beekbergen een uitgebreid emplacement te vinden. Terwijl het goederenvervoer tussen Dieren en Eerbeek pas in 1984 is opgeheven, is in Apeldoorn ruim drie kilometer van het baanvak nog tot in 2016 in gebruik voor de afvoer van huisvuil. De het baanvak Apeldoorn - Apeldoorn VAM is dan ook voorzien van moderne beveiliging. De rest van het traject is zoveel mogelijk in de historische staat teruggebracht.