Martijn van Vulpen

In september 1888 neemt de Koninklijke Nederlandsche Locaalspoorweg-Maatschappij de spoorlijn Deventer - Almelo in gebruik. De lijn sluit in Deventer aan op de spoorlijn uit Apeldoon. Beide lijnen worden geëxploiteerd door de HSM. Voor een goede verbinding met Twente en het Duitse achterland bouwt spoorwegmaatschappij de lokaallijnen al na enkele jaren om tot hoofdspoorlijn. Begin jaren '20 van de twintigste eeuw nemen HSM en SS in Deventer een gezamenlijk station in gebruik en wordt de lijn Apeldoorn - Deventer - Almelo van een tweede spoor voorzien. Vanaf 1951 is het baanvak elektrisch berijdbaar.

In 1887 neemt de Koninklijke Nederlandsche Locaalspoorweg-Maatschappij de spoorlijn Deventer - Apeldoorn in gebruik. Vijf jaar later laat de HSM de lokaallijn ombouwen tot hoofdspoorlijn. De daaropvolgende jaren groeit de lijn uit tot belangrijke schakel in het internationale treinverkeer. De spoorlijn is in 1951 geëlektrificeerd.

Om de concurrentie in het teruglopende goederenvervoer te bevorderen, dringt de gemeente Kampen aan het begin van de twintigste eeuw aan op een tweede spoorlijn naar de stad. De Koninklijke Nederlandse Locaalspoorweg-Maatschappij legt in aansluiting op de spoorlijn Apeldoorn - Hattem ten zuiden van de IJssel een spoorlijn van Hattem naar Kampen aan. In oktober 1913 wordt de spoorlijn in gebruik genomen. De HSM zorgt, net als op de andere lijnen van de KNLS, voor de exploitatie van de verbinding. De nieuwe lokaallijn kruist de NCS-lijn Utrecht - Zwolle - Kampen bij Hattemerbroek met een viaduct. Het tweede station van Kampen krijgt de naam Kampen Zuid.

Tegelijkertijd met de spoorlijn Apeldoorn - Dieren legt de Koninklijke Nederlandse Locaalspoorweg-Maatschappij in de jaren '80 van de negentiende eeuw de spoorlijn Apeldoorn - Hattem aan. Vanuit het Apeldoornse station sluit de spoorlijn aan op spoorwegverbinding tussen de Oosterspoorweg en Paleis Het Loo. Even voor het paleis buigt de spoorlijn af naar Hattem. De spoorlijn is in de loop van 1887 in delen geopend. Net als bij de andere lijnen van de KNLS gaat de exploitatie naar de HSM. In 1950 staakt NS het reizigersvervoer op de verbinding. Ruim twintig jaar later volgt ook het goederenvervoer en is de zogenaamde Baronnenlijn opgebroken.