Om het spoor bereikbaar te houden bij winterse omstandigheden, hebben NS, ProRail en de regionale vervoerders opnieuw plannen gemaakt voor de dienstregeling bij (extreem) winters weer. Ook nu kan de dienstregeling zowel op landelijk als regionaal niveau worden aangepast, zodat er meer ruimte ontstaat om eventuele problemen op het spoor snel op te lossen. Nieuw is dat het treinverkeer bij extreme weersomstandigheden niet compleet wordt stilgelegd, maar dat 15% van de treinen moet blijven rijden.

Met het steeds drukker wordende Nederlandse spoor, hebben ProRail en de vervoerders steeds vaker moeite om bij verstoringen de dienstregeling ad hoc aan te passen zonder dat een sneeuwbaleffect ontstaat. Onder andere extreme weersomstandigheden, maar ook plaatselijke verstoringen, zorgen er regelmatig voor dat het treinverkeer op een groot deel van het spoorwegnet snel vastloopt. Vooral winterse weersomstandigheden zorgen er regelmatig voor dat het treinverkeer in een deel van het land wordt stilgelegd en de dienstregeling vervolgens in het hele land als een kaartenhuis in elkaar valt.

Om dergelijke situaties tegen te gaan nemen ProRail en de vervoerders al jarenlang diverse maatregelen zoals het strategisch plaatsen van storingsploegen en zogenaamde wegsleeplocs. Ook passeren eens in de zoveel tijd plannen voor het effectief uitdunnen van de dienstregeling. Bij het ingaan van de meteorologische winter op 1 december 2023 presenteren ProRail, NS en de regionale vervoerders opnieuw maatregelen om de dienstregeling bij (extreem) winters uit te kunnen blijven voeren. Ook nu wordt beloofd dat de dienstregeling zowel op landelijk als regionaal niveau snel kan worden aangepast, waardoor meer ruimte ontstaat om eventuele problemen op het spoor snel op te lossen. De uit te bedachte maatregelen zijn afhankelijk van de weersverwachting en de regio waar winters weer wordt verwacht.

Omdat vooral wissels bij extreem winters weer extra kwetsbaar zijn en bijvoorbeeld vast kunnen komen te zitten, stelt ProRail bij een voorspelling van sneeuw en/of vorst voortaan ruim de helft van de wissels buiten gebruik. Vervoerders schakelen hierbij over naar een speciale winterdienstregeling waarbij treinen geen gebruik maken van deze wissels. Bij de winterdienstregeling worden treindiensten opgeknipt en verdeeld over corridors zodat alleen nog bij de grote stations wissels gebruikt hoeven te worden. De aangepaste dienstregeling moet ervoor zorgen dat 93% van de reizigers naar hun bestemming kan worden gebracht.

Na chaotische weken in februari 2004 en maart en december 2005 is het in december 2009 opnieuw raak en stranden veel reizigers door het winterweer. Onder druk van de overheid nemen NS en ProRail hierop een aantal maatregelen, waaronder de invoer van de voorloper van de genoemde winterdienstregeling. Deze wordt op 10 oktober 2010 in de praktijk getest. Een groot deel van de treindiensten is opgeknipt en treinen pendelen voornamelijk tussen de grote stations om zo een landelijk sneeuwbaleffect te voorkomen. Hierbij is nog geen sprake van een vaste groep wissels die buiten gebruik is. Uiteindelijk is deze winterdienstregeling een aantal keer van stal gehaald. Ondanks de speciale dienstregeling en de zachte winters verlopen een aantal winterdagen in 2012 en 2017 alsnog chaotisch. In februari 2021 wordt het treinverkeer zelfs een hele dag stilgelegd.

Met de nieuwste maatregelen willen ProRail en de vervoerders voorkomen dat het treinverkeer opnieuw compleet stilgelegd moet worden. Bij de zwaar winters weer en een mogelijke code rood van het KNMI moet 15% van de treinen van NS en de regionale vervoerders voortaan volgens de speciale ‘Nooddienstregeling winter’ blijven rijden. NS rijdt dan alleen nog sprinters en de regionale vervoerders alleen stoptreinen. Een aantal trajecten en stations wordt niet bediend. Ook rijden geen internationale treinen. Voor het goederenvervoer blijven drie trajecten beschikbaar. Mensen met een cruciaal beroep behouden met de nooddienstregeling de mogelijkheid om nog met de trein te reizen. Alle andere treinreizigers de oproep een alternatief te kiezen of thuis te blijven. Bij deze variant stelt ProRail maar liefst 92% van de wissels buiten gebruik. De resterende ruim 500 wissels worden door storingsploegen van ProRail vanaf vaste locaties beschikbaar gehouden. De beslissing om deze dienstregeling in te zetten, wordt een dag van tevoren door NS, ProRail en de regionale vervoerders genomen en gezamenlijk naar buiten gebracht.

Een andere min of meer nieuwe maatregel is dat ProRail en de vervoerders ook een speciale dienstregeling in kunnen zetten bij zwaar winters weer in een bepaalde regio, terwijl het in de rest van het land minder extreem is. De betreffende regio wordt hierbij losgekoppeld van de landelijke winterdienstregeling. Zo kunnen ook in de losgekoppelde regio beperkt treinen blijven rijden terwijl de dienstregeling in andere regio’s hier geen hinder van ondervindt. Het besluit om een regio los te koppelen, wordt een dag van tevoren of op de dag zelf genomen.

Na afloop van de ‘Nooddienstregeling winter’ schakelen vervoerders zo snel mogelijk weer over naar de reguliere dienstregeling. De nieuwe zogenaamde ‘Opstartdienstregeling’ zorgt er voor dat NS op basis van beschikbare infrastructuur en materieel stap voor stap weer overal sprinters kan laten rijden volgens de reguliere dienstregeling. Ook regionale vervoerders kunnen de dienstregeling dan weer opstarten. Vaak zal het er op neerkomen dat de treinen de volgende dag weer volgens dienstregeling rijden.

Op de kaart van NS hieronder de indeling van de regio’s bij winterdienstregeling. De kaart is duidelijk een indicatie, niet alleen afhankelijk van de weersituatie maar ook door het ontbreken van een aantal trajecten en het weergeven van de Hoekse Lijn.

Lees ook de persberichten van NS en ProRail

De als nieuw gepresenteerde plannen hebben veel weg van de maatregelen die op 10 oktober 2010 in de praktijk zijn getest. Lees bijvoorbeeld het verslag op rtlnieuws.nl

In de laatste weken van 2009 en de eerste weken van 2010 valt relatief veel sneeuw en verloopt het treinverkeer wekenlang chaotisch. Voor NS en ProRail aanleiding om een speciale winterdienstregeling te ontwikkelen. Op de foto hierboven is DD-IRM treinstel 9480 op 3 januari 2010 bij Diepenveen onderweg van Zwolle naar Roosendaal.

Op de foto boven dit artikel snellen ICM-treinstellen 4077, 4089 en de onzichtbare 4244 op donderdag 11 februari 2021 in rustiger winterweer als intercity van Enschede naar Schiphol Airport door Holten. Het is die week de eerste dag dat de treinen weer volgens dienstregeling rijden. De zondag daarvoor is het complete treinverkeer stilgelegd en de maandag daarop rijdt pas van de treinen 25% weer.