Jarenlang speelt de trein een belangrijke rol in het postvervoer. Speciale rijtuigen en posttreinen zorgen dag en nacht voor het vervoer van de post. Op 16 mei 2022 is het alweer vijfentwintig jaar geleden dat de laatste posttrein op het Nederlandse spoor te zien is. Als herinnering aan het postvervoer per spoor vertelt het Spoorwegmuseum vanaf die dag in de tentoonstelling Expeditie Posttrein de roemruchte geschiedenis van het vervoer van post per trein.

Voor de komst van de trein worden brieven eeuwenlang lopend, te paard, met postkoetsen en trekschuiten vervoerd. De komst van de trein betekent in de 19e eeuw een belangrijke verandering in het vervoer van correspondentie. Niet alleen reizigers en goederen maar ook poststukken kunnen nu snel en efficiënt van A naar B worden gebracht. In de beginjaren gaan brieven nog mee in de reizigerstreinen, maar al snel blijken de faciliteiten op belangrijke lijnen en op internationale treinverbindingen niet meer toereikend. De overheid laat daarom vanaf 1855 speciale ‘Rijkspostrijtuigen’ bouwen. Ook de verschillende spoorwegmaatschappijen nemen speciale rijtuigen voor het postvervoer in gebruik. De rijtuigen zijn in principe rijdende postkantoren waar de postconducteurs de correspondentie tijdens de rit sorteren.

Als reactie op de opkomende concurrentie van de vrachtwagen gaan in de jaren ’30 in de nachtelijke uren speciale sneltreinen voor het vervoer van goederen, reizigers én post rijden. De treinen rijden van Amsterdam naar Maastricht en van Rotterdam naar noord- en oost Nederland. In Utrecht komen beide treinen samen en worden wagens uitgewisseld. Het voordeel van de nieuwe treinen is dat bedrijven hun correspondentie tot middernacht kunnen aanbieden en dat deze de volgende ochtend al op de plaats van bestemming is. PTT adverteert die periode dan ook met het motto ’s Avonds gepost, ’s ochtends besteld.

Na de Tweede Wereldoorlog komen er ook zelfstandig rijdende posttreinen. De eerste zogenaamde motorposten zijn verbouwde Blokkendoosrijtuigen. In de jaren ’60 worden deze vervangen door een nieuwe generatie Motorposten en ontwikkelt de PTT het Sternet tussen twaalf expeditieknooppunten bij grote stations. Eind jaren ’70 is het reizigers- en postvervoer definitief gescheiden en verdwijnt het postvervoer in de speciale rijtuigen en compartimenten van treinstellen. Ter versterking van de Motorposten zijn die periode zestig speciale postwagens gebouwd. De posttreinen hebben hun eigen postperrons en dienen in principe alleen nog voor het vervoer van rolcontainers met postzakken. Aangezien dit vervoer prima efficiënter en goedkoper over de weg kan, wordt het postvervoer per spoor in de loop van de jaren ’90 geleidelijk afgebouwd. Uiteindelijk rijdt op 16 mei 1997 de laatste posttrein.

Met de tentoonstelling Expeditie Posttrein laat het Spoorwegmuseum met behulp van een groot aantal collectiestukken de ontwikkeling van het postvervoer per spoor zien. De vijf bewaarde posttreinen van het museum vormen hierbij een belangrijk onderdeel van de tentoonstelling: Stroomlijnpostrijtuig Pec 1902 uit 1938, die voorafgaand aan de tentoonstelling nog een schilderbeurt krijgt, Plan C-rijtuig P 7920 uit 1952, Motorpost 3031 uit 1966, speciaal voor de tentoonstelling ingericht met onder andere modellen, schilderijen en affiches, de postwagen uit 1978, met knutselruimte en een film over de geschiedenis van het postvervoer per trein én het eerste klasse rijtuig van de Arend. In het rijtuig is de postruimte gereconstrueerd. Naast het rollend materieel is op de tentoonstelling een aantal bijzondere collectiestukken te zien. Ook voor jeugdige bezoekers is van alles te doen. Zo zit Expeditiechef Willem te springen om hulp bij zijn werkzaamheden.

De tentoonstelling Expeditie Posttrein is in het Spoorwegmuseum te zien van 17 mei tot en met 27 november 2022.

Meer informatie op Spoorwegmuseum.nl

Update: Vanwege de groene ambities start PostNL juist in 2022 weer voorzichtig met het vervoer van post per spoor. Vanaf het voorjaar rijdt elke week een vrachtwagen met trailer van het sorteercentrum voor internationale post en pakketten in Den Haag naar het containerterminal in Coevorden. Hier wordt de trailer aan de containertrein naar Oslo toegevoegd om vervolgens in Noorwegen weer de weg op te gaan.

Op de foto boven dit artikel Motorpost 3031 van het Spoorwegmuseum op het buitenterrein van het museum. Het motorrijtuig is in 2005 en 2006 gereviseerd en teruggebracht in de oorspronkelijke bruine kleurstelling. Het museum gebruikt de 3031 regelmatig als trekkracht bij materieeloverbrengingen of speciale ritten. Utrecht, 16 juli 2016.