In de periode januari 1903 tot november 1905 neemt de NOLS de ruim honderd kilometer lange spoorlijn van Zwolle via Emmen naar Stadskanaal in etappes gebruik. Terwijl het baanvak Zwolle – Emmen nog altijd in gebruik is voor het reizigers- en goederenvervoer, is het resterende deel van de lokaallijn vanaf 1946, opnieuw in etappes, gesloten en opgebroken. In mei 1972 staakt NS het goederenvervoer op de laatste trajecten Emmen – Weerdinge en Gasselternijveen – Stadskanaal. Eind jaren ’70 zijn de laatste delen van de spoorlijnen opgebroken. Het tracé is nog grotendeels te volgen. Naast enkele haltegebouwen blijven ook diverse hectometerpalen en grensstenen bewaard. Bij Stadskanaal staat de ruïnes van twee brughoofden.
Nadat het traject Emmen – Stadskanaal tot juli 1946 in gebruik is als onderdeel van de alternatieve en enige spoorwegverbinding met Noord-Nederland begint de afbraak van de lijn. Zo is dat jaar het traject tussen Weerdinge en Buinen gesloten en opgebroken. In 1964 volgt het baanvak Gasselternijveen – Buinen. In mei 1972 staakt NS ook het goederenvervoer op de trajecten Emmen – Weerdinge en Gasselternijveen – Stadskanaal en zijn beide spoorlijnen opgebroken. Grote delen van de spoorlijn blijven herkenbaar in het landschap. Deels als onbegaanbare spoordijk en deels als fiets- of wandelpad. In tegenstelling tot diverse andere gesloten spoorlijnen zijn er amper monumentjes ingericht en informatieborden neergezet. Uitzondering is het zogenaamde Wandelspoor tussen Exloo en Buinen, inclusief informatievoorzieningen en andreaskruizen.
De foto’s op deze pagina zijn gemaakt op 5 augustus 2017, tenzij anders vermeld.
EMMEN – WEERDINGE
Het baanvak Emmen – Weerdinge is tot in 1972 in gebruik voor het goederenvervoer en pas eind jaren ’70 vanaf de overweg in de Wolfsbergenweg opgebroken. De rails van het station tot de weg blijven liggen als onderdeel van het emplacement. Na de opbraak van de spoorlijn vormt het tracé tot aan de voormalige laad- en losplaats Weerdinge een onverhard wandelpad met daarin nog veel spoorgrind. Het pad loopt door de Emmerdennen en sluit op diverse andere wandelpaden aan. Een klein deel van het tracé is in gebruik als Gravenveldweg. In Weerdinge is, naast enkele vervallen loodsen die bij het vroegere emplacement horen, ook het voormalige stationsgebouw bewaard gebleven. Het gebouw is een standaard haltegebouw van de NOLS dat de spoorwegmaatschappij in zo’n tien plaatsen neerzet. Oorspronkelijk bevat het asymmetrische gebouwtje enkele lokalen voor de stationsdienst en een woning. Alleen de haltegebouwen van Weerdinge, Valthe en Exloo blijven bewaard. Het voormalige stationsgebouw van Weerdinge is in gebruik als woonhuis en bijna onherkenbaar verbouwd.
Ten noorden van het vroegere station van Weerdinge is het baanlichaam opgegaan in een speelterrein en de tuinen van enkele nieuwe woningen. Na de nieuwbouw langs de Veenweg klimt de spoordijk weer op uit het landschap. Ter hoogte van de Viaductstraat is tot de afbraak van de spoorlijn naar Valthe een ongelijkvloerse kruising met het wegverkeer. Na de opbraak van de spoorlijn is de weg opgehoogd en de spoordijk grotendeels afgegraven.
WEERDINGE – GASSELTERNIJVEEN
Ondanks dat de spoorlijn tussen Weerdinge en Buinen eind jaren ’40 is opgebroken, is het tracé nog grotendeels herkenbaar in het landschap. Het vroegere baanlichaam slingert parallel aan de weg die de verschillende plaatsen langs de lijn met elkaar verbindt. Op verschillende plekken is het tracé in gebruik als fietspad of parallelweg. Even ten noorden van Weerdinge ligt het fietspad richting Valthe voor enkele honderden meter op het voormalige tracé. Tussen Valthe en Exloo volgt de Vlintweg op twee plekken voor enkele honderden meters het baanlichaam. Ook tussen Buinen en de Hambroeksdijk bij Gasselte is het in de jaren ’60 opgebroken traject nog terug te vinden. Tussen Gasselte en Gasselternijveen is het tracé door ruilverkavelingen verdwenen. De stationsgebouwen van Valthe en Exloo zijn in redelijk originele staat bewaard gebleven en in gebruik als woonhuis. Langs de oude spoordijk staan nog enkele originele kilometerpalen van de NOLS. Ook zijn enkele hectometerpalen uit de NS-tijd te zien.
GASSELTERNIJVEEN – STADSKANAAL
Ook tussen Gasselternijveen en Stadskanaal is het in de jaren ’70 opgebroken tracé nog goed te volgen. De spoorlijn is in 1922 van een tweede spoor voorzien en kent hierdoor dus een breed baanlichaam. Naast diverse hectometerpalen zijn de landhoofden van de dubbelsporige spoorbrug over het vroegere Eerste Dwarsdiep bij het gelijknamige buurtschap opvallende overblijfselen van de spoorlijn.