Nederlandse stations

Filter Project

De perronzijde van het verwaarloosde stationsgebouw van Aalten op 13 februari 2016.
Station Aalten
Atn
Opening: 15 juli 1885  
Spoorlijn(en): Winterswijk - Zevenaar km 11,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1885 neemt de Geldersch-Overijsselsche Lokaalspoorweg-Maatschappij de spoorlijn tussen Winterswijk en Zevenaar in gebruik. Aalten krijgt hierbij een standaard stationsgebouw van het grootste type. Het hoge gebouw is rechthoekig en heeft zowel aan de straat- als de perronzijde een puntgevel. In totaal laat de GOLS diezelfde periode nog negen gebouwen van dit ontwerp neerzetten.

In 1919 is het stationsgebouw van Aalten aanzienlijk uitgebreid. Hierbij is het middendeel met een verdieping verhoogd. De linkervleugel is verdubbeld en aan de rechtervleugel komt een lange lage vleugel.

Aalten overleeft verschillende saneringen en kent zo nog tot 1991 goederenvervoer. Het station heeft hierdoor nog lange tijd een klein goederenemplacement. Pas in 2006 zijn vrijwel alle sporen, waaronder het losperron, uitgewist. Het stationsgebouw blijft ook bewaard, maar staat intussen al jaren leeg.

 



 De entree en perronkap van station Abcoude op 16 mei 2016.

In 1843 neemt de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij de spoorlijn Amsterdam - Utrecht in gebruik. Tegelijkertijd neemt de NRS in Abcoude een plaatselijke directiekeet in dienst als stationsgebouw. De omgebouwde keet is in 1871 vervangen door een echt stationsgebouw. Het grote gebouw bestaat over de gehele breedte uit twee verdiepingen en heeft woningen voor de stationschef, de stationswachter als de brugwachter. In de jaren '70 breidt NS het emplacement van Abcoude uit en verplaatst de vervoerder de stationsactiviteiten naar een eenvoudig nieuw ontvangstgebouw bij de ingang van de nieuwe perrontunnel. Het oude stationsgebouw sluit in 1977.

Zo'n 25 jaar later start de spoorverdubbeling tussen Amsterdam en Utrecht. Ter hoogte van het oude station wordt de Gein via een aquaduct over de verdiepte viersporige spoorlijn geleid. Omdat de sporen ter hoogte van het station hierna op een helling liggen, krijgt Abcoude zo'n 800 meter ten noorden van het oude station een nieuw station. Nadat het nieuwe station in april 2007 in gebruik is genomen, is het gebouwtje uit 1977 gesloopt. Het nieuwe station bestaat uit een eilandperron met een korte overkapping boven de trap naar de tunnel. De tunnel komt uit op het stationsplein aan de zijde van het dorp. Het oude stationsgebouw is in 2015 verkocht en omgebouwd tot hotel.

 



Station Akkrum op 18 augustus 2012.
Station Akkrum
Akm
Opening: 1 september 1868
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 148,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Als subtiele reactie op het toenemende aantal stationsgebouwen op de lijst van Rijksmonumenten laat NS begin jaren '70, voornamelijk in kleinere gemeenten, een groot aantal inefficiënte stationsgebouwen vervangen door een standaardontwerp. Als één van de eerste gebouwen is dat van Akkrum aan Staatslijn A aan de beurt. In 1867 is in het dorp een vergrote uitvoering van een vijfde klasse Waterstaatstation geopend. Zeven jaar later krijgt het gebouw een lange lage zijvleugel met eindgebouw. Hierbij is de hoofdingang verplaatst naar het nieuwe eindgebouw.

In 1973 is het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor een eenvoudige 'tweekamerbungalow'. Het standaardontwerp kent alleen de hoogst noodzakelijke bedrijfsruimtes en een wachtruimte. Het gebouw staat net als diverse generatiegenoten al enkele jaren leeg.

 



Het nieuwe en een deel van het oude stationsgebouw van Alkmaar op 29 juli 2017.
Station Alkmaar
Amr
Opening: 20 december 1865
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 42,1
  Alkmaar - Hoorn km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In Alkmaar staat misschien wel het meest verbouwde klassieke stationsgebouw van Nederland. De basis van het gebouw wordt gevormd door een standaard Waterstaatstation van het type derde klasse. In december 1865 is het baanvak Nieuwe Diep - Alkmaar van Staatslijn K gereed. Zowel het begin- als het eindpunt krijgen een standaard stationsgebouw van het type derde klasse. Het symmetrische gebouw krijgt een breed hoog middendeel dat naar voren staat ten opzichte van de twee korte zijvleugels. Aan beide zijden komt een korte nog verder terugstaande eindvleugel.

Het oude, regelmatig verbouwde, stationsgebouw van Alkmaar op 29 juli 2017.Veertien jaar na de opening is het stationsgebouw grondig verbouwd. De beide zijvleugels gaan, behoudens hun lengte, van drie naar vijf deur-/venstereenheden. De kleine eindvleugels maken plaats voor twee hoge vrijwel vierkante eindgebouwen die net als het middendeel naar voren staan.

In 1908 is het stationsgebouw opnieuw ingrijpend verbouwd. Dat jaar krijgen de twee lage zijvleugels een verdieping zodat ze even hoog als het middendeel en de eindgebouwen zijn. Het middendeel komt tegelijkertijd verder naar voren te staan door een uitbreiding aan de straatzijde. Tenslotte is het linker eindgebouw aan de linkerzijde vergroot waardoor het gebouw niet langer symmetrisch is. In 1929 krijgt het stationsgebouw aan de rechterzijde een lage aanbouw met plat dak ten behoeve van de uitbreiding van de goederenloods. Ook is dat jaar een reizigerstunnel naar het eilandperron aangelegd.

De nieuwe traverse van station Alkmaar op 29 juli 2017.In 1959 is het complete middendeel gemoderniseerd. De complete voorgevel is hierbij voorzien van een glazen wand. Achter de wand komt de moderne grote stationshal. In de jaren '80 is het station uitgebreid met een tweede eilandperron en wordt de reizigerstunnel aangepast. Zo komt naast het stationsgebouw een nieuwe entree met diverse commerciële ruimtes.

In december 2015, precies 150 jaar na de opening, wordt de nieuwe traverse tussen het stationsplein, de perrons en de achterzijde van het station in gebruik genomen. De brug vervangt de tunnel onder de perrons. Terwijl de nieuwe traverse nu de nieuwe entree van het station vormt en de reizigersstromen grotendeels via de nieuwe brug gaan, blijft het stationsgebouw voornamelijk voor de winkels en andere voorzieningen in gebruik.

De zuidzijde van Alkmaar Noord op 29 juli 2017.
Station Alkmaar Noord
Amrn
Opening: 26 september 1980
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 40,2
  Alkmaar - Hoorn km 1,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In september 1980 neemt NS aan de spoorlijn Den Helder - Amsterdam de nieuwe voorstadshalte Alkmaar Noord in gebruik. De haltegebouwen die aan beide zijperrons staan, zijn gelijk aan elkaar en krijgen een traditioneel uiterlijk dat aansluit op de woningen in de nabijgelegen nieuwbouwwijken. De bakstenen gebouwen met schuine daken liggen recht tegenover elkaar en beschutten tevens de perrons. Exact 40 jaar na de opening zijn beide gebouwen gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw.

De nieuwe haltegebouwen zijn opnieuw gelijk aan elkaar en bestaan vooral uit opvallend grote perronkappen. De kappen hebben eenzelfde knik als de kap boven de trap aan de straatzijde van de nieuwe voetgangerstraverse van het Alkmaarse hoofdstation.

 



De hoofdingang van het Almelose stationsgebouw met grote luifel en de karakteristieke de V-vormige kolommen op 24 mei 2014.
Station Almelo
Aml
Opening: 18 oktober 1865
 
Spoorlijn(en): Almelo - Oldenzaal - Salzbergen km 0,8
  Zwolle - Almelo km 46,0
  Deventer - Almelo km 38,5
  Mariënberg - Almelo km 19,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Spoorweg-Maatschappij Almelo-Salzbergen bouwt in 1865 het eerste stationsgebouw van Almelo. Het rijkversierde vakwerkgebouw kent een hoog middendeel met twee lage zijvleugels. Aan de rechterzijde bevindt zich een aanbouw met dienstruimten, afgesloten door een pagode-achtig toiletgebouwtje.

De Staatsspoorwegen vervangen het 'wankele hoofdgebouw' kort na de opening van de staatslijn naar Zwolle. Het nieuwe asymmetrische stationsgebouw opent in 1882. Het gebouw kent een hoog middendeel met aan één zijde een torentje met trappenhuis. Aan deze zijde bevindt zich tevens een korte lage zijvleugel. Aan de andere zijde is een langere vleugel gebouwd. Voor de komst van de lokaallijn naar Mariënberg wordt het emplacement de jaren na de eeuwwisseling aanzienlijk uitgebreid. Omdat de nieuwe lijn vooral voor het goederenvervoer bedoeld is, krijgt het station een groot nieuw goederenemplacement ten noordwesten van het station. Aan de westzijde van het emplacement komt een vrijwel geheel overdekt eilandperron voor de reizigerstreinen. Opvallend is dat hierdoor de nummering van de sporen bij het spoor dat het verst van het stationsgebouw ligt, begint. Het perron is via een voetgangersbrug over het emplacement met het stationsgebouw verbonden. Met de ingebruikname van de twee perrongebouwen met daarin onder andere wachtruimtes en een restaurant is de reconstructie van het emplacement in 1907 gereed.

Het stationsgebouw van Almelo aan de zijde van het nieuwe busstation op 12 mei 2012.In 1962 is ten noorden van het oude gebouw het nieuwe stationsgebouw in gebruik genomen. Door de aanwezigheid van de verschillende voorzieningen op het perron krijgt het gebouw alleen een plaatskaartenkantoor en een bagage- en snelgoedruimte. Het geheel is overkapt met een opvallende luifel die tevens over een deel van het stationsplein is gebouwd. Langs de spoorlijn komt een glazen wand met voorzieningen voor het busstation. Zowel de luifel als de kap van de zijwand worden ondersteund door karakteristieke V-vormige kolommen. Het gebouw krijgt een 25 meter hoge klokkentoren. De voetgangersbrug is bij de bouw van het nieuwe stationsgebouw vervangen door een tunnel. Na de opening van het nieuwe stationsgebouw is het oude gesloopt.

Begin jaren '80 is een derde gebouw op het perron neergezet. In 2012 is het perrongebouw dat het verst van het stationsgebouw staat, gesloopt om plaats te maken voor de verlenging van het zogenaamde zakspoor halverwege het perron. Diezelfde periode verhuist het busstation naar de andere zijde van het stationsgebouw.

Station Almelo De Riet op 19 april 2014.
Station Almelo de Riet
Amri
Opening: 3 oktober 1926
 
Spoorlijn(en): Almelo - Oldenzaal - Salzbergen km 2,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1926 neemt NS aan de spoorlijn Almelo - Hengelo de nieuwe voorstadshalte De Riet in gebruik. Enkele jaren na de opening krijgen beide zijperrons die als sinds de opening in bajonetligging liggen een houten abri.

In 1957 neemt NS het nieuwe haltegebouw in gebruik. Het gebouw is een variant van het standaardtype 'Vierlingsbeek'. De zogenaamde tweekamerbungalow bestaat uit een betonskelet, opgevuld met stalen ramen en gele strengpersssteen. Het dak doet aan alle zijden ook dienst als luifel. Het haltegebouw krijgt de gebruikelijke functies als een loket en wachtruimte en enkele dienstruimten. Langs het andere perron komt een soortgelijk, maar kleiner gebouw waarin alleen een wachtruimte is ondergebracht. Vanaf 1965 staat de halte als Almelo de Riet in het Spoorboekje.

Na het verdwijnen van de laatste stationsfuncties doet het gebouw dienst als horecagelegenheid. Hierbij is de voorgevel verder naar voren geplaatst. Van de wachtruimte op het andere perron is in 2012 de wand aan de perronzijde verwijderd om overlast te voorkomen.

 



Station Almere Buiten op 13 september 2014.
Station Almere Buiten
Almb
Opening: 30 mei 1987
 
Spoorlijn(en): Weesp - Lelystad km 20,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Station Almere Buiten is in 1987 als tijdelijk eindpunt van de de Flevolijn in gebruik genomen. Het station is net als de andere stations aan de lijn gebouwd als viaductstation. Het station heeft in principe dezelfde ruwbouw als de andere gerealiseerde en geplande haltes. De verdere inrichting van het station is vrijwel gelijk aan de gelijktijdig geopende voorstadshalte Almere Muziekwijk. Beide stations kennen twee brede zijperrons met twee lange perronkappen. Aan beide zijden zijn de twee belangrijkste trappenhuizen overdekt en afgeschermd met glazen wanden. Beide trappen omringen een betonnen klokkentoren. Onder het spoorwegviaduct bevindt zich een stationshal met loketten. Almere Buiten krijgt bovendien op straatniveau een stationsrestauratie.

 

Station Almere Centrum op 24 maart 2013. De waterpartijen voor het station zijn inmiddels verdwenen.
Station Almere Centrum
Alm
Opening: 30 mei 1987
 
Spoorlijn(en): Weesp - Lelystad km 15,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Omdat de complete Flevolijn op zes meter boven maaiveldniveau ligt, zijn alle stations en voorstadshaltes aan verbinding als viaductstation gebouwd. Zo ook het Centraal Station van Almere dat in 1987 bij de opening van het eerste deel van de Flevolijn in 1987 in gebruik is genomen. Het station komt midden in het stadscentrum op een betondek van 270 bij 45 meter. De meeste stationsfuncties als de loketten, restauratie, winkels en fietsenstalling verdwijnen onder het viaduct en komen aan de brede voetgangerspassage die als als verlenging van de belangrijkste winkelstraat onder het station doorloopt. Doordat de perronkap als grote luifel boven het stationsplein is doorgetrokken ontstaat een waardige entree tussen de omliggende kantoor- annex winkelpanden. De perronkap is net als die in Breda en Zaandam uitgevoerd in een ruimtevakwerk en heeft boven de beide zijden van het station een transparante gevel die als het ware om de vakwerkconstructie is gevouwen.

Het station staat sinds 1999 als Almere Centrum in het Spoorboekje.

Station Almere Muziekwijk op 24 maart 2013
Station Almere Muziekwijk
Almm
Opening: 30 mei 1987
 
Spoorlijn(en): Weesp - Lelystad km 13,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Alle stations en voorstadshaltes aan de Flevolijn zijn als viaductstation gebouwd. Bij de aanleg van de spoorlijn is direct rekening gehouden met de uitbreiding van Almere en Lelystad en is voor diverse haltes de ruwbouw gerealiseerd. De voorstadshalte Almere Muziekwijk is net als Almere Buiten direct bij de opening van het eerste deel van de Flevolijn in 1987 in gebruik genomen. Beide haltes zijn vrijwel op dezelfde wijze ingericht. Almere Muziekwijk kent twee brede perrons met twee lange perronkappen. Aan beide zijden zijn de twee belangrijkste trappenhuizen overdekt en afgeschermd met glazen wanden. Beide trappen omringen een betonnen klokkentoren. Onder het spoorwegviaduct is een stationshal met loketten gebouwd. 

 

Station Almere Oostvaarders op 7 maart 2015.
Station Almere Oostvaarders
Almo
Opening: 12 december 2004
 
Spoorlijn(en): Weesp - Lelystad km 21,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de aanleg van de Flevolijn is direct rekening gehouden met de uitbreiding van Almere. Naast de drie stations die direct bij de opening van de lijn in gebruik zijn genomen, is ook de ruwbouw van twee andere stations gereed. Ten oosten van de bebouwing van Almere Buiten komt in 1987 de ruwbouw van Almere Buiten Oost. Door de naam alvast op te nemen in de traditionele koersrollen is ook het NS materieel voorbereid op de komst van het station. Het station is net als de andere stations gebouwd als viaductstation en krijgt vier sporen en twee eilandperrons. Het emplacement wordt in de dienstregeling gebruikt als keerpunt van treinen met Almere Buiten als begin- en eindpunt.

In december 2004 stoppen de eerste reizigerstreinen bij het station. Hiervoor zijn de trappen die in de ruwbouw een knik hebben, vervangen door rechte trappen met een rustpunt. Ook krijgen beide perrons een lift. Een perronkap is achterwege gelaten. Het station krijgt bij de opening de naam Almere Oostvaarders.

 

Station Almere Parkwijk op 13 september 2014.
Station Almere Parkwijk
Almp
Opening: 1 februari 1996
 
Spoorlijn(en): Weesp - Lelystad km 16,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tegelijkertijd met de aanleg van de Flevolijn worden in Almere drie gelijke voorstadshaltes ontworpen. Terwijl de haltes Muziekwijk en Buiten gelijk met de lijn in 1987 in gebruik worden genomen, is de ruwbouw van de halte Almere Stad Oost pas negen jaar later afgewerkt. NS neemt halte in februari 1996 in gebruik onder de naam Almere Parkwijk. Naar aanleiding van de ervaringen met de twee eerder genoemde haltes zijn de beide zijperrons grotendeels met glas omsloten en voorzien van ruime paviljoenachige kappen. Ook de trappenhuizen krijgen glazen wanden. Op het plein onder het station komt in plaats van het geplande loket een cafetaria.

 

De halte Almere Poort op 24 maart 2013.
Station Almere Poort
Ampo
Opening: 9 december 2012
 
Spoorlijn(en): Weesp - Lelystad km 9,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij het ontwerp en aanleg van de Flevolijn wordt rekening gehouden met de bouw van vijf stations in Almere. In 1987 worden gelijktijdig met de opening van de nieuwe spoorlijn drie van de vijf stations in gebruik genomen. Met het oog op de verdere uitbreiding van Almere is voor de andere twee stations de ruwbouw gereed. Beide stations zijn in de loop der jaren in gebruik genomen.

In december 2012 wordt het eerste onvoorziene station van Almere geopend. Station Almere Poort ligt in de gelijknamige woonwijk aan de westzijde van de stad. Omdat ook de woonwijk niet is voorzien tijdens de aanleg van de Flevolijn, krijgt de spoorlijn rond 2006 hier een diverse nieuwe onderdoorgangen. Rondom één onderdoorgang is een uitgestrekt stationsplein met busstation gesitueerd. Naast de gebruikelijke kaartautomaten en twee liften krijgt het station verder geen voorzieningen. Het nieuwe station vervangt de tijdelijke evenementenhalte Almere Strand uit 1996.

 

De Fietsappel in Alphen aan den Rijn op 6 maart 2011.

In oktober 1878 neemt de Spoorweg-Maatschappij Leiden-Woerden aan de spoorlijn tussen beide plaatsen het station Alphen in gebruik. Het stationsgebouw is binnen een jaar echter zo verzakt dat de LW besluit om het te slopen en op een stevige fundering een vrijwel gelijk gebouw neer te zetten. Het stationsgebouw van bestaat uit een hoog middendeel met twee lage vleugels. Rondom de ingang en op de hoeken van het middendeel en de vleugels bestaan de wanden uit imitatie natuursteenblokken. Later krijgt het stationsgebouw een nieuwe, naar voren staande ingangspartij. In 1886 heet het station Alfen - Oudshoorn. Tien jaar later wordt Alphen weer met ph geschreven. Vanaf 1918 heet het station Alphen aan den Rijn. 1932 krijgt het gebouw aan beide zijden twee verschillende uitbouwen met plat dak. Hierna vinden nog diverse verbouwingen aan het gebouw plaats en is het witgepleisterd.

Het gebouw is als onderdeel van de algehele vernieuwing van het stationsgebied in 2007 gesloopt. Er komt geen vervangend stationsgebouw. Als herkenningspunt van het gebied is de zogenaamde Fietsappel neergezet. Het bouwwerk is zestien meter hoog en bestaat uit een klokhuis van stalen kolommen en een schil met daarbinnen een hellingbaan waarop aan beide zijden fietsen gestald kunnen worden. De onbewaakte fietsenstalling is in de zomer van 2010 opgeleverd en biedt plaats aan 970 fietsen.

De hoofdingang van station Amersfoort op 4 oktober 2015.
Station Amersfoort Centraal
Amf
Opening: 1 augustus 1901
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 21,0
  Amsterdam - Zutphen km 44,4
  Kesteren- Amersfoort km 51,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Amersfoort is middels de Centraalspoorweg al in 1863 op het Nederlandse spoorwegnet aangesloten. Vanaf 1874 maakt ook de HSM met de Oosterspoorweg gebruik van het station van de NCS. In 1884 is de Staatslijn tussen Amersfoort en Kesteren gereed. De nieuwe verbinding sluit in Amersfoort niet aan op de bestaande verbindingen en de Staatsspoorwegen bouwen in de stad dan ook een eigen station. Na twee jaar onderhandelen is de exploitatie van de lijn naar Kesteren alsnog aan de HSM gegund. De spoorwegmaatschappij legt hierna een verbindingsbaan naar de Amsterdamse zijde van Oosterspoorweg aan. Doorgaand reizigersvervoer van de nieuwe lijn naar het oude gezamenlijke station van NCS en HSM is alleen mogelijk door treinen te laten kopmaken. De reizigers tussen beide stations worden met een paardenrijtuigdienst vervoerd. In 1889 neemt de HSM ter hoogte van de splitsing van beide lijnen het provisorische overstapstation Amersfoort Staat Aansluiting in gebruik en heeft Amersfoort in een straal van nog geen halve kilometer drie stations. Om aan deze onwenselijke situatie een eind te maken, ontstaan die periode diverse plannen voor één gezamenlijk station. Uiteindelijk valt de keuze op een station voor de splitsing van beide lijnen en dus op enige afstand van de stad.

Nog voor de eeuwwisseling begint de aanleg van een groot nieuw emplacement en het nieuwe station. In 1902 nemen de NCS en HSM ter hoogte van de aansluiting tussen de spoorlijn naar Kesteren en de spoorlijnen van NCS en HSM het nieuwe stationsgebouw in gebruik. Het asymmetrische gebouw kent op 'de berg' onder andere een ontvangsthal die toegang biedt tot de luchtbrug boven de laaggelegen sporen en een plaatskaartenkantoor. Aan de rechterzijde van het relatief kleine gebouw komt een lage toren. Op perronniveau komt voor beide spoorwegmaatschappijen een goederenloods. Op het eilandperron komen twee dienstgebouwen en in het midden een groot gebouw met daarin de wachtkamers en de stationsrestauratie. De gebouwen zijn verbonden door een hoge overkapping die bovendien ook het grootste deel van de rest van het perron overdekt. Met de ingebruikname van de wagenwerkplaats in 1904 is het complete emplacement gereed.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakt een deel van  de perrongebouwen beschadigd. Een deel is gerestaureerd en voor een deel komt nieuwbouw in de plaats. Hierbij verdwijnt onder andere het hoge restaurateursgebouw. Om de uitbreiding van de dienstregeling in het kader van Spoorslag '70 mogelijk te maken, is het zijperron in 1969 verbouwd tot eilandperron. Hierbij is de perrongevel van het stationsgebouw naar achteren verplaatst en is vanaf de luchtbrug een nieuwe toegang gecreëerd. Ook verdwijnt de oude overkapping van het eerste perron. In de jaren '70 krijgt het brede perron een nieuw perrongebouw met kap. Ook komt er een tweede brug die beide perrons met de Amersfoortse Berg verbinden. Intussen krijgt het stationsgebouw steeds meer aanbouwen om bijvoorbeeld winkelruimte mogelijk te maken.

In de jaren '80 is besloten het te krap geworden stationsgebouw te vervangen door nieuwbouw, in combinatie met kantoorruimte. In 1989 is het kantoorgebouw aan de rechterzijde van het station gereed. Zes jaar later is het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor de nieuwe entreehal en de kantoren aan de linkerzijde van het station. In 1997 is het nieuwe ontvangstgebouw tussen beide kantoorgebouwen gereed. Het station krijgt een twintig meter hoge glazen voorgevel, aan beide zijden geflankeerd door naar voren stekende bakens met dienstruimten van NS. De ruime hal biedt, naast winkelruimte, toegang tot de nieuwe driemaal bredere brug die de twee oude eilandperrons met het nieuwe derde eilandperron verbindt. Ook brug uit de jaren '70 wordt vervangen door een breder exemplaar. Bij de modernisering van het station blijven de twee oude eilandperrons met hun gebouwen en kappen vrijwel in originele staat behouden. Alleen zaksporen in het midden van de perrons verdwijnen. Later komt ook aan de achterzijde van het station een laaggelegen ontvangsthal welke later in een kantoorgebouw is geïntegreerd.

Vanaf dienstregeling 2020 heet het station Amersfoort Centraal.

Amersfoort Schothorst, 17 mei 2014.
Station Amersfoort Schothorst
Amfs
Opening: 31 mei 1987
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 24,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In mei 1987 neemt NS aan de Centraalspoorweg de voorstadshalte Amersfoort Schothorst in gebruik. Het haltegebouw bestaat uit een geel kubusvormig skelet dat voor de helft is opgebouwd uit baksteen en glas met daarin een kleine stationshal, loketten en dienstruimten. De entree van het gebouw ligt aan het laaggelegen stationsplein dat tevens toegang biedt tot de perrontunnel. De bovenste helft van het gebouw blijft open met aan elke zijde een NS-logo. 

Tien jaar na de opening is de halte uitgebreid met een extra perronspoor en meer beschutting op en langs de perrons.



Station Amersfoort Vathorst op 12 januari 2014.
Station Amersfoort Vathorst
Avat
Opening: 28 mei 2006
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 27,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Met Amersfoort Vathorst neemt NS in december 2006 de eerste zogenaamde Randstadspoorhalte in gebruik. De voorstadshalte aan de spoorlijn Amersfoort - Zwolle bestaat uit een lange aluminium overkapping met houten binnenkant en een gevel van glas. Ook de trappenhuizen en lift zijn zoveel mogelijk met glazen gevels uitgevoerd. Bovenop het hoge deel van de perronoverkapping staat de naam van het station.

De haltegebouwen van dit type verschijnen in de loop der jaren in en om Utrecht. De constructie en vormgeving is overal gelijk. Ze zijn echter wel aan de plaatselijke situatie aanagepast.

 



De indrukwekkende voor- en zijgevel van het Amsterdams Amstelstation op 17 november 2012.

In 1934 besluiten NS en de gemeente Amsterdam dat de spoorwegen aan de oostzijde van de stad worden opgehoogd en het oude Weesperpoortstation aan de Rhijnspoorweg moet sluiten. In oktober 1939 sluit NS het oude kopstation Weesperpoort en neemt gelijktijdig het nieuwe Amstelstation in gebruik. Het indrukwekkende gebouw is bij de opening een modern en uniek knooppunt van diverse vervoersstromen. Het station kent drie niveau's en drie gescheiden pleindelen. Op het laagste niveau zijn de tramhaltes. Hiervandaan leidt een brede tunnel onder het Julianaplein naar de trap naar de grote stationshal. De stationshal staat opvallend loodrecht op de spoorlijn. De twee andere toegangen bevinden zich aan weerszijden van het gebouw. De noordzijde biedt toegang vanuit de binnenstad, de taxistandplaatsen en parkeervakken voor halers en brengers. Boven deze breedste toegang komt een brede luifel. Het busstation is vanuit de zuidelijke deuren te bereiken. Aan deze zijde komt een lange smalle luifel van zo'n vijftig meter boven de bushaltes. Op de kopwanden van de stationshal zijn monumentale wandschilderingen aangebracht. De afbeeldingen tonen in het kader van de viering van 100 jaar spoorwegen in Nederland, wat gelijktijdig met de opening van het station valt, de wereldwijde betekenis van de spoorwegen en de technische vooruitgang ervan. De westelijke wand toont het moderne treinverkeer. De oostelijke wand staat in het teken van de ontwikkeling van de eerste stoomlocomotief tot het moderne stroomlijnmaterieel. De transparante glas-staal-betonarchitectuur zorgt voor zeer veel daglicht in het stationsgebouw.

De sporen en perrons zijn voor een groot deel overdekt door een stalen overkapping, voorzien van glazen zijwanden en lichtstraten boven de sporen en perrons. Met het oog op het eind van het stoomtijdperk is de kap relatief laag gehouden en dragen de stalen spanten tevens de bovenleiding.

Een overzicht van het spoorwegemplacement en de stalen overkappingsconstructie. In 1976 zijn de middelste twee sporen opgeofferd aan de Amsterdamse metro. Het brede westelijk perron kende tot de komst van de metro aan de zuidzijde een kopspoor voor autoslaaptreinen. Amsterdam, 17 november 2012.In de jaren '60 krijgt het station ook aan de andere zijde van de tunnel een ingang. 1977 wordt met de komst van de Amsterdamse metro een nieuwe vervoersstroom aan het Amstelstation toegevoegd. De metro rijdt over de twee middelste sporen en kent beide richtingen een cross-platformoverstap naar het treinverkeer. Voor de komst van de metro zijn twee sporen voor het treinverkeer opgeofferd. Ook het kopspoor aan de zuidzijde van het westelijke perron verdwijnt. Dit spoor wordt tot 1976 gebruikt voor het laden en lossen van autoslaaptreinen. Met het verdwijnen van deze treinen wordt ook de oprit voor auto's naar het perron verwijderd. Voortaan is 's-Hertogenbosch het start- en eindpunt voor de Nederlandse autoslaaptreinen.

In de loop der jaren is de oorspronkelijk grotendeels lege stationshal van steeds meer voorzieningen als winkels en stationsmeubilair voorzien. het oorspronkelijke karakter van de ruime hal is hiermee deels verloren gegaan. Desondanks is het gehele stationscomplex, inclusief de perrons en voorpleinen sinds 2003 officieel Rijksmonument. Tussen 2015 en 2019 is het complete stationsgebied opnieuw ingericht en komt er onder andere een nieuw tram- en busstation en een ondergrondse fietsenstalling. In 2020 is het stationsgebouw zoveel mogelijk in historische staat teruggebracht.

De ingangen aan de voorzijde van het gebouw bevinden zich onder het Julianaplein en komen uit op de tramhaltes. Amsterdam, 17 november 2012. De zuidzijde van het station biedt toegang tot het busstation. Boven de bushaltes is een opvallende luifel gebouwd. Amsterdam, 17 november 2012. Op de westlijke wand is de wereldomvattende betekenis het moderne treinverkeer geschilderd. Amsterdam, 17 november 2012. Op het westelijke perron staat de oorspronkelijke stationsrestauratie. Alle andere perrongebouwen zijn inmiddels gesloopt. Amsterdam, 17 november 2012.

Station Amsterdam Bijlmer ArenA aan de zijde Amsterdamse Poort. Amsterdam, 17 november 2012.

Drie jaar na de oplevering van de eerste woning in de Bijlmermeer opent NS in 1971 aan de Rhijnspoorweg de tijdelijke halte Amsterdam Bijlmer. Tegelijkertijd met de aanleg van de Oostlijn van de Amsterdamse metro wordt de spoorlijn over een afstand van enkele kilometers opgehoogd. De sporen van de metro liggen tussen het Amstelstation en de metrohalte Holendrecht tussen de beide treinsporen. In 1976 neemt NS de definitieve halte Amsterdam Bijlmer in gebruik. De halte heeft twee eilandperrons waardoor een cross-over overstap naar de in 1977 geopende metro mogelijk is. Qua architectuur is de halte gelijk aan de andere bovengrondse haltes van de Oostlijn. Hiermee is Amsterdam Bijlmer de eerste spoorweghalte zonder NS-vormgeving. De halte kent net als de overige metrohaltes aan de Oostlijn onafgewerkte betonvlakken en een houten kapconstructie.

Grootschalige stedelijke ontwikkelingen in Amsterdam Zuidoost, de verdubbeling van de spoorlijn naar Utrecht en de bouw van de Utrechtboog tussen het Bijlmerstation en Amsterdam Zuid zorgen ervoor dat in 2000 wordt begonnen met de bouw van een groot nieuw stationsgebouw. Het station is gedeeltelijk gesitueerd boven de zeventig meter brede ArenA Boulevard. Meest opvallend is de spectaculaire tweehonderd meter lange geknikte overkapping van staal, hout en glas met een hoogte van twintig tot dertig meter. Het gebouw en de kap zijn opvallend transparant door het gebruik van subtiele draagconstructies en veel glas. 

Het nieuwe station Amsterdam Bijlmer ArenA komt in fases gereed maar wordt eind 2007 officieel in gebruik genomen. Enkele maanden later roept de Bond van Nederlandse Architechten het stationsgebouw uit tot gebouw van het jaar.

De ArenA Boulevard loopt onder het station door als winkelstraat. Amsterdam, 17 november 2012. De stationshal kent niet alleen toegangen aan de voor- en achterzijde maar ook vanaf de ArenAboulevard die onder het station doorloopt, is de hal te bereiken. Amsterdam, 17 november 2012. De hal van station Amsterdam Bijlmer ArenA gezien vanaf het korte metroperron. 17 november 2012. Station Amsterdam Bijlmer ArenA met zicht op het metroperron, 17 november 2012.

 Station Amsterdam Centraal op 2 maart 2014.

Op 15 oktober 1889 wordt het Centraal Station van Amsterdam in gebruik genomen. Voor de bouw van het station dat de verschillende bestaande spoorwegverbindingen naar de hoofdstad verbindt, zijn drie eilanden in het IJ aangelegd. In eerste instantie is het de bedoeling dat Amsterdam een standaard Waterstaatstation van het type eerste klasse krijgt. Uiteindelijk is besloten voor de hoofdstad een uniek ontwerp te maken. Het grootste station van Nederland bestaat uit een bakstenen gebouw van 307 meter lang. Het middendeel wordt geflankeerd door twee torens. Aan beide zijden bevindt zich een lange zijvleugel met een eindgebouw. De vleugels wijken enigszins van elkaar af. Dit komt vooral door het Koninklijk paviljoen aan het eind van de rechter gevel. Na het eindgebouw volgt aan beide zijden van het gebouw nog een korte onopvallende lage vleugel waar bestelgoederen worden behandeld. Terwijl de ingang van het gebouw zich op straatniveau bevindt, zijn de perrons ter hoogte van de eerste verdieping. Op dit niveau zijn dan ook nog diverse ruimten voor de reizigers. De perrons zijn verbonden via drie tunnels. Boven de perrons komt een ijzeren perronkap die even lang is als het stationsgebouw.

In 1920 is de kleine lage eindvleugel aan de rechterzijde gesloopt om plaats te maken voor het pakketpostgebouw. Het ontwerp van dit gebouw is van de zoon van de architect van het Centraal Station sluit qua architectuur enigszins aan op het stationsgebouw. Diezelfde periode is het emplacement aan de IJ-zijde uitgebreid met extra sporen en perrons. In 1922 is de tweede perronkap over de nieuwe sporen gereed. Deze oogt vrijwel hetzelfde als de oude kap maar is wat smaller en zo'n vijftig meter langer.

In de jaren '50 is het stationsgebouw gemoderniseerd. Er komen twee nieuwe grote entreepartijen en in de hal komen lange wanden met loketten. In 1974 wordt het station officieel een Rijksmonument en is het gebouw voor het eerst gerestaureerd. Begin jaren '80 is de middenhal zodanig vergroot dat de oostelijke en westelijke tunnels op hal aansluiten. De middentunnel is hierbij viermaal zo breed gemaakt. In 1996 komt tussen beide oude perronkappen een smalle kap waarmee ook de laatste sporen worden overkapt. Diezelfde periode is de westelijke tunnel aanzienlijk verbreed.

In de periode 1997-2018 is het station geheel gerenoveerd en gemoderniseerd. Aan de IJ-zijde komt een stationshal met daarboven een nieuw busstation voor stads- en streekbussen. Over de hal en het busstation komt een grote glazen kap. Door de komst van het nieuwe busstation zijn de vijf opstaplocaties aan de stadszijde overbodig en is het stationsplein compleet opnieuw ingericht voor voetgangers en trams. Aan de westzijde van het station komt een nieuwe fiets- en voetgangerstunnel. Ook tussen de bestaande reizigerstunnels komen twee extra voetgangerstunnels met winkels. Onder het station komt het metrostation van de Noord-Zuidlijn.

 

 



 De ingang van station Amsterdam Holendrecht aan de zijde van het AMC op 4 oktober 2015.

In december 2008 wordt aan de spoorlijn Amsterdam - Utrecht de nieuwe voorstadshalte Amsterdam Holendrecht in gebruik genomen. Het treinstation vormt een gezamenlijke halte met de gelijknamige metrohalte die sinds 1977 tussen de sporen ligt. Voor treinreizigers zijn twee eilandperrons gebouwd. Van beide perrons is maar één zijde geschikt om in en uit te stappen. In 2011 krijgen beide perrons een korte overkapping.

 



 Station Amsterdam Lelylaan op 26 juli 2013.

In juni 1986 nemen de Nederlandse Spoorwegen de zogenaamde Westelijke Tak van de Schiphollijn in gebruik. Tussen Schiphol en Amsterdam Sloterdijk komen twee tussenstops. Naast het in 2000 alweer gesloten station Amsterdam de Vlugtlaan komt ter hoogte van de kruising met de Cornelis Lelylaan het station Amsterdam Lelylaan. Naast de hoofdroute tussen Osdorp en de binnenstad kruist het station ook nog andere wegen en een busstation. Het station ligt dan ook op een viaduct van bijna 400 meter lang. Het viaduct rust op ronde kolmmen en een aantal uitgeholde kubusvormige ondersteuningen. In de kubussen komen de trappen en roltrappen naar het eilandperron en enkele kiosken. Ook de stationshal is onder het viaduct te vinden. De hal kent grotendeels glazen wanden. De gesloten ruimtes krijgen aan de buitenzijde opvallende blauwe panelen met afgeronde hoeken. Het station krijgt vier markante torens van 18 meter hoog met daarin de liftschachten. Alleen in de zuidelijke toren is daadwerkelijk een lift te vinden. De 150 meter lange perronkap is aan de torens opgehangen. Onder de kap bevindt zich een perrongebouw met de loketten en de stationsrestauratie.

In 1997 krijgt ook de parallel gelegen ringlijn van het GVB een halte ter hoogte van station Lelylaan. De uitbreiding van het station krijgt echter de standaard vormgeving van de metrolijn.

Nog voor de eeuwwisseling zijn de loketten naar de stationshal verplaatst om plaats te maken voor een wachtruimte. In 2016 is het complete perrongebouw gesloopt.

 



 Station Amsterdam Muiderpoort met aan de rechterzijde het seinhuis op 27 mei 2017.

In 1895 neemt de HSM aan de spoorlijn Amsterdam - Hilversum die nieuwe halte Amsterdam Pontanusstraat in gebruik. Op het eilandperron komen twee eenvoudige houten gebouwtjes die zijn verbonden met een korte perronkap. Hoewel ook sporen van de verbindingsboog tussen het Centraal Station en het Weesperpoortstation van de Staatspoorwegen langs de halte lopen, komt er geen gezamenlijk station. Niet lang na de opening is het station hernoemd in de twee kilometer verderop gelegen Muiderpoort. In 1907 zijn drie extra gebouwen met wachtruimtes en toiletten op het perron geplaatst. Daarnaast is één van de oorspronkelijke gebouwen vergroot. Het geheel wordt met een lange perronkap overdekt.

Eind jaren '30 zijn de sporen aan de oostzijde van Amsterdam onder de naam Spoorwegwerken Oost verhoogd. Om ruimte te maken voor de werkzaamheden is het oude Muiderpoortstation in 1937 gesloten en gesloopt. Tussen de aansluiting van de Rhijnspoorweg en de Oosterspoorweg wordt in 1939 het nieuwe station Amsterdam Muiderpoort in gebruik genomen. Het nieuwe eilandperron en het perrongebouw op het nieuwe hooggelegen tracé van de lijn naar Hilversum is dan al ruim een jaar in gebruik ter vervanging van het oude station. Naast de lijn naar Hilversum krijgt nu ook de lijn naar Utrecht een eilandperron. Het stationsgebouw komt tussen de splitsing van beide lijnen te staan. Het gebouw heeft net als het gelijktijdig geopende Amstelstation een hoge stationshal met glazen kopgevel en twee lage zijgevels die ingeklemd tussen beide spoordijken liggen. Voor het hele gebouw komt een luifel die voor de entree naar voren steekt. Aan de linkerzijde van het stationsgebouw komt een opvallend rank en hoog seinhuis. In de lage vleugels van het stationsgebouw komen de loketten en winkels. Achter de dertig meter lange ontvangsthal komen twee geknikte voetgangerstunnels naar beide perrons. In de tijd van de in- en uitgangscontrole is er een tunnel voor vertrekkende reizigers en een tunnel voor aankomende reizigers. Beide liggen als enige in Nederland boven elkaar. Na het afschaffen van de controles zijn de laaggelegen tunnels gesloten. De tunnels leiden naar de brede eilandperrons die beide grotendeels overdekt zijn.

In 1998 en 1999 zijn het station en de stationsomgeving aanzienlijk aangepast en worden de reizigerstunnels afgesloten. Ook verdwijnen alle oorspronkelijke functies uit het stationsgebouw. Beide perrons zijn voortaan met trappen en liften te bereiken via de straten die onder het spoor doorlopen. Hier komen ook het loket en enkele winkels. Het stationsgebouw doet voortaan dienst als opslagruimte van een een fietsenzaak. Het twintig meter hoge seinhuis dat sinds 1976 niet meer in gebruik is, is sinds 2003 Rijksmonument.



 Station Amsterdam RAI met perron en kap uit 1992 op 13 september 2014.

In 1981 neemt NS het baanvak Amsterdam Zuid WTC - Amsterdam RAI van de Schiphollijn in gebruik. Met het oog op het doortrekken van de zuidelijke tak van de ringspoorbaan rond Amsterdam krijgt het kopstation bij het RAI complex een tijdelijk karakter. Het station krijgt een eilandperron met aan één zijde de doodlopende Schiphollijn en aan de andere zijde een perron voor de trams van het GVB. Het perron is voorzien van een eenvoudige overkapping. De kap loopt na het einde van het spoor door tot de Europaboulevard. Onder de kap bevinden zich de trap en de ligt naar het perron. De tramlijn verdwijnt in 1988 naar de begane grond. Twee jaar later neemt het GVB een nieuwe hooggelegen sneltramhalte naast het NS-station in gebruik.

Tien jaar na de opening wordt het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor het laatste deel van de Schiphollijn richting Duivendrecht. Het nieuwe station is grotendeels boven de Europaboulevard gebouwd. Op de begane grond komt een transparante stationshal met ruimte voor enkele loketten, trappen en liften. Het brede eilandperron krijgt een 150 meter lange paraplukap met glazen zijwanden. Het geheel is in 1992 in gebruik genomen. Een jaar later rijden de eerste treinen door naar Duivendrecht en Weesp.

In het kader van de uitbreiding van het aantal sporen tussen Schiphol en Almere krijgt Amsterdam RAI een tweede eilandperron. Het perron krijgt een eenvoudige rechthoekige overkapping. De nieuwe grote stationshal onder de perrons is in december 2015 in gebruik genomen. Het tweede perron volgt in augustus 2016.

 

 

 



 Het eerste perron van Amsterdam Science Park op 20 april 2013.

In december 2009 neemt NS tussen Amsterdam Centraal en Weesp de voorstadshalte Amsterdam Science Park in gebruik. Langs beide zijperrons komt een C-vormige constructie die dient als overkapping boven een deel van het perron, de trappen en de wachtruimtes. De wanden zijn geheel in glas uitgevoerd.

 



De hoofdingang van station Amsterdam Sloterdijk op 8 december 2012.

In 1956 opent NS aan de spoorlijn Amsterdam - Haarlem de halte Amsterdam Sloterdijk. Met het oog op de aanleg van de ringspoorlijn om Amsterdam is de halte direct voorzien tijdelijk bedoelde bouwerken. Voor het eerst laat NS een open station zonder entreegebouw tussen stationsplein en perrons bouwen. De ingang wordt geaccentueerd door een hoge kap van glas op stalen poten. De kap biedt een droge doorgang tussen stationsplein en perrons en ook naar de aparte gebouwtjes voor de kaartverkoop en fietsenstalling.

Begin jaren '80 wordt de railinfrastructuur aan de westzijde van Amsterdam aanzienlijk gewijzigd. De aanleg van de Schiphollijn en het verleggen van de spoorlijnen naar Haarlem en Zaandam zorgen ervoor dat de voorstadshalte Amsterdam Sloterdijk een groot spoorwegknooppunt wordt. In mei 1983 neemt NS de Hemtunnel in gebruik. Hiervoor is de spoorlijn Amsterdam - Den Helder ten westen van Amsterdam voor enkele kilometers verlegd. NS opent aan de spoorlijn, ongeveer een 700 meter ten noordenwesten van de halte Sloterdijk, het nieuwe station Amsterdam Sloterdijk Noord. De oude halte aan de lijn naar Haarlem krijgt de naam Amsterdam Sloterdijk Zuid. Twee jaar later verlegt NS de spoorlijn naar Haarlem tussen het Centraal Station de westelijke stadsgrens naar de halte Sloterdijk Noord. Het station krijgt hierbij de naam Amsterdam Sloterdijk. Gelijktijdig sluit de halte Amsterdam Sloterdijk Zuid. In 1986 zijn de Westelijke Tak van de Schiphollijn en het stationscomplex voltooid. De sporen van de Schiphollijn volgen tussen het Centraal Station en de werkplaats Zaanstraat de sporen naar Haarlem en Zaandam. Bij de werkplaats buigt de nieuwe verbinding in noordelijke richting af om bij het Sloterdijkstation loodrecht op de andere sporen uit te komen. De Schiphollijn kruist de lijnen met een viaduct dat door het station loopt. De drie perrons aan de spoorlijnen naar Zaandam en Haarlem liggen op maaiveldhoogte en zijn overdekt met een betonplaat waarop de stationshal en het stationsplein zijn gebouwd. Het complex ligt op zes meter boven het maaiveld. Vijf meter hoger loopt de spoorlijn naar Schiphol. De lijn krijgt in het Sloterdijkstation een eilandperron. Over het stationscomplex wordt een enorme vakwerkconstructie gebouwd. Hieraan zijn de glaswanden en het dak opgehangen. De Schiphollijn loopt in een 'glazen tube' door het station. In de transparante stationshal zijn, voornamelijk aan de zijkanten de diverse stationsfuncties ondergebracht.

De spectaculaire overkapping van de Hemboog. Amsterdam, 8 december 2012.In 1996 wordt het station uitgebreid. Het GVB neemt dat jaar de nieuwe ringlijn rond Amsterdam West en -Zuid in gebruik. Het tracé loopt voor een deel parallel aan de Westelijke Tak van de Schiphollijn. Bij het Sloterdijkstation ligt de lijn eveneens elf meter boven het maaiveld. Net als de spoorlijn krijgt de metrolijn dezelfde glazen omhulling als de Schiphollijn. Tussen beide lijnen is ruimte gereserveerd voor een eventuele verdubbeling van de Schiphollijn. De ruimte tussen de bestaande stationshal en de metrohalte is opgevuld met winkels.

In 2003 is de Hemboog tussen de Zaanlijn en de Schiphollijn gereed. De sporen liggen op twee viaducten van zo'n dertien meter hoog ten zuidwesten van het stationsplein. In december 2008 krijgt de verbinding een eilandperron en een eigen stationshal met enkele voorzieningen. De sporen en het perron krijgen over een lengte van 270 meter een spectaculaire glazen perronkap.

Station Amsterdam Zuid is begin 2012 onder andere voorzien van herkenbare blauwe luifels aan beide zijden van de tunnel.

Op het prestigieuze Plan Zuid van Berlage uit 1917 is aan de zuidzijde van de Amsterdam, als tegenhanger van het Centraal Station, aan de geplande ringlijn een groot station ontworpen. Hoewel al in de jaren '20 is begonnen met de aanleg van het dijklichaam, wordt alleen tussen Duivendrecht en het rangeerterrein Watergraafsmeer een spoorlijn in gebruik genomen. Bij de ontwikkeling van een nieuwe verbinding tussen Amsterdam, Schiphol en Den Haag wordt in de jaren '60 opnieuw gekeken naar een nieuw station aan de zuidzijde van de hoofdstad. Hoewel in de oorspronkelijke plannen wordt gesproken over een station Amsterdam Minervalaan, neemt NS op de plek waar Berlage ruim zestig jaar eerder een station plant, in 1978 het station Amsterdam Zuid in gebruik. Het station is dan nog de eindhalte van de elf kilometer lange verbinding tussen Amsterdam en Schiphol. Met het oog op de toekomstige uitbreiding van het Amsterdamse metronet, krijgt het station de eenvoudige opzet van een metrohalte. De geplande metrolijn en snelweg A10 die aan beide zijden van de spoorlijn ligt, zorgt voor een lange tunnel. In de tunnel komen loketten en enkele dienstruimten. Bij de noordelijke entree van de tunnel komt een lange luifel en een poort met daarin het logo van NS en een klok. Na de opening van het World Trade Center naast het station in 1985 wijzigt de naam van de het station in Amsterdam Zuid WTC.

In 1993 wordt de Zuidelijke Tak van de Schiphollijn in gebruik genomen. In de daaropvolgende jaren breidt NS de bediening van het station sterk uit. Mede door de ontwikkeling aan de Amsterdamse Zuidas groeit Amsterdam Zuid WTC uit tot een belangrijk Intercitystation. Ondertussen komt in 1990 ook de eerste metrolijn bij het station gereed. In 1997 wordt ook de Ringlijn in gebruik genomen. Het ontwerp van de metrohalte sluit echter niet aan op het ruim twintig jaar eerder gebouwde station. In 2005 en 2006 wordt het station sterk uitgebreid. Er komt een tweede perron en het aantal voorzieningen in de tunnel wordt uitgebreid. In december 2006 wijzigt NS de naam van het station weer in Amsterdam Zuid. In 2011 volgt opnieuw een opknapbeurt en worden onder andere de onherkenbare entrees aangepakt. Ook wordt het winkelaanbod nog verder uitgebreid. In maart 2012 wordt het vernieuwde station in gebruik genomen.

Het stationsgebouw van Anna Paulowna op zondagochtend 21 juli 2019.
Station Anna Paulowna
Ana
Opening: 20 december 1865
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 12,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In december 1865 is het baanvak Nieuwe Diep - Alkmaar van Staatslijn K gereed. In Anna Paulowna is tegelijkertijd het standaardstation van het type vijfde klasse in gebruik genomen. Het station kent hoog middendeel met puntgevel en korte terugspringende hoge zijvleugels. In 1872 krijgt het stationsgebouw, net als de stations Heerhugowaard en Noord-Scharwoude aan dezelfde staatslijn, een lange lage zijgevel waarin de afdelingen voor de reizigers komen. Hier komt tevens de nieuwe hoofdentree. Aan de perronzijde komt een ruime luifel. De begane grond van het oorspronkelijke gebouw wordt ingericht voor de afhandeling van het goederenvervoer. 

Terwijl veel stations van het type vijfde klasse in de loop der jaren zijn verhoogd, is de bovenverdieping van het stationsgebouw van Anna Paulowna halverwege de 20e eeuw afgebroken. Hierna is het dak van de nieuwe zijvleugel doorgetrokken over het resterende deel van het oude gebouw.

In 1971 maakt het gebouw plaats voor een nieuw standaardstation. Het zogenaamde plinttype is in de jaren '60 en '70 in diverse vergelijkbare plaatsen neergezet. Het rechthoekige gebouw bevat de noodzakelijke voorzieningen als loketten en een ruime wachtruimte en is grotendeels transparant. De gesloten bouwdelen zijn grotendeels met geglazuurde bakstenen uitgevoerd. Tussen het open en het gesloten bouwdeel komt aan de straatzijde een ogenschijnlijk losstaand geveldeel dat in sierverband is gemetseld. Het gebouw staat op een 'zwevende' betonplaat om de ruimte tussen straat- en perronniveau te visualiseren. Het platte dak van het station loopt uit in een royale luifel die de gehele betonplaat overkapt en zo tevens de verbinding tussen het stationsplein, het perrons en de toegang tot het gebouw.

 



 Station Apeldoorn met het kunstwerk Reizend Zand op 15 november 2012.

In mei 1876 neemt de HSM station Apeldoorn aan de Oosterspoorweg in gebruik. Het stationsgebouw is van een uniek ontwerp, maar kent de klassieke symmetrische vormgeving van een hoog middendeel en twee lage zijvleugels. Delen van het middengebouw zijn voorzien van imitatie-natuurstenen gevels. Met de opening van de lokaallijnen van de KNLS aan het eind van de jaren '80 van de negentiende eeuw krijgt het station een eilandperron met een overkapping.

In 1911 is het stationsgebouw aanzienlijk vergroot. Voor het middendeel komt een lage vestibule met daarop een terras voor de bovenwoning. De lengte van de linkervleugel is bij de verbouwing verdubbeld. In de jaren '70 is het interieur van het gebouw compleet vernieuwd. Hierbij verdwijnt ook de koninklijke wachtkamer uit 1911. De vestibule is grotendeels vervangen door een moderne ingangspartij met drie uitstekende luifels.

Met het oog op de reconstructie van het stationsgebied ontstaan na de eeuwwisseling plannen om het gebouw te slopen. Door locale protesten blijft het gebouw bewaard en is het in 2007 aan de buitenzijde zoveel mogelijk in de oorspronkelijke afleveringstoestand teruggebracht. Hierbij is de ingangspartij uit de jaren '70 verwijderd en is de voorgevel zoveel mogelijk teruggebracht in de situatie van voor 1911. Het interieur is opnieuw verwijderd. Datzelfde jaar is het Apeldoornse stationsgebied compleet vernieuwd. Voor het stationsgebouw komt een groot verlaagd plein met toegang tot de nieuwe tunnel onder het emplacement. De linker zijvleugel van het stationsgebouw is geheel gesloopt om plaats te maken voor de nieuwe tunnel. Wanneer deze gereed is, wordt de vleugel in de korte toestand van voor 1911 herbouwt. In de wand voor het verlaagde stationsplein is het kunstwerk 'Reizend Zand' te zien. Door middel van 1,3 miljoen oranje-gele ledlampjes zijn de hele dag virtuele verstuivende zandduinen te zien.

 



Apeldoorn De Maten op 2 juli 2012.
Station Apeldoorn De Maten
Apdm
Opening: 10 december 2006
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 90,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In december 2006 neemt NS aan de lijn Apeldoorn - Zutphen ter hoogte van de gelijknamige wijk de voorstadshalte Apeldoorn de Maten in gebruik. Als herkenningspunt komt boven een deel van het enige perron en het stationspleintje een opvallend hoge rechthoekige kap die door een diagonale knik aan twee zijden omhoog steekt.

 



Voorstadshalte Apeldoorn Osseveld op 17 mei 2012.

Op 10 december 2006 neemt NS in de regio Stedendriehoek Apeldoorn - Deventer - Zutphen gelijktijdig vier nieuwe onbemande stations in gebruik. Apeldoorn krijgt hierbij twee nieuwe voorstadshaltes, De Maten en Osseveld. Laatstgenoemde halte krijgt, net als het gelijktijdig geopende station Twello, twee overkapte perrons. Beide stations aan de spoorlijn Apeldoorn - Deventer zijn qua opzet dan ook nagenoeg gelijk.

 

Het stationsplein van Appingedam op 13 oktober 2018,
Station Appingedam
Apg
Opening: 15 juni 1884  
Spoorlijn(en): Groningen - Delfzijl km 33,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Als onderdeel van de derde periode van aanleg van spoorwegen door de Staat nemen de Staatsspoorwegen op 15 juni 1884 de Staatsspoorwegen de spoorlijn Groningen - Delfzijl in gebruik. Net als bij de eerste periode, zijn ook tijdens de derde staatsaanleg vooral standaardontwerpen voor stationsgebouwen toegepast. De kleinere stations krijgen een compleet ander ontwerp dan de Waterstaatstations uit de jaren '60 van de negentiende eeuw. De grotere stations vertonen echter veel gelijkenissen met de stations van het type 3e klasse. Zo kent het nagenoeg symmetrische stationsgebouw van Appingedam een hoog middendeel met twee lage zijvleugels. Aan de perronzijde en langs de rechter zijgevel is een luifel aangebracht. Vrijwel hetzelfde ontwerp is diezelfde periode ook in ook in Delfzijl, Gorinchem, Sneek, Workum en Tiel toegepast.

Terwijl halverwege de jaren '70 de meeste stationsgebouwen langs de onrenabele diesellijnen in Noord-Nederland worden gesloopt, belandt het station van Appingedam op een voorlopige monumentenlijst. In 1978 raakt het gebouw echter door brand zwaar beschadigd waarna het alsnog gesloopt is. In 1982 komt op de plek van het gebouw een eenvoudige standaard-abri. Bij het opknappen van het stationsplein is deze vervangen door een modern exemplaar.

 



De perronzijde van het stationsgebouw van Arkel op 28 januari 2018.
Station Arkel
Akl
Opening: 1 december 1883
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 10 juni 1940  
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 65,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1883 nemen de Staatsspoorwegen het baanvak Geldermalsen - Gorinchem van de Betuwelijn in gebruik. Langs de spoorlijn komen voornamelijk asymmetrische stationsgebouwen met hoge en lage bouwdelen. Arkel krijgt echter een eenvoudig laag en nagenoeg symmetrisch stationsgebouwtje. Het gebouw heeft zowel aan de straat- als de perronzijde een puntgevel. De rechterzijde van het gebouw is in gebruik als woning. In het middendeel bevinden zich de dienstruimten en het kantoor van de stationschef. Het linkerdeel is in gebruik als wachtkamer. De verschillende puntgevels zijn rijkversierd met houtwerk.

Om de treindienst op de Betuwelijn te versnellen, sluit NS in 1938 diverse stations. Ook Arkel verdwijnt in mei dat jaar uit het Spoorboekje. In 1940 is het station echter weer in de dienstregeling opgenomen. In 1980 is het emplacement gereduceerd tot één spoor met perron. Eind jaren '80 maakt het toiletgebouwtje plaats voor een fietsenstalling. Diezelfde periode verdwijnen de laatste houten versieringen van het stationsgebouw.



Het stationsgebouw van Arnemuiden op 14 april 2018.
Station Arnemuiden
Arn
Opening: 1 maart 1872
 
Spoorlijn(en): Roosendaal - Vlissingen km 64,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1872 nemen de Staatsspoorwegen tussen Goes en Vlissingen het laatste deel van de Zeeuwse Lijn in gebruik. Terwijl vergelijkbare plaatsen aan de lijn een standaard stationsgebouw van het type vijfde klasse hebben, krijgt Arnemuiden een uniek ontwerp dat enigszins lijkt op het nieuwe type vierde klasse dat in diezelfde periode langs andere staatslijnen verschijnt. Het eenvoudige rechthoekige gebouw heeft een smal hoog middendeel en twee korte zijvleugels.

Zowel in de jaren '50 als rond 2007 is het station met sluiting bedreigt. Desondanks stoppen er nog altijd treinen en is het gebouw sinds 1998 een rijksmonument.



De 'voorgevel' van station Arnhem Centraal met op de achtergrond de Parktoren en de Rijntoren op 10 oktober 2018.
Station Arnhem Centraal
Ah
Opening: 16 mei 1845
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Elten km 91,9
  Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 0,0
  Arnhem - Nijmegen km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij opent in 1845 het eerste Arnhemse station. Het tradionele stationsgebouw aan de Rhijnspoorweg heeft een hoge middenrisaliet met aan beide zijden een korte lage zijvleugel. In 1865 wordt het traject Arnhem - Zutphen van Staatslijn A in gebruik genomen. De Staatsspoorwegen maken in eerste instantie gebruik van het NRS-station. Dit gebouw wordt al snel vervangen door een groot gezamenlijk stationsgebouw van de NRS en de SS. Het nieuwe stationsgebouw wordt in 1867 in gebruik genomen. Het imposante symmetrische gebouw heeft een hoge middenrisaliet, twee lage vleugels met twee hoge eindgebouwen. In de rechtervleugel is een grote restauratiezaal ingericht. Ook op de eerste verdieping van de middenrisaliet zijn enkele restauratieruimten die bovendien eenvoudig tot één grote zaal kunnen worden omgebouwd. Verder bevinden zich naast de gebruikelijke ruimtes met stationsfuncties ook enkele woningen in het station. De perrons zijn met een grote kap overdekt. In 1937 krijgt het gebouw een moderne uitbouw van twee verdiepingen met onder andere een nieuwe toegang. Tegelijkertijd is het stationsplein vergroot. Het stationsgebouw is in april 1945 bij de bevrijding van de stad verwoest.

Een blik in de stationshal van Arnhem Centraal op 12 december 2015.Na de Tweede Wereldoorlog is het stationsplein afgegraven naar het niveau van de naburige straten. Aangezien de sporen en perrons veel hoger liggen, is gelijktijdig een perrontunnel gegraven. Langs het nieuwe plein komen moderne nieuwbouw en twee busstations. In 1954 neemt NS tussen het stationsplein en de tunnel het nieuwe betonnen stationsgebouw in gebruik. Het station krijgt net als diverse soortgelijke wederopbouwstations een grote klokkentoren. Desondanks is het stationsgebouw zeer bescheiden ten opzichte van het vooroorlogse gebouw. Ook is het gebouw al snel te klein. In de jaren '90 ontstaan de eerste plannen voor nieuwbouw. Het duurt nog tot 2007 voordat het gebouw gesloopt wordt. Om ruimte te maken voor de bouw van het OV-terminal neemt NS een jaar eerder een tijdelijk stationsgebouw in gebruik. Het gebouw ligt op vrijwel dezelfde plek en op dezelfde hoogte als het vooroorlogse gebouw. Het gebouw, de straat en perrons zijn verbonden doormiddel van een groot aantal trappen en een hoge brug over de perrons. In de zomer van 2011 is de nieuwe tunnel onder de perrons gereed. Hier zijn de voorzieningen voor treinreizigers ondergebracht zodat het tijdelijke gebouw en de luchtbrug overbodig zijn en worden gesloopt.

De stationshal in aanbouw tijdens de Dag van de Bouw op 13 juni 2015.Intussen is het karakteristieke ingangsgebouw dat vanaf 1954 aan de voetgangersbrug andere zijde van het station staat in 2010 gedemonteerd en in 2012 weer opgebouwd in enkele kilometers verderop gelegen park Presikhaaf. Hier is het voormalige entreepaviljoen Sonsbeekzijde in gebruik als horecagelegenheid.  

In de zomer van 2012 begint de bouw van de nieuwe stationshal. Het definitieve ontwerp is dan al tien jaar gereed. Het gebouw kenmerkt zich door glooiende vormen en meerlaags grondgebruik. Hiermee is tevens een oplossing gevonden voor de relatief grote hoogteverschillen in het gebied. De open, hoge en lichte ruimte is het knooppunt van verschillende vervoersstromen in het stationsgebied. Op 28 oktober 2015 is het grootste deel van de hal in gebruik genomen. De officiële opening volgt op 19 november dat jaar. Sindsdien heet het station Arnhem Centraal.

Blik op de verschillende verdiepingen van het station. Beneden de toegang tot de parkeergarage, daarboven het busstation en daar weer boven de kantoorruimtes. Arnhem, 30 oktober 2016. 'De wokkel'. Arnhem, 30 oktober 2015. De roltrap naar de kantoren. Arnhem, 30 oktober 2015. Zicht op de Sonsbeekzijde. Arnhem, 30 oktober 2015.

Het voorpleintje van de halte Arnhem Presikhaaf op 24 april 2015.
Station Arnhem Presikhaaf
Ahpr
Opening: 28 september 1969
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 1,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In september 1969 neemt NS aan de oostzijde van Arnhem aan de IJssellijn de nieuwe voorstadshalte Arnhem Presikhaaf in gebruik. De halte is net als andere soortgelijke haltes die in deze tijd zijn geopend, voorzien van een houten prefab-stationsgebouwtje. Het gebouwtje heeft een loket en een wachtruimte en is bedoeld als tijdelijke voorziening tot het definitieve haltegebouw gereed is. Dit gebouw is echter nooit gebouwd en het noodgebouw verdwijnt in 1981.

In 2007 zijn de perrons op de spoordijk aanzienlijk verbreed om meer ruimte te bieden aan de toeloop van studenten van de nabijgelegen vestiging van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen.

Het huidige stationsgebouw van Arnhem Velperpoort op 21 juli 2017.
Station Arnhem Velperpoort
Ahp
Opening: 1 oktober 1892
 
Sluiting: 3 juni 1918
 
Heropening: 5 januari 1953
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Elten km 93,2
  Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 0,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1892 nemen de Staatsspoorwegen in Arnhem ter hoogte van de splitsing tussen de Rhijnspoorweg en de staatslijn naar Zwolle de halte Velperpoort in gebruik. Langs de dubbelsporige spoorlijn komen twee smalle houten perrons. Langs beide perrons komen twee gelijke abri's. De gebouwtjes staan op houten palen naast de spoordijk en zijn vrijwel geheel van glas. Alleen het skelet en dak zijn van hout. De halte krijgt geen andere voorzieningen. In 1918 sluit de halte en zijn de abri's gesloopt.

Arnhem Velperpoort met het oude haltegebouw uit 1953 op de voorgrond en het nieuwe haltegebouw uit 1988 op de achtergrond op 23 april 2012.In 1953 opent NS op dezelfde plek de voorstadshalte Arnhem Velperpoort. De halte krijgt opnieuw twee zijperrons op de inmiddels verbrede spoordijk. Aan de centrumzijde komt op het niveau van het perron een opvallend haltegebouw. De zogenaamde zwaluwnestconstructie rust  op de perronwand en twee ranke stalen poten. De wandelroute van straat- naar perronniveau begint recht onder het gebouw waarna de trap en een bordes om het gebouw slingeren. De trap en het bordes worden overkapt door een ruime luifel. In het gebouw bevinden zich een loket en wachtruimte. Het perron aan de overzijde is bereikbaar via een beveiligd overpad.

Eind jaren '80 wijzigt de verkeerssituatie rondom de halte en komt ongeveer 70 meter ten westen van het oude haltegebouw een nieuwe tunnel voor langzaam verkeer. Beide perrons zijn voortaan via de tunnel te bereiken, waardoor het overpad kan vervallen. Aan de centrumzijde van de tunnel neemt NS in 1988 een nieuw haltegebouw in gebruik. Binnen een ruim opgezet rechthoekig betonnen skelet komt onder andere een halfrond loketgebouw op straatniveau, een driehoekige wachtruimte op perronniveau en een overkapte trap om beide niveaus te verbinden. Bovenin de constructie hangen enkele installatiecontainers. Ook aan de andere zijde van de nieuwe tunnel komt een eenvoudige wachtruimte op perronniveau. Het station is voornamelijk in primaire kleuren uitgevoerd.

Het haltegebouw uit 1953 is als gemeentelijk monument bewaard maar niet toegankelijk voor treinreizigers.

Het nieuwe stationsgebouw van Assen met de grote houten luifel als blikvanger op 27 juli 2019.
Station Assen
Asn
Opening: 1 mei 1870
 
Spoorlijn(en): Meppel - Groningen km 49,3
  Gasselternijveen - Assen km 20,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Eind jaren '60 van de negentiende eeuw laten de Staatsspoorwegen een geheel nieuw standaardontwerp voor stationsgebouwen van de derde klasse onwerpen. De gebouwen zijn opnieuw symmetrisch met een hoog middendeel en lage zijvleugels. De hoeken van het naar voren staande middendeel zijn afgeschuind. Het nieuwe ontwerp is rijker versierd dan het oude. De tien stationsgebouwen van het type komen langs de staatslijnen in Noord-Holland, Groningen en Drenthe. De SS nemen het station van Assen aan Staatslijn C in mei 1870 in gebruik.

Het stationsgebouw uit 1988 op 25 oktober 2015, enkele maanden voor de sloop.Het stationsgebouw is in 1989 vervangen door een nieuw, opvallend en controversiel ontwerp. Het gebouw bestaat uit verschillende onderdelen die samen één geheel vormen. Van noord naar zuid zijn een rijwielstalling, de stationshal met diverse voorzieningen, de ingangspartij, de restauratie en een busaccomodatie naast elkaar gezet. De hoge transparante kubusvormige hal vormt het meest opvallende onderdeel. Dit komt mede door het dikke blauwe dak en de vier pilaren met gouden bollen die op de hoeken staan.

In maart 2016 is het stationsgebouw alweer gesloopt om plaats te maken voor nieuwe tunnels, een nieuwe indeling van de sporen en een eenvoudig nieuw ontvangstcomplex dat bestaat uit enkele losse gebouwen met daarboven een grote houten luifel. De luifel overspant ook een deel van het stationsplein, de sporen en de achteruitgang van het gebouw. In december 2019 is de bouw van het complex met de komst van een grote glazen wand met stationsnaam afgerond. De originele perronkap van het eilandperron blijft grotendeels bewaard.

Bezoekers aan Assen worden verwelkomd door de zes meter hoge houten hond Mannes. Het interactieve kunstwerk staat sinds oktober 2018 tegenover het station. Assen, 27 juli 2019. De luifel overspant de verschillende elementen van het station. Assen, 27 juli 2019. De bewaarde perronkap in Assen op 7 april 2019. Op de foto is duidelijk de verbreding van het eilandperron te zien. De achterzijde van het nieuwe stationsgebouw van Assen op 7 april 2019.

Het stationsgebouw van Baarn op 8 september 2012.
Station Baarn
Brn
Opening: 10 juni 1874
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 36,5
  Den Dolder - Baarn km 10,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Terwijl de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij langs de Oosterspoorweg diverse stationsgebouwen in dezelfde stijl, maar vaak varierend van grootte neerzet, krijgt Baarn een compleet afwijkend stationsgebouw. Het gebouw is geheel in de stijl van het voorname dorp ontworpen en naast het opkomende forensenvervoer ook gericht op het toerisme. Door het gebruik van een groot aantal houten versieringen aan onder andere de balustraden, steunberen, gootlijsten en windveren lijkt het op een groot châlet. Het stationsgebouw krijgt bovendien een koninklijke wachtkamer. Op de eerste verdieping bevindt zich een restauratiezaal met koffiekamer. Deze ruimte is te bereiken via een buitentrap. Het gebruik van een buitentrap is uniek in de Nederlandse stationsbouw. Tussen de trap en de restauratie bevindt zich, boven de koninklijke wachtkamer en het perron, een gedeeltelijk overdekt buitenterras. Het restaurant heeft bovendien een balkon aan de straatzijde. Naast het stationsgebouw komt een bierhal. Het rechthoekige gebouw is omgeven door een ruime kap die net als het stationsgebouw met houtwerk is versierd. De HSM neemt het stationscomplex in juni 1874 tegelijkertijd met het baanvak Amsterdam - Amersfoort in gebruik.

Na de oorlog maakt het terras boven de koninklijke wachtkamer plaats voor een dichte ruimte. Terwijl ook de eerste verdieping grotendeels is verbouwd tot woonruimte, dient de perronkap als balkon. De bierhal verdwijnt al voor de oorlog om plaats te maken voor de reizigerstunnel.

Schuin tegenover het stationsgebouw zet de concurrerende Utrechtse Locaalspoorweg-Maatschappij in 1898 ook een ruim opgezet en rijkversierd stationsgebouw neer. Vanaf 1948 maken alle reizigerstreinen gebruik van het station aan de Oosterspoorweg. Het Baarnse Buurtstation blijft hierna bewaard.

 

 



Het stationspleintje van Bad Nieuweschans op 18 april 2015. Links de enkele weken eerder onthulde gedenkzuil ter nagedachtenis aan de deportatietreinen die hier tijdens de Tweede Wereldoorlog de grens over gaan.
Station Bad Nieuweschans
Nsch
Opening: 1 november 1868
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 126,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Eind 1868 nemen de Staatsspoorwegen als eindpunt van Staatslijn B uit Harlingen in Nieuwe Schans het meest oostelijk gelegen station van Nederland in gebruik. Met het oog op het doortekken van de lijn naar Duitsland krijgt Nieuwe Schans een groot standaard stationsgebouw van het nieuwe type derde klasse. Het gebouw kent een ruim en hoog middendeel met afgeschuinde hoeken naar de twee lagere zijvleugels. De Staatsspoorwegen laten diezelfde periode aan de Zaanlijn en in grotere plaatsen in de noordelijke provincies zo'n tien gebouwen van hetzelfde ontwerp neerzetten.

Wanneer de verbinding met Duitsland in 1876 gereed is, breiden de Staatsspoorwegen het emplacement van Nieuwe Schans uit met een polygonale locomotiefloods en een ruim douanegebouw met een U-vormige plattegrond dat tegen het stationsgebouw is aangebouwd.

Het grensoverschrijdende vervoer stelt echter niet veel voor en ligt na de Tweede Wereldoorlog zelfs jarenlang stil. Het grote stationsgebouw is in 1973 gesloopt. NS zet hierna een eenvoudige, bijna vierkante keet, neer voor de kaartverkoop. Ruim tien jaar later verdwijnt de spatie uit de stationsnaam en staat het station als Nieuweschans in het Spoorboekje. Eind jaren '80 is het emplacement gereduceerd tot één spoor. Enkele jaren later verdwijnt ook de keet. In 2000 krijgt Nieuweschans weer een tweede spoor en een tweede perron. In 2009 krijgt de plaats Nieuweschans officieel de toevoeging 'Bad'. Het station heet vanaf december 2013 Bad Nieuweschans.

De oude locomotiefremise uit 1877 is ondertussen aan het begin van de 21e eeuw opgeknapt en sinds begin 2004 verhuurd aan diverse ondernemingen. Het gerestaureerde en deels gereconstrueerde stationsgebouw van Zuidbroek laat zien hoe het oorspronkelijke ontwerp van het stationsgebouw van Bad Nieuweschans eruit ziet.

 



Het stationsgebouw van Baflo op 8 augustus 2020.
Station Baflo
Bf
Opening: 16 augustus 1893
 
Spoorlijn(en): Sauwerd - Roodeschool km 8,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Groninger Locaalspoorweg-Maatschappij bouwt in 1891 zeven standaard stationsgebouwen, verdeeld over twee types. In Baflo zet de GLS een stationsgebouw van het grootste type neer. Het rechthoekige gebouw heeft twee verdiepingen en een zolder. Tijdens de grote sloopwoede van de jaren '60 en '70 blijft aan de spoorlijn Sauwerd - Roodeschool alleen het stationsgebouw van Baflo behouden. 

De zuidelijke toegang tot het dak van de spoortunnel en het station van Barendrecht op 20 augustus 2017.

Tijdens de aanleg van verschillende spoorlijnen door de Staat in de jaren '60 van de negentiende eeuw, wordt bij de bouw van stationsgebouwen in eerste instantie gebruik gemaakt van vijf standaardontwerpen, onderverdeeld in klassen. In de laatste jaren van de staatsaanleg zijn nog enkele standaardontwerpen aan deze reeks toegevoegd. Zo krijgen IJsselmonde, Barendrecht en Zwijndrecht in 1872 bij de opening van de Staatslijn Dordrecht - Rotterdam in navolging van Vught een nieuwe uitvoering van het Waterstaatstation van het type vierde klasse. In tegenstelling tot het eerdere ontwerp, kent het stationsgebouw een hoog middendeel en twee lage zijvleugels.

Om ruimte te maken voor de nieuwe sporen vanuit de Europoort naar de latere Kijfhoek is oude stationsgebouw in 1973 gesloopt en wordt 400 meter noordelijker het nieuwe station in gebruik genomen. In tegenstelling tot een groot aantal vergelijkbare plaatsen krijgt Barendrecht een uniek nieuw stationsgebouw. Het eenvoudige lage rechthoekige gebouw krijgt alleen de noodzakelijke voorzieningen en een opvallend ruime luifel aan de straatzijde. Aan de linkerkant van het grotendeels glazen gebouw komt een stenen toren met een klok. De twee nieuwe havensporen liggen tussen het stationsgebouw en de twee zijperrons. Het gebouw en de perrons zijn verbonden via een tunnel.

De zuidwestzijde van het glazen gebouw boven de perronsporen van Barendrecht op 20 augustus 2017.Aan het begin van de 21e eeuw krijgt Barendrecht opnieuw een geheel nieuw station. Ter hoogte van het station worden maar liefst negen sporen gefaseerd verdiept aangelegd. Terwijl de vijf sporen voor het goederenvervoer en de HSL Zuid in een betonnen tunnelbak verdwijnen, komen de vier 'normale' reizigerssporen ter hoogte van het nieuwe station in een bak die aan de oostzijde geheel uit glas bestaat. Aan de westzijde is alleen het bovenste deel van glas voorzien. Het station wordt aan beide zijden bereikt via een glazen trappenhuis met roltrappen en een lift. Naast de glazen gebouwen liggen ook vaste trappen op het talud. Bovenop het tunneldak zijn parkerplaatsen en een park aangelegd. Het eerste deel van het nieuwe station is in december 2001 in gebruik genomen. In 2003 is het complex gereed en is het stationsgebouw uit 1973 gesloopt.

 Station Barneveld Centrum op 16 januari 2016.

Aan het begin van de 20e eeuw legt Spoorwegmaatschappij 'De Veluwe' legt de spoorlijn Ede - Nijkerk aan. Terwijl Ede, Lunteren en Voorthuizen ruime stationsgebouwen krijgen, laat de SV in Barneveld een eenvoudig laag gebouwtje neerzetten. Het gebouw krijgt opvallend genoeg een puntgevel aan de perronzijde in plaats van de gebruikelijke straatgevel. Het station is in mei 1902 in gebruik genomen. Wanneer de spoorlijn ruim een jaar later naar Nijkerk is doorgetrokken en Barneveld bij de kruising met de Oosterspoorweg nog een halte aan de lokaallijn krijgt, wordt het station vernoemd in Barneveld Dorp. In 1904 is het gebouw zodanig verbouwd dat het het grootste stationsgebouw aan de lokaallijn is. Het station krijgt bij de verbouwing een hoog middendeel en twee verschillende zijvleugels. Het hoge middendeel krijgt een traptorentje. De rechter vleugel is later verdubbeld.

Het stationsgebouw ontkomt in de jaren '70 niet aan de sloopwoede van NS en is in 1974 gesloopt. Voor de reizigers is enkel een abri neergezet. In 1978 laat NS een standaard 'tweekamerbungalow' neerzetten. Het eenvoudige lage ontwerp dat die periode ook in bijna twintig andere plaatsen verschijnt, biedt ruimte aan de noodzakelijke stationsfuncties. Barneveld Dorp staat vanaf 1981 als Barneveld Centrum in het Spoorboekje.

 

 



 Het eerste echte 'stationsgebouw' van Barneveld Noord uit 2013 op 15 juni 2014.

In 1938 neemt NS aan de nieuwe verbindingsboog tussen de Kippenlijn en de Oosterspoorweg de halte Barneveld-Voorthuizen in gebruik. De halte vervangt de haltes Barneveld Kruispunt en het station Barneveld-Voorthuizen aan de Oosterspoorweg. Van september 1944 tot mei 1951 is de spoorlijn gesloten.

In 1981 wijzigt de naam van de halte in Barneveld Noord. Met het oog op de frequentieverhoging op de van Kippenlijn omgevormde Valleilijn is in 2006 en groot transferium bij de halte neergezet. Voor de bereikbaarheid van de parkeergarage wordt een brug over de nabijgelegen Oosterspoorweg gemaakt.

In 2013 krijgt Barneveld Noord voor het eerst een echt stationsgebouw. Het bouwwerk bestaat uit drie witte, opengewerkte zeecontainers met glazen wanden met daarin een kleine winkel en een wachtruimte. Drie zwarte zeecontainers dienen als dak en ruimte voor opslag en installaties. Tussen de containers staat als klokkentoren een langgerekte verticale container. In de container, met dakraam, is het toilet aanwezig.

 

 



 Station Barneveld Zuid op 21 januari 2017.

Op 2 februari 2015 is aan de Valleilijn de nieuwe voorstadshalte Barneveld Zuid in gebruik genomen. De halte kent een perron langs de enkelsporige spoorlijn. Tussen het perron en het stationsplein is een opvallend stalen poortgebouw neergezet. Op de gevels van het tien meter hoge gebouw is de plattegrond van Barneveld aangebracht. Deze is dankzij de ledverlichting vooral in het donker goed te zien. Aan de linkerzijde van het rechthoekige gebouw bevindt zich een kiosk en aan de rechterzijde zijn enkele installaties ondergebracht.

 



De wachtruimte van Bedum op 18 april 2015.
Station Bedum
Bdm
Opening: 15 juni 1884  
Spoorlijn(en): Groningen - Delfzijl km 15,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bedum krijgt net als verschillende andere plaatsen die bij de derde periode van staatsaanleg van een station zijn voorzien een standaard stationsgebouw. Tegelijkertijd met de spoorlijn Groningen - Delfzijl nemen de Staatsspoorwegen in juni 1884 het station van Bedum in gebruik. Het dorp krijgt hetzelfde standaard stationsgebouw als bijna tien andere dorpen in Groningen en Friesland. Het eenvoudige gebouw kent een laag middendeel parallel aan het spoor en twee verschillende eindgebouwen haaks op het spoor.

Van dit type stationsgebouw blijft alleen het gebouw van Loppersum bewaard. De overige gebouwen verdwijnen vrijwel allemaal tijdens de grote sanering van het spoorwegnet en overbodige gebouwen in de jaren '70. Het stationsgebouw van Bedum maakt in 1975 plaats voor een standaard abri.

 



De zwartgeverfde sextant van Beek-Elsloo op 5 december 2015.
Station Beek-Elsloo
Bk
Opening: 21 november 1865
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 mei 1940  
Sluiting: 4 mei 1947  
Heropening: 14 mei 1950  
Spoorlijn(en): Maastricht - Venlo km 13,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tegelijkertijd met het baanvak Venlo - Maastricht als onderdeel van Staatslijn E nemen de Staatsspoorwegen in november 1865 station Beek-Elsloo in gebruik. Het stations is net als bijna tien andere plaatsen aan de lijn voorzien  een standaard Waterstaatsstation van het type vijfde klasse. Al in 1885 is het gebouw voorzien van twee lage zijvleugels. In 1911 is het middendeel met een verdieping verhoogd.

Om de treindienst op de verbinding te versnellen sluit NS in 1938 alle stations tussen Sittard en Maastricht. Van mei 1940 tot oktober 1941 en van juli 1945 tot mei 1947 stoppen er weer treinen in Beek-Elsloo. In mei 1950 neemt NS Beek-Elsloo weer op in de dienstregeling.

Het stationsgebouw van Beek-Elsloo is in 1975 gesloopt om plaats te maken voor een eenvoudig standaard stationsgebouw van het type sextant. Inmiddels is het gebouw in gebruik als snackbar en is de gehele buitenzijde zwartgeschilderd. Het omvangrijke stationsemplacement is de laatste jaren gereduceerd tot twee perronsporen.

De abri op het voorplein van station Beesd op 28 december 2014.
Station Beesd
Bsd
Opening: 1 december 1883
 
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 51,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Voor de aanleg van de staatslijn tussen Dordrecht en Elst maken de Staatsspoorwegen bij de bouw van stations gebruik van diverse standaardontwerpen. Beesd, Echteld en Wadenooyen krijgen in 1881 een asymetrisch gebouw met een hoog middendeel en een korte hoge- en een langere lage zijvleugel. Het gebouw biedt ruimte aan een woning en enkele lokalen voor de stationsdienst. Terwijl Echteld en Wadenooyen al voor de Tweede Wereldoorlog uit het Spoorboekje verdwijnen, blijft het station van Beesd in gebruik.

Het stationsgebouw maakt in 1985 plaats voor een eenvoudige wachtruimte. Het bouwwerk heeft dezelfde stijl als in diezelfde periode gebouwde voorstadshaltes als Doetinchem De Huet en Deventer Colmschate. In tegenstelling tot deze haltes krijgt Beesd geen verdere voorzieningen. Het gebouwtje heeft een gelijksoortig stalen draagconstructie en een karakteristieke dakconstructie met zowel aan de perronzijde als de straatzijde een knik. In 2004 zijn de stenen muren verwijderd en blijft alleen de stalen constructie en het dak behouden. In 2013 is de constructie gesloopt en vervangen door een standaard abri.

Het stationsgebouw van Beilen op 29 oktober 2016.
Station Beilen
Bl
Opening: 1 mei 1870
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 juni 1940  
Spoorlijn(en): Meppel - Groningen km 33,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Wanneer begin jaren '60 van de 19e eeuw de bouw van de zogenaamde Waterstaatstations in volle gang is, worden in de tussentijd diverse nieuwe standaardontwerpen gemaakt. Zo komt er in 1864 een nieuw ontwerp voor het zeer kleine standaardstation van het type vijfde klasse. Bij het nieuwe ontwerp zijn de beide zijvleugels twee keer breder dan bij het eerste ontwerp. Ook krijgen de ramen en deuren een moderner uiterlijk. Gebouwen van het nieuwe type vijfde klasse verschijnen bij verschillende stations in Friesland en Drenthe. Zo krijgt ook Beilen bij de ingebruikname van Staatslijn C in mei 1870 een stationsgebouw van het vernieuwde type vijfde klasse.

Om de dienstregeling te versnellen, sluit NS station Beilen in mei 1938. Ruim twee jaar later keert het station terug in het Spoorboekje.

Precies honderd jaar na de opening is het oude stationsgebouw van Beilen gesloopt en vervangen door eenvoudige nieuwbouw. NS begint die periode met het vervangen van verouderde, vaak te grote, inefficiënte stationsgebouwen door zo goedkoop mogelijke standaardgebouwtjes. De gebouwen bevatten enkel de noodzakelijke dienstruimten en een wachtruimte. Het rechthoekige stationsgebouw bestaat uit betonsteen, houten kozijnen en houten liggers. Het stationsgebouw van Beilen is in 1970 de eerste van een reeks van bijna twintig dezelfde gebouwen die in de periode 1973-1980 in vergelijkbare plaatsen zijn neergezet.

 



Station Best op 20 september 2015.
Station Best
Bet
Opening: 1 juli 1866
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 10 juni 1940  
Spoorlijn(en): Breda - Eindhoven km 48,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de opening van het baanvak Boxtel - Eindhoven van Staatslijn E in juli 1866 krijgt Best een standaard stationsgebouw van het type vijfde klasse. Het gebouw heeft hoog middendeel met puntgevel dan aan de perronzijde naar voren staat en twee korte zijgevels. Net als een groot aantal soortgelijke stationsgebouwen is ook het stationsgebouw van Best vergroot. In 1882 krijgt het gebouw twee lage zijvleugels. Later is het middendeel van een extra verdieping voorzien. Om de dienstregeling tussen Utrecht en Eindhoven als onderdeel van het zogenaamde Middennet te versnellen, sluit NS het station in 1938. In 1940 is het station weer in gebruik genomen.

Het stationsgebouw ontkomt in de jaren '70 niet aan de sloopwoede bij NS. Het gebouw is in 1975 gesloopt om plaats te maken voor eenvoudige nieuwbouw. Net als een groot aantal vergelijkbare plaatsen komt ook in Best een zogenaamde tweekamerbungalow met de uiterst noodzakelijke voorzieningen. NS neemt het nieuwe stationsgebouw in 1977 in gebruik.

Na 23 jaar is het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor de spoorverdubbeling tussen Boxtel en Eindhoven. Het viersporige baanvak is ter hoogte van Best verdiept en ligt bij het station grotendeels ondergronds. Boven de toegang tot de twee eilandperrons komt een opvallend groot glazen ontvangstgebouw. In het gebouw is ruimte voor een horecagelegenheid. Het complex is in 2002 in gebruik genomen.

Zijaanzicht van het stationsgebouw van Beverwijk op 24 augustus 2014.
Station Beverwijk
Bv
Opening: 1 mei 1867
Spoorlijn(en): Haarlem - Uitgeest km 11,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In mei 1867 neemt de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij de spoorlijn tussen Uitgeest en Haarlem in gebruik. Voor het, dan nog enige tussenstation in Beverwijk heeft de HSM een groot stationsgebouw in gedachten. Het hoge middendeel van het ontwerp heeft een veelhoekige plattegrond en zowel aan straat- als perronzijde grote halfronde kappen. Omdat het sierlijke ontwerp veel te duur blijkt, laat de HSM in eerste instantie een eenvoudig laag houten gebouw met een eenvoudige rechthoekige plattegrond en alleen de noodzakelijke voorzieningen neerzetten. Nog geen drie jaar na de opening is het gebouw vergroot en aan de perronzijde voorzien van een grote luifel. In 1899 krijgt het station een eilandperron met een perronkap als in Santpoort Zuid aan dezelfde lijn. Het zogenaamde hulpstation doet echter meer dan 90 jaar dienst en wordt pas vervangen nadat het emplacement door de opening van de Velsertunnel in 1957 geheel vernieuwd is. Omdat eerst het oude emplacement opgeruimd moet worden, maken reizigers de eerste jaren na de opening van de Velsertunnel gebruik van de twee nieuwe overdekte eilandperrons en het oude houten stationsgebouw.

In 1960 neemt NS het nieuwe station in gebruik. Het L-vormige ontvangstgebouw vormt de schakel tussen het nieuwe stationsplein en de tunnel naar de perrons. Aan de straatzijde krijgt het ontvangstgebouw van het station een glazen pui met een grote luifel. De lage vleugel die haaks op het stationsgebouw staat is ter hoogte van de stationsrestauratie nog open en bij de fietsenstalling grotendeels gesloten uitgevoerd. Aan de linkerkant van het gebouw komt een hoge schoorsteen annex klokkentoren. Het bouwwerk heeft een opvallende driehoekige plattegrond. Na de opening van het nieuwe station is het 'tijdelijke' station uit 1867 gesloopt.

In de loop der tijd zijn diverse glazen delen van de gevel afgeplakt. Rond de eeuwwisseling is het open deel onder de luifel aan de rechterzijde van het ontvangstgebouw ook van een glazen pui voorzien om meer bedrijfsruimte te creëren.

 



Station Bilthoven op 26 januari 2014. Op dat moment wordt aan de oostzijde van het station een fiets- en voetgangerstunnel aangelegd.
Station Bilthoven
Bhv
Opening: 20 augustus 1863
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 8,9
  Bilthoven - Zeist km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1863 neemt de Nederlandsche Centraal Spoorweg Maatschappij de spoorlijn Utrecht - Hattemerbroek in gebruik. De meeste stations langs de zogenaamde Centraalspoorweg krijgen een standaard stationsgebouw. De Bilt en Hulshorst krijgen een klein rechthoekig haltegebouw. Al in 1876 krijgen beide stationsgebouwen een extra verdieping waarna de complete benedenverdieping alleen nog voor de stationsdiensten bestemd is.

Rond de eeuwwisseling krijgen diverse stations aan de Centraalspoorweg een nieuw breed eilandperron. Met de opening van de lijn naar Zeist verhuizen ook de stationsvoorzieningen van De Bilt in 1901 naar het nieuwe eilandperron. Op het perron komt een stalen constructie die, in de vorm van twee gebouwen, is opgevuld met baksteen. In het ene gebouw komen loketten en een goederenafdeling en in het andere gebouw de wachtruimtes en toiletten. De rest van de constructie vormt de overkapping van een deel van het perron. Een jaar eerder is ook de nieuwe woning van de stationschef gereed. Het oude stationsgebouw is vervolgens in 1907 gesloopt. Enkele jaren later is de kap aan beide zijden van het perron aanzienlijk verlengd. In 1918 is het station vernoemd naar het dorp dat rond het station is ontstaan: Bilthoven.

Zowel begin jaren '60 als eind jaren '90 zijn de perrongebouwen ingrijpend verbouwd. Rond 2013 gaat een groot deel van de stationsomgeving op de schop om ruimte te maken voor een nieuwe onderdoorgang die tevens toegang biedt tot het perron. Om ruimte te maken voor de nieuwe onderdoorgang is de woning van de stationschef uit 1900 in 2012 gedemonteerd. In 2015 is de woning in het Spoorwegmuseum weer opgebouwd.

Het brede middenperron van Blerick op 9 november 2014.
Station Blerick
Br
Opening: 1 oktober 1866
Spoorlijn(en): Venlo - Eindhoven km 1,3
Nijmegen - Venlo km 76,6
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In oktober 1866 nemen de Staatsspoorwegen tegelijkertijd met de spoorlijn Eindhoven - Venlo de halte Blerick in gebruik. Twee jaar later krijgt de halte een eenvoudig stationsgebouw. In het lage gebouw zijn een woning en enkele lokalen voor de stationsdienst ondergebracht.

Vanaf 1883 maken ook de treinen van de staatslijn tussen Nijmegen en Venlo gebruik van de halte. In de daaropvolgende jaren breiden de Staatsspoorwegen het emplacement ten behoeve van het goederenvervoer steeds verder uit en wordt in de splitsing van beide spoorlijnen een wagenwerkplaats in gebruik genomen. Hiermee groeit ook het belang van het station. In 1892 krijgt Blerick een nieuw stationsgebouw. Het hoge rechthoekige gebouw staat op een breed eilandperron. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakt het gebouw zwaar beschadigd en is het gesloopt.

In 1960 neemt NS op het eilandperron een nieuw stationsgebouw in gebruik. Het gebouw is de grootste variant van het zogenaamde standaardtype Vierlingsbeek. De gebouwen van dit type bestaan uit een betonskelet bekleed met gele bakstenen. De ramen zitten in stalen kozijnen. Na het verdwijnen van de laatste stationsdiensten is het gebouw in 2001 gesloopt. Op het brede eilandperron staan nu enkel een eenvoudige abri en een opvallend groot stationsnaambord.

 



 Station Bloemendaal op 24 augustus 2014.

Na de opening van de spoorlijn Haarlem - Uitgeest in 1867 fungeert de dubbele wachterswoning bij de Keverlaan als stationsgebouw van Bloemendaal. In 1900 neemt de HSM 750 meter noordelijker het definitieve stationsgebouw in gebruik. Het gebouw heeft een hoog middendeel en twee lage zijvleugels van verschillende lengtes. Aan de straatzijde is het middendeel asymmetrisch en aan de perronzijde is de gevel symmetrisch. Zes jaar na de opening is de linker zijvleugel die in gebruik is als bagagedepot drie keer zo lang gemaakt. Begin jaren '30 krijgt het station een overdekt eilandperron, bereikbaar via een nieuwe reizigerstunnel.

De dubbele wachterswoning blijft na de opening van het stationsgebouw in gebruik als wachterswoning en bestaat nog altijd. Het stationsgebouw zelf is in 2009 zoveel mogelijk in oude staat hersteld en na jarenlange leegstand heropend als vergaderlocatie.

 

 



Het derde stationsgebouw van Bodegraven met de opvallende toren op 26 mei 2018.

Bodegraven krijgt bij de opening van de spoorlijn Woerden - Leiden in 1878 een eenvoudig rechthoekig stationsgebouw. Het gebouw van twee verdiepingen heeft een opvallend hoog wolfdak dat het gebouw een rustieke landelijke uitstraling geeft. De ingang van het gebouw bevindt zich in de zijgevel. In Hazerswoude-Koudekerk en Zwammerdam komt tegelijkertijd een stationsgebouw van hetzelfde ontwerp. Eind 1893 is het gebouw zodanig verzakt dat het onbruikbaar is geworden.

In 1894 krijgt Bodegraven een geheel nieuw stationsgebouw. Het gebouw is asymmetrisch en krijgt naast een hoog middendeel met puntgevel aan de linkerzijde een hoge zijvleugel. De rechter zijvleugel is een verdieping lager. In september 1911 brandt het stationsgebouw af.

Twee jaar later is het derde stationsgebouw van Bodegraven in gebruik genomen. Het nieuwe gebouw heeft opnieuw een hoog linker deel, ditmaal zonder puntgevel, en een lager rechter deel dat is voorzien van een hoog dak. Voor de linkerhoek staat een opvallende grote toren met een hoge spits. In de toren bevindt zich het trappenhuis van de woning. In 1996 is de goederenloods die in de jaren '30 aan het gebouw is toegevoegd, gesloopt om plaats te maken voor een nieuw politiebureau.

 



Station Borne op 30 mei 2015.
Station Borne
Bn
Opening: 18 oktober 1865
 
Spoorlijn(en): Almelo - Oldenzaal - Salzbergen km 10,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Spoorweg-Maatschappij Almelo-Salzbergen neemt in oktober 1865 de spoorlijn tussen Almelo, Hengelo en het Duitse Salzbergen in gebruik. In Borne komt een rijkversierd stationsgebouw. Het gebouw wijkt af van wat tot dan toe in Nederland gebruikelijk is en doet eerder typisch Duits aan. Het stationsgebouw heeft een hoog en breed middendeel met puntgevel en opvallende schoorsteen en twee verschillende lage zijvleugels. In de linkervleugel bevindt zicht de wachtkamer. De vensters en deurpanelen van de zijvleugel is net als het middendeel uitgevoerd in rondboogstijl De rechtervleugel is langer en herbergt een goederenloods. De vensters en deurpanelen zijn hier uitgevoerd in een aan de neogotiek verwante stijl. Al in 1882 is het stationsgebouw dusdanig verbouwd dat van het originele stationsgebouw nog weinig zichtbaar is. Bij de verbouwing is de linkervleugel met een verdieping verhoogd en komt er een lage aanbouw aan de zijkant. Ook de goederenloods is bij de verbouwing aanzienlijk vergroot. In de loop der jaren verdwijnen de meeste versieringen en is het gebouw geheel witgepleisterd.

In 1975 maakt het unieke stationsgebouw net als in veel vergelijkbare plaatsen plaats voor een standaardontwerp van NS. De zogenaamde tweekamerbungalow kent enkel de noodzakelijke dienstruimten en een wachtruimte. Het rechthoekige stationsgebouw bestaat uit betonsteen, houten kozijnen en houten liggers.

De karakteristieke perrongevel van station Boskoop op 26 december 2017.

Bij de aanleg van de spoorlijn Gouda - Alphen aan den Rijn laten de Nederlandse Spoorwegen in Waddinxveen en Boskoop strak vormgegeven stationsgebouwen neerzetten bestaande uit een staalskelet, opgevuld met baksteen. Beide stations zijn bij de opening van de spoorlijn in oktober 1934 in gebruik genomen. Het stationsgebouw van Boskoop heeft een relatief hoog, naar voren staand middendeel met plat dak. De gevel bestaat voor een groot deel uit glas. Aan de perronzijde is de stationsnaam in opvallend grote letters aangebracht. In dit deel en de lage linker zijvleugel zijn de reizigersvoorzieningen ondergebracht. In de rechter zijvleugel, die langer is dan de linker vleugel, bevindt zich een goederenloods. Ook beide vleugels hebben een plat dak.

De verbouwde goederenloods in Boskoop op 26 december 2017.Nog geen jaar na de opening van het station is een grote goederenloods naast het stationsgebouw neergezet. De lange loods is in dezelfde stijl als het stationsgebouw ontworpen. Het platte dak steekt uit aan zowel de spoor- als de straatzijde.

Zowel de goederenloods als het stationsgebouw krijgen in de loop der jaren verschillende bestemmingen en zijn regelmatig verbouwd. Zo krijgt de loods nadat deze niet langer voor het goederenvervoer in gebruik is een uitbouw langs de gehele spoorzijde. De loods is in gebruik als antiekhandel. De glazen gevel van het stationsgebouw is grotendeels dicht gemaakt. In 2015 en 2016 is het gebouw echter zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat teruggebracht. Het gebouw is inmiddels in gebruik als horecagelegenheid.

 



De halte Boskoop Snijdelwijk op 26 december 2017, zo'n twee weken na de opening.

In 2011 legt ProRail een kilometer ten zuiden van het bestaande station van Boskoop de ruwbouw van de halte Boskoop Snijdelwijk aan. De halte is bestemd voor de RijnGouweLijn, de geplande lightrailverbinding tussen Gouda, Alphen aan den Rijn, Leiden en Katwijk. Enkele jaren later is het project afgeblazen waardoor de spoorlijn Gouda - Alphen aan den Rijn als treinverbinding in gebruik blijft. Vanaf december 2016 rijdt NS de treinen op de verbinding onder de vlag van R-NET. Hoewel het de bedoeling is om dan ook de halte Snijdelwijk in gebruik te nemen, is het lage betonnen perron pas in de zomer van 2017 afgebroken om plaats te maken voor een hoog, traditioneel perron. In december 2017 stoppen de eerste treinen bij de halte Boskoop Snijdelwijk. Het eenvoudige hooggelegen perron en de licht vloeiende hellingbaan zijn afgewerkt met baksteen.

 



 
Station Boven-Hardinxveld op 22 juli 2012.
Station Boven-Hardinxveld
Bhdv
Opening: 16 juli 1885
 
Sluiting: 15 mei 1934  
Heropening: 16 april 2012  
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 77,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juli 1885 wordt tegelijkertijd met het baanvak Dordrecht - Geldermalsen van de Betuwelijn de halte Bulersteeg in gebruik genomen. De halte krijgt niet meer dan een eenvoudig houten wachthokje. In 1927 wijzigt de naam van de halte in Boven-Hardinxveld. Zeven jaar later is de halte gesloten.

In april 2012 neemt Arriva aan de andere zijde van de weg de gelijknamige halte opnieuw in gebruik. Ook nu is de halte enkel van twee, ditmaal glazen, abri's voorzien.

Het perron van de halte Bovenkarspel Flora op 22 juli 2012.
Station Bovenkarspel Flora
Bkf
Opening: 6 juni 1885
Sluiting: 15 mei 1838  
Heropening: 1 juni 1940  
Sluiting: 20 mei 1941  
Heropening: 30 maart 1976  
Spoorlijn(en): Zaandam - Enkhuizen km 47,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tegelijkertijd met de opening van de spoorlijn Zaandam - Enkhuizen openen de Staatsspoorwegen in 1885 ten oosten van Bovenkarspel de stopplaats Broekerhaven. Net als de meeste haltes uit die tijd, krijgt de halte behalve een perron geen andere voorzieningen. In 1938 wordt de halte gesloten. Hierna stoppen er in 1940 en 1941 weer enkele maanden treinen.

Na de oorlog neemt NS op dezelfde plek de evenementenhalte Floraweg in gebruik. Alleen tijdens de Westfriese Flora stoppen treinen bij de halte. In 1977 neemt NS de halte weer in de normale dienstregeling op. Hierbij wijzigt de naam van de halte in Bovenkarspel Flora. Naast het perron komt een wachtruimte. Halverwege de jaren '80 is voor de verkoop van treinkaartjes een keet neergezet. Deze is echter enkele jaren later weer verwijderd.

 

Het stationsgebouw van Bovenkarspel-Grootebroek op 7 april 2012.
Station Bovenkarspel-Grootebroek
Bkg
Opening: 6 juni 1885
Spoorlijn(en): Zaandam - Enkhuizen km 46,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Het station Bovenkarspel-Grootebroek is in 1885 gelijktijdig met de spoorlijn Zaandam - Enkhuizen geopend. Het station krijgt een standaard stationsgebouw dat in meerdere plaatsen langs spoorlijnen uit de derde Staatsaanleg verschijnt. De nieuwe gebouwen zijn minder streng, vaak asymmetrisch en levendig versierd. In navolging van het stationsgebouw van Hemmen-Dodewaard laten de Staatsspoorwegen langs de lijnen Amersfoort - Kesteren - Nijmegen, Nijmegen - Venlo en Zaandam - Enkhuizen in een periode van vier jaar maar liefst 17 stationsgebouwen in negen varianten van het ontwerp van 'Hemmen' bouwen. Het asymmetrische gebouw heeft een hoog middendeel, een korte zijvleugel aan de linkerzijde en een langere vleugel aan de rechterzijde. Het hoge deel heeft aan drie kanten een trapgevel.

In 1965 is het gebouw, net als het soortgelijke gebouw in Hoogkarspel, gesloopt om plaats te maken voor een eenvoudiger standaardontwerp. Hoewel NS dan al in verschillende plaatsen een nieuw standaardontwerp neerzet, wordt in Hoogkarspel en Bovenkarspel-Grootebroek teruggegrepen op een ruime uitvoering van het type Vierlingsbeek. Het gebouw bestaat uit een betonskelet bekleed met gele bakstenen.

In 2005 sluit NS het loket. Vijf jaar later opent in het stationsgebouw een vestiging van Primera.

 

 

Het monumentale stationsgebouw van Boxmeer op 13 mei 2017.
Station Boxmeer
Bmr
Opening: 1 juni 1883
 
Spoorlijn(en): Nijmegen - Venlo km 41,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de tweede en derde aanlegperiode van de aanleg van spoorwegen door de Staat, wordt net als bij de eerste Staatsaanleg bij de bouw van de stationsgebouwen weer gebruik gemaakt van een aantal standaardontwerpen. De nieuwe gebouwen zijn minder streng, vaak asymmetrisch en levendig versierd. In navolging van het stationsgebouw van Hemmen-Dodewaard laten de Staatsspoorwegen langs de lijnen Amersfoort - Kesteren - Nijmegen, Nijmegen - Venlo en Zaandam - Enkhuizen in een periode van vier jaar maar liefst 17 stationsgebouwen in negen varianten van het ontwerp van 'Hemmen' bouwen.

De zuidelijke zijgevel van station Boxmeer. In het midden staat de voormalige vrouwensalon. Links is de kleine overkapping te zien. Boxmeer, 13 mei 2017.In juni 1883 nemen de Staatsspoorwegen de spoorlijn Nijmegen - Venlo in gebruik. Boxmeer en Venray krijgen hierbij een groot stationsgebouw van exact hetzelfde ontwerp. Het asymmetrische gebouw heeft een hoog deel dat samen met de korte rechter zijvleugel als woning dient. Net als de andere stations aan de Maaslijn krijgt het middeldeel een trapgevel. Rechts van het middendeel komt een portiek met een stenen trap die toegang biedt tot de woning. In het brede lage deel aan de linkerzijde bevindt zich de hoofdingang en de stationshal met wachtkamers. Aan de linker vleugel komt bovendien een lagere uitbouw die dient als speciale 'damessalon' vanwege het nabijgelegen klooster. Boven de hoofdentree komen opvallend hoge glas-in-lood reamen. Het dak van het gebouw is gedekt met blauwe en rode Echtse pannen die in figuren zijn gelegd. Op het dak staan verschillende rijkversierde schoorstenen. Aan de spoorzijde komen aan beide zijden van het middendeel overkappingen. Bij het station komt een bijgebouw met toiletten en een berging.

Deel van het interieur van de 'nieuwe' stationshal van station Boxmeer op 13 mei 2017.In de loop der jaren is de indeling van het stationsgebouw regelmatig aangepast aan de eisen van de tijd. Rond 1900 maakt de trapgevel plaats voor een eenvoudige puntgevel. Na de Tweede Wereldoorlog is de buitenzijde witgepleisterd. In 1965 zijn de bijgebouwen gesloopt. Tien jaar later is het gebouw benoemt tot Rijksmonument.

In de jaren '90 zijn de laatste stationsfuncties ondergebracht in een kiosk. In 2014 is het stationsgebouw zowel aan de binnen- als de buitenzijde opgeknapt. Tussen de hoofdentree en de perrons komt een 'nieuwe' stationshal die toegang biedt tot de kiosk en een nieuwe cafetaria. In de hal is lambrisering uit de oude wachtkamers aangebracht. Ook staan er enkele houten banken.

De voorzijde van station Boxtel op 9 augustus 2014.
Station Boxtel
Btl
Opening: 1 mei 1865
Spoorlijn(en): Breda - Eindhoven km 48,8
  Utrecht - Boxtel km 60,1
  Boxtel - Wesel km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Vooruitlopend op de aanleg van de staatslijnen Tilburg - Eindhoven en de aansluitende lijn vanuit Den Bosch laten de Staatsspoorwegen al verschillende stationsgebouwen neerzetten. Het stationsgebouw van Boxtel is in 1863 gereed en wordt in mei 1865 tegelijkertijd met het eerstgenoemde baanvak in gebruik genomen. Het dorp krijgt een standaardstation van het type vierde klasse. Het hoge rechthoekige gebouw kent een enigzins verhoogd middendeel met puntgevel aan zowel straat- als perronzijde. Het zogenaamde Waterstaatstation is zeven jaar na de opening alweer vervangen door een nieuw stationsgebouw. Het nieuwe gebouw komt op een nieuw breed eilandperron en kent een hoog middendeel en twee opvallend lange lage zijvleugels. Aan de zijde van het dorp heeft het middendeel een kleine puntgevel. Langs het hele gebouw is aan beide zijden een luifel aangebracht. Volgens de overlevering komt aan de zijde van het dorp de marquise die oorspronkelijk op het stationsgebouw Vlissingen-Stad zit en komt aan de andere zijde de luifel van het opgeheven station van de Staatsspoorwegen in Utrecht. In 1890 is de linkervleugel verlengd met toiletruimtes.

Het stationsgebouw is in 1998 gesloopt om plaats te maken voor de uitbreiding van het emplacement. Hierbij krijgt Boxtel een tweede eilandperron. Beide perrons zijn via een brede, grotendeels glazen traverse verbonden met beide zijden van het emplacement. Aan de zijde van het dorp komt een ruim opgezet rechthoekig ontvangstgebouw. Het grootste deel van het gebouw is in gebruik als fietsenstalling. Ook is er een wachtruimte aan de straatzijde. Het nieuwe stationsgebouw is in 2000 in gebruik genomen.

 Het derde 'stationsgebouw' van Breukelen op 28 maart 2014.

Net als veel andere stations en haltes aan de Rhijnspoorweg krijgt ook Breukelen bij de opening van de spoorlijn in 1843 geen echt stationsgebouw. De NRS zet in 1872 alsnog een stationsgebouw in Breukelen neer. Het symmetrische gebouw bestaat uit een laag middendeel met twee eindgebouwen van anderhalve verdieping die haaks op het middendeel staan.

In 1980 vervangt NS het stationsgebouw als één van de laatste kleinere stationsgebouwen door een eenvoudig standaardontwerp. Breukelen krijgt dat jaar, net als diverse vergelijkbare gemeenten in de voorgaande jaren, een zogenaamde tweekamerbungalow met de noodzakelijke voorzieningen. Het rechthoekige stationsgebouw bestaat uit betonsteen, houten kozijnen en houten liggers.

In 2001 is het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor spoorverdubbeling tussen Amsterdam en Utrecht. Het nieuwe station is in 2009 gereed. Onder de sporen komen een langzaamverkeerroute en een watergang. Ook staan hier de kaartautomaten en is via een trap en een lift het gedeeltelijk overdekte eilandperron te bereiken. Op het stationsplein staat een driehoekig, grotendeels glazen gebouw met wachtruimte voor busreizigers en een ruimte voor buspersoneel. De driehoekige kap van het gebouwtje loopt tot de tunnel onder de sporen.

 

 

Station Brummen op 6 oktober 2013.
Station Brummen
Bmn
Opening: 2 februari 1865
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 19 oktober 1940  
Sluiting: 27 september 1944  
Heropening: 18 mei 1952  
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 20,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als een groot aantal vergelijkbare plaatsen aan de lijnen van de eerste Staatsaanleg krijgt Brummen aan Staatslijn A begin jaren '60 van de negentiende eeuw een standaard stationsgebouw van het type vijfde klasse. Het station met hoog middendeel met puntgevel en korte terugspringende hoge zijvleugels is in februari 1865 in gebruik genomen. Datzelfde jaar besluiten de Staatsspoorwegen de vier tussenstations aan Staatslijn A tussen Arnhem en Zutphen te vergroten om zo wachtkamers van verschillende klassen te realiseren. De stations Velp, De Steeg, Dieren-Doesburg en Brummen krijgen een laag voorhuis dat in Brummen om het middendeel en de linker zijvleugel is gebouwd. In 1917 is het middendeel van de vier stations met een verdieping verhoogd.

Om de dienstregeling op de IJssellijn te versnellen wordt het station van Brummen in 1938 gesloten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stoppen weer enkele jaren treinen in Brummen. In 1952 keert Brummen definitief terug in het Spoorboekje. Het stationsgebouw is in 1970 gesloopt. Van 1987 tot 1995 is er een portacabin voor de kaartverkoop aanwezig. Hierna rest alleen een glazen wachtruimte.

 

 

 

Station Buitenpost op 7 maart 2020.
Station Buitenpost
Bp
Opening: 1 juni 1866  
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 50,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de opening van Staatslijn B in 1864 is Buitenpost voorzien van een Waterstaatstation van het type vierde klasse. In 1899 is het gebouw uitgebreid met een lage vleugel.

NS vervangt het vervallen stationsgebouw in 1973 door een standaardontwerp dat diezelfde periode een groot aantal vergelijkbare ondoelmatige stationsgebouwen vervangt. De zogenaamde tweekamerbungalow is alleen voorzien van de noodzakelijke ruimtes.In het kader van de modernisering van het baanvak Groningen - Leeuwarden krijgen beide perrons eind jaren '90 een gebogen kap.

De passerelle van Buitenpost op 7 maart 2020. Op de linkerkolom is een molen te zien die door roestvorming pas enige tijd na de oplevering tevoorschijn is gekomen.Eind 2016 is het stationsgebouw opgeknapt en is de stationsomgeving aangepakt. Hierbij krijgt Buitenpost een opvallende brug naar de andere zijde van het spoor. De passerelle sluit in vormgeving aan op het stationsgebouw. De buitenzijde van de constructie is van geperforeerd cortenstaal, de binnenzijde van aluminium. Hier zijn verschillende afbeeldingen uit de historie van de gemeente Achtkarspelen te zien. Door roestvorming komen in de loop der jaren aan de buitenzijde ook twee afbeeldingen naar voren.

 

 
Station Bunde op 3 mei 2014.
Station Bunde
Bde
Opening: 21 november 1865
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 mei 1940  
Sluiting: 4 mei 1947  
Heropening: 14 mei 1950  
Spoorlijn(en): Maastricht - Venlo km 6,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tegelijkertijd met de opening van het baanvak Venlo - Maastricht als onderdeel van Staatslijn E in november 1865 nemen de Staatsspoorwegen station Bunde in gebruik. Het dorp krijgt net als bijna tien andere plaatsen aan de lijn een standaard Waterstaatsstation van het type vijfde klasse. In 1911 is de rechtervleugel vier keer groter gemaakt.

Om de dienstuitvoering op de verbinding te vereenvoudigen sluit NS in 1938 alle stations tussen Sittard en Maastricht. In mei 1940 zijn de stations Bunde, Beek-Elsloo en Geleen-Lutterade echter weer heropend. In mei 1947 zijn de drie stations opnieuw gesloten. Drie jaar later neemt NS ze opnieuw in gebruik.

Het stationsgebouw van Bunde is in 1964 gesloopt om plaats te maken voor een eenvoudig standaard stationsgebouw. Het gebouw krijgt de gebruikelijke ruimten als loketten, een wachtkamer en een bloktoestel. Het lage rechthoekige gebouw is vrijwel geheel transparant. Aan de straatzijde komt, net als bij soortgelijke gebouwen uit die tijd, een bakstenen muur met daarop een kunstwerk.

Het stationsgebouw is in 2005 gesloopt. Sindsdien heeft Bunde een opvallend groot en leeg stationsplein.

 



 
De nieuwe tunnel en toegang tot de perrons in Bunnik op 14 april 2018.
Station Bunnik
Bnk
Opening: 28 mei 1972
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Elten km 42,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1884 neemt de NRS aan de Rhijnspoorweg station Bunnik in gebruik. In 1901 is het station voorzien van een klein stationsgebouw. Naast een loket met kantoortje krijgt het asymmetrische gebouwtje twee wachtkamers. In 1938 wordt de halte gesloten. Het stationsgebouwtje is pas na het beëindigen van het goederenvervoer twintig jaar later gesloopt.

In 1972 neemt NS 800 meter ten westen van het vorige station het nieuwe station van Bunnik in gebruik. Als enige voorziening komt op één van de zijperrons een glazen wachtruimte. In 1987 is er een barak voor de kaartverkoop bijgezet. Na het sluiten van het loket in 2004 is deze weer verwijderd. In 2016 wordt een tunnel voor fietsers en voetgangers onder het station in gebruik genomen. Voor de toegang naar de perrons komen er twee liften.



De sextant van Bussum Zuid met de oude loopbrug op 7 juni 2015.
Station Bussum Zuid
Bsmz
Opening: 22 mei 1966
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 23,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

NS opent in 1966 aan de Gooilijn de nieuwe voorstadshalte Bussum Zuid. In 1970 is ook het bijbehorende stationsgebouw van het type sextant gereed. NS laat in de periode 1968-1979 zestien soortgelijke standaard stationsgebouwen bouwen. De meeste exemplaren zijn inmiddels alweer gesloopt.

Voor de verbinding tussen beide perrons is net als in het nabijgelegen Hilversum NOS (later Noord en Media Park) en Putten een eenvoudige loopbrug neergezet. In januari 2015 is bij de halte een nieuwe traverse geplaatst. De nieuwe verbinding kent naast trappen ook liften. Ruim een half jaar later wordt de nieuwe traverse in gebruik genomen en wordt de oude loopbrug, net als enkele jaren eerder in Hilversum, verwijderd.

De nieuwe traverse van Bussum Zuid, gezien vanaf de oude brug. 7 juni 2015. De opgeknapte sextant in Bussum Zuid, 7 juni 2015.



 

Het stationsgebouw van Capelle Schollevaar op 30 juni 2018. 

Net als Nieuwerkerk krijgt Capelle aan den IJssel in 1855 een station aan de  NRS-lijn Utrecht - Rotterdam. In 1935 sluit NS het station en in 1953 wordt het oude tracé verlaten voor een nieuwe verbinding tussen Nieuwerkerk en Rotterdam.

De explosieve groei van Capelle in de richting van de nieuwe spoorlijn zorgt ervoor dat NS in 1981 het nieuwe station Capelle Schollevaar, genoemd naar de nabijgelegen wijk, in gebruik neemt. In verband met de hooggelegen spoordijk krijgt het station twee bouwlagen. Op de benedenverdieping zijn de loketten en andere winkels en de voetgangerstunnel die beide zijperrons verbindt. Op de verdieping bevinden zich de gedeeltelijk overkapte perrons en wachtruimten. Tussen het zuidelijke perron en het nabijgelegen winkelcentrum komt een voetgangersbrug. Deze is enkele jaren na de eeuwwisseling echter gesloopt.

 



Het stationsgebouw van Castricum op 15 april 2017. Exact drie jaar later is het gebouw gesloopt.
Station Castricum
Cas
Opening: 1 mei 1867
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 53,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In mei 1867 wordt het traject Alkmaar - Uitgeest van de staatslijn Nieuwe Diep - Amsterdam in gebruik genomen. Langs het noordelijke deel van de staatslijn komen standaard stationsgebouwen van de eerste generatie zogenaamde Waterstaatstations. Castricum krijgt een stationsgebouw van het type vijfde klasse. Het kleine rechthoekige gebouw heeft een middendeel met puntgevel dat zowel aan straat- als perronzijde iets naar voren staat en twee korte zijvleugels. Op de benedenverdieping is ruimte voor de hal, wachtkamer, kantoor en opslag en op de bovenverdieping is in gebruik als woning.

Net als de meeste stationsgebouwen van het type 5e klasse is ook het stationsgebouw van Castricum vergroot. In 1912 is de rechterzijde vergroot met een hoge rechthoekige aanbouw met een plat dak. De aanbouw staat nog iets verder naar voren dan het middendeel. Naast de aanbouw komt een lage aanbouw die weer wat verder naar achteren staat. Ook dit bouwdeel krijgt een plat dak.

Het stationsgebouw is in 1969 gesloopt om plaats te maken voor nieuw ontvangstgebouw. Het nieuwe rechthoekige gebouw is voornamelijk opgetrokken uit betonsteen. De kozijnen zijn niet in staal maar in hout uitgevoerd. In het gebouw zijn rondom de hal loketten, een restauratie, een bloemenkiosk en een VVV-kantoor ondergebracht. Ook is de bewaakte fietsenstalling in dezelfde stijl uitgevoerd. Naast het gebouw komt een eenvoudige stalen toren met daarin een carillon en een stationsklok.

In de loop der jaren wijzigt de inrichting van het stationsgebouw regelmatig. Het carillon is in 2012 tijdelijk verwijderd. In 2019 en 2020 wordt het complete stationsgebied gemoderniseerd. In april 2020 is het stationsgebouw geslopopt, waarna zowel de voor- als achterzijde boven de toegang naar reizigerstunnel een grote luifel krijgen. Ook keert het carillon terug op het stationsplein.

Station Chevremont op 3 november 2018.
Station Chevremont
Cvm
Opening: 15 mei 1949
Spoorlijn(en): Landgraaf - Simpelveld km 4,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1925 start de aanleg van de spoorlijn Schaesberg - Simpelveld. Wanneer NS de zogenaamde Miljoenenlijn in 1934 in gebruik neemt, wordt het personenvervoer niet langer rendabel geacht. De eenvoudige wachtruimtes met luifel op beide zijperrons van Chevremont worden, net als de andere inmiddels gebouwde stationsgebouwen langs de lijn, niet in gebruik genomen maar dichtgetimmerd.

In mei 1949 gaat het reizigersvervoer over de inmiddels enkelsporige Miljoenenlijn alsnog van start. Terwijl de wachtruimte op het bewaarde perron in gebruik wordt genomen, blijft de andere wachtruimte werkloos aan de overzijde van het spoor staan. Beide wachtruimtes zijn in 1960 gesloopt. Dat jaar wordt op het perron een eenvoudig rechthoekig stationsgebouwtje met loket en wachtruimte in gebruik genomen. Het gebouw krijgt aan de spoorzijde een luifel. In 2002 is ook dit gebouwtje gesloopt. Op de plek van het gebouw komt een kleine fietsenstalling.

 



Station Coevorden op 19 juli 2014.
Station Coevorden
Co
Opening: 1 juli 1905
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 55,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij neemt in juli 1905 het baanvak Hardenberg - Coevorden van de ruim honderd kilometer lange spoorlijn Zwolle - Stadskanaal in gebruik. De NOLS maakt bij de stations gebuik van een aantal standaardontwerpen en diverse varianten hierop. Coevorden krijgt echter een uniek stationsgebouw waarin elementen van diverse andere stationsgebouwen terugkomen. Het hoge middendeel lijkt in grote lijnen op dat van Mariënberg. De gevelindeling en -versiering wijken echter af. De lage aanbouw aan de linkerzijde is in spiegelbeeld van genoemd station uitgevoerd. De lange goederenloods aan de rechterzijde is het spiegelbeeld van de loods van Stadskanaal.

Het stationsgebouw is, in tegenstelling tot de meeste andere gebouwen langs de voormalige NOLS-lijn, in de jaren '70 in dusdanig slechte staat dat NS kiest voor nieuwbouw. In 1976 maakt het grote gebouw plaats voor een eenvoudig ingangsgebouw naar het verbrede eilandperron. Aan beide zijden van het pad naar het perron komen eenvoudige rechthoekige gebouwen. In één gebouw komen loketten en in het andere gebouw een kiosk. Beide gebouwen en het pad zijn met een opvallende kap overdekt. Op het perron komt een overkapping met daaronder een wachtruimte.

Vijf jaar na de opening van het station krijgt Coevorden in 1910 via de Bentheimer Eisenbahn ook een verbinding met Duitsland en laten de Staatsspoorwegen een goederen- en douaneloods bouwen. De oude goederenloods bestaat nog altijd en is in 2015 geheel gerenoveerd.

De straatgevel van het stationsgebouw van Cuijk op 1 mei 2021.
Station Cuijk
Ck
Opening: 1 juni 1883
 
Spoorlijn(en): Nijmegen - Venlo km 31,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de tweede en derde aanlegperiode van de aanleg van spoorwegen door de Staat, wordt net als bij de eerste Staatsaanleg bij de bouw van de stationsgebouwen weer gebruik gemaakt van een aantal standaardontwerpen. De nieuwe gebouwen zijn minder streng, vaak asymmetrisch en levendig versierd. In navolging van het stationsgebouw van Hemmen-Dodewaard laten de Staatsspoorwegen langs de lijnen Amersfoort - Kesteren - Nijmegen, Nijmegen - Venlo en Zaandam - Enkhuizen in een periode van vier jaar maar liefst 17 stationsgebouwen in negen varianten van het ontwerp van 'Hemmen' bouwen.

Het stationsgebouw van Cuijk op 1 mei 2021.In juni 1883 nemen de Staatsspoorwegen de spoorlijn Nijmegen - Venlo in gebruik. Cuijk, Grubbenvorst-Lottum, Mook, Meerlo-Tienray en Vierlingsbeek krijgen hierbij een stationsgebouw van exact hetzelfde ontwerp. Het asymmetrische gebouw heeft een hoog deel dat samen met de korte rechter zijvleugel als woning dient. Het middendeel krijgt een trapgevel. Rechts van het middendeel komt een portiek met een stenen trap die toegang biedt tot de woning. In het brede lage deel aan de linkerzijde bevindt zich de hoofdingang en de stationshal met wachtkwamers. Het dak van het gebouw is gedekt met blauwe en rode Echtse pannen die in figuren zijn gelegd. Op het dak staan verschillende rijkversierde schoorstenen. Langs een deel van het gebouw komt een kleine perronkap.

In de loop der jaren is de indeling van het stationsgebouw regelmatig aangepast aan de eisen van de tijd. Rond 1900 maakt de trapgevel plaats voor een eenvoudige puntgevel. Al voor de Tweede Wereldoorlog is de buitenzijde van het gebouw grotendeels witgepleisterd. Naast het stationsgebouw van Cuijk blijft ook dat van Meerlo-Tienray bewaard. Het station staat echter al sinds 1940 niet meer in het Spoorboekje.

Het stationsgebouw van Culemborg met op de achtergrond de locomotiefloods uit 1868 op 25 oktober 2014.
Station Culemborg
Cl
Opening: 1 november 1868
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Boxtel km 18,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1866 introduceren de Staatsspoorwegen een nieuw standaardontwerp voor de zogenaamde Waterstaatstations van het type vijfde klasse. Vrijwel alle gebouwen verrijzen langs Staatslijn H. Zowel in Culemborg als in Houten, Schalkwijk, Geldermalsen en Waardenburg aan dezelfde lijn, zetten de Staatsspoorwegen een stationsgebouw van het nieuwe type vijfde klasse neer. Het eenvoudige lage gebouw heeft een dienstwoning en de standaard stationsvoorzieningen. Het station wordt bij de opening van het baanvak Utrecht - Waardenburg in 1868 in gebruik genomen.

In 1974 is het stationsgebouw vervangen door een ruim opgezet nieuw stationsgebouw. Het rechthoekige stationsgebouw verbindt het laaggelegen stationsplein met het perron aan de hoge spoordijk. Terwijl beneden de loketten en dienstruimtes komen, kent de bovenverdieping een wachtruimte en een kleine stationsrestauratie. Beide zijperrons krijgen bovendien windschermen met luifels en wachtruimten.

Naast het stationsgebouw is de éénstandige locomotiefloods uit 1868 te vinden. Het laatste stationsgebouw van nieuwe type vijfde klasse staat even verderop in Houten.

 

 

 

De twee perrons van de halte Daarlerveen op 19 april 2014.
Station Daarlerveen
Da
Opening: 1 oktober 1906
 
Spoorlijn(en): Mariënberg - Almelo km 7,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1906 opent de NOLS tegelijkertijd met de spoorlijn Mariënberg - Almelo even ten zuiden van Vroomshoop de halte Boldijk. De halte krijgt in 1907 een eenvoudige abri. De NOLS heeft de abri in 1905 in Drouwen aan de lijn tussen Zwolle en Stadskanaal neergezet. Dat dorp krijgt echter een jaar later een stationsgebouw. In 1910 wijzigt de naam Boldijk in Daarle. In 1958 verandert NS de naam van de halte in Daarlerveen. Twee jaar later is de abri gesloopt. In 1965 wordt het tweede perron in gebruik genomen. Beide perrons liggen in bajonetligging aan dezelfde zijde langs het enkelspoor.

 

De abri van Dalen op 19 juli 2014.
Station Dalen
Dln
Opening: 1 november 1905
 
Sluiting: 2 oktober 1938  
Heropening: 10 juni 1940  
Sluiting: 14 mei 1950  
Heropening: 31 mei 1987  
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 59,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In november 1905 neemt de Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij het baanvak Coevorden - Gasselternijveen van de spoorlijn Zwolle - Stadskanaal in gebruik. Eén van de stations die de NOLS tegelijkertijd met de verbinding in gebruik neemt, is Dalen. Het dorp krijgt een standaardstationsgebouw dat gelijk is aan eerder geopende stationsgebouwen in Gieten, Rolde en Gramsbergen. Het ontwerp is een eenvoudige variant op het stationsgebouw van Dalfsen. Groot verschil is dat er slechts één uitstekend geveldeel is in plaats van twee. Wanneer NS de lokaallijn in 1938 van de NOLS overneemt, sluit de vervoerder niet alleen het traject Emmen - Gasselternijveen, maar ook diverse stations en haltes langs het resterende baanvak tussen Zwolle en Emmen. Ook station Dalen wordt hierbij gesloten. Net als bij veel andere stations die in de jaren '30 zijn gesloten, stoppen vanaf juni 1940 ook in Dalen weer treinen. Hoewel de meeste van dergelijke stations vaak al na enkele maanden weer sluiten, verdwijnt Dalen pas in mei 1950 weer uit het Spoorboekje. Twintig jaar later is het stationsgebouw gesloopt.

Halverwege de jaren '80 wordt de spoorlijn tussen Zwolle en Emmen gemoderniseerd. De elektrificatie en gedeeltelijke verdubbeling van de spoorlijn maakt meer ruimte in de dienstregeling mogelijk. Vanaf mei 1987 stoppen er weer treinen in Dalen. Voor de reizigers staat op het perron een standaard-abri.

De spoorzijde van het stationsgebouw van Dalfsen op 8 oktober 2017. Enkele maanden eerder is het houtwerk van het stationsgebouw in de oorspronkelijke kleuren teruggebracht.
Station Dalfsen
Dl
Opening: 15 januari 1903
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 12,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij laat aan het begin van de twintigste eeuw een groot aantal stationsgebouwen bouwen. Alle gebouwen zijn ontworpen door E. Cuypers en vertonen onderling grote gelijkenissen maar verschillen duidelijk van de traditionele stations langs andere lokaallijnen. Zo zijn ze asymmetrisch, opvallend hoog en zijn ze zorgvuldig vorm gegeven. Veel ontwerpen en varianten daarvan zijn in meerdere plaatsen gebruikt. Dalfsen krijgt in 1902 een hoog stationsgebouw met aan de straatzijde drie verspringende geveldelen van verschillende breedtes. Het ontwerp is voor een deel identiek aan het gelijktijdig gebouwde stationsgebouw van Ommen. Zo zijn het linker voorgeveldeel en het rechter achtergeveldeel gelijk. Het middendeel is echter smaller. Het stationsgebouw van Dalfsen krijgt een houten goederenloods die later is uitgebreid. De bovenzijde van de gevels krijgen een planken beschieting als versiering. De NOLS past het ontwerp de daaropvolgende jaren in aangepaste vorm toe in Mariënberg, Hardenberg, Gasselternijveen, Vriezenveen en Noordbroek. 

Het stationsgebouw van Dalfsen is grotendeels in originele staat bewaard gebleven. De laatste stationsfuncties verdwijnen in 1997 en maken plaats voor een grand café. In 2017 is de buitenzijde van het gebouw zoveel mogelijk in originele staat hersteld.

 

Spoorzijde van het stationsgebouw De Vink op 11 oktober 2015.

In 1906 wordt aan de Oude Lijn tussen Leiden en Den Haag de halte De Vink in gebruik genomen. De halte is genoemd naar de gelijknamige nabijgelegen uitspanning. Buiten de bestaande wachterswoning zijn er geen verdere voorzieningen en in 1928 verdwijnt De Vink alweer uit het Spoorboekje.

In de jaren '80 zijn zowel Leiden als Voorschoten zodanig gegroeid dat NS in 1985 op vrijwel dezelfde plek de voorstadshalte De Vink in gebruik neemt. De spoorlijn vormt ter hoogte van de halte de gemeentegrens tussen beide plaatsen en deze krijgt daarom geen officiële plaatsnaam. Met het oog op de spoorverdubbeling tussen Leiden en Den Haag heeft de halte houten perrons, enkele eenvoudige wachtruimten en een eenvoudige luchtbrug over beide sporen.

De perrons van De Vink op 11 oktober 2015. Terwijl het linker perron op Leids grondgebied staat, staat het rechterperron in Voorschoten.In 1991 is de tunnel onder de sporen gereed en kan de tijdelijke brug gesloopt worden. In 1995 zijn de spoorverdubbeling en de nieuwbouw van de halte gereed. De Vink heeft twee eilandperrons die vanuit de onderdoorgang met trappen en liften te bereiken zijn. Beide perrons hebben 40 meter lange overkappingen. Op het plein aan de Leidse zijde staat een eenvoudig haltegebouw met een min of meer driehoekige plattegrond. Aan de spoorzijde heeft het gebouw een kleine ronde toren. 

 

 

De stationsentree van De Westereen. De fietsenrekken staan op de plek van het voormalige stationsgebouw waarvan links de bakstenen wand te zien is die het verschil tussen perron- straatniveau markeert. De Westereen 27 juli 2019.
Station De Westereen
Dwe
Opening: 1 oktober 1885
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 43,6
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1885 wordt aan Staatslijn B tussen Leeuwarden en Groningen de halte Zwaagwesteinde in gebruik genomen. In 1902 is de halte voorzien van een eenvoudige rechthoekige houten wachtruimte. In 1955 krijgt Zwaagwesteinde een echt stationsgebouw. Het lage rechthoekige gebouw heeft een opvallende traditionele vorm met grote vensters en een zadeldak en is opgebouwd uit baksteen. In de jaren '90 komt het gebouw leeg te staan en in 2003 is het gesloopt. Van de verhoging die voor het gebouw is gemaakt is de bakstenen keerwand aan de straatzijde nog altijd zichtbaar.

Zwaagwesteinde staat vanaf 2016 als De Westereen in het Spoorboekje.

 



De eenvoudige stationsaccommodatie van Deinum op 8 mei 2016.
Station Deinum
Dei
Opening: 27 oktober 1863
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 21,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In oktober 1863 nemen de Staatsspoorwegen tegelijkertijd met het baanvak Harlingen - Leeuwarden van Staatslijn B de halte Deinum in gebruik. De halte is voorzien van een eenvoudig rechthoekig haltegebouw van anderhalve verdieping hoog. Het gebouwtje is in 1973 gesloopt en vervangen door een standaard abri.

De halte is eind jaren '80 met het oog op de aanleg van de N31 langs Deinum enkele honderden meters naar het westen verplaatst. Op het perron komt opnieuw een eenvoudige abri.

 



Het stationsgebouw van Delden aan de perronzijde, 12 november 2011.
Station Delden
Ddn
Opening: 1 november 1865
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Enschede - Gronau km 39,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tussen Zutphen en Hengelo zijn bij de aanleg van Staatslijn D drie waterstaatsstations van het type vierde klasse gebouwd. Zowel de gebouwen van Lochem en Goor als het stationsgebouw van Delden blijven bewaard. Het gebouw is in 1863 gebouwd en in november 1865 gelijktijdig met het baanvak Zutphen - Hengelo geopend. In 1904 krijgt het gebouw aan de rechterzijde een nieuwe lage vleugel. Hierna is het gebouw nagenoeg in oorspronkelijke staat bewaard gebleven.

 

 

 Beide stationsgebouwen van Delft op 15 februari 2015. Links het oude dat nog een week in gebruik is en rechts het nieuwe dat twee weken later in gebruik wordt genomen.

Delft is dankzij de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij al sinds 1847 via de zogenaamde Oude Lijn van Amsterdam via Den Haag naar Rotterdam bereikbaar per spoor. Het eerste stationsgebouw is symmetrisch en kent een hoog middendeel met puntdak en aan beide zijden een vleugel. Naast beide zijvleugels staat een eindgebouw dat opvallend ver naar voren staat. Tussen de vleugels en de eindgebouwen is in eerste instantie een hek neergezet. Later zijn de gebouwen met een muur met daarin een dubbele deur verbonden.

Het eenvoudige gebouw maakt in 1883 plaats voor een levendig nieuw stationsgebouw. Het gebouw is het eerste asymmetrische ontwerp van de HSM en heeft bovendien als eerste stationsgebouw van de spoorwegmaatschappij een toren. De toren bevindt zich aan de rechterkant van de straatzijde van het hoofdgebouw. Voor de drie deuren van het hoofdgebouw bevindt zich een bordes waarmee het hoogteverschil tussen de straat en de stationshal wordt overbrugd. Het gebouw heeft twee verschillende zijvleugels welke weer twee verschillende eindgebouwen hebben.

Zicht op de stationshal en het perron. Delft, 22 oktober 2016.Delft breidt zich in de loop der tijd ook aan de andere zijde van het spoor flink uit. Na de Tweede Wereldoorlog wordt dan ook een oplossing bedacht voor het groeiend aantal opstoppingen aan de westzijde van de binnenstad door het toenemende verkeer, zowel op de weg als op het spoor. Naast een verkeerstunnel ten zuiden van het station wordt de Oude Lijn aan de noordzijde van het station over een lengte van 1,2 kilometer via een betonnen spoorviaduct door de stad geleid. Hierdoor ontstaan door de hele stad vrije kruisingen tussen het weg- en spoorwegverkeer. De spoorwerken in Delft zijn in 1965 gereed. Ruim 20 jaar later ontstaan de eerste plannen om de Oude Lijn tussen Leiden en Rotterdam en verder naar Dordrecht te verdubbelen van twee naar vier sporen. Het dubbelsporige viaduct dat dwars door Delft loopt, is hierbij één van de grootste uitdagingen. Terwijl het grootste deel van de spoorlijn tussen Leiden en Dordrecht in de jaren '90 viersporig wordt, duurt het tot 2009 wanneer gestart wordt met de aanleg van een spoortunnel door Delft. Het tracé van de tunnel ligt grotendeels pal naast het bestaande viaduct. Ter hoogte van het station ligt de tunnel min of meer voor het oude stationsgebouw, onder het nieuwe stationsplein. Hierna sluit het nieuwe tracé met een ruime boog op de bestaande spoorlijn aan. Wanneer de tunnel in gebruik is, wordt de spoorlijn tussen Rijswijk en Delft geheel viersporig gemaakt.

Na zes jaar bouwen en testen rijden op 28 februari 2015 de eerste reguliere treinen door de nieuwe tweesporige tunnel. Na de opening van de 2,3 kilometer lange tunnel is het viaduct gesloopt om plaats te maken voor de tweede tweesporige tunnel. Omdat de spoortunnel tot enkele honderden meters ten zuiden van het station loopt, verdwijnt ook het bovengrondse stationsemplacement. Tegelijkertijd met de opening van de tunnel wordt ook de nieuwe stationshal in gebruik genomen. De hal is onderdeel van een nieuwbouwcomplex bovenop de tunnel waarin ook het Stadskantoor is ondergebracht. Bij de opening begin 2015 is het gebouw slechts gedeeltelijk voltooid. Het laatste deel van het stationsgebouw annex stadskantoor wordt op de plek van het viaduct gebouwd. De ruime stationshal kent verschillende Delftse elementen. Zo zijn verschillende wanden met Delfts Blauw mozaïk betegeld en is in het gewelfde plafond een stadsplattegrond uit 1877 te zien.

Het oude stationsgebouw is na de sluiting zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat teruggebracht en biedt sinds eind 2018 plaats aan een restaurant en enkele bedrijfsruimten.

De verdieping tussen stationshal en de spoortunnel. Links is de afgesloten toegang naar het tweede perron te zien. Delft, 22 oktober 2016. De achterzijde van de stationshal. Hier zijn de met Delfts blauw betegelde wanden te zien. Delft, 22 oktober 2016. Het opvallende plafond van de stationshal van Delft op 22 oktober 2016. Het eerste perron. Delft 22 oktober 2016.

 De bescheiden toegang tot de perrons van Delft Zuid vanaf het viaduct van de Kruithuisweg op 26 juli 2013. In mei 2021 is de nieuwe reizigerstunnel in gebruik genomen en zijn de trappen naar het viaduct verwijderd.

NS opent vanaf eind jaren '60 een groot aantal voorstadshaltes. In mei 1970 wordt aan de Oude Lijn de halte Delft Zuid in gebruik genomen. Voor de stationsvoorzieningen krijgt de halte een gebouwtje van het type sextant. Van het zeshoekige standaardontwerp verschijnen in de periode 1968-1979 zestien soortgelijke stationsgebouwen. Eind jaren '90 worden twee gele poortjes neergezet die vanaf het viaduct van de Kruithuisweg de toegang tot de trappen naar beide zijperrons markeren. In 2006 is het in onbruik geraakte gebouwtje gesloopt.

Het nieuwe station Delft Campus met twee eilandperrons en een nieuwe kap in aanbouw op 18 april 2021.In het najaar van 2019 begint, aansluitend op het viersporig maken van het traject Rijswijk - Delft Zuid, de grootschalige verbouwing van de halte. De twee smalle zijperrons maken plaats voor twee brede eilandperrons. Boven de perrons komt een futuristische perronkap die volledig uit zonnepanelen bestaat. De opbrengst van de panelen zorgt ervoor dat Delft Zuid het eerste energieneutrale station van Nederland wordt. In aansluiting op de ontwikkelingen in het stationsgebied en de nabijgelegen Campus van de Technische Universiteit krijgt het station bij het ingaan van de nieuwe dienstregeling 2020 de naam Delft Campus.

 Het stationsgebouw van Delfzijl op 18 augustus 2012.
Station Delfzijl
Dz
Opening: 15 juni 1884
 
Spoorlijn(en): Groningen - Delfzijl km 37,9
  Zuidbroek - Delfzijl km 26,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de derde periode van aanleg van spoorwegen door de Staat zijn opnieuw standaardontwerpen voor stationsgebouwen gebruikt. De grotere stations vertonen hierbij gelijkenissen met de stations van het type 3e klasse. In Sneek, Workum, Appingedam, Gorinchem, Tiel en Delfzijl verschijnt een stationsgebouw van vrijwel hetzelfde ontwerp. Het stationsgebouw van Delfzijl is in 1884 als eindpunt van de staatslijn uit Groningen als laaste van de reeks in gebruik genomen. Het symmetrische stationsgebouw kent een hoog middendeel met twee lange lage zijvleugels. Deze zijn langer dan de andere stationsgebouwen van hetzelfde type. Aan de perronzijde is langs het hele gebouw een overkapping aangebracht. In tegenstelling tot de andere vijf stationsgebouwen krijgen de bakstenen gevels van Delfzijl geen witte sierbanden.

In de loop der tijd is het gebouw vooral aan de binnenzijde verbouwd om te voldoen aan de eisen van de tijd. Desondanks is het gebouw in 1989 benoemd tot Rijksmonument. Nadat in 2000 de laatste stationsfuncties verwijden, staat het gebouw grotendeels leeg.

Station Den Dolder in het avondlicht van 14 februari 2015.
Station Den Dolder
Dld
Opening: 1 januari 1895
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 11,7
  Den Dolder - Baarn km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1895 neemt de NCS aan de Centraalspoorweg tussen Utrecht en Amersfoort bij de kruising met de gelijknamige verharde weg tussen Soest en Zeist de stopplaats Dolderscheweg in gebruik. Met de komst van de zijlijn naar Baarn en een grote zeepfabriek, inclusief een aantal woningen en andere voorzieningen voor de werknemers, wordt de stopplaats in 1905 gepromoveerd tot halte en onder andere voorzien van een perron, een laad- en losweg en een dienstwoning. In 1912 wijzigt de naam van de nieuwe nederzetting en de halte in Den Dolder en komt het als echt station in het Spoorboekje. Twee jaar later krijgt het station geheel volgens de dan geldende mode een breed eilandperron met daarop een langgerekt stationsgebouw. Het rechthoekige gebouw bestaat uit lage bakstenen muren met daarboven vrijwel alleen hout en veel glas. Het zadeldak steekt aan beide zijden zodanig uit dat het als perronkap functioneert. Achter het stationsgebouw komt nog een toiletgebouwtje met opslagruimte. Het gebouwtje heeft dezelfde vorm als het hoofdgebouw maar is vrijwel geheel in baksteen uitgevoerd.

Het stationsgebouw is in 1975 als één van de twintig eerste stations op de lijst van Rijksmonumenten geplaatst. In 2014 zijn beide honderd jaar oude gebouwen zoveel mogelijk in historische staat teruggebracht.

 De nieuwe stationshal van Den Haag Centraal in aanbouw op 2 februari 2014.

In 1870 neemt de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij de spoorlijn Gouda - Den Haag in gebruik. De spoorlijn eindigt ten westen van het bestaande HSM-station aan de Oude Lijn en krijgt een eigen stationsgebouw. Hoewel Den Haag het eindpunt van de lijn is, komt het gebouw met het oog het eventuele doortrekken van de lijn naar Scheveningen, langs het perron te staan. Het lange symmetrische stationsgebouw kent een hoog middendeel met twee lange zijvleugels. Beide vleugels hebben hoge, brede eindgebouwen die aan de straatzijde ver naar voren staan. Tussen beide eindgebouwen komt een luifel langs de rest van het gebouw. Het rijkversierde stationsgebouw krijgt naast enkele luxe wachtkamers ook een koninklijke wachtkamer. De sporen en perrons zijn met een grote kap overdekt. Ook aan beide zijden van het gebouw komt een soortgelijke kap. Bij de overname van de NRS door de Staatsspoorwegen krijgt het station de naam Den Haag SS.

Net als Den Haag kennen ook de andere grote steden verschillende hoofdstations. Deze zijn in de loop der jaren echter allemaal samengevoegd. In Den Haag ontbreekt het echter aan ruimte en financiën om één hoofdstation nabij het stadscentrum te creëren. Uiteindelijk is besloten zowel Den Haag Hollands Spoor als Den Haag Staatsspoor te behouden en op de plek van het SS-station een nieuw stationscomplex voor al het openbaar vervoer te bouwen en deze met verbindingsbogen op de Oude Lijn aan te sluiten. 

Het tramstation in de stationshal op 11 oktober 2015.Het nieuwe stationscomplex is tussen 1970 en 1975 gebouwd en bestaat uit zeven perrons die door een enorme betonplaat zijn afgedekt. Het grootste deel van de betonplaat krijgt een grote overkapping met daaronder onder andere een busstation en tramhalte. De sporen en het stationsplein zijn van elkaar gescheiden door een streng rechthoekig kantoorgebouw van twaalf verdiepingen. Door het zestig meter hoge gebouw is het station nu een echt kopstation. Voor de bouw van het nieuwe stationsgebouw zijn in 1970 de kappen aan de linkerzijde van het SS-station ingekort. Na de opening van het eerste deel van het nieuwe Centraal Station in 1973, is de rest van het oude stationsgebouw gesloopt. De Koninklijke wachtkamer is hierbij gedemonteerd en opgeslagen. In 2005 is de wachtkamer in het Spoorwegmuseum weer opgebouwd.

In 2004 start de eerste fase van de grootschalige aanpassing van het stationscomplex. In 2006 is het nieuwe tramstation van de RandstadRail in de stationshal gereed. In 2011 begint de grote verbouwing van de stationshal zelf. Hierbij zijn onder andere de zijgevels en de overkapping vervangen door grotendeels glazen constructies. Op 1 februari 2016 is het nieuwe Den Haag Centraal in gebruik genomen. RandstadRail metrolijn E start dan al een aantal jaren op twee kopsporen in het station. Tussen november 2014 en augustus 2016 is een nieuw viaduct gebouwd waardoor de metro's voortaan hun startpunt boven het busstation hebben. Tegelijkertijd komen perronsporen 11 en 12 weer ter beschikking van het treinverkeer.

Metrolijn E eindigt sinds 22 augstus 2016 niet langer in het treinstation maar op een eigen viaduct boven het busstation. Den Haag, 22 oktober 2016. Het lijnenspel van de kap van het eindpunt van metrolijn E dat sinds eind augustus 2016 in gebruik is. Den Haag, 22 oktober 2016.

 Het monumentale middenperron van Den Haag HS op 5 januari 2014.

Eind 1843 neemt de HIJSM het baanvak Voorschoten - Den Haag van de Oude Lijn in gebruik. Het voorlopige eindpunt in Den Haag krijgt een laag symmetrisch stationsgebouw met een enigszins verhoogd en naar voren staand middendeel. Voor het middendeel komt een bordes met zuilen. In het middendeel bevindt zich het plaatskaartenkantoor. In de zijvleugels komen de wachtruimtes, de woning van de stationschef en een goederenkantoor. In het verlengde van de zijvleugels komt een galerijmuur met een eindgebouwtje. In 1862 krijgt het station een 100 meter lange perronkap van giet- en welijzer. Met de komst van het station van de NRS in 1870, krijgt het station aan de Oude Lijn de naam Hollands Spoor.

Net als de andere eerste stationsgebouwen langs de Oude Lijn is ook het stationsgebouw van Den Haag aan de Oude Lijn al na enkele decennia vervangen door een groter exemplaar. Om het regeringscentrum net als de hoofdstad van een representatief stationsgebouw te voorzien, laat de HSM een rijkversierd monumentaal gebouw ontwerpen. Tegelijkertijd wordt de spoorlijn als eerste in Nederland omhoog gebracht een vrije doorgang onder de sporen mogelijk te maken. Voor het eerst worden niet alle voorzieningen in het stationsgebouw ondergebracht, maar komt er een ruim opgezet eilandperron waarin diverse stationsfuncties te vinden zijn. Het verhoogde emplacement, inclusief eilandperron en perrongebouwen is in 1888 gereed. Hierna is het oude stationsgebouw gesloopt om ruimte te maken voor het nieuwe gebouw. Het nieuwe stationsgebouw is in 1893 gereed en onder andere versierd met zuilen, pilasters, kapitelen, en frontons. Het hoge middendeel van het ontvangstgebouw krijgt aan beide zijden relatief lage torens met koepelvormige daken en een grote luifel. Naast de gebruikelijke voorzieningen krijgt het gebouw aan de linkerzijde een Koninklijk paviljoen met verschillende salons en andere ruimtes. Op de eerste verdieping komt aan de perronzijde een Koninklijke wachtkamer. Doordat het paviljoen min of meer een zelfstandig gebouw vormt, is het stationsgebouw niet symmetrisch. Vanuit de stationshal biedt een reizigerstunnel toegang tot het hooggelegen zijperron en het ruim opgezette eilandperron. In de drie grote perrongebouwen bevinden zich onder andere de wachtruimtes, restauratie en toiletten. De perrons en de sporen langs de perrons worden overdekt door twee imposante perronkappen van 170 meter lang. De kappen bestaan uit giet- en smeedijzeren elementen, hout en gekleurd glas. De perronkap uit 1862 verhuist naar de rechterzijde van het gebouw waar deze op nieuwe gietijzeren kolommen dienst gaat doen als overkapping voor rijtuigen. De vormgeving van de ruiten in de kap zodanig aangepast dat deze aansluit op de nieuwe kappen.

In 1907 is de noordzijde van het station aangepast aan de komst van de elektrische treinen van de ZHESM. Hier krijgt de zogenaamde Hofpleinlein van de spoorwegmaatschappij een overdekt perron met twee kopsporen en een eigen toegang vanaf de straat. Diezelfde periode krijgt de entree van het Koninklijk paviljoen een luifel.

In de periode 1949-1950 is het gebouw aanzienlijk gemoderniseerd. Hierbij zijn vrijwel alle versieringen uit het gebouw gesloopt. Zo verdwijnen de houten cassetteplafonds en puien, de pilasters, het beeldhouwwerk, de tegeltableaus en andere decoraties. Ook de klassieke lichtornamenten en lantaarns zijn vervangen door moderne exemplaren. In de hal komen betonnen kolommen om de druk van de overkapping tegen te gaan. De ruimtes tussen de kolommen wordt opgevuld met grijze tegels. In 1975 verhuizen de treinen van de Hofpleinlijn naar Den Haag Centraal en verdwijnen de kopsporen aan de noordzijde van de het gebouw. De overkapping is pas bij de renovatie in de jaren '90 gesloopt.

In 1988 start NS met de renovatie van de perronkappen. In oktober 1989 wordt het middelste perrongebouw en een groot deel van de overkapping echter door brandstichting verwoest. Na enkele maanden is besloten om het perrongebouw en de kappen zoveel mogelijk in de historische staat weer op te bouwen. Hierbij is op een aantal punten van de gelegenheid gebruik gemaakt om andere constructies toe te passen. Zo rusten de perronkappen niet langer op het perrongebouw maar op zes betonnen wanden met stalen liggers. De restauratie van het perrongebouw en de kappen is eind 1991 gereed. Datzelfde jaar is het station benoemd tot Rijksmonument. Ruim een jaar later start de renovatie van het stationsgebouw en de reizigerstunnels. De stationshal krijgt hierbij weer een enigszins gedecoreerde stationshal, maar dan in een jaren '90-uitvoering. Hierbij is gebruik gemaakt van roesvrij staal, roze graniet en beukenhouten plafonds. Ook komen er nieuwe tegeltableaus in 19e-eeuwse kleuren. De centrale reizigerstunnel is verbreed tot 10 meter en voorzien van liften. Aan de westzijde komt een brede tunnel voor langzaam verkeer en toegang tot de perrons. Boven de tunnel komen brede vides. De tunnel komt uit onder de voormalige rijtuigenkap, inmiddels de oudste bewaarde stationsoverkapping. In 1998 is de renovatie van het station gereed. De twee kleine perrongebouwen zijn in 2010 gerenoveerd.

In september 2020 is de naar de oostzijde van het station doorgetrokken reizigerstunnel officieel in gebruik genomen. Aan het nieuwe stationsplein komt een laag langgerekt entreegebouw met een grotendeels glazen wand. In het gebouw zijn vooral extra commerciële ruimtes ondergebracht. Op het dak komt een grote fietsenstalling. Na de opening van de nieuwe tunnel zijn de toegangen vanuit de tunnel voor langzaam verkeer aan de zuidzijde van het station gesloten.

 De entree van station Den Haag Laan van NOI op 23 februari 2014.

In mei 1907 neemt de ZHESM aan het traject Den Haag HS - Scheveningen Kurhaus de nieuwe voorstadshalte Laan van Nieuw Oost-Indië in gebruik. Het eenvoudige lage haltegebouw aan de voet van de spoordijk geeft toegang tot de tunnel naar de perrons. Boven de overdekte ingang van het gebouwtje komt een puntgevel. Op de perrons komen eenvoudige houten gebouwen. In 1931 krijgt de halte ook perrons aan de naastgelegen Oude Lijn.

Halverwege de jaren '70 is het sporenplan in en om Den Haag met de komst van de Schiphollijn, de Zoetermeerse Stadslijn en het nieuwe Centraal Station flink gewijzigd. Bovendien vraagt de komst van enkele grote kantoren om een uitbreiding van de voorstadshalte. In 1978 is het kleine ingangsgebouwtje gesloopt en neemt NS het nieuwe ruime stationsgebouw in gebruik. Het gebouw bestaat uit twee verdiepingen en het trappenhuis naar het eerste perron. Op de benedenverdieping zijn de loketten en de entree tot de perrontunnel. De bovenverdieping wordt gevormd door de wachtruimte van het eerste perron. Het aantal perronsporen is tegelijkertijd uitgebreid naar zes. De halte staat voortaan als Den Haag Laan van NOI in het Spoorboekje.

In 2000 is het station zodanig verbouwd dat alle perrons met liften te bereiken zijn. Enkele jaren later zijn de perrons aan de zijde van het stationsgebouw aangepast aan de metro- en sneltramstellen de RandstadRail.

 

 De entree van station Den Haag Mariahoeve op 23 februari 2014.

In 1966 neemt NS in Den Haag de voorstadshalte Mariahoeve in gebruik. De halte aan de Oude Lijn bestaat alleen uit een eenvoudige ingang naar het reizigerstunneltje naar beide perrons. Op de perrons zijn eenvoudige wachtgelegenheden neergezet. Tien jaar na de opening krijgt de halte een moderne uitstraling met het oog op de opening van de Schiphollijn. Tegelijkertijd is het aantal sporen uitgebreid.

In 1984 is een fors kantoorgebouw om de stationsentree neergezet. De toegang tot de tunnel is hierna vooral te herkennen aan het NS-logo met stationsklok. In 1994 is de tunnel gerenoveerd en komt er een eilandperron tussen de twee middensporen.

 

 

 

 De twee opvallende entreegebouwtjes annex wachtruimtes van Den Haag Moerwijk op 22 oktober 2016.

In de jaren '90 is de Oude Lijn tussen Leiden en Rijswijk versporig gemaakt waardoor extra capaciteit voor meer treinen en nieuwe haltes ontstaat. Als laatste nieuwe voorstadshalte naar aanleiding van de spoorverdubbeling neemt NS in juni 1996 station Den Haag Moerwijk in gebruik. De halte kent twee eilandperrons welke bereikt kunnen worden via de vernieuwde onderdoorgang van de Erasmusweg. Boven de trappen komen korte eenvoudige glazen overkappingen. Op straatniveau komt een eenvoudig kwartrond haltegebouw met ruimte voor twee loketten. NS neemt het gebouw echter nooit in gebruik.

Eén van de huisjes gezien vanaf de onderdoorgang. Den Haag, 22 oktober 2016.In maart 2013 zijn de kappen boven de trappen vervangen door opvallende oranje glazen huisjes. De huisjes overkappen niet alleen de trappen en de route naar de liften maar dienen ook als wachtruimte.

 Station Den Haag Ypenburg op 11 oktober 2015.

In december 2005 is aan de spoorlijn tussen Den Haag en Gouda de nieuwe voorstadshalte Den Haag Ypenburg in gebruik genomen. De halte komt boven nieuwe brede tunnel tussen de gelijknamige Vinexwijk en bedrijventerrein Forepark aan de andere kant van de spoorlijn en de naastgelegen A12. Hoewel de voorstandshalte geen verdere voorzieningen krijgt, is het voor de zichtbaarheid voorzien van een opvallend hoge kap die als een pergola over de perrons en de sporen is gebouwd. Omdat het sporenplan en het bouwwerk niet helemaal op elkaar aansluiten, stoppen de treinen buiten de overkapping.

 

 

De oostzijde van het stationsgebouw van Den Helder op 2 mei 2015.
Station Den Helder
Hdr
Opening: 20 december 1865
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 0,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Als onderdeel van de eerste periode van aanleg van spoorwegen door de Staat is ook de marinehaven aan het Nieuwe Diep bij het dorp Helder met Amsterdam verbonden. In december 1865 is het eerste gedeelte van Staatslijn K tussen de haven en Alkmaar gereed en is onder andere het station Nieuwe Diep in gebruik genomen. Hoewel de plaats dan nog niet veel voorstelt is het station net als steden als Alkmaar, Leeuwarden en Eindhoven voorzien van een groot standaardgebouw van het type derde klasse. Het gebouw kent een hoog middendeel en twee korte vleugels. Beide vleugels hebben vervolgens twee korte eindvleugels die wat naar achteren staan en blinde muren hebben.

De klokkentoren van station Den Helder op 2 mei 2015.Vrijwel alle stationsgebouwen van het type zijn op verschillende manieren verbouwd en uitgebreid. Zeven jaar na de opening is ook het stationsgebouw van Nieuwe Diep sterk uitgebreid. De linker vleugel wordt hierbij drie keer en de rechter vleugel vier keer langer. Bovendien is de rechter vleugel hierbij verbreed. Het middendeel krijgt aan de straatzijde een uitbouw waardoor de dienstwoning op de eerste verdieping een groot dakterras krijgt. In 1890 wijzigt de naam van het station in Den Helder. In de jaren '20 staat het station enkele jaren als Helder in het Spoorboekje.

Na de Tweede Wereldoorlog wordt besloten het centrum van de stad te moderniseren. Om de verschillende stadsdelen beter te verbinden, is de spoorlijn over een lengte van zo'n 600 meter ingekort. Ook het stationsgebouw wordt gesloopt. Aan het nieuwe begin van de spoorlijn is nieuw stationsgebouw neergezet. Het zeshoekige gebouw is één van de weinige echte kopstations van Nederland. Op het lage bakstenen gebouw komt een betonnen dak in de vorm van elf zadeldakjes. De vorm van het gebouw doet enigszins aan een schip denken en ook het interieur kent diverse verwijzingen naar de scheepvaart en de zee. Naast het gebouw is een klokkentoren in de vorm van een baken neergezet.

 

Voorstadshalte Den Helder Zuid op 2 mei 2015.
Station Den Helder Zuid
Hdrz
Opening: 1 juni 1980
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 3,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Met het oog op de uitbreiding van Den Helder en het creëren van een nieuwe kruisingsmogelijkheid in de grotendeels enkelsporige lijn opent NS in 1980 aan de lijn Den Helder - Alkmaar de nieuwe voorstadshalte Den Helder Zuid. De perrons langs beide sporen krijgen slechts een wachtruimte en een enkele abri. Ondanks het uitblijven van de uitbreiding van Den Helder is in 1987 een keet met daarin een loket neergezet. In 2004 is de voorziening weer verwijderd.  

 

De perronzijde van het stationsgebouw van Deurne op 19 oktober 2013.
Station Deurne
Dn
Opening: 1 oktober 1866
Spoorlijn(en): Venlo - Eindhoven km 29,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als vrijwel alle andere stations uit de eerste periode van de aanleg van spoorwegen door de Staat is ook Deurne aan Staatslijn E voorzien van een standaard stationsgebouw. Het dorp krijgt in 1864 een eenvoudig gebouw van het kleinste type, de 5e klasse. Het rechthoekige symmetrische gebouw heeft een hoog middendeel met puntgevel en twee korte zijvleugels. Op de benedenverdieping is ruimte voor de hal, wachtkamer, kantoor en opslag en op de bovenverdieping is een woning. De Staatsspoorwegen nemen het gebouw in 1866 tegelijkertijd met het baanvak Eindhoven - Venlo in gebruik.

Net als vrijwel alle andere stationsgebouwen van het type is ook dat van Deurne een aantal keer vergroot. Al in 1892 is het stationsgebouw met twee lage zijvleugels uitgebreid. In 1913 krijgt het middendeel een extra verdieping.

Opvallend genoeg is het gebouw in 1950 juist weer verkleind. Hierbij is de extra verdieping weer van het middendeel gehaald waardoor een langgerekt laag gebouw ontstaat.

In 1976 later is het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor een nieuw stationsgebouw. Het gebouw van het zogenaamde plinttype is vooral eind jaren '60 al in diverse vergelijkbare plaatsen neergezet. Het rechthoekige gebouw bevat de noodzakelijke voorzieningen als loketten en een ruime wachtruimte en is grotendeels transparant. De gesloten bouwdelen zijn grotendeels met geglazuurde bakstenen uitgevoerd. Tussen het open en het gesloten bouwdeel komt aan de straatzijde een ogenschijnlijk losstaand geveldeel dat in sierverband is gemetseld. Het gebouw staat op een 'zwevende' betonplaat om de ruimte tussen straat- en perronniveau te visualiseren. Het platte dak van het station loopt uit in een royale luifel die de gehele betonplaat overkapt en zo tevens de verbinding tussen het stationsplein, het perrons en de toegang tot het gebouw.

 

In het najaar van 2016 is het stationsgebouw van Deventer teruggebracht in de originele kleurstelling. Half november zijn de werkzaamheden afgerond. Op de voorgrond de nieuwe fietsenkelder die een jaar eerder gereed is. Deventer, 22 maart 2020.
Station Deventer
Dv
Opening: 5 augustus 1865
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 43,5
  Apeldoorn - Deventer km 14,8
  Deventer - Almelo km 0,0
  Deventer - Ommen km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In augustus 1865 nemen de Staatsspoorwegen aan Staatslijn A het eerste Deventerse stationsgebouw in gebruik. Het gebouw is net als de stationsgebouwen in vergelijkbare vestingsteden langgerekt, laag en grotendeels van hout. In november 1887 opent ook de HIJSM een stationsgebouw in Deventer. Het station aan de lokaallijnen naar Apeldoorn en Almelo staat nabij het SS-station en is eveneens van hout. Beide stations zijn per spoor verbonden voor de overbrenging van goederenwagens. Reizigers moeten zo'n vijf minuten lopen. Vanaf 1910 maken ook de treinen van de nieuwe lijn naar Ommen gebruik van het SS-station. Hiervoor is bij het gebouw een derde perron aangelegd.

Het HSM-station is na de ombouw van de lokaallijnen tot hoofdspoorweg enkele jaren na de opening al snel te klein. Al snel gaan stemmen op om alle Deventerse spoorwegverbindingen onder te brengen in één nieuw station. Om ook de steeds drukker wordende kruisingen met het wegverkeer te ontlasten, is besloten de spoorlijnen in de stad en het emplacement op te hogen. De modernisering van het spoorwegnet in Deventer begint uiteindelijk in 1914. Door de Eerste Wereldoorlog duurt het echter nog tot 1920 wanneer op de plek van het voormalige SS-station het nieuwe stationsgebouw in gebruik wordt genomen. Het asymmetrische hoofdgebouw kent een hoog deel met diverse stationsfuncties en woningen. Het lange lage deel aan de rechterkant van het gebouw is bestemd voor de opslag van goederen en als fietsenstalling. Het gebouw is via een tunnel onder de hooggelegen sporen verbonden met het eilandperron. Op het brede langgerekte perron staan drie perrongebouwen met daarin onder andere dienst- en wachtruimten en de stationsrestauratie. Vrijwel het complete perron is overdekt door de 400 meter lange perronkap. Aan de noordzijde van het perron zijn twee zaksporen voor lokaaltreinen aangelegd. Links van het stationsgebouw komt een verwarmingsgebouw met een een forse watertoren in dezelfde bouwstijl.

De glazen aanbouw met toegang naar het nieuwe perron aan de linkerzijde van het stationsgebouw van Deventer op 28 november 2016.Terwijl de functies van de gebouwen van het stationscomplex regelmatig veranderen, blijft het geheel grotendeels in originele staat bewaard. Wel maken de zaksporen in het eilandperron plaats voor een tuin en verdwijnt de hoge schoorsteen van het verwarmingsgebouw. Ook is de fietsenstalling onder het stationsplein gebracht en kent het lage deel van het stationsgebouw inmiddels horecavoorzieningen.

Omdat de capaciteit van het eilandperron beperkt is, is in 2013 aan de kant van het hoofdgebouw een nieuw perron gebouwd. Van 2008 tot 2014 kunnen reizigers gebruik maken van een tijdelijk perron dat bovenop spoor 1 ligt. In juni 2014 is het definitieve perron langs het eerste spoor in gebruik genomen. Voor de toegang tot het perron komt aan de linkerzijde van het stationsgebouw een grotendeels glazen aanbouw. In 2016 is het monumentale stationsgebouw zoveel mogelijk teruggeschilderd in de historische kleurstelling. De daaropvolgende jaren krijgen ook de perrongebouwen en de stationsomgeving een opknapbeurt.

Het nieuwe stationsgebouw van Deventer Colmschate op 23 maart 2020.
Station Deventer Colmschate
Dvc
Opening: 28 mei 1989
 
Spoorlijn(en): Deventer - Almelo km 3,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de aanleg van de spoorlijn Deventer - Almelo in 1888 krijgt het dorp Colmschate een eigen station met stationsgebouw. NS sluit het station al in 1933 en laat het stationsgebouw vijf jaar later slopen.

Het oude stationsgebouwtje van Deventer Colmschate op 30 april 2012Vanaf de jaren '70 breidt de gemeente Deventer sterk uit in de omgeving van Colmschate. In 1989 opent NS dan ook nabij de plek van het voormalige station de nieuwe voorstadshalte Deventer Colmschate. De halte is één van de tien voorstadshaltes met loketfunctie die NS in de jaren '80 naar een overeenkomend ontwerp laat bouwen. De gebouwtjes zijn ontworpen met vier gestandaardiseerde architectonische componenten, aangepast aan de verschillende stedenbouwkundige uitgangspunten. De gebouwtjes zijn onder andere te herkennen aan de draagconstructie van stalen kokers en de daken met luifels die aan de perronzijde schuin aflopen. In Deventer is op het perron tegenover het haltegebouw een overeenkomende wachtruimte gebouwd. NS sluit het loket van Deventer Colmschate in 2001. Enkele jaren later opent in het gebouw een fietsenzaak.

In het najaar van 2017 zijn beide gebouwtjes gesloopt om ruimte te maken voor een onderdoorgang. Aan de zuidzijde is in december 2018 boven de nieuwe onderdoorgang een grote stationskap geplaatst en op 10 juli 2019 is het vernieuwde station officieel ingebruik genomen.

 

Didam, 18 maart 2016.
Station Didam
Did
Opening: 15 juli 1885  
Spoorlijn(en): Winterswijk - Zevenaar km 45,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Didam krijgt net als Wehl en Breedevoort aan de GOLS-lijn Winterswijk - Zevenaar een standaard stationsgebouw van het kleinste type. Het lage langwerpige gebouw met puntdak is in juli 1885 tegelijkertijd met de lokaallijn in gebruik genomen. Diezelfde periode bouwt de GOLS ook in andere plaatsen gebouwen van dit ontwerp. In 1919 krijgt het stationsgebouw, net als veel soortgenoten, een extra verdieping over de gehele breedte van het gebouw.

Het stationsgebouw ontkomt begin jaren '70 niet aan de grote sloopwoede van NS en maakt in 1973 plaats voor eenvoudige nieuwbouw. Didam krijgt opnieuw een standaard gebouw. Ditmaal een zogenaamde tweekamerbungalow met de meest noodzakelijke voorzieningen. Na bijna dertig jaar sluit NS het loket. Het gebouw is in 2004 gesloopt.

 



De sextant van Diemen op 6 juli 2013.
Station Diemen
Dmn
Opening: 1 januari 1882
 
Sluiting: 1 januari 1929  
Heropening: 26 mei 1974  
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 6,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

NS opent in 1974 aan de Oosterspoorweg het nieuwe station Diemen. Op dezelfde plek is van 1882 tot 1929 de halte Kerklaan te vinden. In 1978 krijgt Diemen een stationsgebouw in de vorm van het standaardtype sextant. Het gebouw in Diemen is het vijftiende exemplaar dat sinds 1968 is gebouwd. Hierna volgt alleen nog de halte Nijmegen Heyendaal. De meeste exemplaren zijn inmiddels alweer gesloopt. Het stationsgebouw van Diemen verdwijnt eind maart 2021 om ruimte te maken voor de herinrichting van de stationsomgeving.

Het eilandperron van Diemen Zuid op 15 februari 2015.
Station Diemen Zuid
Dmnz
Opening: 23 mei 1993
 
Spoorlijn(en): Weesp - Leiden km 148,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tegelijkertijd met de zuidelijke tak van de Schiphollijn neemt NS in 1993 het station Diemen Zuid in gebruik. Het viaductstation heeft op veel punten veel weg van het station Amsterdam RAI dat een jaar eerder is geopend. Zo is de perronkap vrijwel identiek maar ontbreken de gebogen glazen zijwanden. Ook de opvallend hoge schuin afgeplatte liftschacht is gelijk aan die van Amsterdam RAI. Ook de kleurstelling van het geheel is gelijk. Aan de noordzijde van het station staat een eenvoudig ontvangstgebouwtje met een driehoekige plattegrond.

Het stationsgebouw van Dieren op 27 december 2019.
Station Dieren
Dr
Opening: 2 februari 1865
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 14,3
  Dieren - Apeldoorn km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In februari 1865 wordt het baanvak Arnhem - Zutphen van Staatslijn A gebruik genomen. Langs de hele staatslijn komen standaard stationsgebouwen van de eerste generatie zogenaamde Waterstaatstations. Dieren-Doesburg krijgt een stationsgebouw van het type vijfde klasse. Het kleine rechthoekige gebouw heeft een middendeel met puntgevel dat zowel aan straat- als perronzijde iets naar voren staat en twee korte zijvleugels. Op de benedenverdieping is ruimte voor de hal, wachtkamer, kantoor en opslag en op de bovenverdieping is in gebruik als woning. Datzelfde jaar besluiten de Staatsspoorwegen de vier tussenstations tussen Arnhem en Zutphen te vergroten om zo wachtkamers van verschillende klassen te realiseren. De stations Velp, De Steeg, Dieren-Doesburg en Brummen krijgen een laag voorhuis dat om de voorgevel en de linker zijkant is gebouwd. 

Detailopname van de nieuwe passerelle in aanbouw. Dieren, 21 juli 2017In de zomer van 1887 krijgt Dieren aan de andere zijde van het emplacement een tweede stationsgebouw. In juli dat jaar neemt de Koninklijke Nederlandse Locaalspoorweg-Maatschappij de lokaallijn Apeldoorn - Dieren in gebruik. Het eenvoudige lage stationsgebouw behoort tot het type 2e klasse van de KNLS dat onder andere ook in Beekbergen en Holten is gebouwd. Het gebouw kent naast enkele lokalen voor de stationsdienst ook een woning. De treindienst is na twee jaar verplaatst naar het station van de Staatsspoorwegen. Het stationsgebouw is hierna verbouwd tot dienstwoning.

In 1902 is het emplacement opnieuw ingericht en krijgt Dieren-Doesburg een breed eilandperron. Op het perron komt een langgerekt gebouw met wachtruimtes en een kantoortje. Het perron is bovendien grotendeels overkapt. Het stationsgebouw van de Staatsspoorwegen krijgt grotendeels een nieuwe bestemming. Ondanks dat het gebouw vrijwel geen stationsfuncties meer heeft, is het middendeel in 1914 net als dat van de drie andere stations langs de lijn met een verdieping verhoogd.

De nieuwe passerelle in volle breedte. Dieren, 21 juli 2017Bij bombardementen in oktober 1944 raakt het emplacement en de omgeving van station Dieren-Doesburg zwaar beschadigd. Na de oorlog zijn de restanten van beide oude stationsgebouwen gesloopt en is alleen het perrongebouw hersteld. Hier zijn voortaan ook de loketten en de ruimte voor de stationschef ondergebracht. Vanaf mei 1976 staat het station als Dieren in het Spoorboekje.

Aan het begin van de 21e eeuw zijn er plannen om zowel de spoorlijn als de naastgelegen provinciale weg N348 ter hoogte van de dorpskern verdiept aan te leggen. Uiteindelijk is besloten alleen de weg te verdiepen en deels door een tunnel te laten lopen. Op het dak van de tunnel komt een stationsplein. Ook aan de noordzijde van het station komt een nieuw stationsplein. Over het emplacement komt een voetgangersbrug die beide pleinen en het eilandperron met elkaar verbindt. De opvallende brug krijgt de naam Hoge Juffer en is in 2017 gereed. Zowel de brug als de nieuwe parkeergarage zijn met houten lamellen afgewerkt.

Het stationsgebouw en de drie wachters in Doetinchem op 22 juli 2017.
Station Doetinchem
Dtc
Opening: 15 juli 1885  
Spoorlijn(en): Winterswijk - Zevenaar km 33,6
  Ruurlo - Doetinchem km 18,6
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juli 1885 neemt de Geldersch-Overijsselsche Lokaalspoorweg-Maatschappij het station van Doetinchem in gebruik. Ter hoogte van het station splitst de lokaallijn uit Zevenaar in een lijn naar Winterswijk en een lijn naar Ruurlo. Doetinchem krijgt een standaard GOLS-stationsgebouw van het grootste type. Het hoge rechthoekige gebouw heeft zowel aan de straat- als de perronzijde een puntgevel. De GOLS laat diezelfde periode nog negen identieke stationsgebouwen neer. Het stationsgebouw van Doetinchem is echter net als dat van Neede en Terborg voorzien van een aangebouwde goederenloods.

In 1916 is het stationsgebouw aanzienlijk vergroot. Aan de linkerzijde komt een hoog gebouw met zowel aan de straat- als aan de perronzijde een puntgevel. De aanbouw is hoger dan het oorspronkelijke stationsgebouw. Voor de linkervleugel en het middendeel van het oude gebouw komt een lage aanbouw met daarin de nieuwe ingang. De goederenloods krijgt een aanbouw die ongeveer anderhalf keer zo groot als de originele loods is. In de loop der jaren is het stationsgebouw nog een aantal keer verbouwd en opnieuw ingericht. In de jaren '70 krijgt het gebouw nog een nieuwe ingangspartij. In 1983 is het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw.

Het nieuwe stationsgebouw is één van de eerste stationsgebouwen die de spoorwegen weer een opvallend gezicht geven. Het gebouw bestaat uit drie min of meer vierkante bouwdelen van verschillende hoogtes. De drie delen zijn grotendeels opgetrokken uit gewapend beton en bevatten respectievelijk een stationshal, de loketten en een wachtruimte. Het drietal krijgt brede betonnen luifels waarin de bekisting nog terug te zien is. Op één van de luifels komt een daktuin. Het vierde bouwdeel is gesloten, rechthoekig en hoger dan de rest en bevat de stationsklok en het NS-logo. De vier delen zijn met elkaar verbonden met glazen puien in blauwe stalen frames en opvallende lichtstraten. De plafonds bestaan uit een ritmisch spel van houten balken waarin ook de verlichting is ondergebracht. Naast het gebouw komen drie kleurrijke stalen objecten die als 'wachters' langs het spoor staan.

De spoorzijde van station Doetinchem de Huet op 22 juli 2017.
Station Doetinchem De Huet
Dtch
Opening: 2 juni 1985  
Spoorlijn(en): Winterswijk - Zevenaar km 36,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1985 neemt NS aan de spoorlijn Arnhem - Winterswijk de voorstadshalte Doetinchem De Huet in gebruik. De nieuwe halte is één van de tien voorstadshaltes met loketfunctie die NS in de jaren '80 naar een overeenkomend ontwerp laat bouwen. De gebouwtjes zijn ontworpen met vier gestandaardiseerde architectonische componenten, aangepast aan de verschillende stedenbouwkundige uitgangspunten. De gebouwtjes zijn onder andere te herkennen aan de draagconstructie van stalen kokers en de daken met luifels die aan de perronzijde schuin aflopen.

 



De zuidelijke entree van de halte Dordrecht Stadspolders op 16 oktober 2017.

In mei 1990 nemen de Nederlandse Spoorwegen aan de Betuwelijn de nieuwe voorstadshalte Dordrecht Stadspolders in gebruik. De hooggelegen halte aan de enkelsporige spoorlijn krijgt één zijperron en een onderdoorgang voor fietsers en voetgangers. Boven de onderdoorgang komt een eenvoudig rechthoekig loketgebouw met wachtruimte en enkele dienstruimten. Het dak van het gebouwtje is als luifel tot boven de trapopgang getrokken en hangt aan een stalen draagconstructie die bevestigd is aan de licht gebogen betonnen borstwering van het haltegebouw en de betonnen wand langs de trap.

Exact twintig jaar na de opening is het haltegebouwtje gesloopt om plaats te maken voor de verbreding van het perron. De betonnen borstwering blijft hierbij bewaard. Tegelijkertijd krijgt de halte een tweede spoor en een tweede zijperron. Boven de zuidzijde van de onderdoorgang komt langs het perron een kopie van de borstwering en de betonnen wand langs de trap waardoor beide zijden van de voorstadshalte gelijk zijn. Er komt geen nieuw loketgebouw.

 



 Station Dordrecht op 25 oktober 2014.

Hoewel in eerste instantie een standaardstation van het type tweede klasse is voorzien, laten de Staatsspoorwegen in Dordrecht een stationsgebouw van een uniek ontwerp neerzetten. Het lange symmetrische stationsgebouw aan de Staatslijn tussen Rotterdam en Breda krijgt een breed en hoog middendeel en twee lange vleugels met twee hoge eindgebouwen. Voorbij de eindgebouwen komen nog twee korte vleugels die ver naar achteren staan. De straatgevel is vrijwel gelijk aan de perrongevel. Langs het hele gebouw komt aan de perronzijde een luifel. Het station is in in 1872 in gebruik genomen. Hoewel het gebouw aan de binnenzijde regelmatig is verbouwd, is de buitenzijde vrijwel nog in oorspronkelijke staat.

In de jaren '80 krijgt het station een derde perron. De perrons en de achterzijde van het station zijn verbonden met een voetgangerstunnel. In 1996 is aan de westzijde van het station een hoge voetgangersbrug als verbinding tussen het voorplein en de perrons in gebruik genomen.

 

 

De plek van het vroegere haltegebouw van Dordrecht Zuid op 20 augustus 2017.

In 1973 neemt NS aan de spoorlijn tussen Dordrecht en Lage Zwaluwe de nieuwe voorstadshalte Dordrecht Zuid in gebruik. De halte krijgt een stationsgebouwtje van het type sextant. NS laat in de periode 1968-1979 zestien soortgelijke standaard stationsgebouwen bouwen. De meeste exemplaren zijn inmiddels alweer gesloopt. Ook het haltegebouw van Dordrecht Zuid is na het verdwijnen van de loketfunctie enkele jaren eerder in 2001 gesloopt.

 



Het stationsplein van Driebergen-Zeist op 15 augustus 2020.
Station Driebergen-Zeist
Db
Opening: 17 juni 1844
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Elten km 46,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Ín 1844 neemt de NRS station Driebergen aan de Rhijnspoorweg in gebruik. Net als in de meeste andere plaatsen langs de lijn dient een verbouwde directiekeet als tijdelijk stationsgebouw. In 1864 Krijgt Driebergen een echt stationsgebouw. Het redelijke lange lage rechthoekige gebouw bevat naast de gebruikelijke stationsvoorzieningen een woning. Aan de spoorzijde komt langs het gebouw een houten kap boven het perron. Het station staat voortaan als Zeist-Driebergen in Het Spoorboekje.

Rond de eeuwwisseling is het station aanzienlijk verbouwd. Het woongedeelte aan de linkerzijde krijgt hierbij een extra verdieping. De verdieping beslaat een derde van het gebouw. Ook de gevel van de benedenverdieping is bij deze verbouwing aangepast. Naast het verbouwde deel komt nieuwe uitgang. Het opvallend sierlijk uitgevoerde poortgebouw heeft aan beide zijden een toiletgebouwtje. Het eilandperron krijgt een stalen perronkap. Tussen het stationsgebouw en het eilandperron komt een loopbrug. Omdat Zeist inmiddels een eigen station aan de  nieuwe lokaallijn uit De Bilt heeft, heet het station vanaf 1904 weer Driebergen.

De opvallende tijdelijke brug over de bouwplaats met rechts het tijdelijke stationsgebouw. Driebergen, 14 april 2018.Na de sluiting van de eerder genoemde lokaallijn voor het reizigersvervoer heet het station sinds oktober 1948 Driebergen-Zeist. Veertien jaar later maakt het bijna honderd jaar oude stationsgebouw plaats voor een nieuw laag gebouw dat aansluit op de bosrijke omgeving. Het gebouw bestaat vooral uit geelgrijze bakstenen, veel houten betimmeringen en houten dakliggers. Als herkenningspunt krijgt het gebouw een ranke toren met klok en NS-logo. De plattegrond van het gebouw sluit aan op de nabijgelegen overweg die onder 60 graden de spoorlijn kruist. Voor het station komt een nieuw ruim stationsplein. De brug naar het eilandperron maakt al in 1960 plaats voor een tunnel. Aan de Zeister zijde van de tunnel komt dat jaar een eenvoudig gebouwtje met loketten en een wachtruimte. De plattegrond van het gebouwtje is een gelijkzijdige driehoek. De perronkap boven het eilandperron blijft ondanks de nieuwbouw bewaard. In de loop der jaren is de inrichting van het stationsgebouw regelmatig gewijzigd en verdwijnt de karakteristieke schuine plattegrond.

Eind september 2017 is het stationsgebouw gesloopt om plaats te maken voor een extra spoor en een verdiept stationsplein. Aan het plein komen verschillende commerciële ruimtes. Een groot deel bevindt zich onder het verbreedde eilandperron. De inmiddels monumentale perronkap is bij de verbouwing geïntegreerd in de nieuwe kap boven perron. Het nieuwe stationscomplex is in 2020 gereed.

Station Driebergen-Zeist uit 1962 op 2 augustus 2014. Ruim drie jaar later is dit gebouw gesloopt. Het nieuwe eilandperron van Driebergen-Zeist op 15 augustus 2020. Boven de linkerzijde is de monumentale perronkap te zien.

Entree van station Driehuis op 7 april 2018.
Station Driehuis
Drh
Opening: 29 september 1957
Spoorlijn(en): Haarlem - Uitgeest km 7,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In september 1957 neemt NS tegelijkertijd met het nieuwe tracé Santpoort Noord - Beverwijk via de Velsertunnel het station Driehuis Zuid in gebruik. Het eilandperron is via een eenvoudig tunneltje vanaf beide zijden van het spoor bereikbaar. Tussen de trapopgang en de rest van het perron komt een laag rechthoekig stationsgebouw met de gebruikelijke stationsvoorzieningen. Terwijl de loketten en de dienstruimtes aan de noordzijde van het gebouw komen en het gebouw aan deze zijde een vrijwel gesloten wand heeft, komt aan de zuidzijde een gang met een glazen wand. Als herkenningspunt heeft het gebouw een opvallend hoge slanke klokkentoren. Het station staat vanaf 1968 als Driehuis in Het Spoorboekje.

De plek van het voormalige stationsgebouw en de toegang tot de tunnel onder de sporen. Driehuis, 4 april 2018.In de jaren '80 komt het gebouw leeg te staan en wordt het veelvuldig slachtoffer van vandalisme. Het duurt nog tot 1997 tot het gebouw gesloopt wordt. In 2006 zijn de toegangen tot de tunnel zowel aan beide straatzijdes als op het perron vernieuwd. Tegelijkertijd verdwijnt de klokkentoren die na de sloop van het stationsgebouw is blijven staan.

De wachtruimte van Dronryp op 16 september 2017.
Station Dronryp
Drp
Opening: 27 oktober 1863
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 15,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1863 nemen de Staatsspoorwegen de spoorlijn Harlingen - Leeuwarden in gebruik. Dronrijp krijgt hierbij een standaard waterstaatsstation van het type vijfde klasse. Het hoge stationsgebouw kent een middendeel met puntgevel dat zowel aan de straat- als de perronzijde naar voren staat en aan beide zijden een korte vleugel. Vijf jaar na de opening krijgt het station aan de linkerzijde een lage vleugel. In 1899 krijgt ook de rechterzijde een lage vleugel waardoor het gebouw weer symmetrisch is. In 1915 krijgt het middendeel net als een groot aantal vergelijkbare stationsgebouwen die periode een extra verdieping.

Tijdens de grote saneringsslag langs de onrendabele noordelijke nevenlijnen begin jaren '70, is ook het stationsgebouw van Dronrijp niet gespaard. In 1973 is het stationsgebouw gesloopt. In 1975 is bij de nabijgelegen overweg een eenvoudig laag gebouwtje neergezet voor de bediening van de overweg en kaartverkoop. In 1995 is het gebouwtje gesloopt en komt op het stationspleintje een eenvoudige wachtruimte.

Vanaf december 2015 is het station onder de Friese naam Dronryp in de dienstregeling opgenomen.

 



Station Dronten tijdens de opening van de Hanzelijn op 8 december 2012.
Station Dronten
Dron
Opening: 9 december 2012
 
Spoorlijn(en): Lelystad - Zwolle km 20,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In december 2012 wordt de Hanzelijn in gebruik genomen. Tussen Lelystad en Zwolle komen twee nieuwe haltes in min of meer dezelfde vormgeving. Zowel in Dronten als Kampen Zuid verrijzen eenvoudige maar herkenbare haltegebouwen. Het ontwerp van beide viaductstations is qua vormgeving geïnspireerd door station Heemstede-Aerdenhout. De stations krijgen echter geen bemenste voorzieningen. In Dronten komen langs de trappen naar de perrons hoge bakstenen kolommen. Ook de wand onder het viaduct is uitgevoerd in baksteen en fungeert min of meer als stationshal omdat hier voorzieningen als kaartautomaten aanwezig zijn. Langs de perrons komen wachtruimtes in zwartgrijs gelakt staal en glas. Ook de rand van de luifel boven de trappen en liften is in deze kleur uitgevoerd.

 

 

De perronzijde van het stationsgebouw van Duiven op 16 februari 2013.
Station Duiven
Dvn
Opening: 15 februari 1856
 
Sluiting: 4 oktober 1936  
Heropening: 1 juni 1980  
Spoorlijn(en): Amsterdam - Elten km 101,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In februari 1856 neemt de NRS aan de Rhijnspoorweg station Duiven in gebruik. Het eenvoudige rechthoekige stationsgebouw is anderhalve verdieping hoog en grotendeels in gebruik als woning. Daarnaast zijn enkele ruimtese voor de stationsdienst ingericht. In 1936 verdwijnt Duiven uit het Spoorboekje. In 1944 raakt het stationsgebouw tijdens oorloghandelingen zwaar beschadigd en wordt gesloopt.

Nog voordat Duiven in 1981 wordt aangewezen als groeikern neemt NS in juni 1980 weer een station in het dorp in gebruik. Duiven krijgt opnieuw een eenvoudig haltegebouw met loket. Het standaardontwerp verschijnt tegelijkertijd ook in de nabijgelegen plaatsen Elst en Velp. Het lage rechthoekige gebouwtje heeft veel weg van een abri en bestaat uit een wachtruimte, een loket en een dienstruimte. 

 

 

Het stationsgebouw van Duivendrecht vanaf het Stationsplein op 22 juli 2012.

Tegelijkertijd met de doorgetrokken Zuidelijke Tak van de Schiphollijn opent NS in mei 1993 aan de rand van het dorp Duivendrecht, ingeklemd tussen Amsterdamse woonwijken en bedrijventerreinen een imposant overstapstation. Het station biedt reizigers vanuit Utrecht en Zuidoost-Nederland een overstap op de treinen van en naar Schiphol. Bovendien is het station een halte voor de Amsterdamse metro. 

De bovenste perrons zijn bestemd voor de treinen tussen Amsterdam en Utrecht en de lijnen van de Amsterdamse metro. Een verdieping lager bevindt zich de stationshal met loketten en diverse winkels. Aan de hal liggen de perrons voor de treinen vanuit Flevoland en Amersfoort naar Schiphol. Dat het station voornamelijk als overstapstation bedoelt is, blijkt uit de bescheiden entrees op straatniveau. Het station krijgt een stationsplein met parkeergelegenheid aan de zijde van de Amsterdam ArenA en de noordzijde van Amsterdam Zuidoost. Aan de oostzijde van de laaggelegen perrons is een entree voor het dorp Duivendrecht gecreëerd.

De bescheiden maar opvallende entree van station Duivendrecht aan de rand van het gelijknamige dorp. 22 juli 2012.Terwijl dergelijke knooppuntstations zouden kunnen leiden tot de stedelijke ontwikkeling van het omliggende gebied, blijft het stationsgebied van Duivendrecht door oude afspraken tussen de gemeenten Ouder-Amstel en Amsterdam onbebouwd. Het gebied rondom de nabijgelegen halte Amsterdam Bijlmer groeit ondertussen door de komst van de Amsterdam ArenA, de Heikeken Music Hall, een megabioscoop, diverse winkels en andere voorzieningen uit tot een belangrijke plek in Amsterdam. Verschil met Duivendrecht is echter dat hier amper treinen stoppen. Eind 2006 brengt NS verandering in deze scheve verhoudingen. In december dat jaar zijn de Utrechtboog en het vernieuwde station Amsterdam Bijlmer ArenA gereed en rijden vanuit Utrecht rechtstreekse treinen naar Schiphol. De intercity's tussen Utrecht en Amsterdam stoppen niet langer in Duivendrecht. Het station verliest hiermee grotendeels de rol als overstapstation. Tegelijkertijd halveert het aantal in- en uitstappers. De intercity's van en naar Schiphol stoppen voortaan wel in Amsterdam Bijlmer ArenA en in enkele jaren is het aantal in- en uitstappers verviervoudigt.

 

Het stationsgebouw van Echt op 6 december 2014.
Station Echt
Ec
Opening: 21 november 1865
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 mei 1940  
Sluiting: 4 mei 1947  
Heropening: 1 mei 1949  
Spoorlijn(en): Maastricht - Venlo km 33,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als vrijwel alle andere stations uit de eerste periode van de aanleg van spoorwegen door de Staat is ook het station van Echt aan Staatslijn E voorzien van een standaard stationsgebouw. Echt krijgt in 1862 een eenvoudig gebouw van het kleinste type, de 5e klasse. Het rechthoekige gebouw heeft een hoog middendeel met puntgevel en twee korte zijvleugels. Op de benedenverdieping is ruimte voor de hal, wachtkamer, kantoor en opslag en op de bovenverdieping is een woning. De Staatsspoorwegen nemen het gebouw in 1865 tegelijkertijd met het baanvak Maastricht - Venlo in gebruik.

Net als de meeste stationsgebouwen van het type 5e klasse is ook het stationsgebouw van Echt in de loop der jaren vergroot. Zo krijgt het gebouw in 1884 aan beide zijden twee korte lage vleugels. In 1911 is het middendeel van het stationsgebouw met een verdieping verhoogd. Hierna is het gebouw in redelijk originele staat bewaard gebleven.

Om de dienstuitvoering op de verbinding te vereenvoudigen sluit NS in 1938 alle stations tussen Sittard en Roermond. In mei 1940 zijn de stations Echt en Susteren echter weer heropend. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakt de aangebouwde zijgevel zodanig beschadigd dat deze in 1945 is gesloopt. Twee jaar later sluit NS het station opnieuw. Na de elektrificatie van de lijn in 1949 is Susteren weer in de dienstregeling opgenomen.

Hoewel NS plannen heeft het gebouw net als de meeste soortgelijke stationsgebouwen te slopen, weet de gemeente dit te voorkomen. Inmiddels is een bloemenzaak in het gebouw gevestigd.

 

 

Station Ede Centrum op 13 augustus 2017. 

In mei 1902 neemt Spoorwegmaatschappij 'De Veluwe' het traject Barneveld - Ede van de zogenaamde Kippenlijn in gebruik. In Ede, Lunteren en Voorthuizen komt een groot stationsgebouw van hetzelfde ontwerp. Het hoge gebouw heeft een asymmetrische raamindeling en een iets naar voren staand middendeel met puntgevel. Aan de linkerzijde van het gebouw komt een lage goederenloods. Langs de gehele perronzijde van het gebouw komt een lijfel. In 1944 sluit NS de Kippenlijn.

In 1951 is het baanvak geëlektrificeerd en opnieuw in gebruik genomen. De stationsnaam Ede-Dorp maakt plaats voor Ede Centrum. Het gebouw is sinds 1975 een Rijksmoment. Vanaf dat jaar tot 2015 is het Historisch Museum Ede in het gebouw gevestigd.



 
De entree van station Eemshaven op 1 april 2018, vier dagen na de ingebruikname.
Station Eemshaven
Eem
Opening: 28 maart 2018
 
Spoorlijn(en): Roodeschool - Eemshaven km 202,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Op 28 maart 2018 is het nieuwe station Eemshaven aan de verlengde stamlijn naar de gelijknamige haven in gebruik genomen. Het station bestaat vooralsnog uit een perron met een geïmporviseerd stationspleintje. Na de ingebruikname wordt het stationsgebied verder afgebouwd en volgt de officiële opening.

 



Het stationsgebouw van Eindhoven op 20 september 2015.
Station Eindhoven Centraal
Ehv
Opening: 1 juli 1866
Spoorlijn(en): Breda - Eindhoven km 58,9
  Hasselt - Eindhoven km 60,2
  Venlo - Eindhoven km 51,6
  Eindhoven - Weert km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1866 nemen de Staatsspoorwegen met het traject Boxtel - Venlo de laatste etappe van Staatslijn E in gebruik. In Eindhoven komt een standaard stationsgebouw van het type derde klasse. Het symmetrische ontwerp is een verkleinde versie van het type tweede klasse dat alleen in Zutphen is gebouwd. Het stationsgebouw kent een hoge middenrisaliet met aan weerszijde een korte lage vleugel die wat naar achteren staat. Beide vleugels hebben korte eindvleugels. Ook deze vleugels staan weer wat naar achteren. In Eindhoven krijgen beide eindvleugels, in tegenstelling tot de andere stationsgebouwen van het type, twee grote deuren. Al in 1885 is het stationsgebouw ingrijpend verbouwd. Beide vleugels verdwijnen in twee nieuwe lange en brede vleugels. Voor het middendeel komt een nieuwe entreepartij met drie grote deuren.

Met het oog op de nieuwe lijn naar Weert worden plannen gemaakt om het stationsgebouw opnieuw aanzienlijk te vergroten. Later is gekozen om het complete stationsgebouw te vervangen door nieuwbouw. Hoewel het nieuwe eilandperron met perrongebouwen en overkapping al in 1915 gereed is, volgt het nieuwe strakke stationsgebouw pas een jaar later. Het asymmetrische gebouw krijgt een lage entree waarachter in een hoog gebouw met tentdak en grote vensters de stationshal is ondergebracht. Aan beide zijden van het middendeel komt een lange vleugel. Hierbij is de rechter vleugel aanzienlijk langer, maar grotendeels lager dan het linker deel. Het gebouw en het perron zijn verbonden via een reizigerstunnel.

Bij de wederopbouw van het centrum na de Tweede Wereldoorlog is besloten om de hele stad te moderniseren. Naast een nieuw stadhuis, moderne winkelstraten en een ruime universiteitscampus krijgt de stad brede wegen met grote verkeerspleinen. De spoorlijn wordt opgehoogd om zo de barrière door de stad op te heffen. Om ruimte te maken voor een voorplein waar ook auto's, taxi's en bussen gebruik van kunnen maken, wordt de spoorlijn bijna 150 meter naar het noorden opgeschoven. In 1953 is zijn de nieuwe hooggelegen sporen en de smalle reizigerstunnel met kleine winkelruimtes die de drie nieuwe eilandperrons verbindt, gereed. Boven de perrons en de perronsporen komt een eenvoudige 140 meter lange stalen kap die gedragen wordt door overbodig geraakte stalen panelen van Baileybruggen. De kap kan relatief laag blijven met het oog op het einde van de stoomtractie. Met het verplaatsen van de treindienst naar de hooggelegen sporen kan het oude emplacement opgebroken worden en begint de bouw van het nieuwe stationsgebouw. Het gebouw krijgt een hoge glazen gevel waarachter de stationsrestauratie te vinden is. Onder het hoge deel komt de naar achter gelegen entree naar de stationshal. Achter de stationshal ligt genoemde reizigerstunnel. Aan de linkerzijde van het gebouw komt een 26 meter hoge klokkentoren waarin een schoorsteen verborgen is. Na de opening van het nieuwe stationsgebouw in 1956 is het oude gebouw, dat inmiddels met de rug naar het nieuwe stationsplein staat, gesloopt.

In 1991 krijgt Eindhoven ook aan de noordzijde van het station een stationsgebouw. Het gebouw bestaat grotendeels uit drie verdiepingen met kantoorruimtes. Op de benedenverdieping zijn naast een stationshal ook winkels en loketten ondergebracht. De entree en de stationshal zijn voor de herkenbaarheid zelfs twee verdiepingen hoog. De gevel boven de entree is gebogen uitgevoerd. Aan de voorzijde komt een drie meter brede luifel voor reizigers van het nieuwe busstation.

In 2008 krijgt het oude stationsgebouw de status van Rijksmonument. Drie jaar later start de restauratie van het complete station. Naast de oude reizigerstunnel komt een volledig nieuwe en passage van 34 meter breed waarin ook de winkels zijn ondergebracht. In de oude tunnel komt een lichtkunstwerk en zijn authentieke elementen als de mozaïeken in ere hersteld. Ook de oude stationsrestauratie is vrijwel compleet gereconstrueerd. Het stationsgebouw aan de noordzijde is in 2017 in aansluiting op de rest van het stationscomplex gerenoveerd. In het voorjaar van 2018 is de restauratie van station Eindhoven gereed. Anderhalf jaar later krijgt het station de toevoeging Centraal.

 
De sextant van, dan nog, Eindhoven Beukenlaan op 20 september 2015.
Station Eindhoven Strijp-S
Ehs
Opening: 26 september 1971
Spoorlijn(en): Breda - Eindhoven km 56,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Eind jaren '60, begin jaren '70 neemt NS een groot aantal voorstadshaltes in gebruik. In Eindhoven wordt in september 1971 ter hoogte van een aantal grote complexen van Philips aan de lijn naar Boxtel de halte Beukenlaan in gebruik genomen. De halte krijgt net als 15 andere haltes uit diezelfde periode een standaard-haltegebouw van het type sextant.

Eind jaren '90 wordt de lijn naar Boxtel uitgebreid van twee naar vier sporen. Terwijl het emplacement en het aantal perrons wordt uitgebreid en er een nieuwe perrontunnel komt, blijft het haltegebouw behouden. Hier bevindt zich een snackbar.

Eén van de opvallende wanden van Eindhoven Strijp-S op 20 september 2015.Begin 2014 wordt bekend dat de halte vernoemd wordt naar het voormalige bedrijventerrein van Philips dat inmiddels is ontwikkeld tot stadswijk: Strijp-S. De daaropvolgende maanden is de uitstraling van de stationsomgeving aangepakt. In en om het station is onder andere de verlichting en het meubilair gemoderniseerd en zijn de tunnelwanden voorzien van graphics die verwijzen naar Strijp-S. De officiele naamswijziging gaat op 13 december 2015 in.

Het stationsgebouw van Elst na de aanleg van de tunnel voor het langzaam verkeer. Beide gebouwtjes uit 1980 blijven hierbij bewaard, maar worden overschaduwd door twee nieuwe kappen. Elst, 1 mei 2021.
Station Elst
Est
Opening: 15 juni 1879
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Nijmegen km 8,7
  Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Als onderdeel van de tweede aanleg van staatsspoorwegen in Nederland is de verbinding Arnhem - Nijmegen aangelegd. Elst krijgt hierbij een relatief groot stationsgebouw van een geheel nieuwe uitvoering van het standaardtype vierde klasse. Het symmetrische gebouw is in 1879 in gebruik genomen en heeft in het midden aan de straatzijde een hoge puntgevel. Hier bevinden zich de toegangsdeuren naar de stationshal. Beide uiteinden van de lange lage zijvleugels hebben eveneens een puntgevel. Langs het hele 58 meter lange gebouw komt een perronkap. De plaatsing van het grote stationsgebouw is grotendeels te verklaren doordat vanuit Elst ook een nieuwe spoorlijn naar Geldermalsen is gepland en er, nooit uitgevoerde, plannen voor een nieuwe spoorlijn naar Zevenaar zijn. Hoewel de ontwerpen van de zogenaamde Waterstaatstations doorgaans in verschillende plaatsen worden toegepast, blijft het langgerekte stationsgebouw in Elst een uniek exemplaar.

Aan het eind van de negentiende eeuw vindt de eerste grote uitbreiding van het emplacement plaats. In de jaren '20 wordt Elst één van de vier centrale overslagplaatsen van NS. Het emplacement is hierbij uitgebreid tot maar liefst 26 sporen. In 1939 zijn de hoofdsporen rechtgetrokken waardoor de reizigerssporen op enige afstand van het stationsgebouw komen te liggen. De vroegere reizigerssporen worden hierbij goederensporen. Het stationsgebouw verandert steeds meer in een opslagruimte. Op het oude perron komt een parkeerterrein en onder de kap een fietsenstalling.

Het haltegebouwtje en aan de overkant de wachtruimte in Elst op 27 mei 2012.In 1978 staakt NS het gebruik van het goederenemplacement in Elst. Twee jaar later is enkele honderden meters ten noorden van het station het nieuwe reizigersstation in gebruik genomen. Elst krijgt hierbij een zeer marginaal haltegebouw. Het gebouwtje is van hetzelfde ontwerp als de nieuwe stationsgebouwen van Duiven en Velp. In het gebouwtje zijn alleen loket en wachtruimte aanwezig. Op het andere perron verschijnt een wachtruimte van dezelfde vormgeving met knik in het dak. Het oude tracé langs het oude stationsgebouw is dan al enkele jaren in gebruik als ontsluitingsweg van de Heinz fabrieken. Het oude stationsgebouw blijft nog tot in 1981 als opslagruimte langs de weg staan.

In 2016 is tussen beide zijperrons een nieuwe onderdoorgang in gebruik genomen. Boven beide trappen komt een opvallende luifel. Deze zijn rond de nieuwe liften doorgetrokken als perronoverkapping. De bestaande gebouwtjes uit 1980 komen onder de nieuwe overkappingen te staan en zijn diezelfde periode enigzins gemoderniseerd.

Het stationsgebouw van Emmen op 2 december 2012.
Station Emmen
Emn
Opening: 1 november 1905
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 75,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Aan het begin van de twintigste eeuw legt de De Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij een net van lokaalspoorlijnen in Overijssel, Drenthe en Groningen aan. De stationsgebouwen langs de lijnen zijn grotendeels varianten op enkele standaardontwerpen. Zo krijgt Emmen aan de lijn Zwolle - Stadskanaal in 1903 een stationsgebouw waarvan het ontwerp van het hoge deel en de rechtervleugel vrijwel gelijk is aan dat van de gelijktijdig gebouwde stationsgebouwen van Mariënberg en Gasselternijveen. De hoge asymmetrische gebouwen hebben aan de straatzijde twee puntgevels en aan de perronzijde één. De verschillende dienstruimten bevinden zich uiteraard beneden. De bovenverdiepingen zijn in gebruik als woning. In Emmen staat bovendien een lange goederenloods naast het gebouw. De NOLS zet in Stadskanaal en Wildervank in spiegelbeeld stationsgebouwen van hetzelfde ontwerp neer. De NOLS neemt het stationsgebouw van Emmen in november 1905 tegelijkertijd met het baanvak Coevorden - Gasselternijveen in gebruik.

Na de Tweede Wereldoorlog wordt Emmen het eindpunt van de lokaallijn uit Zwolle. NS bouwt de verbinding begin jaren '60 om tot hoofdspoorlijn. Daarnaast is het stationsgebouw in 1965 gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw. Het nieuwe transparante stationsgebouw kent slechts één bouwlaag. Omdat Emmen inmiddels is aangewezen als groeikern, krijgt het nieuwe stationsgebouw voorzieningen als bijvoorbeeld een stationsrestauratie. Om het lage gebouw nog enigzins op te laten vallen, heeft het over vrijwel de gehele breedte als bindend element een opvallende vouwkap.

 

 

 

 

Het stationsgebouw van Enkhuizen op 15 april 2017.
Station Enkhuizen
Ekz
Opening: 6 juni 1885
Spoorlijn(en): Zaandam - Enkhuizen km 49,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juni 1885 wordt station Enkhuizen als eindpunt van de staatslijn uit Zaandam in gebruik genomen. Het kopstation dient tevens als overstapstation naar de veerboot naar Stavoren. Het unieke ontwerp kent een T-vormige plattegrond. Het stationsgebouw bestaat uit een hoog vrijwel vierkant gebouw met drie vrijwel identieke gevels. Alleen de voorgevel is iets breder. Achter het gebouw staat een lage korte vleugel. Haaks op deze vleugel staat een lang laag gebouw. Terwijl de lange zijde van het gebouw naar het water is gekeerd, eindigen de sporen tegen de westelijke zijgevel. Langs de gehele westelijke gevel komt een luifel. Tussen de lange zijde en de aanlegsteiger van de veerboot komt een overkapping.

Na het beëindigen van de reguliere veerdienst is de kap langs de lange zijde ingekort. Later komt een overdekt terras aan deze zijde van het gebouw. De luifel aan de perronzijde verdwijnt begin jaren '70 voor de elektrificatie van de sporen. Het stationsgebouw zelf blijft vrijwel ongewijzigd. Dit geldt ook voor het interieur. Het gebouw is in 1997 samen met de bijbehorende goederenloods benoemd tot Rijksmonument. Het gebouw is in de eerste jaren na de eeuwwisseling geheel opgeknapt.

 



Het stationsgebouw van Enschede op 23 november 2014.
Station Enschede
Es
Opening: 1 juli 1866
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Enschede - Gronau km 53,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tijdens de eerste aanleg van spoorlijnen door de Staat worden standaardstations in vijf verschillende klassen gebouwd. Tijdens de aanleg van de spoorlijnen zijn diverse nieuwe uitvoeringen ontworpen. Zo komen er in 1865 twee nieuwe ontwerpen voor het type derde klasse. Terwijl één uitvoering in zo'n tien plaatsen verschijnt, komt het andere ontwerp alleen in Enschede, Hengelo en Meppel te staan. Het station van Enschede is juli 1866 als voorlopig eindpunt van de Staatslijn van Zutphen naar Duitsland in gebruik genomen. Het symmetrische gebouw heeft een hoog middendeel en aan beide zijden een lage zijvleugel. Naast de zijvleugels staan vrijstaande gebouwtjes. De ene is in gebruik als berging, in de andere bevinden zich de toiletten. Beide gebouwtjes zijn met een muur aan het stationsgebouw verbonden. In de loop der jaren is het station met verschillende aanbouwen vergroot en gaan er regelmatig stemmen op om het gebouw te vervangen door nieuwbouw. Het duurt uiteindelijk tot 1950 tot het verwaarloosde stationsgebouw te vervangen door nieuwbouw.

De elektrificatieplannen en bijbehorende emplacementswijzigingen zorgen ervoor dat NS zo'n 300 meter ten oosten van het oude gebouw een nieuw stationsgebouw laat neerzetten. Het gebouw is de eerste van een reeks grote naoorlogse stations die grotendeels uit beton bestaan. De wanden van het gebouw zijn opgetrokken uit maar liefst 3.500 betonnen prefab elementen. Het grootste deel van het station is uitgevoerd als kopstation. Tussen de kopsporen en het stationsplein komt een bijna vierkant ontvangstgebouw. Aan beide straatzijden komen brede bordestrappen en pergola's. De trappen zijn nodig omdat de ontvangsthal op het hoger gelegen perronniveau is gesitueerd. Hierdoor is onder het gebouw plaats voor een fietsenstalling. Langs het zijperron voor het treinverkeer naar Duitsland komt een langgerekt laag bouwdeel. Ook krijgt het gebouw net als de soortgelijke wederopbouwstations uit die tijd een hoge klokkentoren waarin de schoorsteen van de centrale verwarming is verstopt. In eerste instantie is alleen het perron langs het gebouw overdekt. In 1975 krijgen ook de perrons langs de kopsporen een overkapping.

Voor de verplaatsing van het busstation naar de zuidzijde van het station is met name de zuidelijke entree in 2000 aanzienlijk verbouwd. Hierbij verdwijnt een groot deel van de oorspronkelijke inrichting en zijn diverse betonnen elementen vervangen door natuursteen. Ook komen er nieuwe trappen en een glazen luifel. Twintig jaar later is het stationsgebouw weer zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat hersteld.

 

 

 

De lege fietsenstalling vormt op 30 mei 2015 een toepasselijk decor voor de amper gebruikte halte Enschede De Eschmarke.
Station Enschede De Eschmarke
Ese
Opening: 18 november 2001
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Enschede - Gronau km 57,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In november 2001 wordt de spoorlijn Enschede - Gronau opnieuw in gebruik genomen. In Nederland komen langs de lijn uit 1868 twee nieuwe haltes: Enschede De Eschmarke en Glanerbrug. Voornaamste reden voor de opening van de haltes zijn de geplande nieuwbouwwijken aan de oostzijde van Enschede. Enschede De Eschmarke is bij de opening slechts voorzien van een perron met abri en een Duitse kaartautomaat. Later volgen een Nederlandse automaat en een OV-chipkaartpaal. Met het uitblijven van de nieuwbouwwijken is De Eschmarke met enkele tientallen in- en uitstappers per dag al jarenlang de minst gebruikte halte van Nederland.

 

 

Halte Enschede Drienerlo op 12 november 2011. De halte krijgt de laatste jaren steeds meer het uiterlijk van een echte stadionhalte.
Station Enschede Kennispark
Esk
Opening: 22 november 1996
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Enschede - Gronau km 49,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1996 opent NS in de nieuwe voorstadshalte Enschede Drienerlo. De halte ligt halverwege de spoorlijn Hengelo - Enschede tussen een nieuw bedrijventerrein en het voetbalstadion van FC Twente. De halte is geaccentueerd met een kegelvormig hoofdgebouw met enkele commerciele ruimten en een wachtkamer ter hoogte van het perron. Langs de route naar de tunnel onder het spoor zijn waterpartijen aangelegd. Later is het station voorzien van diverse hekwerken om de supportersstromen te reguleren. Verschillende muren zijn later rood geschilderd en voorzien van afbeeldingen die met de Twentse voetbalhistorie te maken hebben.

In 2012 is het voorplein vergroot en verdwijnen de waterpartijen. Vanaf december 2015 heet de halte Enschede Kennispark.

 

Station Ermelo op 13 augustus 2017.
Station Ermelo
Eml
Opening: 1 juni 1882
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 44,6
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1882 neemt de NCS aan de Centraalspoorweg het station Ermelo-Veldwijk in gebruik. Het ontwerp van het stationsgebouw is gelijk aan dat van De Bilt en Hulshorst die bijna twintig jaar eerder aan dezelfde spoorlijn zijn gebouwd en in 1876 van een extra verdieping zijn voorzien. Het eenvoudige rechthoekige gebouw kent op de begande grond alle noodzakelijke stationsvoorzieningen en op de eerste verdieping een woning. In tegenstelling tot de twee oudere stationsgebouwen, krijgt Ermelo-Veldwijk een dak met een knik.

Rond de eeuwwisseling krijgen diverse stations aan de Centraalspoorweg een nieuw breed eilandperron met daarop de nodige voorzieningen. In 1897 verhuizen ook de stationsvoorzieningen van Ermelo-Veldwijk naar een nieuw gebouw dat op het nieuwe eilandperron is gezet. In het gebouw komen loketten, een bagage-afdeling, twee wachtruimtes en een toiletruimte.

Het station staat vanaf 1952 als Ermelo in Het Spoorboekje. Acht jaar later is het eerste stationsgebouw gesloopt.

 



 Het stationsgebouw van Etten-Leur met de karakteristieke letters 'Nederlandse Spoorwegen' op 27 augustus 2016.

Begin jaren '50 van de negentiende eeuw legt de Société Anonyme des Chemins de Fer d'Anvers à Rotterdam als zijtak van de spoorlijn tussen Antwerpen en Moerdijk een spoorlijn van Roosendaal naar Breda aan. In juli 1854 neemt de AR het baanvak tussen Roosendaal en de Vosschendaalschestraat in Etten in gebruik. Vijf maanden later is de spoorlijn doorgetrokken naar het station van Etten. Weer een half jaar later is ook Breda per spoor bereikbaar. Station Etten kent alleen een eenvoudige dienstwoning zonder verdere voorzieningen. In 1880 gaat de spoorlijn over naar de Staatsspoorwegen en krijgt het station de naam Etten-Leur. In 1885 krijgt de rechthoekige woning een verdieping en komen op de begane grond de stationsvoorzieningen. In 1913 krijgt het gebouw aan de linkerzijde een sierlijke hoge aanbouw met puntgevel. In mei 1938 sluit NS het station. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog is het nog enkele maanden in gebruik.

In 1965 keert Etten-Leur terug in Het Spoorboekje. Hoewel het oude stationsgebouw er nog staat, laat NS zo'n 350 meter ten westen hiervan een nieuw standaard stationsgebouw neerzetten. Naar voorbeeld van onder andere Wierden krijgt Etten-Leur een eenvoudig rechthoeking gebouw van één verdieping. In het gebouw zijn de stationsdiensten en een grote wachtkamer ondergebracht. Behalve de karakteristieke bakstenen schijf aan de straatzijde is het gebouw grotendeels transparant. Het dak is doorgetrokken over de toegang tussen stationsplein en het perron. Varianten van hetzelfde type verschijnen later onder andere in Schagen en Deurne. Het oude stationsgebouw is in hetzelfde jaar van de opening van het nieuwe station gesloopt.

 



Eygelshoven
Station Eygelshoven
Egh
Opening: 15 mei 1949
Spoorlijn(en): Landgraaf - Simpelveld km 2,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Vanaf mei 1949 laat NS op de Miljoenenlijn de eerste reizigerstreinen rijden. Langs de lijn worden tegelijkertijd enkele haltes geopend. Bij Eygelshoven wordt de halte Hopel in gebruik genomen. Eygelshoven heeft dan nog een station aan de lijn naar Herzogenrath. Dit station is op 1 januari 1952 gesloten. Ondanks dat de halte Hopel buiten de toenmalige gemeentegrenzen van Eygelshoven ligt, krijgt de halte in 1966 de naam van het dorp. Ondertussen is de halte in 1960 voorzien van een eenvoudig haltegebouw met loket en wachtruimte. Het gebouw is na enkele jaren leegstand in 2000 gesloopt. Op de plek van het gebouw is een kleine fietsenstalling neergezet. In december 2007 is op de plek van het oude station Eygelshoven de halte Eygelshoven Markt in gebruik genomen.

Eygelshoven Markt
Station Eygelshoven Markt
Eghm
Opening: 1 januari 1909
Sluiting: 18 mei 1952  
Heropening: 9 december 2007  
Spoorlijn(en): Sittard - Herzogenrath km 24,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In januari 1909 wordt aan de spoorlijn Sittard - Herzogenrath het station Eijgelshoven geopend. Het station is voorzien van een eenvoudig haltegebouw. Wanneer NS op 1 januari 1952 de treindienst naar Haanrade beëindigt, wordt het station gesloten en het haltegebouwtje gesloopt. Het dorp Eygelshoven is dan inmiddels ruim twee jaar per spoor bereikbaar via de nabijgelegen halte Hopel aan de Miljoenenlijn. In 1966 hernoemt NS deze halte in Eygelshoven. In 1992 wordt het baanvak Heerlen - Herzogenrath opnieuw in gebruik genomen. Het duurt echter nog tot december 2007 voordat op de plek van het oude station de halte Eygelshoven Markt geopend wordt. De halte kent een lange glazen wand met afdak en enkele banken. Ruim anderhalf jaar lang is alleen een Duitse kaartautomaat aanwezig. 

 

 

De abri van Franeker op 1 november 2014.
Station Franeker
Fn
Opening: 27 oktober 1863
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 9,6
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1863 nemen de Staatsspoorwegen met het baanvak Harlingen - Leeuwarden het eerste deel van de Staatslijn tussen Harlingen en de Duitse grens in gebruik. In Franeker wordt een waterstaatsstation van het type vierde klasse gebouwd. Het stationsgebouw is vijf jaar na de opening alweer vergroot met twee lage korte zijvleugels. In tegenstelling tot de meeste vergrote standaardstations van hetzelfde type blijft het stationsgebouw ook na de verbouwing symmetrisch.

Het bescheiden emplacement met het smalle perron van Franeker op 1 november 2014.Tijdens de grote saneringsslag langs de onrendabele noordelijke nevenlijnen begin jaren '70, wordt ook het stationsgebouw van Franeker niet gespaard. Hoewel Franeker een relatief grote plaats is, wordt het gebouw in 1973 gesloopt en slechts vervangen door een eenvoudige abri. Ondanks enkele schilderbeurten en vernieuwing van het meubilair, bevindt het bouwwerk zich nog vrijwel in oorspronkelijke staat. Op het dak is het blauwe bord met NS-logo inmiddels vervangen door een rood bord met Arriva-logo.

Entree van de zeer eenvoudige halte Gaanderen op 22 juli 2017.
Station Gaanderen
Gdr
Opening: 10 februari 1927
 
Sluiting 15 mei 1934  
Heropening 10 december 2006  
Spoorlijn(en): Winterswijk - Zevenaar km 28,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In februari 1927 wordt de halte Gaanderen in gebruik genomen. De halte vervangt de halte Gaanderen-Oosselt die vanaf 1887, twee jaar na de opening van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar, halverwege beide buurtschappen ligt. De nieuwe halte, die zo'n 1,7 kilometer oostelijk ligt, is vooral bestemd voor de werknemers van de nabijgelegen fabrieken en kent alleen een eenvoudig perron aan de noordzijde van de lokaallijn. Tegelijkertijd zijn enkele fabrieksaansluitingen aangelegd. In mei 1934 stoppen de laatste reizigerstreinen in Gaanderen. De fabrieksaansluitingen verdwijnen pas begin jaren '70.

In december 2006 neemt Syntus de halte Gaanderen opnieuw in gebruik. Ditmaal ligt het perron aan de zuidzijde van de enkelsporige lijn. Naast een kaartautomaat en enkele bankjes komen er geen verdere voorzieningen.

 



Het stationsgebouw van Geldermalsen op 27 augustus 2016.
Station Geldermalsen
Gdm
Opening: 1 november 1868
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Boxtel km 25,8
  Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 44,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1866 introduceren de Staatsspoorwegen nieuwe standaardontwerpen voor de zogenaamde Waterstaatstations van de types vierde en vijfde klasse. De gebouwen verrijzen voornamelijk langs de Staatslijnen H en I. Ook Geldermalsen krijgt een stationsgebouw van het nieuwe type vijfde klasse. Het eenvoudige lage rechthoekige gebouw heeft een dienstwoning en de standaard stationsvoorzieningen. Het station wordt bij de opening van het baanvak Utrecht - Waardenburg in 1868 in gebruik genomen. Langs de spoorlijn krijgen ook Houten, Schalkwijk, Culemborg en Waardenburg een stationsgebouw van hetzelfde type. 

Door de komst van de Betuwelijn die ter hoogte van Geldermalsen Staatslijn H kruist, krijgt het dorp in 1884 een compleet nieuw stationsgebouw. Op het nieuwe eilandperron komt een groot asymmetrisch gebouw met een deel van 2,5 verdieping hoog met hierin de dienstwoning. Aan één zijde komt een korte vleugel van 1,5 verdieping met hierin de ontvangsthal met loketten. Aan de andere zijde komt een lange vleugel van 1,5 verdieping met hierin de overige voorzieningen als de wachtkamers en de bagage-afhandeling. Een groot deel van het perron is overkapt. De overkapping loopt ook langs het gebouw waardoor dit voor de voornamelijk doorgaande reizigers aan het zicht is onttrokken. Na de opening van het nieuwe station is het oude gebouw gesloopt.

In 1891 zijn beide zijden van het station met het eilandperron verbonden doormiddel van een smalle loopbrug. In 1973 is de brug aan de oostzijde vervangen door een tunneltje. In 2011 krijgt het station een nieuwe traverse die opnieuw beide zijden van het station met het eilandperron verbindt. Van de monumentale voetgangersbrug gaat een deel naar de MBS en een deel de SGB.

Het stationsgebouw van Geldermalsen aan de zijde van Deil op 5 april 2021. De brug over het emplacement is nog altijd aanwezig. Achter de schermen wordt gewerkt aan de nieuwe reizigerstunnel.Van 2013 tot 2016 vindt de restauratie van zowel het interieur als het exterieur van het monumentale stationsgebouw plaats. Een deel van het gebouw is hierna weer toegankelijk voor reizigers. Het grootste deel is te huur als vergaderruimte en kantoor. Ook de perronkappen krijgen een opknapbeurt. Deze is hierbij echter met ongeveer een derde ingekort. Direct de restauratie start de omvangrijke herinrichting van het emplacement. Hierbij is het eilandperron ingekort en komt langs spoor 1 en spoor 6 een nieuw perron. Laatstgenoemd perron krijgt bovendien een kopspoor voor de treindienst naar Dordrecht. Boven de entree naar het perron en de nieuwe tunnel voor langzaam verkeer die later wordt gebouwd, komt een grote kap. Het nieuwe sporenplan is in de zomer van 2020 gereed. De nieuwe tunnel en de afwerking van het stationsgebied volgt het daaropvolgende jaar. Zodra de tunnel gereed is, wordt de traverse uit 2011 alweer gesloopt.

Het plein waar tot 2006 het stationsgebouw van Geleen Oost staat op 9 juni 2012.
Station Geleen Oost
Gln
Opening: 1 mei 1896
Spoorlijn(en): Sittard - Herzogenrath km 4,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1896 neemt de Nederlandsche Zuider-Spoorwegmaatschappij de lokaallijn tussen Sittard, Heerlen en Herzogenrath in gebruik. Behalve het grensstation Kerkrade Rolduc krijgen alle Nederlandse stations langs de lijn een standaard stationsgebouw. Het ontwerp is gelijk aan die van de grotere stationsgebouwen die de GOLS enkele jaren eerder in de Achterhoek en Twente neerzet. De hoge rechthoekige gebouwen zijn twee en een halve verdieping hoog en nagenoeg symmetrisch.

Met de komst van de NZS-lijn krijgt Geleen een tweede station naast het bestaande station aan de Staatlijn naar Maastricht. Terwijl het station de eerste jaren gewoon Geleen heet, krijgt het in 1899 de toevoeging Z.S.. Deze toevoeging maakt in 1909 plaats voor de letters Z.O.. Enkele jaren later wordt het station aan de staatslijn hernoemd in Lutterade en heet het station aan de lijn naar Heerlen weer gewoon Geleen. Vanaf 1954 staat het station als Geleen Oost in het Spoorboekje.

Tien jaar later is het stationgebouw gesloopt om plaats te maken voor een nieuw gebouw. Het eenvoudige standaardgebouw krijgt de gebruikelijke ruimten als loketten, een wachtkamer en een bloktoestel. Het lage rechthoekige gebouw is vrijwel geheel transparant. Aan de straatzijde komt, net als bij soortgelijke gebouwen uit die tijd, een bakstenen muur met daarop een kunstwerk.

In 2006 is het gebouw gesloopt en resteert alleen een opvallend groot en leeg stationsplein.

 

 

Het brede, lege eilandperron van Geleen-Lutterade op 10 september 2015. Op de achtergrond de bomen die de plek van het oude station verder accentueren.
Station Geleen-Lutterade
Lut
Opening: 25 april 1868
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 mei 1940  
Sluiting: 4 mei 1947  
Heropening: 1 mei 1949  
Spoorlijn(en): Maastricht - Venlo km 18,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1868 nemen de Staatsspoorwegen aan de spoorlijn Breda - Maastricht de halte Geleen in gebruik. In 1890 krijgt de halte een klein stationsgebouw met woning. Later zijn hier enkele dienstgebouwen aan toegevoegd. De komst van een station in Geleen aan de lokaallijn tussen Sittard en Heerlen zorgt ervoor dat het bestaande station in 1895 de toevoeging SS krijgt. In 1913 wordt het station vernoemd naar de woonwijk waar het in ligt: Lutterade.

Begin jaren '30 is het emplacement van Lutterade uitgebreid en krijgt het station een opvallend breed eilandperron. Op het perron komt in 1931 een grote overkapping met daaronder vier gebouwtjes. Naast dienstruimten zijn er in twee gebouwtjes wachtkamers voor 1e, 2e en 3e klasse reizigers en mijnwerkers. Met het oog op aardverschuivingen in het mijnbouwgebied zijn de gebouwtjes voorzien van een opvijzelinrichting. Hiermee kunnen de gebouwtjes bij eventuele verzakkingen weer op hoogte worden gebracht. De gebouwtjes hebben een stalen skelet dat rust op een betonnen onderbalk. Vanaf mei 1954 staat het station als Geleen-Lutterade in het Spoorboekje.

Het complex is in 1975 gesloopt. Voor de benodigde voorzieningen plaatst NS in 1976 een zogenaamde sextant op het eilandperron. De rest van de ruimte is vooral opgevuld met groen. In 2006 is ook de sextant gesloopt en resteert een leeg plein met een kaartautomaat.

De perronzijde van station Gilze-Rijen op 24 augustus 2014.
Station Gilze-Rijen
Gz
Opening: 5 oktober 1863
Spoorlijn(en): Breda - Eindhoven km 11,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de opening van het baanvak Breda - Tilburg van Staatslijn E in oktober 1863 krijgt Gilze-Rijen een standaard stationsgebouw van het type vijfde klasse. Het gebouw heeft hoog middendeel met puntgevel welke aan de perronzijde naar voren staat en twee korte zijgevels. Net als een groot aantal soortgelijke stationsgebouwen is ook het stationsgebouw van Gilze-Rijen vergroot. In 1893 krijgt het gebouw twee lage zijvleugels. Veertien jaar later is het middendeel van een extra verdieping voorzien.

In 1911 raakt het stationsgebouw door brand onherstelbaar beschadigd. Vijf jaar later krijgt Gilze-Rijen pas weer een compleet nieuw stationsgebouw. Het asymmetrische gebouw is grotendeeels twee verdiepingen hoog en heeft een zolder met opvallend hoge daken. Aan de straatzijde krijgt het gebouw een brede trap naar het voorportaal dat vrijwel geheel in glas is uitgevoerd. Aan de perronzijde komt een erker van twee verdiepingen die eveneens vrijwel geheel uit glas bestaat. In de loop der jaren is het gebouw gedeeltelijk gemoderniseerd en vereenvoudigd. Zo verdwijnen de kleine ruitjes van de erker en de trap en het voorportaal aan de straatzijde.

In 2020 is het monumentale stationsgebouw weer grotendeels in oude luister gerestaureerd. Hierbij krijgt een deel van de binnenruimte en horecabestemming en is zo weer toegankelijk voor reizigers.

 

 

De eenvoudige halte Glanerbrug op 30 mei 2015.
Station Glanerbrug
Gbr
Opening: 18 november 2001
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Enschede - Gronau km 60,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1868 nemen de Staatsspoorwegen de spoorlijn Enschede - Glanerbeek in gebruik. In afwachting van het doortrekken van de lijn naar Duitsland komt bij de Glanerbeek een gelijknamige eindhalte. In 1875 is de lijn naar Gronau gereed en wordt de eenvoudige halte gesloten. In 1889 nemen de SS de halte onder de naam Glanerbrug opnieuw in gebruik. Voornamelijk voor het vervoer van fabrieksarbeiders naar de nabijgelegen textielfabriek. Enkele jaren later is de halte weer gesloten. In 1981 wordt de spoorlijn Enschede - Gronau gesloten.

Twintig jaar later is de spoorlijn gereactiveerd en komen in Nederland twee nieuwe haltes: Glanerbrug en Enschede De Eschmarke. Belangrijkste reden voor de opening van de haltes zijn de geplande nieuwbouwwijken aan de oostzijde van Enschede. De halte Glanerbrug ligt ongeveer op dezelfde plek als de vroegere halte Glanerbeek. De halte is opnieuw eenvoudig van opzet. Er is slechts een perron met abri en een Duitse kaartautomaat. Later volgen een Nederlandse automaat en een OV-chipkaartpaal. 

 

 

Het stationsgebouw van Goor op 7 februari 2015.
Station Goor
Go
Opening: 1 november 1865
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Enschede - Gronau km 30,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1863 laten de Staatsspoorwegen aan Staatslijn D in Lochem, Goor en Delden standaard waterstaatsstations van het type vierde klasse bouwen. De stations zijn in november 1865 gelijktijdig met het baanvak Zutphen - Hengelo in gebruik genomen. De gebouwen zijn alledrie bewaard gebleven. Het stationsgebouw van Goor is in 1904 aan de rechterzijde van een lange lage zijvleugel voorzien. Voor het middendeel is een lage uitbouw neergezet. In 2021 is het gemeentelijk monument gerestaureerd en in de oorspronkelijke kleuren teruggebracht.

 

 

Het stationsgebouw van Gorinchem op 22 juli 2012.
Station Gorinchem
Gr
Opening: 1 december 1883
 
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 70,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1881 laten de Staatsspoorwegen aan de Betuwelijn in Tiel en Gorinchem twee dezelfde stationsgebouwen neerzetten. De gebouwen bestaan uit een hoog middendeel en twee lage vleugels. De bakstenen gevels hebben een aantal witte banden en verschillende versieringen. Het middendeel krijgt bovendien vier dakkapellen en vier fraai gedetailleerde schoorstenen. Hierdoor zien de gebouwen er levendig uit. In navolging tot het tweetal, laten de Staatsspoorwegen ook in Workum, Sneek, Delfzijl en Appingedam vrijwel dezelfde gebouwen neerzetten. 

In de periode dat NS van de oude weinig doelmatige stationsgebouwen uit de negentiende eeuw af wil, laat de vervoerder ook het fraaie stationsgebouw van Gorinchem slopen. Het gebouw maakt in 1971 plaats voor eenvoudige nieuwbouw. Het nieuwe lage stationsgebouw staat op de funderingen van het oude gebouw en volgt zo de contouren van het Waterstaatstation. Om het lage gebouw enig aanzien te geven komt boven de stationshal en het restaurant een houten vouwdak. In 2012 en 2013 is het gebouw grondig vernieuwd. Hierbij zijn zoveel mogelijk verschillende ruimtes bij de hal gevoegd. Hier komt een nieuwe vloer met moderne zitelementen en verlichting. In het gebouw zijn bovendien nog een restauratie en een winkel van Arriva aanwezig.

Het stationsgebouw van Gouda, verscholen achter de fietsenrekken, op 2 september 2018.

Net als in een groot aantal vergelijkbare plaatsen neemt de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij in 1855 bij de opening van de spoorlijn Utrecht - Rotterdam in Gouda twee voormalige directieketen in gebruik als stationsgebouw. Aan het eind van de jaren '60 van de negentiende eeuw breidt de NRS de infrastructuur rond Gouda aanzienlijk uit met een zijtak naar Den Haag en een verbinding tussen Harmelen en Breukelen. Met de laatste verbinding krijgt de spoorwegmaatschappij een rechtstreekse verbinding tussen Amsterdam en Rotterdam. De bestaande spoorlijn wordt verdubbeld en Gouda krijgt in 1868 een volwaardig stationsgebouw. Het symmetrische gebouw is twee verdiepingen hoog. Het middendeel staat aan de straatzijde iets naar achteren. Beide eindgebouwen staan haaks op het middendeel. Aan de linkerzijde komt een lange aangebouwde locomotiefloods. Aan de rechterzijde een houten goederenloods. In 1911 is de locomotiefloods ingekort en is de houten goederenloods vervangen door een stenen gebouw met plat dak. In de loop der jaren komen aan de straatzijde twee uitbouwen. Eén voor het middendeel van het hoofdgebouw en één voor de locloods.

Tijdens een bombardement in 1944 raakt het gebouw zwaar beschadigd. Hierbij verdwijnen de bovenverdieping een verschillende aanbouwen. Na de oorlog resteert de begane grond van het oude gebouw als provisorisch stationsgebouw. In 1948 is het resterende deel van het stationsgebouw opgeknapt en aan de straatzijde getransformeerd tot een symmetrische neobarokke facade met kroonlijst. Aan beide zijden komt een gebogen bijgebouwtje. Eén dient als rijwielstalling, de andere als wachtruimte voor het busstation.

Het stationsgebouw blijft door de oorlogsschade echter in slechte staat, wat zich onder andere uit in ernstige scheurvorming. Ook is het onlogisch ingerichte gebouw al snel te klein. In 1982 is het gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw. Het nieuwe stationsgebouw is in 1984 gereed. Omdat de gemeente alleen laagbouw toestaat, wordt het een rechthoekig gebouw van slechts één bouwlaag. Op het dak komen echter zes grote tonggewelven. In de halfronde bogen zijn de beelden van het vorige station herplaatst, een andere eis van de gemeente. Het linker gewelf is de grootste en vormt de toegang tot de reizigerstunnel die het gebouw met de perrons en de achterzijde van het station verbindt. Hier bevindt zich sinds 1987 een eenvoudig loketgebouwtje. Boven de trap komt een eenvoudige luifel. Ruim twintig jaar later is het gebouwtje gesloopt. De luifel is in 2014 vervangen door een hoge glazen kap die het hele stationsplein overdekt.

 

Het stationsgebouwtje van Gouda Goverwelle op 26 juli 2015.

In mei 1993 neemt NS aan de spoorlijn tussen Gouda en Woerden de nieuwe voorstadshalte Gouda Goverwelle in gebruik. De bouw van de halte valt samen met het viersporig maken van de eerste kilometers spoor aan de oostzijde van Gouda. Gouda Goverwelle krijgt dan ook twee eilandperrons die zijn verbonden via de langzaamverkeertunnel die naast de Goverwellesingel ligt. Bij de zuidelijke entree van de tunnel komt een klein ontvangstgebouwtje. Het gebouwtje dat redelijk ver van de sporen staat, krijgt een loket en enkele dienstruimten. De gebogen dakvorm komt ook terug op de liften naar de perrons. De gebogen vorm komt ook terug in de geluidsschermen langs het viersporige traject Gouda - Gouda Goverwelle.

Het loket sluit tien jaar na de opening van de voorstadshalte. Hierna komt een kinderdagverblijf in het gebouwtje. Enkele jaren later volgt een cafetaria.

 

 

De perronzijde van het stationsgebouw van Gramsbergen op 29 oktober 2016.
Station Gramsbergen
Gbg
Opening: 1 juli 1905
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 47,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juli 1905 neemt de Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij het baanvak Hardenberg - Coevorden van de spoorlijn Zwolle - Stadskanaal in gebruik. Halverwege het traject wordt station Gramsbergen geopend. Het stationsgebouw is een standaard NOLS-ontwerp. In Gramsbergen komt net als zeven andere plaatsen aan het lokaalspoornet van de NOLS een vereenvoudigde variant van het stationsgebouw van Dalfsen. Waar dit gebouw twee vooruitspringende geveldelen heeft, krijgt het stationsgebouw van dit type er slechts één. Naast het gebouw komt een kleine goederenloods.

In 1961 krijgt het stationsgebouw aan de perronzijde een lage uitbouw. Hierin is het bedieningstoestel van de elektrische beveiliging ondergebracht. Sinds 1989 prijken de namen Leonardo en Gerrit Toon op de perrongevel van het station. De neonletters zijn een restant van de zogenaamde Kunstlijn Zwolle - Emmen die in 1987 bij de elektrificatie van de spoorlijn van start gaat.

Het stationspleintje van Grijpskerk met de fietsenstalling op de plek van het vroegere stationsgebouw op 30 april 2017.
Station Grijpskerk
Gk
Opening: 1 juni 1866
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 61,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als vrijwel alle andere stations uit de eerste periode van de aanleg van spoorwegen door de Staat is ook Grijpskerk aan Staatslijn B voorzien van een standaard stationsgebouw. Het station van het kleinste type, de 5e klasse, wordt in 1866 tegelijkertijd met het baanvak Leeuwarden - Groningen in gebruik genomen. Het rechthoekige gebouw heeft een hoog middendeel met puntgevel en twee korte zijvleugels. Net als de meeste stationsgebouwen van het type 5e klasse is ook het stationsgebouw van Grijpskerk al snel vergroot. In 1870 krijgt het gebouw aan de linkerzijde een lage zijvleugel.

In 1881 vervangen de Staatsspoorwegen het stationsgebouw door een gebouw dat veel weg heeft van de nieuwe variant van het type vijfde klasse. Het symmetrische gebouw heeft een relatief breed middendeel van twee verdiepingen en twee lage zijvleugels.

In 1976 is ook het tweede stationsgebouw gesloopt en vervangen door een eenvoudig standaardontwerp waarvan NS in de jaren '70 zo'n twintig exemplaren bouwt. Het rechthoekige stationsgebouw bevat enkel de noodzakelijke dienstruimten en een wachtruimte. Het gebouw bestaat uit betonsteen, houten kozijnen en houten liggers. In 2005 is het gebouw na brandschade gesloopt.

 

 

 

 



Nadat in het voorjaar van 2020 de historische kappen van het hoofdstation zijn verwijderd, is het monumentale gebouw voor het eerst in ruim 120 jaar ook vanaf de perronzijde in z'n geheel te zien. Groningen, 8 augustus 2020.
Station Groningen
Gn
Opening: 1 juni 1866
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 80.4
  Meppel - Groningen km 76,9
  Groningen - Delfzijl km 0,0
  Groningen - Weiwerd km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de aanleg van de eerste reeks staatsspoorlijnen krijgen de verschillende stations naar aanleiding van de grootte van de plaats doorgaans één van de vijf standaardontwerpen van stationsgebouwen. Een aantal stations valt echter onder de Vestingwet en krijgt een laag, vaak langgerekt gebouw dat bestaat uit houten stijl- en regelwerk opgevuld met steen en cement. Alle zogenaamde vestingstations zijn verschillend. In juni 1866 nemen de Staatsspoorwegen aan het station van Groningen als voorlopig eindpunt van de lijn van Harlingen naar Duitsland in gebruik. Twee jaar later is de lijn doorgetrokken naar Winschoten en in 1870 is Groningen ook vanuit Zwolle bereikbaar. Groningen krijgt een langgerekt stationsgebouw dat over de gehele lengte slechts uit één bouwlaag bestaat. Het symmetrische gebouw heeft in het midden een bescheiden puntgevel.

Nadat in 1874 de Vestingwet is aangenomen, verliezen de steden hun militaire betekenis en zijn de houten stationsgebouwen geleidelijk vervangen. Groningen is als één van de eerste steden aan de beurt. Het nieuwe stationsgebouw is in 1896 gereed. Het nagenoeg symmetrische gebouw is ruim 120 meter breed en kent qua opzet, net als de meeste stationsgebouwen in de voorgaande decennia, een hoog middendeel en twee lange zijvleugels. Beide zijvleugels krijgen een hoog eindgebouw. Het rechter eindgebouw heeft bovendien een torentje. Het linker eindgebouw krijgt een uitbouw met trapgevel. Het gebouw is, net als andere stations van rond de eeuwwisseling, uitgebreid gedecoreerd. Zo is het hele gebouw versierd met ornamenten. Voor de zijvleugels komt een galerij met opvallende driedelige bogen. Ook de vensters zijn rijkversierd. Voor de entree komt een grote luifel. Door het gebruik van dieprode baksteen is het gebouw bovendien typisch Gronings.

Tijdens de verbouwing van het stationscomplex is de voetgangersbrug met seinhuis uit de jaren '30 weer duidelijk zichtbaar. Groningen, 27 april 2021.Het meest opvallende van het gebouw is de monumentale stationshal. De fraai versierde hal bevindt zich vrijwel in het gehele middendeel, met uitzondering van de zolder. De 14 meter hoge hal is vrijwel geheel uit imitatiematerialen samengesteld. Zo bestaan de marmeren zuilen uit geverfd blik, ijzer en gips. Het gedecoreerde plafond bestaat eveneens uit gips, papier maché en linnen. Het gebruik van deze materialen heeft er, mede door lekkages in het dak, voor gezorgd dat het plafond al snel in slechte staat raakt. Bij de modernisering van het gebouw in de jaren '60 krijgt de hal een verlaagd plafond. Ook verdwijnen in de loop der jaren steeds meer decoraties, al dan niet achter betimmeringen. Intussen is het station begin jaren '30 uitgebreid met een extra eilandperron. Het perron is te bereiken via een nieuwe stalen voetgangersbrug waarin tevens een seinhuis is geïntegreerd.

Eind jaren '90 is het monumentale stationsgebouw compleet gerestaureerd. Hierbij is ook het verlaagde plafond van de hal verwijderd en is de stationshal, inclusief het oorspronkelijke plafond weer in historische staat teruggebracht. Ook andere karakteristieke elementen zijn na de restauratie weer zichtbaar voor het publiek. Zo is de eerste klasse wachtkamer met historische elementen in gebruik als horecagelegenheid en is in de supermarkt in de voormalige wachtkamer derde klasse het originele tegeltableau van ruim 3 bij 3 meter met de spoorwegkaart van Nederland te zien. Het tableau verbeeldt de situatie van het Nederlandse spoorwegnet aan het eind van de negentiende eeuw in 440 tegels van 15x15.

In 2007 is voor het gebouw het Stadsbalkon aangelegd. Onder het golvende plein komt een fietsenstalling. Het stationsgebouw verdwijnt gedeeltelijk achter de hogere delen van het plein. Ruim 10 jaar later start de verbouwing van het complete stationsgebied. Hierbij verdwijnt het grootste deel van het emplacement aan de achterzijde van het station en worden de kopsporen doorgetrokken. Onder de resterende sporen en perrons komt een brede tunnel naar de andere zijde van het station. Om ruimte te maken voor de verbouwing zijn de originele perronkappen grotendeels tijdelijk verwijderd. Deze worden tijdens de verbouwing gerestaureerd.

De brede perrons met karakteristieke kappen van Groningen Europapark op 1 november 2014.
Station Groningen Europapark
Gerp
Opening: 1 oktober 2007
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 81,8
  Meppel - Groningen km 74,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In afwachting van de bouw van een nieuw station met onderdoorgang voor het fiets- en voetgangersverkeer wordt in oktober 2007 de tijdelijke halte Groningen Europapark geopend. Hoewel ter hoogte van de halte de sporen van Groningen naar Meppel en Nieuweschans nog gebundeld liggen, stoppen alleen de treinen van Arriva langs het noodperron. Buiten een kaartautomaat en een bushalte-abri kent de halte geen voorzieningen. Vier jaar na de opening van de tijdelijke halte wordt even ten zuiden hiervan begonnen met de bouw van het definitieve station. In december 2012 wordt het nieuwe station in gebruik genomen. Voortaan stoppen zowel de treinen naar Winschoten, Leer en Veendam als de sprinters Groningen - Zwolle op Groningen Europapark. Het station heeft een breed eilandperron en een zijperron. Beide zijden van het station zijn ingericht als stadstuin en verbonden via een brede fiets- en voetgangerstunnel. Beide perrons zijn als enige in Nederland voorzien van een titanium overkapping. De karakteristieke kappen steunen aan één zijde op de lift en 36 meter verder op een portaal. Aan beide zijden steken de kappen nog elf meter uit. De spanwijdte van de twee kappen is dertien meter.

Enkele jaren na de opening is een vierde spoor tussen het Groningse hoofdstation en de voorstadshalte aangelegd. Aan de westzijde komt een nieuw zijperron. Op het perron en komt eenzelfde titanium kap als op de andere twee perrons. Het nieuwe perron is in juni 2020 in gebruik genomen. Na de verbouwing van het hoofdstation gaan ook de treinen uit Leeuwarden doorrijden naar Europapark.

De provisorische halte Groningen Europapark op 18 augustus 2012. Station Groningen Europapark, even ten zuiden van de provisorische halte uit 2007 op 8 augustus 2020. Inmiddels zijn de drie perrons in gebruik en zijn de drie opvallende kapconstructies te zien.

Station Groningen Noord op 18 april 2015.
Station Groningen Noord
Gnn
Opening: 15 juni 1884  
Spoorlijn(en): Groningen - Delfzijl km 3,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juni 1884 nemen de Staatsspoorwegen tegelijkertijd met de spoorlijn Groningen - Delfzijl het station Groningen Halte in gebruik. Het ontwerp van het stationsgebouw is een variant op veel vergelijkbare gebouwen aan spoorlijnen uit de derde periode van aanleg van spoorwegen door de Staat in de noordelijke provincies. Het langgerekte stationsgebouw kent aan de straatzijde een hoger middendeel en twee lage vleugels. Het gebouw krijgt net als diverse soortgenoten fraaie plafonds in de hal en wachtkamers. Aan de perronzijde is een overkapping aangebracht. In 1955 wijzigt NS de stationsnaam in Groningen Noord.

Begin jaren '70 wordt de spoorlijn langs de noordelijke stadswijken omhooggebracht. Het oude stationsgebouw is hierbij in 1973 gesloopt. In 1974 neemt NS het nieuwe viaductstation in gebruik. Onder het viaduct komt een stationshal met loketten. De twee zijperrons zijn beide via twee overdekte trappenhuizen bereikbaar. De perrons krijgen lange overkappingen.

In 2007 zijn de vier trappenhuizen van het Noorderstation gesloten en vervangen door twee nieuwe trappen. Onderaan de trappen staan opvallende poorten. In de oude trappenhuizen bevinden zich ateliers.

 

 

 

Het stationsgebouw van Grou-Jirnsum op 30 april 2017.
Station Grouw-Jirnsum
Gw
Opening: 1 september 1868
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 153,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Wanneer begin jaren '60 van de 19e eeuw de bouw van de zogenaamde Waterstaatstations in volle gang is, worden in de tussentijd diverse nieuwe standaardontwerpen gemaakt. Zo komt er in 1864 een nieuw ontwerp voor het zeer kleine standaardstation van het type vijfde klasse. Bij het nieuwe ontwerp zijn de beide zijvleugels twee keer breder dan bij het eerste ontwerp. Ook krijgen de ramen en deuren een moderner uiterlijk. Gebouwen van het nieuwe type vijfde klasse verschijnen bij verschillende stations in Friesland en Drenthe. Zo krijgt ook Grouw-Irnsum bij de ingebruikname van het baanvak Heerenveen - Leeuwarden van Staatslijn A in september 1868 een stationsgebouw van het vernieuwde type vijfde klasse.

In 1879 vervangen de Staatsspoorwegen het stationsgebouw door een nieuwe variant van het type vijfde klasse. Het kleine gebouw heeft een relatief breed middendeelvan twee verdiepingen en twee lage zijvleugels.

In 1976 is het tweede stationsgebouw van Grouw gesloopt en vervangen door een eenvoudig standaardontwerp waarvan NS in de jaren '70 zo'n twintig exemplaren bouwt. Het rechthoekige stationsgebouw bevat enkel de noodzakelijke dienstruimten en een wachtruimte. Het gebouw bestaat uit betonsteen, houten kozijnen en houten liggers.

In 1999 krijgt het station als één van de eerste stations in Friesland de officiele Friese benaming Grou-Jirnsum. Het gebouw is na de sluiting van het loket halverwege de jaren '90 bijna continue in gebruik als restaurant. Hiervoor is aan de zijde van het stationspleintje een grote uitbouw gemaakt.

 De hoofdingang van het stationsgebouw van Haarlem op 6 juli 2013.

Op 20 september 1839 opent de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij tussen Amsterdam en Haarlem de eerste Nederlandse spoorlijn. Beide steden krijgen hierbij een tijdelijk houten ontvangstgebouwtje. Met het verlengen van de Oude Lijn naar Leiden, neemt de HIJSM in 1842 aan de andere zijde van de Spaarne het definitieve stationsgebouw van Haarlem in gebruik. Het eerste echte stationsgebouw van Nederland is naar buitenlands voorbeeld van buiten geheel symmetrisch uitgevoerd. Het station bestaat uit een middendeel met een hoge poort die toegang biedt aan een overdekt pleintje met loketten. Aan beide zijden komen korte lage vleugels met wachtruimtes. Beide zijvleugels hebben een eindgebouw. Aan de linkerzijde komt de woning van de stationschef en aan de rechterzijde het goederenbureau. Aan beide zijden van het gebouw komt langs de gehele perronlengte een muur met drie poortjes en een eindgebouw. Met de komst van de nieuwe lijn naar Uitgeest in 1867 is het gebouw zodanig verbouwd dat het als tweede stationsgebouw gezien kan worden. Het oorspronkelijke stationsgebouw krijgt over de gehele breedte een extra verdieping. Het middendeel boven de entree krijgt bovendien nog een extra verdieping. Aan beide zijden van het gebouw komt een nieuw eindgebouw met een hoog middendeel en twee korte vleugels. Over de perrons en sporen komt een grote perronkap. Met een gevellengte zo'n 120 meter heeft Haarlem op dat moment het grootste stationsgebouw van Nederland.

In 1905 begint de aanleg van het verhoogde emplacement en de bouw van het geheel nieuwe stationscomplex. Een jaar later zijn het eilandperron en de vier perrongebouwen gereed en worden de stationsvoorzieningen hier ondergebracht. Hierna kan het oude stationsgebouw en de oude perronkap gesloopt worden. In 1908 zijn ook het zijperron, het ingangsgebouw, het uitgangsgebouw en de kappen over het emplacement gereed. Het stationsontwerp is het enige dat in Nederland in art nouveau is uitgevoerd. Het hoge entreegebouw is grotendeels symmetrisch, maar kent toch enkele verschillen. Het hoge middendeel krijgt een brede entree met drie dubbele deuren en daarboven een luifel en een halfrond venster. De entree wordt geflankeerd door twee verschillende torens. In het gebouw bevinden zich alleen de grote stationshal met loketten en een aantal dienstruimten. De hoge ontvangsthal krijgt een opvallende houten plafondconstructie. Links van het gebouw komt het asymmetrische uitgangsgebouw. Door de oorspronkelijke functie is het gebouw aanzienlijk soberder vormgegeven dan de entree. De 70 meter tussen beide gebouwen wordt overdekt met een overkapping. Beide gebouwen zijn via een reizigerstunnel verbonden met het zijperron en het eilandperron. Het grootste deel van de perrons en perronsporen zijn overdekt door een imposante overkapping die uit verschillende delen bestaat. De kap is in totaal 470 meter lang en hiermee de langste van Nederland. De perrongebouwen op het eilandperron zijn rijkversierd en zijn grotendeels uit houten elementen opgebouwd. Het seinhuis op het tweede perrongebouw vanuit het westen gezien, is zelfs geheel in hout uitgevoerd. In de middelste twee gebouwen zijn oorspronkelijk de meeste wachtkamers en de twee stationsrestauraties ondergebracht. De twee buitenste gebouwen bevinden zich voornamelijk dienstruimtes. In 1912 krijgt ook het zijperron een toiletgebouwtje. Het bakstenen gebouwtje komt helemaal aan de oostzijde van het perron.

In 1952 neemt NS aan de noordzijde van het station een extra perron en een nieuw entreegebouw met loketten in gebruik. Het nieuwe gebouw bestaat grotendeels uit beton en verglaasde stenen. Vanaf het nieuwe zijperron loopt het dak van het entreegebouw enigszins omhoog. Het stationscomplex blijft, op een aantal interne verbouwingen na, grotendeels in originele staat bewaard en is al sinds 1975 een Rijksmonument.

De loopbrug over de A200 en de Oude Lijn markeert de halte Haarlem Spaarnwoude. Haarlem, 7 april 2012.

In mei 1998 opent NS aan de oostzijde van Haarlem de voorstadshalte Haarlem Spaarnwoude. De halte aan de Oude Lijn krijgt geen stationsgebouw, maar is wel voorzien van een opvallende loopbrug die behalve het spoor ook over de de A200 is gebouwd. De beide pylonen van de brug zijn de eerste jaren rood van kleur. Eind 2010 zijn ze grijs geschilderd.

 

Station Halfweg-Zwanenburg op 7 april 2019.

In 1842 opent de HIJSM aan de Oude Lijn tussen Amsterdam en Haarlem de halte Halfweg. Voor de noodzakelijke stationsvoorzieningen zet de spoorwegmaatschappij een eenvoudige keet neer. In 1875 krijgt het dorp een echt stationsgebouw. Het ontwerp is een verkleinde variant van de stationsgebouwen die de HSM in diezelfde periode onder andere in Weesp en Barneveld bouwt. Aan de straatzijde kent het eenvoudige rechthoekige gebouw twee verdiepingen. Aan de verhoogde perronzijde slechts één. In 1927 sluit NS station Halfweg. Het stationsgebouw is in 1941 gesloopt.

Station Halfweg-Zwanenburg gezien vanaf de brug over de perrons. 12 januari 2013.In december 2012 neemt NS op nagenoeg dezelfde plek als het oude station de nieuwe halte Halfweg-Zwanenburg in gebruik. De halte is voorzien van twee opvallende groene perronkappen en een eenvoudige brug over de sporen en de N200. 

Station 't Harde op 17 mei 2014.
Station 't Harde
Hde
Opening: 20 augustus 1863
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 69,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1863 opent de Nederlandsche Centraal Spoorweg Maatschappij tegelijkertijd met het eerste gedeelte van de Centraalspoorweg op vijf kilometer van Elburg en tien kilometer van Epe het station Elburg-Epe. Het stationsgebouw is van het standaardtype tweede klasse van de NCS. Het hoge rechthoekige gebouw is symmetrisch en heeft twee volledige verdiepingen. Het middendeel staat zowel aan de straat- als de perronzijde naar voren. Aan de perronzijde heeft het middendeel bovendien een puntgevel. In 1888 krijgt Epe een eigen station aan de lijn tussen Apeldoorn en Hattem en wordt het station aan de Centraalspoorweg hernoemd in Elburg-Oldenbroek.

In 1903 is het station uitgebreid met twee lage zijvleugels. In de korte linkervleugel komt een goederenloods en in de langere vleugel aan de rechterzijde van het gebouw komt een wachtkamer derde klasse. In 1914 krijgt het station de naam Legerplaats Oldenbroek. In 1963 krijgt het station opnieuw een andere naam. Vanaf mei dat jaar staat het als 't Harde in het Spoorboekje.

Begin jaren '70 is het overpad tussen de perrons vervangen door een eenvoudig tunneltje. In 1980 komt bij de ingang van de tunnel een eenvoudig ontvangstgebouw met loketten en wachtruimte. Het vierkante gebouwtje krijgt afgeschuinde daken om zo aan te sluiten op de landelijke omgeving van het station. Na de ingebruikname van het nieuwe gebouw is het oude stationsgebouw gesloopt. In 2006 is ook het nieuwe stationsgebouw gesloopt en blijven er enkele wachtruimtes over.

 

 

Spoorzijde van het stationsgebouw van Hardenberg op 19 juli 2014.
Station Hardenberg
Hdb
Opening: 1 februari 1905
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 42,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In februari 1905 neemt de Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij het baanvak Ommen - Hardenberg van de spoorlijn Zwolle - Stadskanaal in gebruik. Net als in veel andere plaatsen langs de lijn verschijnt ook in Hardenberg een stationsgebouw van een standaard NOLS-ontwerp. Het stationsgebouw is vrijwel gelijk aan het eerder gebouwde stationsgebouw van Dalfsen. Het gebouw is echter in spiegelbeeld uitgevoerd. Daarnaast ontbreken de planken aan de gevels en de lage rechter zijvleugel. Later verschijnen stationsgebouwen van exact hetzelfde ontwerp in Vriezenveen en Noordbroek. Het stationsgebouw van Hardenberg blijft als enige van de drie bewaard.

 



Het nieuwe stationsgebouw van Harderwijk op 18 september 2016, twee dagen na de officiele opening. Links onder de luifel is de zogenaamde botterbank te zien.
Station Harderwijk
Hd
Opening: 20 augustus 1863
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 49,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In augustus 1863 neemt de de Nederlandsche Centraal-Spoorweg-Maatschappij het baanvak Utrecht - Hattemerbroek van de spoorlijn Utrecht - Zwolle - Kampen in gebruik. Aan de spoorlijn komen standaard stationsgebouwen in drie verschillende klassen. In Amersfoort, Nijkerk, Harderwijk en later ook Kampen komen de gebouwen van het grootste soort, het type 1ste klasse. Het symmetrische stationsgebouw bestaat uit een hoog middendeel met aan beide zijden een lage vleugel. In de loop der jaren krijgt het stationsgebouw van Harderwijk aan de straatzijde een voorportaal waarvan het dak als terras voor de bovenwoning dient. De aanbouw is in 1919 gesloopt. Tegelijkertijd komt er en nieuw voorportaal voor de linker zijvleugel. De oorspronkelijke ingang wordt omgebouwd tot raam en de bovenwoning krijgt een balkon. Intussen krijgt het brede middenperron in 1913 een overkapping.

De spoorzijde van het tweede stationsgebouw van Harderwijk op 9 augustus 2015. Op de voorgrond zijn de werkzaamheden voor de bouw van de onderdoorgang en het nieuwe stationsgebouw te zien.In de loop der jaren blijkt de indeling van het gebouw niet meer aan de eisen voldoet en stijgen ook de onderhoudskosten van het oude pand. Desondanks duurt het tot 1983 tot het vervangen is. Dat jaar neemt NS een opvallend modern stationsgebouw in gebruik. Midden in de hal komt een volledig rond plaatskaartenkantoor. De ronde vorm komt boven het platte dak uit en vormt hier een opvallend rood element. Naast herkennigspunt dient de constructie ook als onderdak voor de technische installaties. Het dak zelf bestaat uit een brede, zwarte strokenrand die aan alle kanten van het gebouw oversteekt. Het rechthoekige stationsgebouw bestaat deels uit gemetselde wanden en staalskeleten met glazen puien. De gietijzeren gevelroosters van het oude stationsgebouw zijn opnieuw gebruikt in de stationsrestauratie. De perronkap uit 1913 blijft behouden.

Al na enkele decennia ontstaan plannen om het gebouw tegelijkertijd met de nabijgelegen overweg te vervangen door nieuwbouw met tunnels onder de sporen. Vanaf maart 2015 is het stationsgebied in Harderwijk dan ook aanzienlijk veranderd. Zo komt er een nieuw stationsgebouw, een verkeerstunnel en een tunnel voor langzaam verkeer. Ook het parkeerterrein, de fietsenstallingen en het busstation worden vernieuwd. Na de opening van de tunnel en het nieuwe stationsgebouw is het eilandperron alleen nog via de tunnel bereikbaar. De overwegen bij het station zijn tegelijkertijd gesloten.

Het stationsgebouw, de fiets- en autotunnel en de fietsenstalling vormen een samenhangend geheel van station en omgeving. Het straatwerk, de trappen en balustrades zijn van Portugees graniet. De kleur is een verwijzing naar zowel de Veluwse zandverstuivingen ten oosten van de stad als de stranden ten westen van de stad. Onder voor luifel aan de voorzijde staat de zogenaamde botterbank. De bank verwijst naar het verleden van de vissersstad. De perronkap blijft ook deze keer behouden en is met enige aanpassingen in het nieuwe complex ingepast. Na de officiele opening van het station op 16 september 2016 wordt de stationsomgeving verder aangepakt. Zo wordt het oude gebouw wordt nog gesloopt om ruimte te maken voor een nieuw busstation.

De Kiosk bij de ingang van de tunnel onder het station. Zicht vanaf het perron op het oude en het nieuwe stationsgebouw. De brede trap naar het brede eilandperron. Het deel van de linker spanten van oude overkapping boven de opening is vernieuwd en de kap is ter plaatse deels van glas voorzien. De achterzijde van het nieuwe stationscomplex.

De eenvoudige halte Hardinxveld Blauwe Zoom op 27 augustus 2016.
Station Hardinxveld Blauwe Zoom
Hbzm
Opening: 11 december 2011
 
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 81,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Eind 2011, begin 2012 neemt Arriva aan de MerwedeLingelijn drie nieuwe haltes in gebruik. De haltes bestaan slechts uit perrons en de meest noodzakelijke voorzieningen als een kleine wachtruimte en een kaartautomaat. Aan de westzijde van Giessendam komt in december 2011 de halte Hardinxveld Blauwe Zoom. De halte langs de enkelsporige lijn krijgt één perron en een klein stationsplein tussen het perron en de doorgaande weg.

 



Het stationsgebouw van Hardinxveld-Giessendam op 27 augustus 2016.
Station Hardinxveld-Giessendam
Gnd
Opening: 16 juli 1885
 
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 79,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In de juli 1885 nemen de Staatsspoorwegen met het traject Gorinchem - Dordrecht het laatste deel van de Betuwelijn in gebruik. Langs de lijn komt naast stations ook een groot aantal haltes en stopplaatsen. Zo komt ter hoogte van Giessendam de halte Giessendam-Oudekerk. De halte bij de nabijgelegen wachtpost krijgt een eenvoudig houten gebouwtje met daarin de noodzakelijke voorzieningen. Ook komt er een houten toiletgebouwtje.

In de loop der jaren blijkt de halte veel meer reizigers te trekken dan het anderhalve kilometer oostelijker gelegen 'hoofdstation' Hardinxveld-Giessendam dat ongunstig ten opzichte van de woonkernen ligt. Het station, met het grote stationsgebouw dat gelijk is aan dat van Sliedrecht, sluit dan ook al in 1927 ten gunste van de halte die tegelijkertijd de naam Giessendam-Neder Hardinxveld krijgt. Het haltegebouwtje is tijdens de Tweede Wereldoorlog verwoest en na de oorlog vervangen door een provisorisch noodgebouw.

Bij de opening van het nieuwe stationsgebouw biedt de gemeente een metalen wandsculptuur aan met beelden van Giessendam vroeger en nu op het gebied van industrie en infrastructuur. Giessendam, 4 januari 2020.In 1957 krijgt het station de naam Hardinxveld-Giessendam. Een jaar later is het nieuwe stationsgebouw gereed. Het lage langgerekte gebouw heeft een rechthoekige plattegrond en aan de straatzijde een opvallend brede bordestrap. Het gebouw bestaat uit een betonnen skelet met stalen kozijnen en metselwerk. De borstwering is bekleed met gebroken kwartsietsteen. Zowel aan de straat- als de perronzijde vormt het dak met betonnen sierlijst een luifel.

 

 



De groene sextant en de nieuwe liften en onderdoorgang van station Haren op 7 maart 2020.
Station Haren
Hrn
Opening: 29 september 1968
 
Spoorlijn(en): Meppel - Groningen km 71,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Met de opening van de spoorlijn Meppel - Groningen in 1870 krijgt Haren een eenvoudige halte met dito haltegebouw. Het lage rechthoekige gebouwtje fungeert voornamelijk als woning van de stationschef. NS sluit de halte in 1936. Het haltegebouw is dertig jaar later gesloopt.

Al aan het begin van de twintigste eeuw groeit Haren uit tot een forensenplaats voor gefortuneerde Groningers. Na de Tweede Wereldoorlog zijn enkele grootschalige woonwijken gebouwd. In 1968 neemt NS 200 meter ten noorden van de vroegere halte het nieuwe station van Haren in gebruik. Als nieuwe voorstadshalte van Groningen is het station voorzien een gebouwtje van het type sextant. Van het zeshoekige standaardontwerp verschijnen in de periode 1968-1979 zestien soortgelijke stationsgebouwen.

Na het verdwijnen van de stationsfuncties, staat het stationsgebouw enige tijd leeg. Vooruitlopend op de ontwikkelingen rond het station is het gebouw in 2016 opgeknapt en geheel groen geschilderd. In 2018 en 2019 is het stationsgebied aangepakt en komt er onder andere een nieuwe onderdoorgang voor langzaam verkeer die tevens toegang biedt tot het eilandperron. Beide perrons krijgen een lift die dezelfde kleur krijgen als het stationsgebouw. Hiermee wordt het groene karakter van het dorp onderstreept. Het stationsgebouw is intussen voorzien van nieuwe banken en vrijwel geheel in gebruik als wachtruimte.

 



Overzicht van het nieuwe binnendijkse station Harlingen Haven op 19 april 2014.
Station Harlingen Haven
Hlgh
Opening: 27 oktober 1863
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de opening van de staatslijn tussen Harlingen en Nieuwe Schans is de Harlingse veerhaven het werkelijke startpunt van de verbinding. De halte bij de Oude Veerhaven heeft geen voorzieningen en wordt slechts sporadisch gebruikt. In 1961 is in Harlingen de nieuwe veerhaven in gebruik genomen. Het station is tegelijkertijd zo'n 600 meter richting de Waddenzee verplaatst. De kilometrering is hierdoor -0,6. Op het één van de twee perronsporen zet NS een goederenwagon met een loket neer. In 1970 is de wagon vervangen door een vierkant houten gebouwtje met loket. In 1990 is het gebouwtje weer verwijderd. Dat jaar is een was-/toiletgebouw op het perron neergezet. Het gebouw heeft geen stationsfunctie.

Het voorplein van Harlingen Haven met coupure in de nieuwe kademuur op 19 april 2014.Het gebouw is in 2008 gesloopt om ruimte te maken voor de volgende verplaatsing van het station. Het buitendijkse station is in de daaropvolgende jaren binnendijks gelegd. Van maart 2009 tot juni 2010 is het station niet in gebruik. Hierna zijn de nieuwe kademuur en het nieuwe enkelsporige station in gebruik genomen. Aan de andere zijde van de muur zijn nog altijd restanten van de havensporen terug te vinden.

 

Stationsgebouw annex supermarkt in Heemskerk op 4 januari 2015.
Station Heemskerk
Hk
Opening: 1 juni 1969
Spoorlijn(en): Haarlem - Uitgeest km 14,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Rond 1970 ontstaan in verschillende plaatsen zogenaamde combistations. Hierbij zijn de noodzakelijke NS-faciliteiten gecombineerd met andere functies. Samenbouw reduceert niet alleen de kosten, maar zorgen ook voor enig bouwvolume aan stationspleinen. Bovendien kan het zorgen voor wederzijdse klantbinding en meer sociale veiligheid. In 1969 is in Heemskerk aan de lijn Haarlem - Uitgeest één van de eerste combistations in gebruik genomen. Hier is het NS-loket ondergebracht in een supermarkt. In het pand bevindt zich tevens een filiaal van de Boerenleenbank en een snackbar. Aan de buitenzijde is tussen de borden van supermarkt Simon de Wit en de bank een bescheiden NS-logo aangebracht. De eerste open balie van Nederland is echter vrijwel onherkenbaar verstopt in de passage tussen de supermarkt en de bank. In de loop der jaren wisselen de verschillende ruimtes in het gebouw van eigenaar. De bank en de passage zijn inmiddels opgegaan in de Lidl. Op de plek van het loket zit een kapperszaak.

 Station Heemstede-Aerdenhout op 5 april 2014.

In 1876 neemt de HSM aan De Oude Lijn halverwege Heemstede en Aerdenhout de eenvoudige halte Zandvoortsche Laan in gebruik. Enkele jaren later is de halte alweer gesloten. In 1928 neemt NS op dezelfde plek aan de inmiddels geëlektrificeerde spoorlijn het station Heemstede-Aerdenhout in gebuik. Beide zijperrons zijn verbonden via een tunneltje. Boven beide trappen komt een eenvoudig gebouwtje met een hoog puntdak en een kleine wachtgelegenheid. Op het ene gebouwtje staat Heemstede, op de andere Aerdenhout. Na de oorlog wordt de Oude Lijn ter hoogte van het station verhoogd. Om plaats te maken voor het verhoogde spoor worden beide haltegebouwtjes in 1956 gesloopt.

In 1958 krijgt Heemstede-Aerdenhout één van de eerste echte viaductstations van Nederland. De stationshal bevindt zich onder de spoorbaan en de beide zijperrons. In de hal zijn diverse voorzieningen als ondergebracht. Aan beide zijden van de hal gaat een trap naar de perrons. De trappenhuizen zijn samen met de wachtruimtes langs het perron opgenomen in grote 'dozen' die uitsteken boven de entree van de stationshal. Aan de straatzijde krijgen de bouwwerken bruin geglazuurde tegelstrips met daarin een raster van ronde venstertjes. Ook is een klok aangebracht. De andere zijden van de dozen zijn wit. Langs de perrons komt een grotendeels glazen wand met luifel. In 1999 krijgt het station aan beide zijden een opvallende blauwe perronlift.

 

 

Het stationsgebouw van Heerenveen op 7 juni 2014.
Station Heerenveen
Hr
Opening: 15 januari 1868
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 137,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Eind jaren '60 van de negentiende eeuw laten de Staatsspoorwegen een geheel nieuw standaardontwerp voor stationsgebouwen van de derde klasse onwerpen. De gebouwen zijn opnieuw symmetrisch met een hoog middendeel en lage zijvleugels. De hoeken van het naar voren staande middendeel zijn afgeschuind. Het nieuwe ontwerp is rijker versierd dan het oude. De tien stationsgebouwen van het type komen langs de staatslijnen in Noord-Holland, Groningen en Drenthe. De SS nemen het station van Heerenveen in januari 1868 tegelijkertijd met het baanvak Meppel - Heerenveen van Staatslijn A in gebruik.

Na het uit dienst gaan van de klassieke beveiliging in 1984 één van de voormalige inrijbordessen achter het station opgesteld. Heerenveen, 3 april 2021. In 1983 is 300 meter ten zuiden van het oude stationsgebouw het nieuwe langgerekte stationscomplex rondom het nieuwe ruime stationsplein in gebruik genomen. Het complex komt boven de nieuwe fiets- en voetgangerstunnel die verschillende nieuwbouwwijken met het centrum verbindt. Door de nieuwbouw is de toegang tot het eilandperron van de noordzijde naar de zuidzijde verplaatst. Het nieuwe stationscomplex bestaat uit verschillende lage gebouwen die grotendeels in glas en rode baksteen zijn uitgevoerd. In het midden komt het stationsgebouw met onder andere de loketten, een restauratie en enkele winkels. Aan de linkerzijde komt het busstation met op het busperron enkele wacht- en dienstruimtes en een informatieloket. Aan de rechterzijde komt een fietsenstalling. Het voetgangersgebied en het busstation zijn overdekt met een opvallende blauwe kap die op twee plekken is onderbroken door halfronde gewelven.

Het oude stationsgebouw is een jaar na de opening van het nieuwe station gesloopt.

 
Het nieuwste stationsgebouw van Heerhugowaard op 2 mei 2015.
Station Heerhugowaard
Hwd
Opening: 20 december 1865
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 35,2
  Alkmaar - Hoorn km 6,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tijdens de eerste periode van aanleg van spoorwegen door de Staat, maakt de overheid voor de bouw van stations in eerste instantie gebruik van enkele standaardontwerpen, ingedeeld in klassen. Van het kleinste type, het type 5e klasse, zijn begin jaren '60 van de negentiende eeuw bijna veertig exemplaren neergezet. Ook Hugowaard krijgt in 1862 een standaard stationsgebouw van het type 5e klasse. Het eenvoudige rechthoekige gebouw is twee verdiepingen hoog en heeft een hoog middendeel met puntgevel dat zowel aan straatzijde als de perronzijde naar voren staat. De Staatsspoorwegen nemen het station bij de opening van het baanvak Nieuwe Diep - Alkmaar van Staatslijn K in december 1865 in gebruik.

Vrijwel alle gebouwen van het type vijfde klasse zijn in de loop der jaren vergroot. Zo ook het stationsgebouw van Hugowaard. In 1872 krijgt het stationsgebouw, net als de stations Anna Pauwlona en Noord-Scharwoude aan dezelfde staatslijn, een lange lage zijgevel waarin de afdelingen voor de reizigers komen. Hier komt tevens de nieuwe hoofdentree. Aan de perronzijde komt een ruime luifel. De begane grond van het oorspronkelijke gebouw wordt ingericht voor de afhandeling van het goederenvervoer.

In 1912 is de naam van het station gewijzigd in Heerhugowaard. In 1948 wijzigt NS de naam in Heerhugowaard - Broek op Langendijk, de langste stationsnaam in de Nederlandse spoorweggeschiedenis.

In 1967 maakt het gebouw plaats voor een nieuw standaardstation. Het zogenaamde plinttype is in de jaren '60 en '70 in diverse vergelijkbare plaatsen neergezet. Het rechthoekige gebouw bevat de noodzakelijke voorzieningen als loketten en een ruime wachtruimte en is grotendeels transparant. De gesloten bouwdelen zijn grotendeels met geglazuurde bakstenen uitgevoerd. Tussen het open en het gesloten bouwdeel komt aan de straatzijde een ogenschijnlijk losstaand geveldeel dat in sierverband is gemetseld. Het gebouw staat op een 'zwevende' betonplaat om de ruimte tussen straat- en perronniveau te visualiseren. Het platte dak van het station loopt uit in een royale luifel die de gehele betonplaat overkapt en zo tevens de verbinding tussen het stationsplein, het perrons en de toegang tot het gebouw. In 1976 verdwijnt de toevoeging Broek op Langendijk weer van de borden.

Door de sterke groei van Heerhugowaard is het stationsgebouw uit de jaren '60 al snel te klein. Omdat de plaats vooral aan de 'andere zijde' van het spoor uitbreidt, laat NS in 1989 aan deze zijde een nieuw stationsgebouw neerzetten. Het nieuwe stationsgebouw bestaat uit een lange lage straatgevel met daarin een bloemenkiosk. In het kwartronde, grotendeels gesloten, hoofdgebouw komt een ruime hal met drie loketten. Aan de spoorzijde komt, boven het water van de afwateringstocht een ronde open wachtkamer. Het stationsgebouw aan de andere zijde van het spoor blijft in gebruik als wachtruimte met horeca.

 
Een van de nieuwe gebouwen van het Maankwartier dat boven het station van Heerlen is neergezet en gelijk aangeeft waar de reiziger is aangekomen op 14 september 2020.
Station Heerlen
Hrl
Opening: 1 mei 1896
Spoorlijn(en): Sittard - Herzogenrath km 18,6
  Heerlen - Schin op Geul km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1896 opent de Nederlandsche Zuider-Spoorwegmaatschappij de lokaallijn tussen Sittard, Heerlen en Herzogenrath. Behalve Kerkrade Rolduc krijgen alle Nederlandse stations langs de lijn een standaard stationsgebouw. Het ontwerp is gelijk aan die van de grotere stationsgebouwen die de GOLS enkele jaren eerder in de Achterhoek en Twente neerzet. De hoge rechthoekige gebouwen zijn twee en een halve verdieping hoog en nagenoeg symmetrisch. Vijf jaar na de opening zijn beide zijvleugels verlengd.

Met de opening van de lijn naar Maastricht krijgt Heerlen in 1912 een aanzienlijk groter stationsgebouw. Het nieuwe asymmetrische gebouw is tegen de linkerzijde van het oude gebouw neergezet. Het nieuwe stationsgebouw bestaat uit een hoog ontvangstgebouw met een toren waarin zich de trap naar het woongedeelte bevindt. Links van het gebouw komt een zeer grote vleugel met een hoog puntdak. In het linker deel dat iets naar voren staat, komen de wachtkamers voor mijnwerkers, in het rechter deel komen de overige wachtkamers. Het oude stationsgebouw, dat voortaan in gebruik is als dienstgebouw, krijgt bovendien een verdieping op de rechtervleugel.

Het stationsgebouw uit 1985 op 27 mei 2012, enkele maanden later is het complete gebouw gesloopt.In de jaren '80 wordt het emplacement ingrijpend gewijzigd en besluit NS van de gelegenheid gebruik te maken om het redelijk vervallen stationsgebouw te vervangen door nieuwbouw. Het oude stationsgebouw is in 1985 vervangen door vrij onherkenbare nieuwbouw, gecombineerd met de voetgangerstunnel die het centrum, onder de drukke Stationsstraat en het emplacement door, met de achterkant van het station verbindt. De stationshal met loketten en restauratie komt aan de verdiepte voetgangersroute. Bij de ingang op straatniveau komt een lichte staalconstructie met veel glas om zo nog wat daglicht in de hal toe te laten. De rest van het gebouw bestaat uit een redelijk gesloten bouwblok van nog eens drie verdiepingen. Op de begane grond komt een bewaakte fietsenstalling. Op de andere twee verdiepingen kantoorruimtes. In 2012 is het gebouw alweer gesloopt om ruimte te bieden aan de reconstructie van het complete stationsgebied.

Het nieuwe station is onderdeel van het nieuwe stadsdeel Maankwartier dat gedeeltelijk op een grote plaat boven het spoor is gebouwd. De betonnen plaat van zo'n 3000 vierkante meter ligt sinds 2014 boven de sporen. Op de plaat komen woningen, kantoren en de nieuwe stationshal. De grotendeels glazen hal die ongeveer een derde van de plaat beslaat en toegang biedt tot de lager gelegen perrons is in augustus 2019 in gebruik genomen.

 
Station Heeze op 10 juni 2017.
Station Heeze
Hze
Opening: 22 mei 1977
Spoorlijn(en): Eindhoven - Weert km 10,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de opening van de spoorlijn Eindhoven - Weert in 1913 wordt ook station Heeze-Leende in gebruik genomen. Net als de andere twee stations aan de lijn, Geldrop en Maarheeze, is ook Heeze-Leende uitgevoerd als eilandstation met asymmetrisch stationsgebouw. In 1938 sluit NS sluit alle tussenstations aan de lijn voor het reizigersvervoer. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is het station weer geopend. Vanaf 1960 staat het station als Heeze in het Spoorboekje.

In 1977 neemt NS 1.200 meter richting de dorpskern het nieuwe station van Heeze in gebruik. Langs de twee zijperrons komt een lange glazen wand met perronkap. Hierin bevinden zich ook wachtruimtes. Het oude stationsgebouw is na de sluiting gesloopt. Door de ligging van de spoorlijn is de plek van het eilandperron nog altijd te herkennen.

Station Heiloo op 15 april 2017.
Station Heiloo
Hlo
Opening: 1 mei 1867
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 47,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In mei 1867 is het traject Alkmaar - Uitgeest van Staatslijn K gereed. In Heilo komt alleen een stopplaats. In 1879 neemt de HSM een verbouwde wachterswoning als stationsgebouw in gebruik. De woning krijgt hiervoor een lange lage aanbouw langs het spoor. De aanbouw heeft zowel aan de straat- als de perronzijde halverwege een puntgevel. Rond 1900 wordt een extra O aan de plaatsnaam toegevoegd en staat het station voortaan als Heiloo in het Spoorboekje.

In 1930 wordt het station geheel vernieuwd en maken de verbouwde woning en de smalle zijperrons, net als in veel andere plaatsen in Noord-Holland, plaats voor een breed eilandperron. Op het perron komt een eenvoudig rechthoekig gebouwtje met plat dak. In het gebouw bevinden zich enkel het plaatskaartenkantoor, een kantoor voor de overwegwachter en een ruime bagageruimte in verband met de toeristen naar de Noord-Hollandse kust.

In 1978 krijgt Heiloo een nieuw ruim opgezet perrongebouw. In het gebouw komt naast de loketten ook een grote wachtruimte voor de reizigers. Ook het perron is over een lengte van 85 meter overkapt.

 



 
De westzijde van het oude stationsgebouw van Heino op 13 maart 2016.
Station Heino
Hno
Opening: 1 januari 1881
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Almelo km 12,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de aanleg van de laatse Staatslijnen maken de Staatsspoorwegen opnieuw gebruik van diverse standaardontwerpen voor de kleinere stationsgebouwen. Heino, aan de lijn Zwolle - Almelo, krijgt in 1879 echter een uniek stationsgebouw. Het lage bouwwerk bestaat uit een stationsdeel en een woning. De woning staat hierbij haaks op het spoor en krijgt een uitbundig gedecoreerd puntdak.

De oostzijde van het oude stationsgebouw van Heino op 31 januari 2016.In de loop der jaren verdwijnen de meeste versieringen en krijgt het stationsdeel aan de perronzijde een uitbouw. Vanaf 1980 is het hele gebouw in gebruik als woonhuis en komt er voor de reizigers een abri bij de nieuwe toegang tot het eilandperron.

 



Het derde stationsgebouw van Helmond op 20 september 2015.
Station Helmond
Hm
Opening: 1 oktober 1866
Spoorlijn(en): Venlo - Eindhoven km 38,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1864 laten de Staatsspoorwegen in Helmond een stationsgebouw neerzetten. Het gebouw is in oktober 1866, tegelijkertijd met de staatslijn van Eindhoven naar Venlo, in gebruik genomen. Helmond krijgt net als een groot aantal andere plaatsen een standaard stationsgebouw van het type vierde klasse. Het symmetrische rechthoekige gebouw kent een enigzins hoger middendeel met een puntgevel aan zowel straat- als perronzijde.

Net als een groot aantal soortgelijke zogenaamde Waterstaatstations is ook het stationsgebouw van Helmond in de loop der jaren vergroot. Zo zijn tien jaar na de opening aan beide zijden van het gebouw twee lange lage vleugels toegevoegd. In 1911 is het stationsgebouw aanzienlijk vergroot. Voor het oorspronkelijke gebouw is een nieuw laag gebouw neergezet. De linker zijvleugel uit 1876 is vervangen door een vleugel die ongeveer drie keer zo lang is en net zo breed is als het oorspronkelijke stationsgebouw plus de nieuwe aanbouw aan de straatzijde.

Het sterkt uitgebreide Waterstaatstation is in 1986 gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw. Met het oog op de te openen voorstadshaltes Brouwhuis en 't Hout en de hiermee afnemende reizigersaantallen voor het hoofdstation krijgt Helmond een bescheiden nieuw station. Het eenvoudige gebouw is in 1987 in gebruik genomen en bestaat uit een stalen skelet met daaronder voorzieningen als de loketten en een kleine restauratie. Ook het busstation is in het gebouw geïntegreerd. Het stationsgebouw is 25 jaar na de opening gesloopt om plaats te maken voor een brede tunnel onder de sporen.

In 2014 zijn de nieuwe onderdoorgang en het nieuwe stationsgebouw gereed. Het ovale stationsgebouw heeft grotendeels glazen gevels en is van diverse duurzame toepassingen als een mos-sedumdak en een grijswatercircuit voorzien. In het gebouw bevinden zich enkele horecagelegenheden en winkels. Ook de rest van het stationsgebied is in dezelfde stijl vormgegeven.

 

 

 



Eén van de twee karakteristieke trappenhuizen van het station Helmond Brandevoort op 20 april 2013.
Station Helmond Brandevoort
Hmbv
Opening: 10 december 2006
Spoorlijn(en): Venlo - Eindhoven km 43,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In december 2006 opent NS aan de spoorlijn Eindhoven - Venlo in de Helmondse nieuwbouwwijk Brandevoort het vierde station van de plaats. In tegenstelling tot de meeste soortgelijke haltes krijgt Helmond Brandevoort een opvallend karakteristiek 'stationsgebouw'. Terwijl de halte net als vergelijkbare haltes slechts een kaartautomaat, een traverse over de sporen, wat beschutting en twee fietsenstallingen kent, zorgt de gemeente Helmond ervoor dat hier geen standdaardhalte ontstaat. De voorzieningen zijn net als de gelijknamige nieuwbouwwijk grotendeels in een enigzins historische stijl verpakt. Meest in het oog springend zijn beide in historische beeldtaal ontworpen trappenhuizen waarin zich ook een lift bevindt. De gebouwen vormen de poort naar de traverse die beide helften van de nieuwbouwwijk verbindt. De perrons zijn overkapt met een 90 meter lange overkapping die enigzins klassiek oogt. Aan beide zijden is een fietsenstalling geplaatst die is overdekt door een paviljoen-achtige constructie. Op het stationsplein aan de zuidzijde staat bovendien een klokkentoren. In mei 2007 wordt het complex in gebruik genomen.

De paviljoen-achtige fietsenstalling op 20 april 2013. Overzicht van de perrons met overkappingen en traverse. Helmond, 20 april 2013.

Station Helmond Brouwhuis op 20 april 2013.
Station Helmond Brouwhuis
Hmbh
Opening: 1 juni 1986
Spoorlijn(en): Venlo - Eindhoven km 35,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1986 neemt NS aan de spoorlijn Eindhoven - Venlo de nieuwe voorstadshalte Helmond Brouwhuis in gebruik Het stationsgebouw is een jaar later tegelijkertijd met het nieuwe hoofdstation in gebruik genomen. Het gebouw dat op straatniveau staat, is opgebouwd uit vier betonportalen die van bovenaf een kruis vormen in een vierkante plattegrond. De portalen krijgen een opvallend blauw dak. In het gebouw zijn alleen de noodzakelijke voorzieningen ondergebracht. Op de twee hooggelegen zijperrons komen opvallend ruim opgezette abri's met afgeronde daken.

 



 
Het stationsgebouw en bijgebouwen van Hemmen-Dodewaard op 27 november 2016.
Station Hemmen-Dodewaard
Hmn
Opening: 1 november 1882
 
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 14,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de tweede en derde aanlegperiode van de aanleg van spoorwegen door de Staat, wordt net als bij de eerste Staatsaanleg bij de bouw van de stationsgebouwen weer gebruik gemaakt van een aantal standaardontwerpen. De nieuwe gebouwen zijn minder streng, vaak asymmetrisch en levendig versierd. Het stationsgebouw van Hemmen-Dodewaard is de eerste van een reeks van maar liefst 17 stationsgebouwen met van min of meer hetzelfde ontwerp. Het asymmetrische gebouw heeft een hoog deel dat samen met de korte lage rechter zijvleugel als woning dient. In het brede lage deel aan de linkerzijde bevindt zich de ingang en de stationshal met wachtkamers. De toegang tot het gebouw bevindt zich ongeveer in het midden. De daken van het hoge deel lopen schuin af. Bovendien zijn de puntgevels versierd met houtwerk. Door de afwisseling van blauwe en rode dakpannen ontstaat zo een zeer levendig geheel. Links van het gebouw staat een vrijstaand vierkant toiletgebouw met tentdak. Rechts van het gebouw staat een goederenloods.

Het stationsgebouw van Hemmen-Dodewaard met op de voorgrond het vroegere toiletgebouw op 27 november 2016.Het stationsgebouw van Hemmen-Dodewaard is in november 1882 tegelijkertijd met het baanvak Els - Geldermalsen in gebruik genomen. In diezelfde periode verschijnen langs de lijnen Amersfoort - Kesteren - Nijmegen, Nijmegen - Venlo en Zaandam - Enkhuizen nog zestien gebouwen in verschillende varianten met als basis vrijwel hetzelfde ontwerp.

Het voormalige toiletgebouwtje op 27 november 2016. Veel details zijn nog bewaard gebleven. Zo is de opgehoogde punt voor de ontluchting nog aanwezig en zijn boven enkele deuren de gietijzeren bovenlichten nog aanwezig.In de loop der jaren zijn de gebouwen van het stationscomplex Hemmen-Dodewaard regelmatig opgeknapt en aan de eisen van de tijd aangepast. Hierdoor verdwijnen de meeste versieringen en is ook het karakteristieke patroon van de dakpannen niet behouden. Desondanks blijven de drie gebouwen bewaard en is het geheel in 1999 zelfs benoemd tot Rijksmonument.

Het stationsgebouw van Hengelo op 6 juli 2013.
Station Hengelo
Hgl
Opening: 18 oktober 1865
 
Spoorlijn(en): Almelo - Oldenzaal - Salzbergen km 15,4
  Zutphen - Enschede - Gronau km 45,6
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tijdens de eerste aanleg van spoorlijnen door de Staat worden standaardstations in vijf verschillende klassen gebouwd. Tijdens de aanleg van de spoorlijnen zijn diverse nieuwe uitvoeringen ontworpen. Zo komen er in 1865 twee nieuwe ontwerpen voor het type derde klasse. Terwijl één uitvoering in zo'n tien plaatsen verschijnt, komt het andere ontwerp alleen in Meppel, Enschede en Hengelo te staan.

In Hengelo is in oktober 1865 een tijdelijk stationsgebouw aan de spoorlijn Almelo - Salzbergen in gebruik genomen. Een maand later vormt het station ook het voorlopige eindpunt van de Staatslijn uit Zutphen. In juli 1866 zijn zowel de Staatslijn naar Enschede als het stationsgebouw gereed. Het symmetrische gebouw heeft een hoog middendeel en aan beide zijden een lage zijvleugel. Naast de zijvleugels staan vrijstaande gebouwtjes. De ene is in gebruik als berging, in de andere bevinden zich de toiletten. Beide gebouwtjes zijn met een muur aan het stationsgebouw verbonden.

Het gebouw is in 1898 gesloopt om plaats te maken voor de verhoging en uitbreiding van het emplacement en de bouw van een nieuw stationsgebouw. Hengelo krijgt in de tussentijd opnieuw een eenvoudig tijdelijk stationsgebouw. In 1899 wordt het nieuwe stationsgebouw in gebruik genomen. Het asymmetrische gebouw heeft een grote poortachtige ingangspartij. Deze biedt toegang aan de stationshal en tunnel naar het brede eilandperron. Aan beide zijden van het levendig vormgegeven gebouw staat een torentje dat als trappenhuis dient. De grote toren aan de rechterzijde leidt naar de woning van de stationschef. De kleine toren aan de linkerzijde van het gebouw biedt toegang tot de kleinere woning van de adjunct-chef. In 1902 zijn ook de perrongebouwen en de imposante perronkap gereed. De overkapping bestaat uit geklonken stalen vakwerk-kniespanten, verbonden met dwarsliggers. De zijkanten van de 300 meter lange kap zijn met glas dichtgezet.

‎Zicht op de gerenoveerde overkapping en de brede perrontunnel en trappen op 21 ‎mei ‎2011.In 1944 raakt het stationgebouw tijdens een bombardement zwaar beschadigd. De benedenverdieping is na de oorlog hersteld om als tijdelijk station dienst te doen. In 1951 neemt NS rechts van de restaten van het oude gebouw het nieuwe stationsgebouw van Hengelo in gebruik. Het is een typisch sober betonnen wederopbouwstation waarvan diverse varianten in de grotere steden boven de rivieren verschijnen. De gebouwen bestaan door materiaalgebrek voornamelijk uit een gewapend betonnen skelet, opgevuld met prefab betonnen elementen. Het stationsgebouw van Hengelo heeft de traditionele vorm van een middendeel met etree en twee zijvleugels. Het gebouw biedt via een ruime ingangspartij toegang tot de nieuwe reizigerstunnel naar het eilandperron. Deze ligt, in aansluiting op het nieuwe ontvangstgebouw, een stuk westelijker dan de oude tunnel. Rondom de ingangspartij staan betonnen zuilen. Een ranke klokkentoren annex schoorsteen vormt net als bij de meeste soortgelijke stationsgebouwen een herkenningspunt. Terwijl de monumentale overkapping de oorlog overleeft, zijn de gehavende perrongebouwen wel vervangen.

In 1990 is de reizigerstunnel naar de zuidzijde van het emplacement doorgetrokken. Twintig jaar later is ook de goederentunnel omgebouwd tot reizigerstunnel. Beide tunneldelen komen samen ter hoogte van de trappen naar het perron. Hier komt een brede vide. De tunnel naar de zuidzijde van het station is, net als de ingang aan deze zijde, bij de verbouwing aanzienlijk verbreed. Intussen is de perronoverkapping in 1999 benoemd tot Rijksmonument.

Het stationsgebouw van 's-Hertogenbosch op 8 maart 2014.
Station 's-Hertogenbosch
Ht
Opening: 1 november 1868
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Boxtel km 47,9
  Tilburg - Nijmegen km 22,3
  Lage Zwaluwe - 's-Hertogenbosch km 46,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de aanleg van de eerste reeks staatsspoorlijnen krijgen de verschillende stations naar aanleiding van de grootte van de plaats doorgaans één van de vijf standaardontwerpen van stationsgebouwen. Een aantal stations valt echter onder de Vestingwet en krijgt een laag, vaak langgerekt gebouw dat bestaat uit houten stijl- en regelwerk opgevuld met steen en cement. Alle zogenaamde vestingstations zijn verschillend. In november 1868 nemen de Staatsspoorwegen aan het station van 's-Hergogenbosch als tijdelijk beginpunt van de lijn van naar Eindhoven in gebruik. Twee jaar later is de complete staatslijn H tussen Utrecht en Eindhoven gereed. 's-Hertogenbosch krijgt een zeer langgerekt stationsgebouw dat over de gehele lengte slechts uit één bouwlaag bestaat. Het symmetrische gebouw heeft een naar voren staand middendeel met puntgevel. Beide zijvleugels hebben halverwege nog een bouwdeel met puntgevel dat enigzins naar voren staat.

Nadat in 1874 de Vestingwet is aangenomen, verliezen de steden hun militaire betekenis en zijn de houten stationsgebouwen geleidelijk vervangen. 's-Hertogenbosch is als één van de eerste steden aan de beurt. In 1893 begint zo'n driehonderd meter ten zuiden van het station de bouw van het imposante stationsgebouw in neorenaissance stijl. Door de verplaatsing van het station kan via de nieuwe Stationsweg een monumentale entree naar de stad worden gecreëerd. Het nieuwe stationsgebouw is 140 meter breed. Het gebouw is symmetrisch en kent een hoog middendeel met twee torens en een opvallend ruime entree. Aan beide zijden komen lange lage zijvleugels die worden afgesloten met een hoog eindgebouw met eveneens een kleine toren op de hoek. In het rechter eindgebouw staat een stoommachine voor de elektrische verlichting. Het gebouw heeft hierdoor een opvallend hoge schoorsteen. Het station krijgt een ruim opgezet eilandperron met een geklonken ijzeren kap van maar liefst 450 meter. Ook het perron langs het stationsgebouw krijgt een dergelijke overkapping. Het middendeel is ter hoogte van het stationsgebouw hoger dan de rest van de kap. Op het zijperron bestaat het lage deel uit een dubbele kap. Vanwege de slechte bodemgesteldheid is gekozen om beide perrons met een loopbrug te verbinden. Naast trappen is de brug als enige in Nederland ook met hellingbanen. Het nieuwe stationscomplex is in 1896 gereed. Het oude stationsgebouw is hierna nog zo'n twintig jaar in gebruik als tramstation.

In 1944 raakt het stationsgebouw tijdens de bevrijding van de stad zwaar beschadigd. In 1950 is besloten de restanten van het gebouw definitief te slopen en te vervangen door nieuwbouw. Het nieuwe stationsgebouw is in 1952 gereed. Het gebouw is 85 meter breed en opgebouwd uit verschillende bouwstijlen. Het ontwerp is opnieuw nagenoeg symmetrisch en voorzien van een hoog middendeel met centrale entree en lage zijvleugels. Haaks op de hogere eindgebouwtjes komt aan de linkerzijde een korte gallerij met puntdak en aan de rechterzijde een bouwdeel met horeca. De oude perronkappen blijven tijdens de oorlog gespaard. Begin jaren '90 wordt besloten het stationsgebouw te slopen om ruimte te maken voor een nieuwe brede voetgangerstraverse over het emplacement om zo het nieuw te ontwikkelen stadsdeel achter het station met de stad te verbinden. Ook zijn er plannen de oude perronkappen te vervangen, deze worden echter in 1995 benoemd tot Rijksmonument. Het oude stationsgebouw is in 1996 gesloopt om ruimte te maken voor nieuwbouw. De stationsklok krijgt hierna een plek op de gevel van winkelcentrum Noordkade in Veghel. De karakteristieke torentjes van de eindgebouwtjes komen in 2002 terecht in het in 2007 gesloten themapark Land van Ooit in Drunen.

In 1998 is het nieuwe stationsgebouw gereed. De haakvormige nieuwbouw bestaat grotendeels uit een kantoorgebouw van vijf verdiepingen. De entree wordt geaccentueerd door een hoge ronde toren en een grote glazen pui die enigzins schuin voor het gebouw hangt. In de glaswand komt een lichtkunstwerk. De entree leidt direct naar de trappen, roltrappen en lift naar de hooggelegen stationshal die aansluit op de nieuwe voetgangerstraverse over het emplacement. De zogenaamde passerelle bestaat eveneens grotendeels uit glas. Het station wordt bovendien uitgebreid met een tweede eilandperron. De beide perronkappen uit 1896 zijn tijdens de verbouwing van het station geheel gerestaureerd. Voor de hellingbanen is echter geen plek meer. Ook zijn de kappen ter hoogte van de passerelle voortaan onderbroken.

Perron van station 's-Hertogenbosch Oost op 26 oktober 2013.
Station 's-Hertogenbosch Oost
Hto
Opening: 31 mei 1987
 
Spoorlijn(en): Tilburg - Nijmegen km 25,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1987 neemt NS aan de spoorlijn 's-Hertogenbosch - Nijmegen de nieuwe voorstadshalte 's-Hertogenbosch Oost in gebruik. De halte is één van de tien voorstadshaltes met loketfunctie die NS in de jaren '80 naar een overeenkomend ontwerp laat bouwen. De gebouwtjes zijn ontworpen met vier gestandaardiseerde architectonische componenten, aangepast aan de verschillende stedenbouwkundige uitgangspunten. De gebouwtjes zijn onder andere te herkennen aan de draagconstructie van stalen kokers en de daken met luifels die aan de perronzijde schuin aflopen. In 's-Hertogenbosch komt het loketgebouwtje op de begane grond en liggen beide zijperrons aan de hooggelegen spoordijk. De perrons zijn via trappen en liften vanaf de Bruistensingel te bereiken.

Het haltegebouw is in 2006 gesloopt. Van de wachtgelegenheden op de perrons blijft alleen het skelet bewaard.

 



 De trappen en liften van Hillegom op 2 mei 2015.

In 1842 neemt de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij het baanvak Haarlem - Leiden van de Oude Lijn in gebruik. Halverwege Lisse en Hillegom komt op het gelijknamige landgoed het station Veenenburg. Bijna 50 jaar later wordt besloten om station Veenenburg te vervangen door nieuwe stations in beide plaatsen. In 1891 stoppen de eerste treinen in Hillegom bij de halte Hillegommerbeek en de stopplaats Loosterweg. In 1900 is halverwege beide haltes het definitieve station van Hillegom in gebruik genomen. Het station krijgt een breed eilandperron met daarop drie gebouwen met onder andere loketten, wachtruimtes en toiletten. Het geheel wordt overdekt door een lange perronkap. Het station sluit bij de aanvang van de spoorwegstaking in 1944. De eerste jaren na de oorlog stoppen in het bollenseizoen nog regelmatig treinen voor toeristen. In de jaren '50 verdwijnt de stationskap en in de jaren '60 zijn de drie gebouwen afgebroken en is het perron verwijderd.

In 2000 neemt NS op de plek van het oude station het nieuwe station van Hillegom in gebruik. Doordat de sporen na de sluiting van het station zijn blijven liggen, krijgt het station opnieuw een breed eilandperron, ditmaal zonder verdere voorzieningen. Het station is middels een hoge loopbrug met het stationsplein verbonden. De beide liften vormen met hun gebogen daken opvallende herkenningspunten.

 



Het stationsgebouw van Hilversum op 22 juli 2012.
Station Hilversum
Hvs
Opening: 10 juni 1874
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 28,4
  Hilversum - Lunetten km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juni 1874 neemt de HSM de Oosterspoorweg tussen Amsterdam en Amersfoort en de zijtak tussen Hilversum en Utrecht in gebruik. Als belangrijkste station op de route krijgt Hilversum een ruim opgezet en opvallend hoog stationsgebouw. Het sober uitgevoerde gebouw is symmetrisch en kent een naar voren staand middendeel dat nog enkele versieringen kent en twee enigszins naar voren staande eindgebouwen. Aan de perronzijde komt langs het hele gebouw een kap. In 1892 is ook het middenperron van een overkapping voorzien. In 1910 is tussen de voor- en achterzijde van het station een voetgangersbrug in gebruik genomen. In 1931 is het overpad tussen beide perrons vervangen door een reizigerstunnel.

In 1954 krijgt het station aan de andere zijde van het emplacement een volwaardig entreegebouw met onder andere loketten en een fietsenstalling. De stationshal is hoger dan de rest van het gebouw en krijgt grotendeels glazen wanden. Bovendien loopt het dak ter hoogte van de stationshal schuin naar boven. De hal biedt toegang tot de verlengde reizigerstunnel die voortaan beide zijden van het station verbindt. De voetgangersbrug is hierna gesloopt. Later zijn verschillende glazen wanden dicht gemaakt om meer winkelruimte te creëren.

Het stationsgebouw is in 1990 gesloopt om ruimte te maken voor de herinrichting van de complete stationsomgeving. NS laat op de plek van het oude station een groot kantoorgebouw van vijf verdiepingen neerzetten. Ongeveer halverwege het gebouw komt een stationshal ruime met ruimte voor de loketten en winkels. Het midden van de hal is zo'n drie verdiepingen hoog. Zowel aan de straat- als de perronzijde komt een halfronde glazen wand om de entree van het station te accentueren. Boven de entree komt een groot rond venster met daarin de stationsklok. Het venster is bekleed met holografisch glas waardoor door de stand van de zon een wisselend kleurenspectrum op de vloer van de hal ontstaat. Als verwijzing naar de aanwezigheid van de verschillende omroepen en televisiestudio's in Hilversum krijgt het gebouw aan de rechter zijde een toren in de vorm van een zendmast. De perronkap uit 1892 blijft behouden.

Voor de aanleg van de nieuwe tunnel voor langzaam verkeer en een extra eilandperron is het entreegebouw aan de achterzijde van het station in 2007 gesloopt.



 
De Kijkbuis als verbinding tussen de halte en het Media Park op 2 juni 2013
Station Hilversum Media Park
Hvsn
Opening: 26 mei 1974
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 26,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1974 opent NS aan de Oosterspoorweg de nieuwe voorstadshalte Hilversum NOS, vernoemd naar het nabijgelegen studiocomplex. De halte krijgt twee zijperrons met een eenvoudige overkapping en wachtgelegenheden. Beide perrons zijn verbonden met een eenvoudige brug. Het standaardontwerp is ook in Bussum Zuid en Putten neergezet. Halverwege de jaren '80 krijgt de tot dan toe onbemande halte een keet voor de verkoop van plaatskaarten. Enkele jaren is een eenvoudige permanente voorziening als plaatskaartenkantoor gebouwd. In 1989 wijzigt NS de naam van de halte in Hilversum Noord.

Het voormalige plaatskaartenkantoor van de halte Hilversum Noord op 2 juni 2013, een half jaar voordat de halte wordt omgedoopt in Hilversum Media Park.In 2011 wordt een nieuwe opvallende brug tussen de perrons en het nabijgelegen Media Park in gebruik genomen. De nieuwe brug is tevens van liften voorzien. De brug krijgt de toepasselijke naam De Kijkbuis. In december 2013 krijgt de voorstadshalte opnieuw een nieuwe naam. Ditmaal is de halte vernoemd naar het nabijgelegen Media Park.

 
Fietsenstalling annex stationsgebouw Hilversum Sportpark op 7 februari 2016.
Station Hilversum Sportpark
Hvsp
Opening: 1 juni 1886
 
Spoorlijn(en): Hilversum - Lunetten km 1,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1886 neemt de HSM aan de spoorlijn Hilversum - Utrecht de halte Amersfoortsche Straatweg in gebruik. De halte ligt aan de zuidzijde van Hilversum. In 1919 wijzigt de naam van de halte in Soestdijkerstraatweg. In 1952 krijgt de halte een eenvoudig kioskachtig gebouwtje voor de kaartverkoop. Het gebouw bestaat voornamelijk uit een lage bakstenen onderbouw met daarop een stalen skelet met stalen kozijnen. De gevels zijn afgewerkt met donkerbruine verticale gevelstrips. Het V-vormige dak vormt aan de zijde van het pad naar het perron een luifel. Aan de overzijde van de weg komt een langgerekt gebouw met daarin een grote fiestenstalling. Buiten de ingangspartij en de kantoorruimte van de beheerder aan de straatzijde kent de rest van het gebouw geen ramen.

Vanaf 1965 is het station als Hilversum Sportpark in de dienstregeling opgenomen. Zestien jaar later is het haltegebouwtje gesloopt en is de kaartverkoop in de fietsenstalling ondergebracht.

 
De eenvoudige stationsaccommodatie van Hindeloopen op 8 mei 2016.
Station Hindeloopen
Hnp
Opening: 28 november 1885
 
Spoorlijn(en): Leeuwarden - Stavoren km 41,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Hindeloopen krijgt, net als verschillende andere plaatsen die bij de derde periode van staatsaanleg van een station zijn voorzien, een standaard stationsgebouw. Tegelijkertijd met de spoorlijn Sneek - Stavoren nemen de Staatsspoorwegen in november 1885 het station van Hindeloopen in gebruik. De stad krijgt hetzelfde standaard stationsgebouw als bijna tien andere dorpen in Groningen en Friesland. Het eenvoudige gebouw kent een laag middendeel parallel aan het spoor en twee verschillende eindgebouwen haaks op het spoor.

Van dit type stationsgebouw blijft alleen het gebouw van Loppersum bewaard. De overige gebouwen verdwijnen vrijwel allemaal tijdens de grote sanering van het spoorwegnet en overbodige gebouwen in de jaren '70. Het stationsgebouw van Hindeloopen maakt in 1973 plaats voor een standaard abri.

 



De wachtruimte van Hoensbroek op 10 september 2015.
Station Hoensbroek
Hb
Opening: 1 mei 1896
Spoorlijn(en): Sittard - Herzogenrath km 15,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1896 neemt de Nederlandsche Zuider-Spoorwegmaatschappij de lokaallijn tussen Sittard, Heerlen en Herzogenrath in gebruik. Behalve Kerkrade Rolduc krijgen alle Nederlandse stations langs de lijn een standaard stationsgebouw. Het ontwerp is gelijk aan die van de grotere stationsgebouwen die de GOLS enkele jaren eerder in de Achterhoek en Twente neerzet. De hoge rechthoekige gebouwen zijn twee en een halve verdieping hoog en nagenoeg symmetrisch.

De meeste stationsgebouwen langs de lijn zijn begin jaren '70 gesloopt. Ook het stationsgebouw van Hoensbroek ontkomt in 1971 niet aan de slopershamer. In 1975 is op de plek van het station een standaard-abri geplaatst. Het stationsgebouw van Landgraaf is inmiddels het enige bewaarde stationsgebouw langs de voormalige NZS-lijn.

Station Hoevelaken op 15 september 2013.
Station Hoevelaken
Hvl
Opening: 9 december 2012
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 51,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In december 2012 is aan de Oosterspoorweg tussen Amersfoort en Apeldoorn station Hoevelaken in gebruik genomen. Omdat het station deel uitmaakt van de zogenaamde Valleilijn, stoppen hier alleen de treinen die bij Harselaar van de hoofdlijn afbuigen richting Barneveld. Het overdekte stationsplein is boven de spoorlijn gerealiseerd. Vanaf het plein, waar ook een fietsenstalling is ondergebracht zijn beide zijperrons met trappen en liften te bereiken. Hoewel Hoevelaken in Gelderland ligt, bevindt het station zich in de provincie Utrecht.

Het station is niet het eerste station van Hoevelaken. Van 1905 tot 1938 is aan de Centraalspoorweg tussen Amersfoort en Zwolle de halte Hoevelaken in gebruik. De halte ligt in tegenstelling tot het nieuwe station zo'n drie kilometer van het dorp.

 



Het stationsgebouw van Hollandsche Rading op 7 februari 2016.
Station Hollandsche Rading
Hor
Opening: 1 juni 1885
 
Spoorlijn(en): Hilversum - Lunetten km 5,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1885 neemt de HSM aan de spoorlijn Hilversum - Utrecht de stopplaats Hollandsche Rading in gebruik. De eerste vijftig jaar stopt de trein alleen op verzoek. In 1976 krijgt de halte een houten keet voor de kaartverkoop. In 1987 laat NS een eenvoudig stationsgebouw neerzetten. Het rechthoekige gebouw krijgt, aansluitend aan de gebouwen in de directe omgeving, een zadeldak. Na acht jaar stopt de kaartverkoop en kent het gebouw diverse andere functies.

Het stationsgebouw van Holten op 19 maart 2021.
Station Holten
Hon
Opening: 1 september 1888
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 juni 1940  
Spoorlijn(en): Deventer - Almelo km 18,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Koninklijke Nederlandsche Locaalspoorweg-Maatschappij bouwt in 1886 in Holten aan de lokaallijn Deventer - Almelo een stationsgebouw van het standaardtype tweede klasse. In Bathmen, Dieren, Beekbergen en Vaassen komen gebouwen van hetzelfde type. Het standaardontwerp bestaat uit een langgerekt gebouw van anderhalve verdieping. In het gebouw zijn een woning en enkele lokalen voor de stationsdienst aanwezig. Rond 1920 is het stationsgebouw met een halve verdieping verhoogd. Bovendien krijgen beide zijden een lage aanbouw. Aan de linkerzijde komt een goederenloods met puntdak. De rechter aanbouw heeft een plat dak en is als woonruimte bedoeld. Om de treindienst tussen Deventer en Twente te versnellen is het station in mei 1938 gesloten. In juni 1940 is Holten weer in de dienstregeling opgenomen.

Terwijl de stationsgebouwen van Bathmen en Dieren zijn gesloopt, laten de bewaarde gebouwen in Beekbergen aan de museumlijn van de VSM en Vaassen aan de voormalige Baronnenlijn het oorspronkelijke ontwerp zien.

 Zicht op de perrons van Hoofddorp op 5 mei 2016.

In 1981 neemt NS het tweede station van Hoofddorp in gebruik. Het eerste station ligt aan de zogenaamde Haarlemmermeerlijnen en doet dienst van 1912 tot 1936. Deze lokaallijnen zijn vrijwel direct na de sluiting opgebroken. Het stationsgebouw bestaat echter nog altijd.

Hoewel het niet in de oorspronkelijke plannen is opgenomen, krijgen Hoofddorp en Nieuw Vennep op aandringen van de gemeente Haarlemmermeer een halte aan de nieuwe Schiphollijn. Beide haltes zijn in 1986, vijf jaar na de opening, voorzien van een vrijwel identiek stationsgebouw langs één van de twee zijperrons. De gebouwen worden vooral gekenmerkt door de brede rode dakomlijsting. Omvangrijke uitbreidingen van het aantal sporen en andere infrastructuur zorgen ervoor dat het stationsgebouw in Hoofddorp al in 1997 is gesloopt.

In 1998 is het compleet vernieuwde stationscomplex in gebruik genomen. Het emplacement is omhooggebracht en kent naast een flink aantal sporen voortaan twee brede eilandperrons met opvallende gebogen perronkappen. Een deel van het emplacement ligt op een viaduct boven het busstation en een route voor langzaam verkeer. Het stationsgebouw komt deels onder het viaduct. Het driehoekige dak boven de entree steekt enigzins als herkenningspunt omhoog.

 



Het stationsgebouw van Hoogeveen op 4 februari 2012.
Station Hoogeveen
Hgv
Opening: 1 mei 1870
 
Spoorlijn(en): Meppel - Groningen km 19,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Hoogeveen krijgt net als de andere plaatsen aan Staatslijn C een Waterstaatstation. Het gebouw van het nieuwe type derde klasse is gebouwd in 1868 en maakt 115 jaar later plaats voor het huidige stationsgebouw. Het nieuwe gebouw krijgt in opdracht van de gemeente de contouren van het oude, in verval geraakte stationsgebouw. Opvallend is de grote luifel boven het voorplein waardoor auto's, taxi's en bussen overdekt kunnen voorrijden. Onder het hoge middendeel bevindt zich de centrale stationshal. In de zijvleugels komen diverse voorzieningen als een restaurant en diverse dienstruimten.

 

Het desolate stationsgebouw van Hoogezand-Sappemeer op 29 oktober 2016.
Station Hoogezand-Sappemeer
Hgz
Opening: 1 mei 1868
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 95,6
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juni 1868 nemen de Staatsspoorwegen het traject Groningen - Winschoten van Staatslijn B in gebruik. Zowel Zuidbroek als Hoogezand krijgt een  stationsgebouw dat van het geheel nieuwe standaardontwerp voor gebouwen van het type derde klasse. De gebouwen zijn opnieuw symmetrisch met een hoog middendeel en lage zijvleugels. De hoeken van het naar voren staande middendeel zijn afgeschuind. Het nieuwe ontwerp is rijker versierd dan het oude. Diezelfde periode verschijnen nog diverse gebouwen van hetzelfde type langs de staatslijnen in Groningen, Drenthe en Noord-Holland.

Het stationsgebouw van Hoogezand-Sappemeer overleeft de sloopwoede van de jaren '70 maar is in 1989 na jarenlang onderhandelen over een herbestemming alsnog gesloopt om plaats te maken voor een eenvoudig nieuw stationsgebouw. Het nieuwe lage rechthoekige gebouwtje kent alleen de noodzakelijke dienstruimten, een loket en een kleine wachtkamer. Terwijl de dienstruimten grijs betegeld zijn, zijn de wanden van de reizigersruimte bijna alleen van glas. Schuin over het gebouw komt als decoratie een hoge wand met terracottakleurige gevelplaten. In de wand zit een poort met aan beide zijden een luifel. Het geheel vormt zo alsnog een 'echt' stationsgebouw.

 



Het stationsgebouw van Hoogkarspel op 15 april 2017.
Station Hoogkarspel
Hks
Opening: 6 juni 1885
Spoorlijn(en): Zaandam - Enkhuizen km 42,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Het station Hoogkarspel is in 1885 gelijktijdig met de spoorlijn Zaandam - Enkhuizen in gebruik genomen. Het station krijgt een standaard stationsgebouw dat in meerdere plaatsen langs spoorlijnen uit de derde Staatsaanleg verschijnt. Het gebouw is asymmetrisch en kent een hoog, bijna vierkant middendeel met aan de straatzijde, de perronzijde en de linkerzijde een trapgevel. Links van het middendeel komt een korte lage zijvleugel. Aan de rechterzijde komt een langere maar eveneens lage zijvleugel.

In 1965 is het gebouw, net als het nabijgelegen stationsgebouw van hetzelfde ontwerp in Bovenkarspel-Grootebroek, gesloopt om plaats te maken voor een eenvoudiger standaardontwerp. Het gebouw van het type Vierlingsbeek bestaat uit een betonskelet bekleed met gele bakstenen. Kort na de eeuwwisseling sluit NS het loket waarna het stationsgebouw komt leeg te staan. In 2014 is het gebouw opgeknapt en in gebruik als kapper annex koffiebar.

 



Het stationsgebouw van Hoorn op 25 maart 2012.
Station Hoorn
Hn
Opening: 20 mei 1884
Spoorlijn(en): Zaandam - Enkhuizen km 32,5
  Hoorn - Medemblik km 0,0
  Alkmaar - Hoorn km 23,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Terwijl de meeste plaatsen langs de spoorlijnen van de tweede en derde staatsaanleg standaard stationsgebouwen krijgen, laten de Staatsspoorwegen in de periode 1882-1884 in Hoorn een opvallend groot en rijkversierd stationsgebouw neerzetten. Het gebouw aan de spoorlijn tussen Zaandam en Enkhuizen heeft een hoog middendeel met twee identieke lage vleugels. Zowel de buiten- als de binnenzijde zijn uitgevoerd in de neorenaissancestijl. Het metselwerk aan de buitenzijde is afgewisseld met horizontale banden van zandsteen. De gevel is versierd met fronton- en segmentvorminge bekroningen van de deuren en vensters. Ook de binnenwanden en plafonds zijn rijkversierd. In 1920 zijn de dakkapellen verwijderd. In de loop der jaren verdwijnen ook steeds meer andere versieringen.

In de jaren '60 is Hoorn aangewezen als groeikern en al snel voldoet het ruime stationsgebouw van weleer niet meer aan de sterk gestegen reizigersaantallen. In de jaren '80 begint de renovatie van het monumentale stationsgebouw. In 1990 is het gebouw geheel gerenoveerd en van buiten zoveel mogelijk teruggebracht in de originele staat. Ook de dakkapellen keren in een vereenvoudigde vorm terug op het middendeel. Het krappe interieur met vele kleine ruimtes is echter vrijwel geheel vernieuwd. Hierbij verdwijnen vrijwel alle wanden. Alleen waardevolle elementen, als het cassetteplafond in de oorspronkelijke stationsrestauratie, blijven behouden. Naast een ruime hal met vier loketten, komen er nieuwe ruimtes voor winkels en een restaurant.

 

Hoorn Kersenboogerd, 5 mei 2016.
Station Hoorn Kersenboogerd
Hnk
Opening: 29 mei 1983
Spoorlijn(en): Zaandam - Enkhuizen km 34,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1986 neemt NS aan de spoorlijn Hoorn - Enkhuizen de nieuwe voorstadshalte Hoorn Kersenboogerd in gebruik. De halte is één van de tien voorstadshaltes met loketfunctie die NS in de jaren '80 naar een overeenkomend ontwerp laat bouwen. De gebouwtjes zijn ontworpen met vier gestandaardiseerde architectonische componenten, aangepast aan de verschillende stedenbouwkundige uitgangspunten. De gebouwtjes zijn onder andere te herkennen aan de draagconstructie van stalen kokers en de daken met luifels die aan de perronzijde schuin aflopen. Beide zijperrons zijn via een tunnel verbonden.

 



De perronzijde van het stationsgebouw Horst-Sevenum op 26 september 2015.
Station Horst-Sevenum
Hrt
Opening: 1 oktober 1866
Spoorlijn(en): Venlo - Eindhoven km 11,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als vrijwel alle andere stations uit de eerste periode van de aanleg van spoorwegen door de Staat is ook het station halverwege Horst en Sevenum aan Staatslijn E voorzien van een standaard stationsgebouw. Station Horst-Sevenum krijgt in 1864 een eenvoudig gebouw van het kleinste type, de 5e klasse. Het rechthoekige gebouw heeft een hoog middendeel met puntgevel en twee korte zijvleugels. Op de benedenverdieping is ruimte voor de hal, wachtkamer, kantoor en opslag en op de bovenverdieping is een woning. De Staatsspoorwegen nemen het gebouw in 1866 tegelijkertijd met het baanvak Eindhoven - Venlo in gebruik.

Net als de meeste stationsgebouwen van het type 5e klasse is ook het stationsgebouw van Horst-Sevenum in de loop der jaren vergroot. Zo krijgt het gebouw vier jaar na de opening aan beide zijden twee korte lage vleugels. In 1915 is het middendeel van het stationsgebouw met een verdieping verhoogd. Hierna is het gebouw in redelijk originele staat bewaard gebleven.

In 1992 is het gebouw gerenoveerd. Tien jaar later sluit het loket waarna het gebouw verschillende ondernemingen en bewoners huisvest. Inmiddels is het stationsgebouw in gebruik als Bed & Breakfast met stationsrestauratie.

 



De toegang tot het eilandperron van station Houten op 28 januari 2018.
Station Houten
Htn
Opening: 23 mei 1982
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Boxtel km 7,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de opening van het baanvak Utrecht - Waardenburg van Staatslijn H wordt in 1868 ook het eerste station van Houten in gebruik genomen. Het stationsgebouw is volgens het nieuwe standaardontwerp voor de zogenaamde Waterstaatstations van het type en vijfde klasse. Langs dezelfde spoorlijn krijgen ook Schalkwijk, Culemborg, Geldermalsen en Waardenburg een stationsgebouw van dit type. NS sluit het station bij de versnelling van de treindienst op het Middennet in 1935.

Eind jaren '60 wordt Houten aangewezen als groeikern. In 1982 neemt NS ruim een kilometer ten noorden van het oude station, midden in het nieuwe centrum, het nieuwe station Houten in gebruik. Langs de spoorlijn komen twee zijperrons met een korte overkapping. Het station is op maaiveldniveau gebouwd en deels uitgevoerd als viaductstation over de verdiepte langzaamverkeersroute 'Onderdoor'. De loketfunctie komt in het nabijgelegen postkantoor dat voor de gelegenheid ook van NS-logo's is voorzien.

Om ruimte te maken voor de spoorverdubbeling tussen Houten en Utrecht is het oude station tussen 2007 en 2009 in delen gesloopt. In 2010 is het vernieuwde station gereed. Het station bestaat voortaan uit een eilandperron met daaronder een ruime fietsenstalling. De vier sporen liggen zo'n twee meter hoger dan het oude tracé en worden door een grote, grotendeels glazen kap, overdekt. Het negentiende eeuwse stationsgebouw bestaat nog altijd en is voor de spoorverdubbeling 150 meter verplaatst.

Het gerenoveerde stationsgebouw van Houthem-Sint Gerlach op 6 augustus 2016.
Station Houthem-St. Gerlach
Sgl
Opening: 21 januari 1888
Spoorlijn(en): Aachen - Maastricht km 27,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Het leegstaande stationsgebouw Houthem - St. Gerlach voor de renovatie op 7 mei 2011.In 1888 wordt aan de spoorlijn Maastricht - Aachen de halte St. Gerlach in gebruik genomen. Een dienstwoning uit het openingsjaar 1853 dient als onderkomen voor treinreizigers. De woning is later met enkele ruimten uitgebreid. Met het oog op het toenemende toerisme in Zuid-Limburg krijgt St. Gerlach in 1903 een echt stationsgebouw. Het houten gebouw is van een uniek ontwerp en bijzonder rijk versierd. Het oogt als een Zwitsers chalet met diverse Jugendstil-elementen. Opvallend zijn de ronde vormen van de grote raamopeningen. Door de bijzondere ligging, is de perrongevel tevens de straatgevel en krijgt het gebouw aan de andere zijde, waar een grasveld ligt, een blinde wand. In 1906 wijzigen de Staatsspoorwegen de naam van het station in Houthem-St. Gerlach. De bestaande halte Houthem ligt een kilometer richting Valkenburg en wordt tegelijkertijd hernoemd in Vroenhof.

Bij verschillende schilderbeurten krijgt het gebouw diverse kleurstellingen. In 1938 is bij een opknapbeurt een groot deel van de ornamenten verwijderd en verdwijnt het timmerwerk grotendeels achter grote platen. Sindsdien is het gebouw voornamelijk wit en grijs geschilderd.

Detailopname van de vakantiewoning Halte St.Gerlach op 6 augustus 2016.Nadat het gebouw geen stationsfunctie meer heeft, zit er onder andere een galerie en een videotheek in. Ondertussen raakt het sterk verwaarloosd en zijn er plannen het laatste houten stationsgebouw van Nederland te slopen.

Van 2012 tot 2014 is het stationsgebouw van Houthem-St. Gerlach echter volledig gerenoveerd en zoveel mogelijk teruggebracht in de oorspronkelijke staat. Hoewel de ronde raampartijen niet terugkeren, is de vorm wel terug te vinden in het houtwerk. Na de renovatie is het gebouw als Halte-St. Gerlach beschikbaar als vakantiewoning. Het stationsgebouw en het perron zijn voortaan gescheiden door een hekwerk.

 

Het stationsgebouw van Hurdegaryp op 21 juli 2018.
Station Hurdegaryp
Hdg
Opening: 1 juni 1866
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 36,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als vrijwel alle andere stations uit de eerste periode van de aanleg van spoorwegen door de Staat krijgt Hardegarijp aan Staatslijn B een standaard stationsgebouw. Het dorp krijgt in 1864 een eenvoudig gebouw van het kleinste type, de 5e klasse. Het rechthoekige gebouw heeft een hoog middendeel met puntgevel en twee korte zijvleugels. Op de benedenverdieping is ruimte voor de hal, wachtkamer, kantoor en opslag en op de bovenverdieping is een woning. De Staatsspoorwegen nemen het gebouw in 1866 tegelijkertijd met het baanvak Leeuwarden - Groningen in gebruik.

Net als de meeste stationsgebouwen van het type 5e klasse is ook het stationsgebouw van Hardegarijp in de loop der jaren vergroot. In 1891 krijgt het gebouw aan de linkerzijde een korte lage zijvleugel en aan de rechterzijde een lange lage zijvleugel. In 1915 krijgt het middendeel, net als veel soortgenoten rond die tijd, een extra verdieping.

In 1964 krijgt Hardegarijp een nieuw standaard haltegebouw. Het eenvoudige, functionele ontwerp van een betonskelet, opgevuld met gele strengpersstenen en stalen kozijnen is diezelfde periode nog elf keer elders toegepast.

Vanaf mei 1999 staat het station als Hurdegaryp in het Spoorboekje.

 



 
Wachtruimte en seinpaal in IJlst op 2 april 2016.
Station IJlst
IJt
Opening: 28 november 1885
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 25 mei 1940  
Sluiting: 5 april 1941  
Heropening: 2 juni 1985  
Spoorlijn(en): Leeuwarden - Stavoren km 24,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1875 besluit de regering opnieuw een aantal spoorlijnen aan te leggen. De staatslijn tussen Leeuwarden, Sneek en Stavoren is tussen 1883 en 1885 in etappes in gebruik genomen. Net als langs de lijnen van de eerste staatsaanleg verschijnen ook langs de nieuwe lijnen standaard stationsgebouwen. De kleinere plaatsen langs de nieuwe noordelijke staatslijnen krijgen voornamelijk lage gebouwen parallel aan het spoor met twee verschillende eindgebouwen die haaks op het spoor staan. Het enige bewaarde exemplaar van dit type staat in Loppersum. Het stationsgebouw van IJlst is in november 1885 in gebruik genomen. In 1938 staakt NS de bediening van de meeste stations en halteplaatsen tussen Leeuwarden en Stavoren. Ook IJlst verdwijnt hierbij uit het Spoorboekje. Tijdens de eerste bezettingsmaanden van 1940 is het station weer enige tijd in gebruik. Het stationsgebouw is in 1954 gesloopt.

De standaardabri van IJlst op 2 april 2016.Vanaf juni 1985 stoppen er opnieuw treinen in IJlst. Enkele honderden meters ten noorden van het vroegere station komt een perron met eenvoudige standaardabri.

 

 



Straatzijde van het stationsgebouw van Kampen op 15 februari 2014.
Station Kampen
Kpn
Opening: 10 mei 1865
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Kampen km 101,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Als eindpunt van de spoorlijn Utrecht - Zwolle - Kampen van de Nederlandsche Centraal-Spoorweg-Maatschappij krijgt de havenstad in 1865 een standaard stationsgebouw van het type eerste klasse. De NCS laat gebouwen van hetzelfde type in de grote plaatsen Amersfoort, Nijkerk en Harderwijk neerzetten. Terwijl de NCS laatste etappe van de Centraalspoorweg in mei 1865 in gebruik neemt, is het stationsgebouw pas een half jaar later gereed. Het symmetrische stationsgebouw bestaat uit een hoog middendeel met aan beide zijden een lage vleugel. In tegenstelling tot de andere stationsgebouwen, komt de voorgevel van het stationsgebouw van Kampen aan de perronzijde. Belangrijkste reden is dat dit de gevel is die reizigers die vanuit Kampen de IJsselbrug oversteken als eerste te zien krijgen. Terwijl het station nog net binnen de gemeentegrenzen staat, ligt het emplacement grotendeels in de gemeente IJsselmuiden.

De perronzijde van station Kampen voor de elektrificatie op 15 februari 2014.Terwijl de NCS de andere stationsgebouwen van het type in de loop der jaren vergroot, is het stationsgebouw van Kampen in 1911 gesloopt om plaats te maken voor een geheel nieuw stationsgebouw dat grotendeels op de fundamenten van het oude station staat. Het moderne asymmetrische gebouw is in 1912 in gebruik genomen. Het is strak vormgegeven en heeft enkele kleine torens. De ingang komt nu aan de straatzijde en is voorzien van een groot bordes met overkapping. Aan beide zijden van het bordes staat een toren. Het rechterdeel van de rechtervleugel is een verdieping hoger dan de rest van het gebouw en bevat onder andere de woning van de stationschef. De deur van de woning bevindt zich in de toren aan het eind van het gebouw. De vleugel links van de ingang is voornamelijk in gebruik als goederenloods. Het station heeft voortaan twee perrons die beide zijn overkapt. In 1949 is de overkapping van het tweede perron verwijderd om ruimte te maken voor de verbreding van de weg langs het emplacement.

Station Kampen na de elektrificatie,  gezien vanuit de stad, vanaf de IJssel, op 16 december 2017.In de jaren '60 en '80 is het gebouw verbouwd en gemoderniseerd. Zo verdwijnen onder andere de beschilderingen in de stationshal onder een witte verflaag en is de goederenloods in gebruik als fietsenstalling. Bij de elektrificering van het zogenaamde Kamperlijntje is de spoorlijn in Kampen enkele tientallen meters ingekort om ruimte te maken voor een terras bij het stationsgebouw. De werkzaamheden zijn in de loop van 2017 gereed.

 



Station Kampen Zuid op 9 april 2016.
Station Kampen Zuid
Kpnz
Opening: 9 december 2012
 
Spoorlijn(en): Lelystad - Zwolle km 33,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In december 2012 wordt de Hanzelijn in gebruik genomen. Tussen Lelystad en Zwolle komen twee nieuwe haltes in min of meer dezelfde vormgeving. Zowel in Kampen Zuid als Dronten komen eenvoudige maar herkenbare haltegebouwen. Het ontwerp van beide viaductstations is qua vormgeving geïnspireerd door station Heemstede-Aerdenhout. De stations krijgen echter geen bemenste voorzieningen. In Kampen Zuid komt onder de spoorlijn en perrons een open stationshal met daarin voorzieningen als de kaartautomaten. Vanuit de hal zijn de trappen en liften naar de perrons te bereiken. De wanden zijn aan zijn aan de buitenzijde zoveel mogelijk uitgevoerd met baksteen. De zuidzijde van de hal, de liften en de beschutting langs de perrons zijn uitgevoerd in zwartgrijs gelakt staal en glas.

 



Het goed bewaarde stationsgebouw Kapelle-Biezelinge op 29 augustus 2015.
Station Kapelle-Biezelinge
Bzl
Opening: 1 juli 1868
 
Spoorlijn(en): Roosendaal - Vlissingen km 44,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als de meeste andere stations uit de eerste periode van de aanleg van spoorwegen door de Staat is ook Kapelle voorzien van een standaard stationsgebouw. Het Zeeuwse dorp krijgt een gebouw van het kleinste type, de 5e klasse. Het rechthoekige gebouw heeft een hoog middendeel met puntgevel en twee korte zijvleugels. De Staatsspoorwegen nemen het gebouw aan de Zeeuwse Lijn in 1868 in gebruik. Twintig jaar later krijgt het station de naam Kapelle-Biezelinge.

De eerste decennia van de twintigste eeuw is een groot deel van de stations van het type vijfde klasse vergroot. Zo krijgt ook Kapelle-Biezelinge in 1907 aan de rechterzijde een nieuwe lange lage vleugel. Negen jaar later is het middendeel met een extra verdieping verhoogd. Sindsdien is het gebouw in redelijk originele staat bewaard gebleven.

 



Het stationsplein van Kerkrade Centrum op 9 juli 2017.
Station Kerkrade Centrum
Krd
Opening: 15 mei 1949
Spoorlijn(en): Landgraaf - Simpelveld km 5,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1925 start de aanleg van de spoorlijn Schaesberg - Simpelveld. Van de geplande stations langs de lijn krijgen alleen Kerkrade en Spekholzerheide een stationsgebouw. Beide gebouwen zijn nagenoeg van hetzelfde ontwerp en in 1934 gereed. Het eenvoudige langwerpige ontwerp kent alleen een begane grond en heeft een plat dak. De gebouwen zijn relatief ruim opgezet en kennen veel ramen. Het stationsgebouw van Kerkrade is iets smaller uitgevoerd dan dat van Spekholzerheide. Het eilandperron krijgt een overkapping met daaronder nog een klein perrongebouw. Wanneer NS de zogenaamde Miljoenenlijn in 1934 in gebruik neemt, wordt het personenvervoer niet langer rendabel geacht. Het stationsgebouw van Kerkrade gaat aan het eind van de Tweede Wereldoorlog verloren. De perronkap blijft staan maar is in 1955 ontmanteld en in Heerenveen weer opgebouwd. De kap doet hier dienst tot de ingebruikname van het nieuwe stationsgebouw in 1983.

Intussen gaat in mei 1949 het reizigersvervoer op de Miljoenenlijn alsnog van start. Het station van Kerkrade krijgt hierbij de naam Kerkrade Centrum. Elf jaar later neemt NS op de plek van het eerste gebouw het nieuwe stationsgebouw in gebruik. Het eenvoudige, functionele standaardontwerp van een betonskelet, opgevuld met gele strengpersstenen en stalen kozijnen is diezelfde periode nog elf keer elders toegepast.

Intussen krijgt station Spekholzerheide in 1970 de naam Kerkrade West. In 1988 sluit het station en vijf jaar later is het gebouw gesloopt. Het stationsgebouw van Kerkrade Centrum blijft tot 1997 staan. Hierna resteert een ruim stationsplein. Sinds de sluiting van Kerkrade West is Kerkrade Centrum op circa 150 meter boven NAP het hoogstgelegen regulier gebruikte reizigersstation van Nederland.

 



De brede voorgevel van het stationsgebouw van Kesteren, gezien vanaf het perron op 22 april 2017.
Station Kesteren
Ktr
Opening: 1 november 1882
 
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 20,1
  Kesteren - Amersfoort km 20,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Bij de derde en laatste periode van aanleg van spoorwegen door de Staat is er in tegenstelling tot de eerste staatsaanleg veel aandacht voor de stationsarchitectuur. Ook in Kesteren verschijnt een rijkversierd en ruim opgezet stationscomplex met invloeden uit de Neo-Renaissance en  Neo-Gotiek.

Wanneer in november 1882 de eerste treinen in Kesteren stoppen, moeten treinreizigers op de Betuwelijn nog enkele jaren gebruikmaken van tijdelijke stationsvoorzieningen aan de zuidzijde van het huidige emplacement. In de winter van 1885/1886 is ook de spoorlijn tussen Amersfoort en Kesteren gereed en wordt ook het definitieve station in gebruik genomen. In de ruimte tussen beide spoorwegverbindingen komt een ruim opgezet complex met verschillende gebouwen. Belangrijke reden voor de opzet is dat de Betuwelijn door de Staatsspoorwegen wordt geëxploiteerd en de lijn naar Amersfoort door de HSM.

De bewaarde woning bij station Kesteren op 9 augustus 2014. Omdat de gebouwen in de wig tussen beide spoorlijnen liggen, is de plattegrond van het symmetrische complex  V-vormig. De doodlopende Stationsstraat eindigt voor het ontvangstgebouw. Het gebouw kent een brede voorgevel met dertien bogen, waarbij in de middelste boog één deur zit die leidt naar beide plaatskaartenkantoren. Op het dak komen vier versierde schoorstenen en zeven kleine dakkapellen met opvallende puntdakjes. De zijgevels hebben beide een puntgevel met daarin de stationsnaam. De achtergevel is door de ligging van het gebouw minder breed dan de voorgevel. Achter het ontvangstgebouw komt een gang naar het T-vormige gebouw met de wachtkamers. Aan de drie zijden van dit gebouw komt een brede overkapping. Voor het stationsgebouw komt aan beide zijden van het stationsplein een grote woning voor de stationschef. De rijkversierde hoge woningen zijn in uitgevoerd de stijl van het stationsgebouw. Ondanks de complexe situatie van twee spoorwegmaatschappijen in één station en de aanwezigheid van twee woningen, heeft Kesteren uiteindelijk maar één stationschef. In 1890 gaat ook de exploitatie van de Betuwelijn over naar de HSM en komt na vier jaar alweer een eind aan de noodzaak van dubbele voorzieningen in het stationscomplex. De HSM past na de overname het emplacement aan op de nieuwe situatie. Aan de gebouwen wijzigt vrijwel niets.

De bewaarde woning gezien vanaf het perron. Kesteren, 22 april 2017.Tijdens de laatste maanden van de Tweede Wereldoorlog raken het station en het emplacement zwaar beschadigd. De woning aan de zijde van het spoor naar Amersfoort is hierna gesloopt. Ook de Rijnbrug ten noorden van Kesteren is niet hersteld waardoor het treinverkeer tussen Kesteren, Rhenen en Amersfoort wordt opgeheven. Ter compensatie van het verdwijnen van de treindienst naar Rhenen krijgt het station de naam Kesteren-Rhenen.

In 1963 raakt het stationsgebouw bij een brand zwaar beschadigd. Hierna is het gebouw slechts gedeeltelijk hersteld. De restanten van het gebouw met de wachtruimtes en de stationskap zijn na de brand gesloopt. Het ontvangstgebouw is in 1966 opnieuw in gebruik genomen. Achter het gebouw is nog een deel van de gang naar het gebouw met de wachtruimtes als bijgebouw aanwezig. In 1981 neemt NS de zogenmaande Veenendaallijn tussen Maarn en Rhenen in gebruik. Station Kesteren krijgt hierbij de oorspronkelijke naam terug. Zowel het stationsgebouw als de bewaard gebleven woning van de stationschef zijn in 2001 benoemd tot Rijksmonument.

Naast het deels bewaarde stationsgebouw en de woning is ook Post T uit 1897 bewaard gebleven. Na de buitendienststelling van de klassieke beveiliging in 1983 is de post gedemonteerd en met de complete inrichting naar Hoorn overgebracht. Hier heeft de Stoomtram Hoorn - Medemblik de post in 1985 opgebouwd, gerestaureerd en het bedieningstoestel aangepast aan het eigen emplacement.

Wachtruimte in Klarenbeek op 23 juli 2012.
Station Klarenbeek
Kbk
Opening: 1 juni 1882
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 juni 1940  
Sluiting: 5 januari 1941  
Heropening: 12 november 1942
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 96,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1882 wordt aan de spoorlijn Apeldoorn - Zutphen station Klarenbeek in gebruik genomen. De stationsvoorzieningen worden voornamelijk in de houten aanbouw van een verbouwde dienstwoning ondergebracht. Om de treindienst te versnellen, sluit NS het station in 1938. Van juni 1940 tot januari 1941 is Klarenbeek weer tijdelijk in de dienstregeling opgenomen. In november 1942 keert het station definitief terug in het Spoorboekje.

In 1959 neemt NS tegenover het oude stationsgebouw een nieuw haltegebouw van het zogenaamde type Velsen Zeeweg in gebruik. Het is de kleinste variant van een standaard haltegebouw dat NS die periode in verschillende plaatsten neerzet. Het eenvoudige gebouwtje heeft houten puien en een lessenaarsdak dat enigzins boven het perron uitsteekt. Datzelfde jaar is het oude stationsgebouw gesloopt.

In 1996 is ook het tweede stationsgebouw van Klarenbeek gesloopt en blijft de standaard abri uit 1976 de enige voorziening op het station.

 



De perronzijde van het stationsgebouw van Klimmen-Ransdaal op 24 december 2016.
Station Klimmen-Ransdaal
Kmr
Opening: 1 maart 1915
Spoorlijn(en): Heerlen - Schin op Geul km 6,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1914 nemen de Nedelandse Spoorwegen de acht kilometer lange vebinding tussen Schin op Geul en Heerlen in gebruik. De spoorlijn zorgt voor een korte verbinding tussen Maastricht en Heerlen. In maart 1915 gaan naast goederentreinen ook reizigerstreinen op de verbinding rijden. Aan de spoorlijn komen twee stations. Zowel Voerendaal als Klimmen-Ransdaal krijgen een stationsgebouw in de vorm van een chalet-achtige villa. Het hoge stationsgebouw van Klimmen-Ransdaal heeft aan de straatzijde twee puntgevels en aan de spoorzijde één. Aan de rechterzijde komt een korte lage vleugel met wachtruimte voor mijnwerkers. Alleen aan de benedenverdieping is het metselwerk te zien. De eerste verdieping is gepleisterd en de puntgevels zijn, als verwijzing naar de Limburgse bouwtradities, uitgevoerd in vakwerk. Opvallend zijn de drie hoge schoorstenen.

Na het verdwijnen van de laatste stationsvoorzieningen krijgt het gebouw een horecabestemming. Het gebouw is sinds 1998 een Rijksmonument.

 



Station Koog Bloemwijk op 13 april 2014.
Station Koog aan de Zaan
Kz
Opening: 15 mei 1931
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 68,8
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Met de elektrificatie van de forensenlijn Amsterdam - Alkmaar ontstaat in de dienstregeling ruimte voor extra haltes. NS neemt in mei 1931 tegelijkertijd met de elektrische treindienst de nieuwe halte Koog Bloemwijk in gebruik. De eerste jaren is alleen een eenvoudige houten keet voor de kaartverkoop aanwezig. In 1959 krijgt Koog Bloemwijk een echt stationsgebouw. Hiervoor maakt NS gebruik van een standaard 'tweekamerbungalow' die eind jaren '50, begin jaren '60 ook in elf andere plaatsen verschijnt. Het eenvoudige ontwerp heeft een betonskelet met stalen ramen en wanden van strengperssteen. Het stationsgebouw komt aan de oostzijde van de spoorlijn, direct langs de provinciale weg. Hierdoor krijgt het gebouw, in tegenstelling tot de soortgenoten geen aan de straatzijde geen overstekend dak.

Halverwege de jaren '80 laat NS het gebouw alweer vervangen. Belangrijkste reden is de beperkte ruimte aan de oostzijde van de spoorlijn en de groei van de nieuwe wijken aan de westzijde van de spoorlijn. Bovendien zijn er plannen beide zijden van het spoor te verbinden met een tunnel. In 1986 worden de nieuwe tunnel en het nieuwe stationsgebouw in gebruik genomen. Aan de westzijde van het spoor komt een nieuw hoofdgebouw met loketten, wachtruimte en de overige noodzakelijke voorzieningen. Aan de oostzijde komt alleen een wachtruimte. Beide wachtruimtes bevinden zich tegenover elkaar en zijn halfrond uitgevoerd. Samen met de kleurstelling van het gebouw, de luifels en de overdekte tunneltrappen vormt het geheel een duidelijke eenheid.

Bij het ingaan van de nieuwe dienstregeling 2017 op 11 december 2016 heet het station Koog aan de Zaan.

 



Station Koudum-Molkwerum op 2 april 2016.
Station Koudum-Molkwerum
Kmw
Opening: 28 november 1885
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 1 juni 1940  
Spoorlijn(en): Leeuwarden - Stavoren km 46,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In november 1885 nemen de Staatsspoorwegen aan het traject Sneek - Stavoren de halte Koudum-Molkwerum in gebruik. De halte krijgt een eenvoudig laag rechthoekig stationsgebouw. Later krijgt het gebouw een aanzienlijke houten aanbouw. NS sluit de halte in 1938 maar in 1940 is Koudum-Molkwerum weer in het Spoorboekje opgenomen.

Het haltegebouw maakt in 1958 plaats voor een standaardgebouwtje van het type Velsen Zeeweg. Het gebouwtje heeft eenvoudige houten puien en een lessenaardakje. Het haltegebouw overleeft opvallend genoeg de grote sloopwoede langs de noordelijke nevenlijnen begin jaren '70 maar is in 1991 alsnog, als laatste stationsgebouw langs de lijn ten zuiden van Sneek gesloopt. Op het perron staat sindsdien een standaard-abri.

 

 



 
Het stationsgebouw van Krabbendijke op 14 april 2018.
Station Krabbendijke
Kbd
Opening: 1 juli 1868
 
Spoorlijn(en): Roosendaal - Vlissingen km 31,5
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Net als de meeste andere stations uit de eerste periode van de aanleg van spoorwegen door de Staat komt ook in Krabbendijke een standaard stationsgebouw. Het Zeeuwse dorp krijgt een gebouw van het kleinste type, de 5e klasse. Het rechthoekige gebouw heeft een hoog middendeel met puntgevel en twee korte zijvleugels. De Staatsspoorwegen nemen het gebouw aan de Zeeuwse Lijn in 1868 in gebruik.

De eerste decennia van de twintigste eeuw is een groot deel van de stations van het type vijfde klasse vergroot. Zo is de linkervleugel van het stationsgebouw in 1916 vier keer langer gemaakt. Het nieuwe deel staat even ver naar voren als het middendeel. De ingang verhuist naar het oude deel van de linker zijvleugel. Hierboven komt een balkon. Ook de rechtervleugel is bij de verbouwing aangepast. Hierna blijft het gebouw in redelijk originele staat bewaard.



Het vierde stationsgebouw van Krommenie-Assendelft op 13 april 2014.
Station Krommenie-Assendelft
Kma
Opening: 1 november 1869
Spoorlijn(en): Den Helder - Amsterdam km 62,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Het station Krommenie-Assendelft is in 1869 tegelijkertijd met het baanvak Uitgeest - Zaandam van Staatslijn K in gebruik genomen. Het station wordt voorzien van een nieuwe versie van het standaard waterstaatstation van het type derde klasse. Het ontwerp dat ook in andere plaatsen langs de Zaanlijn en in de noordelijke provincies is toegepast, is symmetrisch en kent een hoog middendeel en twee lage zijvleugels. In tegenstelling tot de eerste variant van het type derde klasse kent het middendeel afgeschuinde hoeken. Ook zijn er meer versieringen toegepast. Van het type is alleen het stationsgebouw van Zuidbroek bewaard. Het stationsgebouw van Krommenie-Assendelft is in 1930 gesloopt om plaats te maken voor een nieuw gebouw. Het gebouw kent net als het stationsgebouw uit 1869 een hoog middendeel met een puntdak en afgeschuinde hoeken. Het is echter wel asymmetrisch. Dit geldt ook voor beide zijvleugels. De korte linkervleugel vormt de overkapping van de trap naar de tunnel naar het nieuwe brede eilandperron. Op het perron is een ruime wachtgelegenheid en een overkapping gebouwd. In de lange rechtervleugel bevindt zich de goederenloods.

Hoewel het de bedoeling is het tweede stationsgebouw op te knappen, is het in 1975 alweer gesloopt. De loketten verhuizen naar een nieuw perrongebouw. Het perron krijgt tegelijkertijd een nieuwe overkapping. Boven trap naar de perrontunnel is een eenvoudige ingang gebouwd. Tegelijkertijd is de tunnel doorgetrokken naar de andere zijde van de provinciale weg N203 die grotendeels parallel aan de Zaanlijn ligt. Het toenemende verkeer op de weg is tevens één van de redenen om het steeds slechter bereikbare stationsgebouw en andere stationsgebouwen langs de spoorlijn te slopen en de voorzieningen naar de perrons te verplaatsen. 

Eind 2008 neemt NS het geheel nieuwe station Krommenie-Assendelft in gebruik. Het station ligt 400 meter westelijker dan de voorgangers en kent twee zijperrons. Beide perrons hebben brede stalen kappen en glazen wachtruimtes. De perrons zijn aan de zijde van het oude station verbonden via een brug en aan de andere zijde via een brede tunnel.

Het stationsgebouw van Kropswolde op 20 mei 2017.
Station Kropswolde
Kw
Opening: 1 mei 1868
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 92,4
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Staatsspoorwegen nemen in mei 1868 tegelijkertijd met het baanvak Groningen - Winschoten van Staatslijn B de halte Kropswolde in gebruik. De halte is in 1872 voorzien van een eenvoudig rechthoekig haltegebouw dat in de loop der jaren enigszins is uitgebreid.

Bij de spoorverdubbeling tussen Groningen en Zuidbroek laten de Staatsspoorwegen een geheel nieuw stationsgebouw neerzetten. Het opvallend grote gebouw is in 1915 gereed krijgt een hoog gedeelte van drie verdiepingen met daarin de stationsvoorzieningen en daarboven een dienstwoning. In het lage gedeelte komen de wachtkamers. Dit deel is van een opvallend hoog dak voorzien. Ter hoogte van het stationsgebouw kruist een doorgaande weg de spoorlijn. De entree van het gebouw komt aan de zijde van deze weg, dus in de zijgevel. Na de opening van het stationsgebouw is het oude haltegebouwtje gesloopt.

De straatzijde van het opvallende stationsgebouw van Kropswolde op 25 oktober 2015.In de loop der jaren is het stationsgebouw amper aangepast. Wel zijn verschillende delen van de gevels al snel witgepleisterd. Wanneer het verwaarloosde gebouw eind jaren '80 overbodig is, dreigt het gesloopt te worden en is het gekraakt. Het karakteristieke stationsgebouw is later echter opgeknapt en sinds 2001 zelfs benoemd tot Rijksmonument. Het gebouw is zo'n twintig jaar in gebruik als galerie. Sinds enkele jaren is een museum in het gebouw te vinden.

 



Zicht op het deel van de brug boven het middenperron van Lage Zwaluwe op 25 oktober 2014.

In juli 1866 nemen de Staatsspoorwegen de spoorlijn Breda - Moerdijk in gebruik. In afwachting op de bouw van een brug over het Hollandsch Diep buigt de spoorlijn ter hoogte van de weg tussen Moerdijk en Lage Zwaluwe af naar Moerdijk. Hier kunnen reizigers overstappen op de veerdienst naar Dordrecht en Rotterdam. Op de plek waar de spoorlijn van het toekomstige tracé afbuigt, wordt zo'n vier kilometer van het gelijknamige dorp de halte Lage Zwaluwe geopend. De halte is voorzien van een klein houten noodgebouw. Door de opening van de Moerdijkburg in 1872 en de aansluiting op de lijn naar Roosendaal vier jaar later, wordt het emplacement van Lage Zwaluwe in de loop der jaren verder uitgebreid. Met het oog op de aanleg van de staatslijn naar 's-Hertogenbosch krijgt Lage Zwaluwe in 1885 een groot nieuw stationsgebouw. Het unieke ontwerp is symmetrisch en kent een hoog middendeel met aan beide zijden een puntgevel en twee lage zijgevels. Aan de perronzijde is een overkapping gebouwd. Tegelijkertijd is het emplacement verder uitgebreid met enkele sporen en diverse dienstgebouwen.

In september 1944 raakt het stationsgebouw bij een bombardement onherstelbaar beschadigd. Een deel van de zuidvleugel is na de oorlog provisorisch hersteld om dienst te doen als stationsgebouw. In 1950 wordt op een deel van de fundamenten van het oude gebouw een eenvoudig nieuw stationsgebouw in gebruik genomen. Het traditionele rechthoekige bakstenen gebouw kent één verdieping met een zadeldak. Het gebouw is in 2001 gesloopt om plaats te maken voor de HSL-Zuid. In 2003 is de brug over het emplacement gereed. Naast de nodige trappen zijn aan de voor- en achterzijde van het emplacement en op het middenperron liften aanwezig. De twee zijperrons zijn via de oude overpaden te bereiken. Boven het middenperron is een wachtruimte aanwezig. Buiten een kaartautomaat op het voorplein zijn er geen andere voorzieningen.

Het stationsgebouw van Landgraaf op 3 mei 2014.
Station Landgraaf
Lg
Opening: 1 mei 1896
Spoorlijn(en): Sittard - Herzogenrath km 21,8
  Landgraaf - Simpelveld km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1896 opent de Nederlandsche Zuider-Spoorwegmaatschappij de lokaallijn tussen Sittard, Heerlen en Herzogenrath. Behalve Kerkrade Rolduc krijgen alle Nederlandse stations langs de lijn een standaard stationsgebouw. Het ontwerp is gelijk aan die van de grotere stationsgebouwen die de GOLS enkele jaren eerder in de Achterhoek en Twente neerzet. De hoge rechthoekige gebouwen zijn twee en een halve verdieping hoog en nagenoeg symmetrisch.

Terwijl de stationsgebouwen van Geleen, Hoensbroek, Nuth, Schinnen, Spaubeek en Heerlen inmiddels zijn gesloopt, blijft het gebouw in Landgraaf bewaard. Het station heeft bij de opening op 1 mei 1896 de naam Schaesberg. Negentig jaar en een maand later krijgt het station de naam Landgraaf.

Station Lansingerland-Zoetermeer op 31 augustus 2019.

Op 9 december 2018 neemt NS tussen Den Haag en Gouda het nieuwe station Lansingerland-Zoetermeer in gebruik. Het complex bestaat voornamelijk uit een breed viaduct over de spoorlijn en snelweg A12. Op het viaduct ligt een fietspad en een breed wandelpad. Ook is veel groen aanwezig. De groene uitstraling komt bovendien terug in het houtwerk dat op diverse plekken is toegepast en in de takkenstructuur van de gevelbeplating. Op het perronniveau zijn twee grote overdekte pleinen. Vanwege de ligging op de grens van Bleiswijk en Zoetermeer is de werknaam van het station lange tijd BleiZo.

In mei 2019 is het station officieel geopend en eindigt ook RandstadRail-lijn 4 op het viaduct. Aan de zuidzijde van het station stoppen diverse buslijnen.

 

De zuidelijke gevel van station Lansingerland-Zoetermeer op 24 februari 2019, ruim twee maanden na de opening voor treinreizigers. Op 17 mei 2019 is het station officieel geopend. De RanstadRail-halte op het dak van het treinstation en boven de A12 op 31 augustus 2019. Detail van de gevelbeplating en de stationsklok van Lansingerland-Zoetermeer op 31 augustus 2019.

 

 



Het oude stationsgebouw van Leerdam op 25 oktober 2014.
Station Leerdam
Ldm
Opening: 1 december 1883
 
Spoorlijn(en): Elst - Geldermalsen - Dordrecht km 58,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In december 1883 nemen de Staatsspoorwegen het baanvak Geldermalsen - Gorinchem van de Betuwelijn in gebruik. In tegenstelling tot de eerder aangelegde staatslijnen, komen langs de spoorlijn vrijwel alleen maar unieke stationsgebouwen. Hierbij is regelmatig gebruik gemaakt van terugkerende standaardelementen. Het stationsgebouw van Leerdam is als een van de weinige symmetrische stationsgebouwen uit de derde periode van de staatsaanleg. Het gebouw kent een hoog middendeel met aan de straatzijde een puntgevel. Daarnaast heeft het gebouw twee korte lage zijvleugels. In de bakstenen muren zijn verschillende patronen aangebracht en de nok van het middendeel krijgt rijkversierd houtsnijwerk.

Het tweede stationsgebouw van Leerdam op 15 augustus 2020.Halverwege de jaren '80 heeft NS plannen om het stationsgebouw te vervangen door nieuwbouw. Om de sloop van het gebouw te voorkomen, neemt de gemeente het over van NS. Op het nieuwe stationsplein ten westen van het oude stationsgebouw zet NS een parapluifel neer, gevormd door drie halfronde lichtstraten op houten liggers. De luifel accentueert de nieuwe route tussen station en binnenstad. Naast en gedeeltelijk onder de luifel komt een eenvoudig rechthoekig gebouw met loketten, fietsenstalling en wachtruimte. Onder de parapluluifel bestaan de wanden grootendeels uit glas, de rest van het gebouw is vrijwel gesloten. Hiermee ontstaat een soortgelijke situatie als enkele jaren eerder in het, aan dezelfde lijn gelegen, Sliedrecht waar ook twee stationsgebouwen naast elkaar staan.

In 2007 is het glazen deel van de nieuwbouw gesloopt en maken de halfronde kunststof lichtstraten plaats voor glazen puntdaken. Het oude stationsgebouw is intussen al jarenlang in gebruik als restaurant.

 



Het stationsgebouw van Leeuwarden op 2 april 2016.
Station Leeuwarden
Lw
Opening: 27 oktober 1863
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 26,0
  Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 166,2
  Leeuwarden - Stavoren km 0,0
  Leeuwarden - Anjum km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In oktober 1863 nemen de Staatsspoorwegen het stationsgebouw van Leeuwarden als tijdelijk eindpunt van de Staatslijn van Harlingen naar Groningen en Duitsland in gebruik. De Friese hoofdstad krijgt net als bijvoorbeeld Harlingen en Winschoten aan dezelfde lijn een standaard stationsgebouw van het oorspronkelijke type derde klasse. Het symmetrische gebouw heeft een hoog middendeel en twee korte lage zijvleugels. Beide zijvleugels krijgen relatief lange terugstaande eindvleugels. Straat- en perronzijde zijn vrijwel gelijk.

In 1866 is de spoorlijn doorgetrokken naar Groningen. Twee jaar later bereikt ook de Staatslijn uit Zwolle Leeuwarden en is het stationsgebouw vergroot. Hierbij zijn de twee zijvleugels verbreed en ongeveer in het midden voorzien van een fronton. De verbrede vleugels staan door de verbreding verder naar voren dan het middendeel. Voor dit middendeel komt een luifel. In 1890 is de indeling van het station aanzienlijk gewijzigd. Ter hoogte van het station komt een groot binnenplein waar vijf kopsporen eindigen. Aan het eind van het plein ligt het enige doorgaande perronspoor. Boven het plein komen twee grote sikkelvormige kappen. Na de sloop van de Zwolse perronkap is de kap van Leeuwarden de laatste stationskap met sikkelspanten. Op het binnenplein komen enkele houten gebouwen. Het stationsgebouw is aan beide zijden uitgebreid met een bijna vierkant eindgebouw. De luifel van het middendeel maakt plaats voor een nieuw voorgebouw waardoor de gevel weer gelijk loopt met die van de zijvleugels.

Door het verwijderen van vrijwel de complete overkapping is lange tijd een groot deel van het stationsplein met de monumentale houten gebouwen achter het stationsgebouw te zien. Leeuwarden, 27 april 2021.In 1904 krijgt het stationsgebouw een geheel nieuw vierkant middendeel. Boven de toegangsdeuren komt een groot halfrond venster. Datzelfde jaar krijgt het middenplein aan de oostzijde een glazen wand. In 1924 is de linker zijvleugel verbouwd. In de gevel komen extra deuren en vensters en het fronton verdwijnt. Hierdoor zijn de zijvleugels niet langer gespiegeld.

In de loop der jaren is de indeling van het gebouw regelmatig aangepast. De buitenzijde blijft nagenoeg ongewijzigd. Het stationscomplex is intussen sinds 1982 een rijksmonument. De laatste verbouwing vindt plaats in 2000 waarbij het gebouw gedeeltelijk in de oorspronkelijke staat is gerenoveerd en de perronzijde een glazen serre krijgt. Ruim vijftien jaar later blijkt dat de monumentale overkappingen in zeer slechte staat zijn. In eerste instantie zijn de perronkappen gedemonteerd. Begin 2021 volgen de kappen boven het binnenplein. Na de aanleg van een nieuwe fundering en de restauratie van de kappen worden deze in de loop van 2022 en 2023 teruggeplaatst. In dezelfde periode krijgt het stationsgebouw in navolging van onder andere Meppel en Zwolle de historische zandkleurige kleurstelling terug.

De opvallende wachtruimte van Leeuwarden Camminghaburen op 30 april 2017.
Station Leeuwarden Camminghaburen
Lwc
Opening: 2 juni 1991
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 29,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juni 1991 neemt NS aan de spoorlijn Leeuwarden - Groningen de nieuwe voorstadshalte Leeuwarden Camminghaburen in gebruik. De eenvoudige opzet van een perron met wachtruimte langs de enkelsporige spoorlijn is door bijzondere vormgeving meer herkenbaar gemaakt. Zo maakt het perron deel uit van een halfrond plateau met daaromheen een waterpartij. De halte is via twee bruggen met de nabijgelegen woonwijk verbonden. De wachtruimte krijgt een frame van twee dikke gebogen stalen buizen. Het opvallende gele frame vormt vooral aan de spoorzijde een brede luifel. De gemeente Leeuwarden siert het plein bovendien op met het kleurrijke kunstwerk The Russian Box, geïnspireerd op de Russische volksarchitectuur.

In 1999 laat NoordNed als nieuwe vervoerder van de Noordelijke nevenlijnen het NS-gele frame blauw schilderen. Ook de rode deuren zijn voortaan blauw. Het slecht onderhouden en deels vernielde kunstwerk The Russian Box is begin 2005 gesloopt. In 2020 schenkt de gemeente Leeuwarden een replica van het huisje aan het Bonnefantenmuseum in Maastricht.



 De imposante voorgevel van station Leiden Centraal op 11 oktober 2015.

In 1842 neemt de HIJSM het baanvak Haarlem - Leiden van de Oude Lijn in gebruik. In Leiden komt een laag symmetrisch stationsgebouw met een enigszins verhoogd en naar voren staand middendeel. In het middendeel bevindt zich een cirkelvormig plaatskaartenkantoor. In de zijvleugels komen de wachtruimtes, de woning van de stationschef en een goederenkantoor. In het verlengde van de zijvleugels komt een galerijmuur met daarin aan beide zijden drie deuren. De buitenste deuren geven toegang tot een eindgebouwtje.

Net als de andere eerste stationsgebouwen langs de Oude Lijn is ook het stationsgebouw van Leiden al na enkele decennia vervangen door een groter exemplaar. Het nieuwe stationsgebouw dat in 1879 in gebruik wordt genomen, is opnieuw symmetrisch en kent een hoog middendeel, twee lage zijvleugels en twee grote eindgebouwen. Boven de ingang komt een groot halfrond venster.

De verhoging van de spoorlijn zorgt er begin jaren '50 voor dat ook het tweede stationsgebouw relatief snel vervangen moet worden. In 1951 is het gebouw gesloopt om plaats te maken voor het project 'Leiden Hoog'. Het nieuwe stationsgebouw is in 1953 gereed en is nagenoeg gelijk aan dat van Enschede en Hengelo en bestaat voornamelijk uit prefab betonnen gevelplaten en een toren met klok. Onder de verhoogde sporen komt een smalle reizigerstunnel en aan de achterzijde komt alleen een eenvoudige ingang. Boven de perrons en sporen komt een eenvoudige kap van overgebleven Bailey-brugliggers. De kap is even kort als dat het stationsgebouw breed is. In 1974 krijgen alle perrons extra kappen.

Door de toenemende reizigersaantallen is het vijfde station van Nederland al snel te groot en in 1989 besluit NS het gebouw alweer te vervangen. Het oude stationsgebouw is in 1993 gesloopt. Drie jaar is op dezelfde plek het nieuwe stationsgebouw gereed. Het nieuwe gebouw bestaat uit een gebogen witte ruimtevakwerkconstructie met daarachter een glazen gevel waarachter zich een ruime ontvangsthal bevindt. Onder de sporen komt een brede reizigerspassage met winkels en horeca. Boven de sporen komt een grote witte gebogen kap, gedragen door acht diagonaal geplaatste vakwerkliggers. De gebogen vorm herinnert aan de negentiende eeuwse perronkappen, maar is nu loodrecht boven de sporen geplaatst. De kap is over de kap van begin jaren '50 heen gebouwd. Deze is pas na het gereedkomen van de nieuwe overkapping gesloopt. De kappen uit 1974 blijven bewaard en krijgen bij de nieuwbouw van het station een opknapbeurt. In 1996 is het nieuwe stationscomplex gereed. Een jaar later komt het station als Leiden Centraal in het Spoorboekje te staan.

 

 Het stationsgebouw van Leiden Lammenschans met daarachter het ROC Leiden op 4 februari 2017.

Begin jaren '60 neemt NS de eerste voorstadshaltes in gebruik. Eén van de eerste haltes is in 1961 Leiden Lammenschans aan de spoorlijn tussen Leiden en Utrecht. De spoorlijn is de jaren daarvoor ter hoogte van de Lammenschansweg omhooggebracht. Op de spoordijk komt naast de enkelsporige spoorlijn een zijperron met een eenvoudig stationsgebouw. Het rechthoekige gebouw heeft voor een groot deel glazen puien en een opvallend brede dakraand die enigzins uitsteekt op de plek waar de lange trap op het perron aansluit. Het stationsgebouw biedt onderdak aan een loket met enkele dienstruimten en een wachtruimte.



Station Lichtenvoorde-Groenlo in Lievelde op 25 maart 2018.
Station Lichtenvoorde - Groenlo
Ltv
Opening: 24 juni 1878
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Winterswijk km 33,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

De Nederlandsche-Westfaalsche Spoorweg-Maatschappij bouwt in 1877 aan de spoorlijn Zutphen - Winterswijk drie dezelfde stationsgebouwen. Zowel in Vorden, Ruurlo als in Lievelde verschijnt een eenvoudig gebouw bestaande uit een hoog middendeel en twee korte lage vleugels. Het station van Lievelde krijgt de naam van het nabijgelegen Lichtenvoorde. Na de sluiting van station Groenlo aan de lokaallijn tussen Winterswijk en Neede in 1937 krijgt het station de naam Lichtenvoorde-Groenlo.

In 1980 vervallen de laatste functies van de drie genoemde stations. De stationsgebouwen van Lichtenvoorde en Ruurlo zijn dat jaar gesloopt. Alle drie de stations krijgen eenzelfde abri met een V-vormige knik in het dak. De abri van Lichtenvoorde-Groenlo is haaks op het spoor geplaatst.



Het stationsgebouw van Lochem op 20 april 2014.
Station Lochem
Lc
Opening: 1 november 1865
 
Spoorlijn(en): Zutphen - Enschede - Gronau km 16,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1863 laten de Staatsspoorwegen aan Staatslijn D in Lochem, Goor en Delden standaard waterstaatsstations van het type vierde klasse bouwen. De stations zijn in november 1865 gelijktijdig met het baanvak Zutphen - Hengelo in gebruik genomen. De gebouwen zijn alledrie bewaard gebleven. Het stationsgebouw van Lochem is in de loop der jaren enkele keren uitgebreid. In 1879 is de rechter zijvleugel in de lengte verdubbeld. In 1902 is het stationsgebouw opnieuw vergroot. Aan beide zijden komt een korte lage zijvleugel. Voor het middendeel is een lage uitbouw neergezet.

Na het verdwijnen van de stationsfuncties komt er een discotheek in het stationsgebouw. Sinds 2005 is een restaurant in het gebouw gevestigd.

 

 

Station Loppersum op 18 april 2015.
Station Loppersum
Lp
Opening: 15 juni 1884  
Spoorlijn(en): Groningen - Delfzijl km 25,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Als onderdeel van de derde periode van staatsaanleg is in juni 1884 de spoorlijn Groningen - Delfzijl geopend. Net als langs de andere staatslijnen verschijnen ook tussen Groningen en Delfzijl standaard stationsgebouwen. Het ontwerp van het stationsgebouw van Loppersum is in acht andere kleine plaatsen in Groningen en Friesland toegepast. Het gebouw kent een laag middendeel parallel aan het spoor en twee verschillende eindgebouwen haaks op het spoor. Van de negen stationsgebouwen is alleen het gebouw van Loppersum bewaard gebleven. Het stationsgebouw is inmiddels in gebruik als bedrijfsverzamelgebouw.

De koffers van Loppersum op 18 april 2015.Op het middenperron staan sinds 1985 twee bronzen koffers. Met het ophogen van het perron verdwijnen de koffers naar de fietsenstalling. Ondanks dat ze volgens de officiele richtlijnen voor toegankelijke perrons een obstakel vormen, zijn ze in 2011 weer op het perron gezet.

 Het stationsgebouw van Lunteren op 9 januari 2016.

In mei 1902 neemt Spoorwegmaatschappij 'De Veluwe' het traject Barneveld - Ede van de zogenaamde Kippenlijn in gebruik. In Ede, Lunteren en Voorthuizen komt een groot stationsgebouw van hetzelfde ontwerp. Het hoge gebouw heeft een asymmetrische raamindeling en een iets naar voren staand middendeel met puntgevel. Aan de linkerzijde van het gebouw komt een lage goederenloods. Boven de gehele perronzijde en de entree aan de straatzijde komt een luifel. In 1944 sluit NS de Kippenlijn.

In 1951 is het baanvak geëlektrificeerd en opnieuw in gebruik genomen. Het gebouw is in navolging van het vijf kilometer zuidelijker gelegen stationsgebouw van Ede sinds 1983 een Rijksmoment.

 



Tunnelingang en opgang naar het tweede peroon van Maarn op 26 juli 2014.
Station Maarn
Mrn
Opening: 28 mei 1972
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Elten km 54,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1972 neemt NS aan de Rhijnspoorweg het nieuwe station van Maarn in gebruik. Het station vervangt het oude station dat ruim een kilometer westelijker ligt en indirect ook het station van Maarsbergen dat bijna drie kilometer oostelijker ligt. De sluiting van laatstgenoemd station is nodig zodat er ruimte in de dienstregeling ontstaat om treinen bij het heropende station van Bunnik te laten stoppen.

Het nieuwe station van Maarn krijgt buiten de perrons geen andere voorzieningen. In 1987 laat NS een zogenaamde portocabin voor de kaartverkoop neerzetten. Zestien jaar later sluit het loket weer en neemt de plaatselijke VVV intrek in de keet. De portocabin is in 2009 verwijderd. Diezelfde periode start Rijkswaterstaat met de verbreding van de naast de spoorlijn gelegen A12. Hierdoor maakt de hellingbaan naar het tweede perron plaats voor een lift en komt er ook een nieuwe trap.

Het oude stationsgebouw van Maarn blijft na de sluiting bewaard.

 



 Het entreegebouw van station Maarssen op 22 oktober 2016.

In 1843 neemt de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij tussen Amsterdam en Utrecht het eerste deel van de Rhijnspoorweg in gebruik. In Maarssen wordt, net als in de meeste andere plaatsen langs de lijnen van de NRS, een directiekeet in gebruik genomen als tijdelijk stationsgebouw. Rond de eeuwwisseling moderniseert de NRS, net als andere spoorwegmaatschappijen, diverse kleinere stations tot efficiënt eilandstation met perrongebouw. De eilandstations in Maarssen en het nabijgelegen Loenen-Vreeland aan dezelfde lijn zijn in 1890 gereed. Het kleine perrongebouw met puntdak en luifel rond het hele gebouw bevat alleen de noodzakelijke stationsvoorzieningen. De woning van de stationschef komt op een andere plek. In 1953 versobert NS de bediening van het station tot één trein per dag per richting.

In de jaren '70 start bij het station de bouw van de wijk Maarssenbroek en vanaf 1974 wordt het station weer regelmatig bediend. In 1979 is het oude vervallen perrongebouw vervangen door eenvoudige nieuwbouw. Het smalle transparante gebouwtje krijgt opnieuw alleen de noodzakelijke voorzieningen als een loket en een wachtruimte. Het bouwwerk krijgt een trapeziumvormige kap die nog enkele meters in het verlengde van het gebouw doorloopt boven het perron.

Het stationsgebouw is in 2003 alweer gesloopt om ruimte te maken voor de spoorverdubbeling tussen Amsterdam en Utrecht. In 2004 is het vernieuwde eilandperron gereed. Het perron is via een brede passerelle verbonden met Maarssenbroek. De passerelle zonder verdere stationsfuncties is ingebouwd in een nieuw kantoorpand dat naast het station is geplaatst.

 

 



 
De hoofdingang van het imposante stationsgebouw van Maastricht op 12 april 2015.
Station Maastricht
Mt
Opening: 23 oktober 1853
Spoorlijn(en): Aachen - Maastricht km 36,7
  Maastricht - Hasselt km 36,0
  Luik - Maastricht km 28,7
  Maastricht - Venlo km 0,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Het eerste station van Maastricht is in 1853 als beginpunt van de lijn naar Aken in gebruik genomen. Het eenvoudige lage rechthoekige gebouw staat in Wyck, ter hoogte van de huidige werkplaats. Het gebouw heeft in het midden een bescheiden puntgevel met klok en aan beide zijden een kort laag eindgebouwtje. Drie jaar na de opening is het gebouw alweer gesloopt om ruimte te maken voor de nieuwe spoorlijn naar Hasselt. Even ten zuiden van het oude station komt een nieuw opvallend langgerekt stationsgebouw met aan beide uiteinden een eindgebouw van twee verdiepingen. Omdat het station binnen de bepalingen van de Vestingwet valt, is het uitgevoerd in stijl- en regelwerk.

In 1861 neemt de LM de lijn naar Luik in gebruik en vier jaar later volgt met Staatslijn E de aansluiting op het Nederlandse spoorwegnet. De overheid legt ter hoogte van het bestaande emplacement van de AM een eigen emplacement, inclusief stationsgebouw aan. Het eenvoudige rechthoekige stationsgebouw is net als dat van de AM als 'vestingstation' uitgevoerd in stijl- en regelwerk. Het stationsgebouw staat aan een pleintje tussen de sporen en is hiermee min of meer het eerste eilandstation in Nederland. Terwijl de LM in eerste instantie nog gebruikmaakt van het station van de AM, verhuist de spoorwegmaatschappij in 1870 naar dat van de SS. Beide stations en emplacementen liggen buiten de vesting, in de gemeente Meerssen. Na een grenswijziging in 1907 vallen de stations binnen de gemeentegrenzen van Maastricht. Intussen verhuist ook de AM in 1884 naar het SS-station. Hiervoor is het gebouw nog enigszins uitgebreid.

Hoewel de vesting al in 1874 is opgeheven, begint in 1913 pas de bouw van een nieuw gemeenschappelijk stationsgebouw. Het grootste deel van het station is uitgevoerd als kopstation. Er komt één perron voor doorgaande treinen. Het stationsgebouw bestaat uit een hoog hoofdgebouw en verschillende bouwdelen van verschillende afmetingen aan beide zijden. In het hoofdgebouw komt een imposante stationshal met loketten. Aan de linkerzijde komt een lange corridor naar de kopsporen. Langs de corridor komen wachtruimtes en de stationsrestauratie. De langgerekte rechter vleugel krijgt een hoge toren met daarin een trappenhuis en een rookkanaal. In dit deel zijn vooral dienstruimten ondergebracht. Naast deze vleugel staat een soortgelijk bouwdeel met een aantal woningen voor het personeel. Tussen beide bouwdelen komt een poort. Het complex is aan alle zijden voorzien van verschillende trapgevels. Hiermee is het Zuid-Limburgse station misschien wel het meest Hollandse station van Nederland. Het nieuwe imposante stationsgebouw is in mei 1915 in gebruik genomen. Bij de bouw is veel gebruik gemaakt van beton, dit is echter volgens de mode in die tijd zo goed als onzichtbaar gemaakt. Zo zijn de grote balken in de stationshal en de restauratie geschilderd als houten balken. De verschillende bogen in de stationshal zijn bekleed met baksteen en de eerste gewapend betonnen perronkappen van Nederland zijn vermomd als natuursteen. Een jaar na de opening van het station komt aan de zuidzijde een voetgangersbrug over het emplacement. In 1964 is de brug afgebrand en vervangen door een tunnel.

In 1983 is een nieuwe passerelle tussen het stationsgebouw en de Meerssenerweg aan de achterzijde van het station in gebruik genomen. De brug vervangt de tunnel uit 1964 en vormt niet alleen een verbinding tussen de voor- en achterzijde van het emplacement maar ook naar het nieuwe eilandperron dat dat jaar in gebruik is genomen. Met de komst van het nieuwe perron is het eerste perron met kopsporen opgebroken om plaats te maken voor een nieuw busstation. In 2010 komt aan de achterzijde een opvallende groene glazen entree. In 1985 zijn het poortgebouw en het meest westelijke kopspoor en perron, inclusief kap, verwijderd om plaats te maken voor een nieuw busstation.

Het stationscomplex is in 1996 benoemd tot rijksmonument. Hieronder vallen ook de goederenloodsen die aan de Parallelweg staan. Elf jaar eerder is het karakteristieke seinhuis Post T, dat aan de noordzijde van het station staat, al benoemd tot monument. Het bouwdeel met woningen aan de rechterzijde van het stationsgebouw is later verbouwd tot magazijn en fietsenstalling. Het bouwwerk is in 2003 gesloopt om plaats te maken voor een nieuw bedrijfsgebouw annex appartementencomplex. Van 2018 tot 2020 in het complete stationsgebouw gerenoveerd.

De voorstadshalte Maastricht Noord op 3 mei 2014, ruim een half jaar na de opening.
Station Maastricht Noord
Mtn
Opening: 17 november 2013
Spoorlijn(en): Aachen - Maastricht km 34,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1892 neemt de Aken-Maastrichtse Spoorweg-Maatschappij ter hoogte van het gelijknamige landgoed de stopplaats Grande Suisse in gebruik. De stopplaats bestaat uit een standaard baanwachterswoning uit 1880 en enkele bijgebouwen die de Staatsspoorwegen aan het begin van de twintigste eeuw aan deze en enkele vergelijkbare haltes toevoegen. Enkele jaren na de opening krijgen zowel het landgoed als de stopplaats de naam Mariënwaard. In 1933 stoppen voor het laatst treinen bij de halte. Het haltegebouw is in 1970 gesloopt. Het identieke haltegebouw Eys-Wittem aan de museumlijn van de ZLSM blijft bewaard.

In november 2013 is zo'n honderd meter ten zuiden van de voormalige stopplaats de nieuwe voorstadshalte Maastricht Noord in gebruik genomen. Ter hoogte van de halte liggen de lijnen Maastricht - Sittard en Maastricht - Heerlen parallel aan elkaar. De halte krijgt echter vooralsnog alleen perrons langs de sporen van laatstgenoemde verbinding. Ter hoogte van de halte komt een nieuwe onderdoorgang voor fietsers en voetgangers. Vanuit de onderdoorgang is het perron richting Maastricht via een trap en een lift te bereiken. Ter hoogte van deze toegang zijn de contouren van een klein stationsgebouw, inclusief toren met klok neergezet.

 



Het stationsgebouw van Maastricht Randwyck op 10 september 2015.
Station Maastricht Randwyck
Mtr
Opening: 31 mei 1987
Spoorlijn(en): Luik - Maastricht km 27,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1987 opent NS aan de spoorlijn Maastricht - Liège de nieuwe voorstadshalte Maastricht Randwyck. De halte is één van de tien voorstadshaltes met loketfunctie die NS in de jaren '80 naar een overeenkomend ontwerp laat bouwen. De gebouwtjes zijn ontworpen met vier gestandaardiseerde architectonische componenten, aangepast aan de verschillende stedenbouwkundige uitgangspunten. De gebouwtjes zijn onder andere te herkennen aan de draagconstructie van stalen kokers en de daken met luifels die aan de perronzijde schuin aflopen. In Maastricht komt de halte op het viaduct van de Joseph Bechlaan over de spoorlijn. Beide perrons zijn vanaf het viaduct toegankelijk via een trap en een lift.

 



De wachtruimte van Mantgum op 19 april 2014.
Station Mantgum
Mg
Opening: 16 juli 1883
 
Sluiting: 15 mei 1938  
Heropening: 25 mei 1940  
Sluiting: 24 november 1940
 
Heropening: 3 juni 1973
 
Spoorlijn(en): Leeuwarden - Stavoren km 9,9
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1875 besluit de regering opnieuw een aantal spoorlijnen aan te leggen. De staatslijn tussen Leeuwarden, Sneek en Stavoren is tussen 1883 en 1885 in etappes in gebruik genomen. Net als langs de lijnen van de eerste staatsaanleg verschijnen ook langs de nieuwe lijnen standaard stationsgebouwen. De kleinere plaatsen langs de nieuwe noordelijke staatslijnen krijgen voornamelijk lage gebouwen parallel aan het spoor met twee verschillende eindgebouwen die haaks op het spoor staan. Het enige bewaarde exemplaar van dit type staat in Loppersum. Het stationsgebouw van Mantgum is in juli 1883 in gebruik genomen. In 1938 staakt NS de bediening van de meeste stations en halteplaatsen tussen Leeuwarden en Stavoren. Ook Mantgum verdwijnt hierbij uit het Spoorboekje. Tijdens de eerste bezettingsmaanden van 1940 is het station weer enige tijd in gebruik.

Vanaf juni 1973 stoppen er opnieuw treinen in Mantgum. Voor de reizigers zijn even ten zuiden van het oude stationsgebouw twee nieuwe perrons aangelegd. Twee abri's zorgen voor enige beschutting. Het oude stationsgebouw is enkele maanden later gesloopt. Eind jaren '80 krijgt Mantgum een standaard wachtruimte.

De spoorzijde van het stationsgebouw van Mariënberg op 3 april 2021.
Station Mariënberg
Mrb
Opening: 1 februari 1905
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 33,9
  Mariënberg - Almelo km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In februari 1905 neemt de Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij het baanvak Ommen - Hardenberg van de spoorlijn Zwolle - Stadskanaal in gebruik. Net als in veel andere plaatsen langs de lijn verschijnt ook in Mariënberg een variant van het standaard NOLS-ontwerp voor grotere stations. Het hoge gebouw is vrijwel gelijk aan het eerder gebouwde stationsgebouw van Dalfsen. Net als bij de andere latere stationsgebouwen van de NOLS is het ontwerp wel soberder en zonder houtwerk langs de gevels uitgevoerd. Het stationsgebouw van Mariënberg is ten opzichte van Dalfsen bovendien in spiegelbeeld uitgevoerd. Aan de rechterzijde komt een korte lage vleugel met wachtruimte. Aan de linkerzijde komt een kleine goederenloods. Deze is echter na enkele decennia weer gesloopt. Net als veel andere stationsgebouwen langs de lijn krijgt ook dat van Mariënberg na de sluiting van het loket een horecabestemming. In Gasselternijveen verschijnt een gebouw van exact hetzelfde ontwerp als in Mariënberg. Dit stationsgebouw is echter gesloopt.

 

 



Station Martenshoek met nieuwe wachtruimtes op 29 juni 2019.
Station Martenshoek
Mth
Opening: 1 januari 1905
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 93,7
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1905 nemen de Staatsspoorwegen aan de lijn Groningen - Nieuweschans de halte Martenshoek in gebruik. Op één van de twee zijperrons komt een eenvoudig houten gebouwtje met ruimte voor kaartverkoop. Het gebouwtje is in 1970 gesloopt. Hierna staan verschillende modellen standaard abri's op de perrons.

 



Het geelbruine stationsgebouw van Meppel op 16 december 2017.
Station Meppel
Mp
Opening: 1 oktober 1867
 
Spoorlijn(en): Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 100,7
  Meppel - Groningen km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Tijdens de eerste aanleg van spoorlijnen door de Staat wordt gebruik gemaakt van standaardstations in vijf verschillende klassen. Gedurende de aanleg van de spoorlijnen zijn diverse nieuwe uitvoeringen ontworpen. Zo komen er in 1865 twee nieuwe ontwerpen voor het type derde klasse. Terwijl één uitvoering in een tiental plaatsen verschijnt, komt het andere, aanzienlijk grotere ontwerp alleen in Hengelo, Enschede en Meppel te staan.

Het stationsgebouw van Meppel is decennialang grijs. Zo ook op 31 januari 2015.Het stationsgebouw van Meppel aan de Staatslijnen naar Leeuwarden en Groningen is in oktober 1867 in gebruik genomen. Het symmetrische gebouw heeft een hoog middendeel en aan beide zijden een lage zijvleugel. Naast de zijvleugels staan vrijstaande gebouwtjes. De ene is in gebruik als berging, in de andere bevinden zich de toiletten. Beide gebouwtjes zijn met een muur aan het stationsgebouw verbonden. Opvallende verschillen met de stationsgebouwen van het eerste type derde klasse zijn de classicistische uitwerking van de deuren en daklijsten, de hoge daken van de zijvleugels en de afwezigheid van de rondbogenstijl in de ramen. In 1899 krijgt het station een gedeeltelijk overdekt middenperron.

Het stationsgebouw van Meppel blijft als enige van het drietal bewaard en is in de loop der jaren nooit grondig verbouwd. Begin jaren '80 is het gebouw wel vanbinnen gemoderniseerd en verdwijnen de twee vrijstaande gebouwtjes. In de zomer van 2016 is het witgrijze gebouw weer in de oorspronkelijke geelbruine kleurstelling geschilderd.

Station Mook-Molenhoek op 15 september 2013.
Station Mook-Molenhoek
Mmlh
Opening: 6 mei 2009
 
Spoorlijn(en): Nijmegen - Venlo km 26,3
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juni 1883 nemen de Staatsspoorwegen de spoorlijn Nijmegen - Venlo in gebruik. Mook, Cuijk, Grubbenvorst-Lottum, Meerlo-Tienray en Vierlingsbeek krijgen hierbij een stationsgebouw van exact hetzelfde ontwerp. Het asymmetrische gebouw heeft een hoog deel dat samen met de korte rechter zijvleugel als woning dient. Het middendeel krijgt een trapgevel. Rechts van het middendeel komt een portiek met een stenen trap die toegang biedt tot de woning. In het brede lage deel aan de linkerzijde bevindt zich de hoofdingang en de stationshal met wachtkamers. Het dak van het gebouw is gedekt met blauwe en rode Echtse pannen die in figuren zijn gelegd. Op het dak staan verschillende rijkversierde schoorstenen. Langs een deel van het gebouw komt een kleine perronkap.

Vanaf 1891 heet het station Mook-Middelaar. NS sluit het station in 1938 bij de versnelling van de treindienst op de Maaslijn. Tijdens de eerste oorlogsmaanden is het station enige tijd in gebruik. In oktober 1940 verdwijnt Mook-Middelaar definitief uit het Spoorboekje. Het stationsgebouw is in 1975 gesloopt. Het emplacement blijft nog in gebruik voor het goederenvervoer en als keermogelijkheid voor reizigerstreinen.

In mei 2009 wordt op de oude locatie van station Mook-Middelaar het nieuwe station Mook-Molenhoek in gebruik genomen. Net als bij het oude station liggen de perrons in bajonetligging. Er komt geen stationsgebouw. Wel komt aan beide zijden van het station een ruim opgezet stationsplein dat aan de oostzijde overgaat in de Mookerheide. In 2011 is het laatste ongebruikte spoor van het oude emplacement opgebroken.



 
Het stationsgebouw van Naarden-Bussum op 27 mei 2017.
Station Naarden-Bussum
Ndb
Opening: 10 juni 1874
 
Spoorlijn(en): Amsterdam - Zutphen km 22,1
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In juni 1874 neemt de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij de Oosterspoorweg tussen Amsterdam en Amersfoort in gebruik. Langs de lijn komt een aantal opvallend grote stationsgebouwen. Naarden-Bussum en Weesp krijgen een gebouw van hetzelfde ontwerp. Voor de HSM redelijk bijzonder aangezien de spoorwegmaatschappij in tegenstelling tot de andere Nederlandse spoorwegmaatschappijen slechts drie keer twee stationsgebouwen van hetzelfde ontwerp laat neerzetten. Het hoge gebouw heeft een redelijk breed middendeel met aan beide zijden een iets naar voren staand eindgebouw. Het symmetrische gebouw biedt ruimte aan de verschillende stationsvoorzieningen waaronder een grote restauratie. Bovendien bevinden zich in het stationsgebouw maar liefst drie woningen voor spoorwegpersoneel. Aan de perrongevel en de rechter zijgevel komt een perronkap. Het station komt buiten de vesting van Naarden, binnen de gemeentegrenzen van Bussum.

De komst van het station zorgt met name voor Bussum, net als in de andere plaatsen langs de spoorlijn, voor een enorme toename van de bevolking. Rondom het station komen niet alleen diverse villawijken, maar ook verschillende bedrijven. Bovendien is het station in 1883 met de tramlijn naar Huizen aangesloten op het tramnet in Het Gooi. Om het snel groeiende aantal reizigers op te vangen, is het stationsgebouw van Naarden-Bussum in 1914 gesloopt om plaats te maken voor grotere nieuwbouw. Door de materiaalschaarste die in de Eerste Wereldoorlog ontstaat, loopt de bouw van het stationsgebouw veel vertraging op. De reizigers zijn ruim tien jaar aangewezen op een eenvoudig tijdelijk ontvangstgebouw. In 1917 zijn de nieuwe perrontunnel en het eilandperron met twee grote perrongebouwen met diverse dienst- en wachtruimten gereed. Het brede perron is voor een groot deel voorzien van een ijzeren overkapping.

De zuidelijke zijgevel van station Naarden-Bussum op 27 mei 2017.In 1926 is ook het nieuwe moderne stationsgebouw gereed. Het strakke asymmetrische gebouw heeft bouwdelen in verschillende hoogtes en uitsluitend platte daken. Ook de diverse aanbouwen zijn in dezelfde stijl uitgevoerd. Terwijl de lange lage linker zijvleugel met fietsenstalling tegen het zijperron is aangebouwd, is de hogerre rechtervleugel die voornamelijk als goederenloods in gebruik is, om het toenmalige tramstation gesitueerd. Hierdoor krijgt het gebouw een Z-vormige plattegrond. Het bakstenen gebouw kent uitsluitend rechte vormen en geen enkele gebogen lijn. In plaats van een halfrond venster dat decennialang de ingangen van de grotere stationsgebouwen markeert, krijgt Naarden-Bussum een groot vierkant venster met 36 vierkante ruitjes. Rond de ramen en deuren en de verschillende hoeken zijn afwijkende metselverbanden toegepast. Vooral in de hoge stationshal is veel aandacht aan de aankleding besteed door het toepassen van siermetselwerk, glas-in-loodramen en TL-armaturen.

Zowel het stationsgebouw als de perrongebouwen en het lommerijke stationsplein zijn zoveel mogelijk in de oorspronkelijke toestand behouden. Uiteraard is het interieur regelmatig aangepast en verhuist de fietsenstalling van de linker- naar de rechtervleugel. Na het opbreken van de tramsporen in 1958 blijven de perrons en overkapping bewaard. Later is de ruimte tussen de perrons opgehoogd en betegeld om ook hier fietsen te kunnen stallen. In 2004 is de fietsenstalling voorzien van een extra overkapping.

In de zomer van 2019 is het emplacement van Naarden-Bussum zodanig gesaneerd dat het eilandperron een zijperron is geworden. Het perron op 31 augustus 2019, enkele dagen na het opbreken van de sporen.In de zomer van 2019 is het emplacement van Naarden-Bussum zodanig gesaneerd dat slechts twee sporen overblijven en het brede eilandperron een zijperron wordt. In de maanden na het weghalen van de sporen krijgt het station ook aan de zijde van dit perron een toegang.

De plek van het vroegere stationsgebouw van Nieuw Amsterdam op 2 december 2012.
Station Nieuw Amsterdam
Na
Opening: 1 november 1905
 
Spoorlijn(en): Zwolle - Emmen - Stadskanaal km 66,2
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In november 1905 neemt de Noordoosterlocaalspoorweg-Maatschappij het baanvak Coevorden - Emmen - Gasselternijveen van de spoorlijn Zwolle - Stadskanaal in gebruik. Net als in veel andere plaatsen langs de lijn verschijnt ook in Nieuw Amsterdam een stationsgebouw in een variant van het standaard NOLS-ontwerp. Het stationsgebouw is vrijwel gelijk aan het eerder gebouwde stationsgebouw van Dalfsen. In Nieuw Amsterdam ontbreken echter de planken aan de gevels en de lage rechter zijvleugel. Het stationsgebouw is in 1993 gesloopt en vervangen door een standaard abri. Deze is later weer verwijderd.

Het stationsgebouw van Nieuw Vennep op 25 maart 2012.

In 1981 neemt NS het tweede station van Nieuw Vennep in gebruik. Het eerste station ligt aan de Haarlemmermeerlijn tussen Hoofddorp en Leiden en doet dienst van 1912 tot 1936. De spoorlijn is vrijwel direct na de sluiting opgebroken. Het stationsgebouw volgt twee decennia later.

Hoewel het niet in de oorspronkelijke plannen is opgenomen, krijgen Hoofddorp en Nieuw Vennep op aandringen van de gemeente Haarlemmermeer een halte aan de nieuwe Schiphollijn. Beide haltes zijn in 1986, vijf jaar na de opening, voorzien van een vrijwel identiek stationsgebouw. De gebouwen worden vooral gekenmerkt door de brede rode dakomlijsting.

Omvangrijke uitbreidingen van het aantal sporen en andere infrastructuur zorgen ervoor dat het gebouw in Hoofddorp al in 1997 is gesloopt. Het stationsgebouw van Nieuw Vennep bestaat, ondanks de sluiting van het loket in 2004, nog altijd.

 

 Het stationsgebouw van Nieuwerkerk aan den IJssel op 19 mei 2013.

In 1855 opent de NRS aan de spoorlijn Utrecht - Rotterdam station van Nieuwerkerk. Ruim vijftig jaar later is het definitieve stationsgebouw in gebruik genomen. In 1935 sluit het station alweer voor het reizigersvervoer.

In 1953 neemt NS de verlegde verbinding tussen Nieuwerkerk en Rotterdam in gebruik. De nieuwe verbinding buigt even ten noorden van het oude station in westelijke richting af. In 1971 neemt NS zo'n 300 meter ten westen van het oude station bij wijze van proef de nieuwe halte Nieuwerkerk aan den IJssel in gebruik. Voor de stationsvoorzieningen is een provisorisch houten gebouwtje neergezet. Het duurt vervolgens tot 1989 tot het definitieve stationsgebouw gereed is. Aan de noordzijde van de spoorlijn komt een eenvoudig gebouwtje met gebogen wanden. In het gebouw zijn loket en wachtruimte ondergebracht. Tussen het gebouw en de tunnel onder de hooggelegen spoorlijn en het eerste deel van de toegangstrap naar het hooggelegen perron komt een halfronde kap. Beide trappenhuizen en liften langs de zijperrons zijn verder identiek uitgevoerd. Met het ontwerp is rekening gehouden met een eventuele spoorverdubbeling waarbij beide zijperrons verbouwd kunnen worden tot eilandperrons.

Ondanks de sluiting en het verleggen van de spoorlijn bestaat ook het oude stationsgebouw uit 1908 nog altijd.

 



De perronzijde van het stationsgebouw van Nijkerk op 9 augustus 2015.
Station Nijkerk
Nkk
Opening: 20 augustus 1863
 
Spoorlijn(en): Utrecht - Zwolle km 32,4
  Nijkerk - Ede-Wageningen km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In augustus 1863 neemt de de Nederlandsche Centraal-Spoorweg-Maatschappij het baanvak Utrecht - Hattemerbroek van de spoorlijn Utrecht - Zwolle - Kampen in gebruik. Aan de spoorlijn komen standaard stationsgebouwen in drie verschillende klassen. In Amersfoort, Nijkerk, Harderwijk en later ook Kampen komen de gebouwen van het grootste soort, het type 1ste klasse. Het symmetrische stationsgebouw bestaat uit een hoog middendeel met aan beide zijden een korte lage vleugel. In 1903 wordt de lokaallijn naar Ede in gebruik genomen en zijn de zijvleugels van het stationsgebouw verlengd en verhoogd.

 



Het stationsgebouw van Nijmegen op 13 februari 2016.
Station Nijmegen
Nm
Opening: 15 juni 1879
 
Spoorlijn(en): Nijmegen - Kleve km 15,0
  Arnhem - Nijmegen km 17,0
  Tilburg - Nijmegen km 65,9
  Nijmegen - Venlo km 17,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

Nadat Nijmegen in 1865 via Kleve op het Duitse spoorwegnet is aangesloten, volgt in 1879 de eerste verbinding met het Nederlandse spoorwegnet. Dat jaar neemt de Staat de spoorlijn Arnhem - Nijmegen in gebruik. De lijn uit Duitsland die tot dan toe even ten zuiden van de binnenstad eindigt wordt verplaatst naar het nieuwe station van de Staatsspoorwegen aan de westzijde van de stad. Het nieuwe station heeft een tijdelijk karakter en is dan ook eenvoudig uitgevoerd. Het rechthoekige gebouw bestaat uit een vakwerkconstructie. In de loop der jaren breidt het spoorwegnet rond Nijmegen zich verder uit en laten de Staatsspoorwegen het definitieve stationsgebouw neerzetten. Het is de eerste keer dat de Staatsspoorwegen een opvallend rijk versierd stationsgebouw laten bouwen. Het gebouw kent een hoog middendeel van twee verdiepingen met een opvallend hoog dak. Aan de rechterzijde staat een toren met een hoge spits. Aan beide zijden komen lage vleugels met een eindgebouw van opnieuw twee verdiepingen. Ook beide eindgebouwen krijgen een toren met een hoge spits. Doordat de zijvleugels niet even lang zijn en beide torens aan de rechterzijde van de eindgebouwen staan, is het stationsgebouw niet symmetrisch. De grote stationshal is uitbundig versierd en doet onder andere door de bogen die op versierde zuilen rusten, denken aan een Moors paleis. De loketten zijn in de hal ondergebracht in een kiosk-achtig paviljoen met een fraai versierde houten wand. Beide eindgebouwen staan aan de perronzijde zo ver naar achter dat tussen beide bouwdelen een plein ontstaat dat is overdekt met een hoge overkapping. Vanaf het plein zijn ook de reizigers- en goederentunnel naar het eilandperron te bereiken. Naar de tunnel komen lange hellingbanen. Het eilandperron is al in 1890 gereed en krijgt vier relatief kleine gebouwen boven de hellingbanen. In de gebouwen komen wachtruimtes, toiletten en dienstruimtes. Het perron is vrijwel geheel overdekt. Het gehele stationscomplex, inclusief stationsgebouw is in 1894 gereed. Hierna is het tijdelijke stationsgebouw gedemonteerd en aan de oostzijde van de stad weer opgebouwd om dienst te doen als fabrieksgebouw. Het gebouw staat nog altijd aan de Ooijsedijk. In de loop der tijd maakt de noordelijke hellingbaan plaats voor een trap en verdwijnen ook de perrongebouwen boven deze hellingbaan zijn gebouwd.

Op 22 februari 1944 raakt een deel van het stationsgebouw bij een bombardement zwaar beschadigd. Ruim een half jaar later brandt het grootste deel van de rest van het gebouw af. Eind 1946 wordt het provisorisch herstelde stationsgebouw in gebruik genomen. Het oude gebouw is hier amper nog in te herkennen. In 1954 is nieuwe stationsgebouw gereed. De linkerhoek van het lage rechthoekige gebouw wordt gemarkeerd door een dertig meter hoge vierkante toren. De perronwand van het gebouw bestaat nog grotendeels uit de originele perrongevel. Ook de overkappingen en twee gebouwtjes op het eilandperron horen nog bij het oorspronkelijke station uit 1894. Links van het stationsgebouw komt een lange wand met poortachtige bogen. Haaks op het stationsgebouw komt langs de linkerkant van het opvallend grote stationsplein een soortgelijke wand. Tussen de wand en het perron bevinden zich onder andere kantoren en horeca. In afwachting van de verkeerstunnel onder het emplacement is de rechtervleugel pas in 1963 gebouwd.

In de loop der jaren is het stationsgebouw regelmatig verbouwd. Zo zijn de bogen aan de linkerzijde van het gebouw eind jaren '60 alweer dichtgemaakt. Halverwege de jaren '70 is de stationshal drastisch gemoderniseerd. De entree van het gebouw is door middel van een rechthoekige glazen gevel naar voren gebracht. Boven de gevel komt een grote rechthoekige luifel met een brede dakrand die over een deel van het stationsplein uitsteekt. Nog geen twintig jaar later is de stationshal opnieuw grondig verbouwd en komt er een nieuwe luifel die boven het stationsplein geleidelijk omhoog buigt. Van de stationshal uit 1954 is dan nog weinig terug te vinden. In 2003 zijn de reizigers- en goederentunnel samengevoegd tot één brede reizigerstunnel. Twintig jaar later is ook de achterzijde van het emplacement via de tunnel bereikbaar.

Het tweede stationsgebouw van Nijmegen Dukenburg op 5 maart 2016.
Station Nijmegen Dukenburg
Nmd
Opening: 3 juni 1973
 
Spoorlijn(en): Tilburg - Nijmegen km 61,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In 1973 neemt NS aan de spoorlijn 's-Hertogenbosch - Nijmegen de nieuwe voorstadshalte Nijmegen Dukenburg in gebruik. De enige voorzieningen zijn de eenvoudige wachtruimtes op beide perrons.

In 1986 krijgt de voorstadshalte een echt stationsgebouw. Het ontwerp is vrijwel gelijk aan de gelijktijdig gebouwde stationsgebouwen van Hoofddorp en Nieuw Vennep. Het platte gebouw wordt gekenmerkt door een halfronde felrode daklijst. En een bijpassende mast die de luifel draagt.

Het eerste stationsgebouw van Nijmegen Dukenburg op 5 maart 2016.Exact tien jaar later krijgt Nijmegen Dukenburg weer een nieuw stationsgbeouw. Het stationsgebied is halverwege de jaren '90 samen met met het omliggende terrein opgenomen in de heron